analyse

Tweede golf sloopt afgebrokkelde coronadijk in Oost-Europa

In de Poolse hoofdstad Warschau wordt het nationaal stadion in sneltreinvaart omgebouwd tot een tijdelijk ziekenhuis voor coronapatiënten. ©EPA

Terwijl het coronavirus dit voorjaar in West-Europa de veerkracht van de gezondheidszorg en de maatschappij beproefde, wierp Oost-Europa met succes een dam op tegen die eerste Sars-CoV-2-vloed. Maar een lakser beleid in de zomer erodeerde de coronadijk in de regio zo fel dat de tweede golf er nu genadeloos overheen spoelt.

Wie dezer dagen naar opbeurende lectuur op zoek is, laat de Europese corona-updates het best links liggen. Vrijwel dagelijks sneuvelen op het oude continent records in negatieve zin. Zo overschreden Spanje en Frankrijk woensdag als eerste landen in Europa de grens van 1 miljoen vastgestelde besmettingen. Duitsland, vaak gezien als de gids in de aanpak van de crisis, rapporteerde donderdag voor het eerst meer dan 11.000 nieuwe gevallen in een etmaal. Italië, de oorspronkelijke frontlinie van de pandemie in Europa, registreert meer infecties in een dag dan dit voorjaar.

Bij een wat grondigere analyse van de data van het Europese Centrum voor Ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) is nog een opvallende trend waar te nemen. Ook in Oost-Europa gaat dezer dagen record na record voor de bijl.

Tsjechië noteerde donderdag bijna 15.000 nieuwe besmettingen in 24 uur. Het land flirt met de grens van 1.000 bevestigde infecties per 100.000 inwoners in een tijdspanne van twee weken. In Polen, Roemenië en Slowakije is Sars-CoV-2 aan een flinke opmars bezig.

Transcontinentale verschillen

Het contrast met dit voorjaar kan moeilijk groter zijn. Terwijl het in Zuid- en West-Europa toen alle hens aan dek was om de eerste coronagolf het hoofd te bieden, bleven de landen in Oost-Europa relatief gespaard. Rapporteerden Spanje en Italië in de lente respectievelijk 517 en 453 overlijdens per miljoen inwoners, dan waren dat er in die periode in Slowakije 4, in Polen 16 en in Tsjechië 21.

1.000
infecties per 100.000 inwoners
Tsjechië flirt met de grens van 1.000 bevestigde infecties per 100.000 inwoners in een tijdspanne van twee weken.

Voor die transcontinentale verschillen bestaan meerdere verklaringen. In de eerste plaats is de bevolking in de Oost-Europese landen over het algemeen jonger. Net de ouderen bleken in het voorjaar een gegeerde prooi van Sars-CoV-2. De lagere bevolkingsdichtheid in de regio speelde ook een rol. Van meet af aan was duidelijk dat het longvirus het best gedijt op plaatsen waar mensen dicht bij elkaar wonen.

Daarnaast hadden Polen, Tsjechië, Roemenië of Slowakije het voordeel minder een trekpleister te zijn voor Chinese toeristen dan pakweg Rome, Milaan, of Madrid. Het risico op een import van het longvirus uit het Aziatische land, de coronabakermat, was daardoor kleiner. Terwijl de eerste besmettingen in Italië van januari dateren, is Sars-CoV-2 in Tsjechië, Polen en Slowakije begin maart voor het eerst vastgesteld.

Onderbemande ziekenhuizen

De situatie in Italië en Spanje deed de Oost-Europese regeringen snel beseffen dat het coronavirus meer was dan een griepje. Om een overrompeling van de vaak ondergefinancierde en onderbemande hospitalen in hun regio te voorkomen namen ze draconische maatregelen.

Als een van de eersten op het continent gooiden ze hun grenzen dicht. En nog voor het zwaar getroffen Italië en Spanje in lockdown gingen, waren niet-essentiële winkels in Oost-Europa al gesloten en gold een mondmaskerplicht, ook buiten in de openbare ruimte.

Het coronavirus blijft een erg gevaarlijk fenomeen.
Mateusz Morawiecki
Poolse premier

'Oost-Europa schoot in actie voor de epidemie goed en wel begonnen was', zei Martin McKee, hoogleraar European Public Health aan de London School of Hygiene and Tropical Medicine, onlangs in de Britse pers. 'Daarom kwam het relatief ongeschonden uit de eerste golf.'

En ging het slot er weer sneller van de maatschappij. Begin april trokken winkels in Tsjechië hun rolluiken weer op. In Hongarije gingen cafés een maand later weer open. De meeste Zuid- en West-Europese landen volgden trapsgewijs in mei en juni.

Dijkbreuk

Net als in de rest van de wereld hing in Oost-Europa een economisch prijskaartje aan de quarantainemaatregelen. De appetijt voor een nieuwe lockdown slonk flink onder beleidsmakers in de regio. In peilingen gaf de bevolking aan niets meer te voelen voor een strenge inperking van haar vrijheden. Mogelijk sloop ook een vorm van laksheid in de rangen, net omdat de 'schade' in de lente beperkt was.

Zo brokkelde de coronadijk in Oost-Europa langzaam af. Meteen zag het coronavirus zijn kans om vanaf augustus in te beuken op de regio. Met een dijkbreuk begin deze maand tot gevolg.

Oost-Europa schoot in het voorjaar actie voor de epidemie goed en wel begonnen was. Daarom kwam het relatief ongeschonden uit de eerste golf.
Martin McKee
Hoogleraar London School of Hygiene and Tropical Medicine

Verschillende regeringen pogen de bressen in de dam inderhaast te dichten. In Tsjechië is sinds donderdag een lockdown van kracht. Slowakije sloot midden oktober zijn secundaire scholen. Polen verplichtte sportcentra en zwembaden vorige week te sluiten. Middelbare scholen en universiteiten schakelden er opnieuw over op afstandsonderwijs.

Omdat de covidbedden in ziekenhuizen in een sneltreinvaart vollopen, is Polen begonnen met de inrichting van tijdelijke hospitalen. Dat is onder meer het geval in het nationaal stadion in Warschau. Of dat volstaat om de tweede coronagolf te doorstaan moet de toekomst uitwijzen. Zoals de Poolse premier Mateuzs Morawiecki eind april al zei: 'Het coronavirus blijft een erg gevaarlijk fenomeen.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie