Testkloof tussen Vlaanderen en Wallonië wordt groter

In Brussel en Wallonië wordt minder op corona getest dan in Vlaanderen ©Photo News

De coronacijfers blijven de goede kant uitgaan, maar bij de dalende cijfers komt een Waals zeer opnieuw bloot te liggen. In het zuiden van het land wordt veel minder getest, waardoor veel besmettingen niet worden opgemerkt.

Ierland, IJsland, Finland en Noorwegen zijn de enige Europese landen waar het aantal vastgestelde coronabesmettingen in verhouding lager ligt dan ons land. Met dagelijks gemiddeld 2.208 gerapporteerde besmettingen in de voorbije zeven dagen ligt de incidentie intussen zeven keer lager dan tijdens de piek van de tweede golf eind oktober. Hoewel het aantal positieve gevallen minder snel afneemt dan in de voorbije weken, is nationaal coronabestrijder Steven Van Gucht tevreden. ‘De cijfers gaan nog altijd de goede richting uit.’

Het aantal opgespoorde besmettingen lag vrijdag 24 procent lager dan een week geleden, terwijl dat dalingspercentage tot voor kort boven 40 procent lag. Doordat de scholen na een verlengde herfstvakantie weer zijn opengegaan, hebben opnieuw meer mensen contact met elkaar, wat die vertraging deels verklaart. Al lijkt de aangepaste teststrategie een belangrijkere verklaring. Sinds 23 november worden weer hoogrisicocontacten zonder symptomen getest. Daarvan heeft zo'n 10 procent een positieve uitslag.

We wisten dat de afname van het aantal positieve tests door de quarantaineperiode zou vertragen, maar het is belangrijk dat er nog altijd een daling is.
Steven Van Gucht
Nationaal coronabestrijder

Wie nauw contact heeft gehad met iemand die positief op corona heeft getest, wordt gevraagd in quarantaine te gaan. Na zeven dagen volgt een coronatest. Is die negatief, dan wordt de afzondering opgeheven. Door die quarantaineperiode van een week wordt de impact van de aangepaste teststrategie nu pas duidelijk in de coronacijfers. ‘We wisten dat de afname van het aantal positieve tests daardoor zou vertragen, maar het is belangrijk dat er nog altijd een daling is’, zegt Van Gucht.

Geen verschil tussen deelstaten

De voorbije drie maanden lag het aantal positieve tests systematisch hoger in Wallonië en Brussel. Tijdens de tweede golf steeg het aantal gerapporteerde dagelijkse coronagevallen in Vlaanderen nooit boven 100 per 100.000 inwoners. In Brussel waren er in de laatste dagen van oktober dagelijks 200 positieve tests per 100.000 inwoners, in Wallonië klom dat aantal zelfs boven 250.

Terwijl het aantal besmettingen overal in het land naar beneden ging, werd de kloof tussen de deelstaten kleiner. In de voorbije zeven dagen hebben dagelijks 22 op 100.000 Vlamingen en Brusselaars positief getest op corona. In Wallonië waren het er met dagelijks 26 positieve gevallen per 100.000 inwoners nauwelijks meer. Een belangrijke nuance is dat in Vlaanderen veel meer wordt getest. In de voorbije week zijn dagelijks bijna 300 coronatests per 100.000 inwoners afgenomen. In Wallonië en Brussel respectievelijk 193 en 186 tests, een pak minder.

Op provincieniveau zijn de verschillen nog groter. In verhouding worden in West-Vlaanderen twee keer zo veel tests uitgevoerd als in Luik, nochtans lang de provincie die het zwaarst door corona geteisterd werd. Hoe meer tests, hoe groter de kans dat positieve gevallen worden gedetecteerd. Het is als bij het vissen: hoe groter het net, hoe meer kans op vangst.

Grootte van het net

Om die reden kijken virologen graag naar de positiviteitsratio, de verhouding van het aantal positieve gevallen tegenover het totale aantal tests. Zo wordt de vangst gecorrigeerd voor de grootte van het net. Hoe hoger dat cijfer, hoe meer virus er circuleert. In Vlaanderen was de afgelopen week 7,5 procent van de tests positief. In de hoofdstad ligt die positiviteitsratio met 12 procent en bezuiden de taalgrens met 13,5 procent een pak hoger. Pas onder 5 procent kan volgens de Wereldgezondheidsorganisatie worden gesproken van een controleerbare situatie.

Er wordt al weken meer getest in Vlaanderen dan in Wallonië.
Steven Van Gucht.
Nationaal coronabestrijder.

‘Er wordt al weken meer getest in Vlaanderen dan in Wallonië.’, zegt Van Gucht. ‘Om die reden kunnen we stellen dat de sterkere afname van het aantal besmettingen in Wallonië geen gevolg is van de teststrategie, maar een reëel fenomeen.'

Naar een verklaring waarom in Wallonië minder wordt getest, is het gissen, want de regels zijn in principe dezelfde. Mogelijk is het in de praktijk in Vlaanderen makkelijker om een test te krijgen dan in Wallonië. Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) wijst erop dat Vlaanderen in meer testcapaciteit heeft voorzien dan officieel is gevraagd. Dat Vlamingen sneller geneigd zijn zich te laten testen dan Walen kan ook meespelen.

De testkloof tussen Vlaanderen enerzijds en Brussel en Wallonië anderzijds is de jongste weken groter dan ooit. Om de corona-epidemie onder controle te krijgen moet het aantal tests in Brussel en Wallonië worden opgedreven. Anders dreigt een herhaling van de situatie in september. Zeker in Brussel en Luik steeg het aantal vastgestelde besmettingen toen snel. Maar allicht bleven ook veel besmettingen onder de radar, waardoor de ernst van de situatie pas te laat duidelijk werd. Het laattijdige reageren in Luik en Brussel is een van de redenen waarom ons land zo zwaar werd getroffen door de tweede golf.

Lees verder

Advertentie
Advertentie