reportage

'Een terrasje moet relaxed blijven'

In Nederland ging vandaag de horeca weer open. ©Dries Luyten

Om klokslag twaalf uur kon het weer in Nederland: op café of restaurant. Met handgel, vragenlijsten, maar ook pragmatiek. 'Mijn tip voor Belgen? Je kan alles blijven overdenken, maar begin er gewoon aan.'

'Welkom!' Met een vlag voor de deuren schreeuwt restaurant 'De Torteltuin' - u raadt het, naar het boek 'Pluk van de Petteflet' van Annie M.G. Schmidt - in de Grensstraat in het Antwerpse Essen uit dat het eindelijk weer eters mag ontvangen. Minstens een volle week te vroeg? Neen, de Grensstraat is de grens tussen België en Nederland. 'De Torteltuin' is de Nederlandse nummer 17 van de straat. Er is ook een Belgische nummer 17, waarschuwt het restaurant op zijn site om verwarring te vermijden.

'Voelt u zich oké? Hebt u coronagerelateerde symptomen?' We zijn nog geen twee stappen ver in de zaak of uitbaatster Imke Kragt heeft de vragen al gesteld. Ook een bus handgel bij de ingang van de tuin en duidelijk geafficheerde regels - anderhalve meter afstand houden, tafels of stoelen niet verplaatsen, contactloos betalen - horen bij het nieuwe normaal. 'Het voelt als een eerste schooldag', erkent Kragt als we neerzitten met koffie. Of er veel volk zou opdagen, hadden we via de telefoon gevraagd. 'Ik hoop dat ik geen tijd heb om u te woord te staan', klonk het. 

Die tijd is er wel. Drie of vier duo's komen tijdens ons gesprek aarzelend de tuin binnen. Kragt ontvangt hen hartelijk. 'Ik licht de klanten in over de regels, maar een terrasje moet relaxed blijven.' Voor Kragt en haar man, die nog een andere vaste job heeft, hangt hun leven niet af van het restaurant. Vier jaar geleden bouwden ze hun tuin om tot restaurant. Jaar na jaar kwamen er habitués bij en begin dit jaar stond De Torteltuin op het punt een 'echt bedrijf' te worden. En toen kwam corona. De Torteltuin schakelde over op de bezorging van ontbijtjes, maar dat was 'bezigheidstherapie'. 

Stelletjes

Nu kan het dus weer. Een moeder en dochter, met Vlaamse tongval, waaien na een wandeling binnen. Een vrouw, ook niet bepaald Hollands klinkend, drinkt een koffie terwijl haar hondje de tuin ontdekt. Een groot deel van het klantenbestand komt uit België. Mogen die eigenlijk al de grens oversteken om hier te komen consumeren? Na een weekendje warrige communicatie - eerst alleen de grens oversteken voor familie, dan ook voor winkelen - weet niemand in De Torteltuin het nog.

Het voelt als een eerste schooldag.
Imke Kragt
Uitbaatster De Torteltuin

Toen Nederland begon te praten over de heropening van de cafés en restaurants werkte sectororganisatie Koninklijke Horeca Nederland aan een protocol. Dat leidde tot de eerder genoemde regels voor de klant. Maar ook voor de uitbater zijn er duidelijke richtlijnen. Die moet elk halfuur zijn werkplek schoonmaken en de handen wassen en na het vertrek van de klant stoel, tafel en menukaart ontsmetten. Hij mag binnen maximaal dertig personen ontvangen. Gezinnen hoeven geen anderhalve meter afstand te houden, 'stelletjes' ook niet. Dat laatste krijgt een brede invulling; ook twee vrienden kunnen een 'stel' zijn. 

De concrete invulling van dat alles verandert van zaak tot zaak, vermoedt Kragt. Eén rode draad is er wel: de aanpassingen jagen de prijzen op de menukaart van veel restaurants de hoogte in, hoorde ze. Zelf deed ze het nog niet, 'ik wilde eerst gewoon beginnen'. Maar de aanschaf van handgel, ontsmettingsmiddel en mogelijk extra personeel om te poetsen tussen twee klanten door telt snel op. Zelf denkt Kragt aan een overkapping voor de tuin. 'Binnen hebben we niet veel plaats. We leven van onze tuin. We willen dat veiligstellen voor de zomer.' 

Volkscafé

600 meter verderop, aan de Belgische kant van de grens, zijn ze zover nog niet. De Nationale Veiligheidsraad buigt zich woensdag pas over de vraag of de cafés en restaurants volgende week maandag open kunnen. Wendy en Joris namen in februari 'Café Volkshuis' in de Stationsstraat over. 'Vier weken lang waren we open. We zijn een echt volkscafé, ons publiek heeft een gemiddelde leeftijd van 60 à 65 jaar. We zijn de verzamelplaats voor vier biljartclubs, een kaartclub en de oud-turners. Op een gemiddelde maandagavond zat er zestig man.' 

'We gaan nooit kunnen starten zoals we gestopt zijn: als ontmoetingsplaats.'
Wendy en Joris
uitbaters Café Volkshuis

Of die er volgende week ook zitten, is maar de vraag. 'Het zijn oudere mensen, misschien blijven ze weg. Al kreeg ik wel al sms'jes met reservaties. Voor tafeltjes voor vier, tot 23.59 uur', lacht Wendy. Het café zal wel sowieso een metamorfose ondergaan. Zitten aan de toog mag niet meer, de biljart ruimt plaats voor tafeltjes, twee van de vier urinoirs sneuvelen. Maar Wendy en Joris vrezen vooral voor het karakter van hun café. 'We gaan nooit kunnen starten zoals we gestopt zijn: als ontmoetingsplaats.' Joris maakte de rekensom al: op maandagavond kan er maar 25 man zitten.  

Heeft Kragt nog tips voor Belgische horeca-ondernemers zoals Wendy en Joris, vragen we haar voor we onze tosti ham-kaas aansnijden. 'Je overloopt voor de opening allerlei soorten scenario's. Wat als klanten met drie binnenkomen en ze weigeren afstand te houden? Zet je hen aan de deur of zeg je hen dat het hun verantwoordelijkheid is als er controle komt? Maar eigenlijk heeft dat geen zin. Je moet er gewoon aan beginnen.' Of zoals ze aan een van de eerste klanten zegt: 'We leven in het moment.' 

Lees verder

Advertentie
Advertentie