column

Weg met het idee dat Europa volledig energieonafhankelijk kan worden

Research Associate School of Transnational Governance (European University Institute).

Zonder Russische energie kunnen Europese fossielgebaseerde industriële producten niet concurreren met de VS en China. De beste optie is hernieuwbare energie.

Europa maakt zich op voor een winter van energietekorten. Rusland draait de gaskraan beetje bij beetje dicht. Door defecten en droogte is de productie van hydro- en kernenergie in Europa historisch laag. Voor de komende winter is het te laat om het wegvallen van de Russische import te compenseren. Er moet gerantsoeneerd worden. De gevolgen voor de competitiviteit van de Europese energie-intensieve industrie zijn verstrekkend. De bodem van goedkope Russische fossiele brandstoffen is weggeslagen.

De prullenmand

Vindt u ook dat een en ander dringend op de schop moet? Dan zit u op dezelfde golflengte als onze opiniemakers. Wat keilen jullie met plezier de prullenmand in, vroegen we hun.

Lees hun bijdrage hier.

Alleen dure opties blijven over, die de concurrentiekracht hoe dan ook onder druk zullen zetten: afhankelijkheid van gas van Algerije, Qatar en mogelijk Iran, van Amerikaans schaliegas of van hernieuwbare waterstof uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten.  Twee ideeën mogen naar de prullenmand: dat de Europese industrie volledig onafhankelijk kan worden van de rest van de wereld voor haar energievoorziening, en dat ze zal kunnen concurreren met de VS en China op basis van duurdere gas en olie.

De beste optie is hernieuwbare energie. Op lange termijn is die het goedkoopst, de diversificatiemogelijkheden buiten Europa zijn enorm en die keuze is compatibel met de Europese klimaatwet.  

Het vraagt een mentale sprong om een industrie te bedenken die volledig op hernieuwbare energie werkt. Toch zijn we daar niet zo ver van af. Dat bleek in een discussie met Young African Leaders aan de Europese Universiteit in Firenze. ‘Jullie Europeanen spreken altijd maar over zonne- en windenergie. Maar geen enkel land is ooit geïndustrialiseerd op hernieuwbare energie’, wierpen ze me voor de voeten. ‘Juist’, zei ik. ‘Maar zon en wind zijn nog nooit de goedkoopste vorm van energie geweest in het grootste deel van de wereld en de industrie is historisch altijd overgeschakeld naar de goedkoopste energiebron.’

Voor het eerst in de geschiedenis hebben we uitzicht op hernieuwbare industrialisatie: competitieve industriële producten vervaardigd met zon en wind, al dan niet via de productie van waterstof. De cijfers ondersteunen die stelling. Met de goedkoopste zonne- en windenergie ter wereld maak je nu al competitieve groene waterstof. Tegen de huidige gas- en koolstofprijzen is die zelfs competitief met Russisch gas.

Het vraagt een mentale sprong om een industrie te bedenken die volledig op hernieuwbare energie werkt. Toch zijn we daar niet zo ver van af.

Het probleem is dat de goedkoopste zonne- en windenergie niet in Europa te vinden is, en al zeker niet in de hoeveelheden die nodig zijn. De Europese industrie consumeerde in 2020 bijna 2.700 terrawattuur (TWh) aan energie, net iets minder dan de gezinnen en de transportsector. De totale EU-productie van hernieuwbare elektriciteit was vorig jaar 750 TWh. Zelfs als we de Noordzee vol zetten met windturbines, komen we in ambitieuze hernieuwbare-energiescenario’s schromelijk goedkope energie te kort. Er is dus geen ontkomen aan: Europa zal altijd deels afhankelijk zijn voor zijn energiebevoorrading. De vraag is van wie en waarvan.

Landen als Mauritanië, Marokko, Oman en Namibië werpen zich op als frontrunners van de nieuwe waterstofindustrie. De energieministers van Duitsland, Nederland en België tekenen aan de lopende band memoranda voor import, kabels en pijpleidingen. Ze hebben gelijk. Hernieuwbare industrialisatie is de beste kaart voor de Europese industrie. Want wat is het alternatief? Zonder Russische energie kunnen Europese fossielgebaseerde industriële producten niet concurreren met de VS en China. Import van Amerikaans schaliegas zal altijd een competitief nadeel betekenen tegenover de Amerikaanse industrie, die aan de bron zit. Europa kan alleen nog concurreren in het hernieuwbaar-, lagekoolstofsegment.

De Duitse captains of industry hebben al gekozen: de Russen zijn nooit meer te vertrouwen. Duitsland moet kunnen concurreren met de VS en China en met een nieuwe afhankelijkheid van landen als Algerije en Qatar dreigen nieuwe geopolitieke problemen. Dan liever import van hernieuwbare waterstof: veel meer landen kunnen het goedkoop maken en het is compatibel met de Europese klimaatwet. De dreiging van delokalisatie is reëel. Daarom is dringend een Europese hernieuwbare-industrialisatiestrategie nodig. De Europese industrie wacht ontzettend barre seizoenen, maar het perspectief van een hernieuwbare industriële lente moet ons door de winter loodsen.

Lees verder