column

Weg met onze tolerantie voor alcohol

Peter De Keyzer

Onze maatschappij is doordrenkt met alcohol. Het ergst van al is dat niemand het nog merkt.

Dossier: De Prullenmand

Vindt u ook dat een en ander dringend op de schop moet? Dan zit u op dezelfde golflengte als onze opiniemakers. Wat keilen jullie met plezier de prullenmand in, vroegen we hun.

De antwoorden, die vindt u op de dossierpagina.

Wat keilen de opiniemakers van De Tijd met plezier de prullenmand in? Vandaag: Peter De Keyzer, managing partner Growth Inc.

Zaterdagochtend half tien. De voetbalwedstrijd van de jeugd begint bijna. Een vader deelt joints uit terwijl de moeders een lijn coke klaarmaken. Op een receptie van een werkgeversorganisatie dezelfde dag staan grote bokalen met speed klaar. Voor de buurtbarbecue worden de salades bereid, het vlees gehaald en de xtc-tabletten per kleur gesorteerd.

Science fiction? Vervang joints, cocaïne of xtc door pils, wijn of champagne en je hebt de realiteit die zich iedere week afspeelt rond voetbalvelden, in kantines, recepties, diners, feesten, drinks, borrels, zakenlunches, muziekfestivals, theatervoorstellingen, avondjes voor tv, schoolfeesten, carnavalsfeesten of barbecues. In tegenstelling tot andere harddrugs is alcohol vrij in de handel verkrijgbaar voor iedereen vanaf 16 jaar. Bovendien wordt zowel het gebruik als het misbruik maatschappelijk aanvaard.

Vergiftigd

Onze maatschappij is doordrenkt van de alcohol. Het ergst van al is dat niemand het nog merkt. Letterlijk elke gelegenheid is voldoende om alcohol boven te halen. De grootste carnavalsviering van het land wordt nog altijd geportretteerd als leuke folklore. In werkelijkheid gaat het om drie dagen drankmisbruik op pandemische schaal. Mochten tijdens dat weekend evenveel mensen vergiftigd raken door een illegale harddrug, we organiseerden een klopjacht op de dealers en er zou onmiddellijk worden opgeroepen tot een nationaal crisisplan.

De volgende politicus die tegen nultolerantie is, mag zijn likeurpralineargument van mij persoonlijk gaan uitleggen aan een ouder die een kind heeft verloren in het verkeer.
Peter De Keyzer

Onze tolerantie voor alcohol wordt perfect geïllustreerd door onze aanvaarding van alcohol in het verkeer. Zo gaf in een recente peiling een op de vier Belgen toe de afgelopen maand dronken te hebben gereden. Waarom doen ze dat? Een deel van de verklaring is dat de overheid drinken en rijden normaliseert.

Welk signaal geeft de overheid door toch nog 0,5 promille toe te staan? Dat drinken en rijden een beetje samengaan. De 0,5 promille leidt ertoe dat mensen gaan rekenen. Eentje kan geen kwaad. Twee op twee uur ook niet. Vier op een hele avond ook niet. Voor je het weet, zit je dronken achter het stuur. Het belangrijkste argument voor nultolerantie is de absolute duidelijkheid: nul is nul. Drinken en rijden gaan niet samen.

Het belachelijkste excuus tegen nultolerantie is dat ‘mensen dan ook geen likeurpralines meer mogen eten’. De volgende politicus die tegen nultolerantie is, mag zijn likeurpralineargument van mij persoonlijk gaan uitleggen aan een ouder die een kind heeft verloren in het verkeer. Hij mag dan vertellen waarom het leven van dat kind minder waard is dan de consumptie van een schijnbaar onweerstaanbare likeurpraline. Het merendeel van de ongelukken die ’s nachts of in het weekend gebeuren, gebeuren onder invloed van alcohol. Laat ons dan ook niet meer spreken van weekenddoden maar van alcoholdoden. Die mensen sterven niet door het weekend, maar door alcohol.

Tij begint te keren

Alcohol gaat vroeg of laat de weg op van het roken. Terwijl nauwelijks enkele decennia geleden Johan Cruijff en Eddy Merckx nog reclame maakten voor sigaretten, verdwijnen sigaretten langzaam in de marginaliteit. Ook voor alcohol begint het tij te keren. In 1979 was de aanbeveling van de Britse overheid dat mannen het best niet meer dan 56 (!) glazen bier per week dronken. Sindsdien is die limiet stelselmatig verlaagd en vandaag is de Britse aanbeveling niet meer dan 14 glazen per week te drinken.

In België ligt de aanbeveling nog altijd op 21 glazen. Allicht gaan die normen de komende jaren nog verder naar beneden. De grootste metastudie ooit over alcohol stond vorig jaar in het medische vakblad The Lancet. De conclusie was even kort als helder: er is geen veilig niveau van alcoholgebruik. Alcohol is schadelijk vanaf de eerste eenheid.

Het echte drugsprobleem speelt zich af voor onze ogen, zonder dat we het willen zien.

De eerste reactie van heel wat mensen op deze column is voorspelbaar. De schrijver is allicht een verzuurde geheelonthouder en bovendien een puritein die geen plezier heeft in het leven. Geen van beide beweringen klopt. Die reactie illustreert de illusie dat plezier alleen kan als er alcohol in het spel is. Ik kan zelf echt wel af en toe genieten van een lekker glas wijn of bier. Maar wel met de risico’s in het achterhoofd.

Het echte drugsprobleem speelt zich af voor onze ogen, zonder dat we het willen zien. Voer de nultolerantie voor alcohol in het verkeer in. Verhoog de belastingen op alcohol. Verhoog de leeftijdslimiet om alcohol te drinken. Maak alcohol minder beschikbaar. Vooral wie echt begaan is met dit product met een rijke geschiedenis zou zich veel strenger moeten uitspreken tegen misbruik. Vooral bierbrouwers en drankproducenten zouden dan ook moeten pleiten voor nultolerantie en een hogere minimumleeftijd. Drugsmisbruik geeft drugs een slechte naam. Dat geldt bij uitstek voor alcohol.