Dokters over uitgestelde zorg: 'Elke dag is een nieuw dilemma'

Een coronapatiënt op intensieve zorg in het ziekenhuis van Namen. ©Kristof Vadino

De politiek gaf ons woensdag uitzicht op versoepelingen, maar de zorg kijkt met lede ogen naar de maatschappelijke terrasdrang. Door de uitpuilende bedden op intensieve zorg stapelt de uitgestelde zorg zich weer op. 'De derde golf is te vroeg gekomen.'

'Elke dag krijgen we nieuwe dilemma's op ons bord.' Johan van Loon, diensthoofd neurochirurgie in het UZ Leuven, zegt het met een zucht. Als verantwoordelijke voor de organisatie van het operatiekwartier heeft hij een goed zicht op de keuzes die elke dag moeten worden gemaakt als het op medische zorg aankomt. En wat hij ziet, baart hem al weken zorgen.

In ons land liggen momenteel 941 covidpatiënten op de afdelingen intensieve zorg, een cijfer dat de werking van onze ziekenhuizen ontwricht. Terwijl die bedden en de bijbehorende verpleegkundigen normaal zijn afgestemd op enerzijds een instroom van acute gevallen via de spoeddienst en anderzijds patiënten die moeten recupereren van een zware ingreep, is er in de huidige omstandigheden voor die laatste categorie te weinig plaats. En dus moeten vervelende keuzes worden gemaakt over wie al onder het mes mag en wie moet wachten.

We moeten elke dag appelen met peren proberen vergelijken om tot de beste keuzes te komen.
Johan van Loon
Afdelingshoofd neurochirurgie UZ Leuven

'Wordt het de tumor op de pancreas, diegene die drukt op de gezichtszenuw of nog een andere?', zo drukt van Loon het uit. 'En als we vandaag dat dringende donororgaan kunnen transplanteren en de patiënt neemt twee weken een bed in, hoeveel andere ingrepen moeten we daarvoor dan uitstellen? Elke dag moeten we overleggen, afwegen en appelen met peren proberen te vergelijken om toch maar de beste keuzes te kunnen maken. Dat is stresserend werk. Je bent als arts eigenlijk aan het vechten met andere artsen om je patiënten te kunnen behandelen.'

Stapel

Hoe groot de stapel aan uitgestelde zorg momenteel is, kan niemand met zekerheid zeggen. Maar uit cijfers over de ziekenhuisopnames van het Intermutualistisch Agentschap - dat cijfers van alle zeven Belgische ziekenfondsen analyseert - blijkt dat in de eerste golf gemiddeld 47 procent en in de tweede golf gemiddeld 23 procent minder opnames gebeurden in de Belgische ziekenhuizen.

Ook interne cijfers van de zorgkoepel Zorgnet-Icuro tonen een enorme terugval van sommige activiteiten tijdens de twee eerste coronaopstoten, met in de eerste golf slechts een kwart van de activiteit van een jaar eerder in de operatiekwartieren en in de tweede golf in november een terugval met de helft.

Over de derde, momenteel nog volop actieve golf, zijn nog geen algemene activiteitsdata beschikbaar, maar zowel het UZ Brussel als het UZ Leuven geeft aan dat het operatiekwartier momenteel op zo'n 60 procent van de normale situatie draait door het gebrek aan bedden en personeel op intensieve. Dat komt vandaag boven op de uitgestelde zorg van de voorbije twee golven, die nooit volledig weggewerkt kon worden.

'In de zomer was het veel drukker dan andere jaren om de achterstand van de eerste golf te proberen wegwerken', zegt Jan Poelaert, diensthoofd anesthesiologie in het UZ Brussel. 'Maar de tweede golf deed de stapel weer aanzwellen. En de derde golf kwam te vroeg om daar iets aan te kunnen doen. Nu is het nog bang afwachten of er geen vierde golf komt.'

Dubbele druk

Dat de zorg die berg snel weggewerkt krijgt, lijkt weinig realistisch. Want niet alleen liggen de covidpatiënten om diverse redenen - van een jonger profiel tot betere behandelingswijzen - langer op intensieve dan in de eerste golf. Ook de niet-covidzorg op intensieve neemt meer tijd in beslag, zegt Margot Cloet, gedelegeerd bestuurder van Zorgnet-Icuro. 'Doordat veel ingrepen uitgesteld zijn, merken we dat de zorg complexer wordt en mensen langer blijven liggen. De druk op intensieve zorg komt dus van twee kanten.'

Er zijn patiënten voor wie de ingreep in de eerste, de tweede en nu ook in de derde golf werd uitgesteld.
Jan Poelaert
Afdelingshoofd anesthesiologie UZ Brussel

Die medische impact van het uitstellen van sommige ingrepen valt moeilijk te kwantificeren. In Nederland werd vorige week een onderzoek gelanceerd dat de medische impact wil turven door te werken met kwaliteitsvolle levensjaren - QALY's in gezondheidseconomisch jargon. Daarbij kunnen niet alleen bijkomende sterfgevallen door uitstel van zorg in kaart worden gebracht, maar ook bijvoorbeeld de verminderde levenskwaliteit van iemand die een half jaar langer moet wachten op een nieuwe heup.

Maar dat is een zeer complexe en wat academische oefening, zegt van Loon. 'Stel dat je een verwijdering van een tumor een maand uitstelt en uitzaaiingen aantreft die je niet verwachtte. Je kan dan niet met zekerheid zeggen dat die maand bepalend is geweest, want je hebt geen twee keer geopereerd om te kunnen vergelijken. De echte medische impact van deze crisis zal wellicht pas over een paar jaar duidelijk zijn.'

Maar zelfs zonder precieze cijfers is die impact tastbaar. 'Er zijn patiënten van wie de zorg in de eerste, de tweede en nu ook in de derde golf is uitgesteld', zegt Poelaert. 'Dat gaat dan bijvoorbeeld om mensen die een knieprothese nodig hebben. Zij moeten langer leven met pijn, de operatie wordt complexer, en ze gaan na de operatie langer moeten herstellen. Maar ook de psychologische dreun is groot. Dit is geen goede situatie.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie