Van het toilet naar uw glas: systeemdenken in de praktijk

Jacob Bossaer bij de installatie die toiletwater zuivert tot drinkwater.

Staan we voor een nieuw tijdperk van innovatie? Door een versnelde digitalisering, een push voor vergroening en de nood aan economische vernieuwing postcorona broeit het in elk geval van de ideeën. Met één disclaimer. ‘We zullen ons pas echt verbeteren als we het grote plaatje zien.’

Als we straks opnieuw een droge zomer beleven, is de kans groot dat op sommige plaatsen de kraan weer wordt dichtgedraaid. Dat er nog maar eens beperkingen komen op het waterverbruik om de auto te wassen of de tuin te sproeien. Maar wat als u het water waarmee u het toilet doorspoelt gewoon zou hergebruiken? En zelfs zou drinken? ‘Technologisch kan het’, zegt Jacob Bossaer in het atelier van zijn bedrijf Bosaq in Kruishoutem.

Lessen voor vernieuwing

De Tijd Vooruit is een nieuwe rubriek waarin we inzicht in innoverende trends en samenwerkingen belichten. We brengen ook getuigenissen en tips die uw hr-beleid kunnen inspireren, ook na corona. En we blijven, net als voorheen, extra aandacht besteden aan verrassende techverhalen waarmee u zichzelf en uw bedrijf beter kunt wapenen voor morgen.  

We starten De Tijd Vooruit met Lessen voor vernieuwing, een reeks van vijf afleveringen over hoe we ons uit de crisis kunnen innoveren.

Donderdag: Innoveren doe je niet alleen

Vrijdag: Lessen voor een flexibele organisatie

Hij staat naast de waterzuiveringsinstallatie die tot een paar maanden geleden bij een restaurant stond, wat verderop in Kuurne. Gust’eaux, een steakhouse aan de rand van de Leie en niet aangesloten op het waternet, gebruikte de installatie om van al zijn afvalwater - denk aan het water van de vaatwassers, uit de keuken en dus ook van de toiletten - drinkwater te maken. Om aan de gasten te serveren onder de naam Lab’o. ‘Het was een Europees showcaseproject’, zegt Bossaer. ‘Vooral om te tonen wat er al kan. Daarom laten we ze hier nu ook nog staan.’ Hij lacht. ‘Al ontbreken er intussen wel al wat onderdelen.’

Bossaer startte Bosaq, een watertechnologiebedrijf, in 2017 op nadat hij vijf jaar als wateringenieur op de Prinses Elisabeth-poolbasis in Antarctica had gewerkt. ‘Daar moesten we drinkbaar water maken van sneeuw of van het afvalwater dat we gebruikten. In het ruimtestation ISS doen ze dat trouwens ook’, zegt hij. ‘Maar het wordt voor de rest nergens toegepast. Wat we in Kuurne opgezet hebben, was een wereldprimeur. Niet toevallig, want in Vlaanderen lopen we best voorop in watertechnologie.’

Bosaq werkte voor het systeem samen met de Universiteit Gent, het kenniscentrum Vlakwa en met tuinbedrijf Wouter Igodt dat met planten een eerste waterzuivering uitvoerde. ‘We hebben het systeem volledig duurzaam gemaakt. Met onze membraantechnologie zijn geen chemicaliën meer nodig. Wat niet evident is, want drinkwater gaat ook om volksgezondheid en dan mag er dus geen enkel kwaliteitsprobleem zijn’, legt Bossaer uit. ‘En we innoveren nog verder. We hebben al drie patenten op onze technologie genomen en er zijn er nog drie in aanvraag.’

Nog te duur

Het kan dus, van ons huishoudelijk afvalwater weer drinkbaar water maken. Maar dat we morgen allemaal zo’n installatie in huis hebben, is toekomstmuziek. ‘Nog te duur’, zegt Bossaer. ‘Dat het eraan komt, is wel zeker. Het moet ook. Er is wereldwijd een immens probleem met drinkwater. Hier in Vlaanderen prijzen we onszelf gelukkig met een goed uitgebouwd waternet, maar we kampen al vier zomers op rij met watertekort door droogte. Die problemen worden erger. Dat los je niet op door een paar extra leidingen in de grond te steken. We moeten andere dingen bedenken.’

Veel van ons watersysteem is vandaag nog archaïsch en conservatief. Maar er is een omwenteling bezig. Er boomt van alles.
Jacob Bossaer
CEO Bosaq

Dingen bedenken en ook anders doordenken, benadrukt Dirk Halet, strategisch coördinator bij Vlakwa en dus een van de partners van Bosaq in Kuurne. ‘We zitten met een groeiend drinkwaterprobleem in Vlaanderen. We moeten dus oplossingen vinden om zuiniger te worden, om water te hergebruiken. Maar er dringt zich een fundamentele vraag op: wat als we drinkwater nu eens alleen zouden gebruiken om te drinken? Dat klinkt triviaal, maar weet dat amper 30 procent van ons waterverbruik eigenlijk de kwaliteit van drinkwater moet hebben, omdat we het nodig hebben in de keuken. Toch rekenen we nog altijd automatisch dat we per Vlaming moeten voorzien in 120 liter drinkwater per dag. Maar kan dat niet anders? Als we dat idee doorbreken, is plots meer mogelijk.’

Voor dat soort denkoefeningen is de voorbije maanden een ‘Waterarena’ opgezet met een groep van ondernemers, onder wie Bossaer, maar ook toplui van de voedingsgroep Ardo, de schoonmaakmiddelenfabrikant Christeyns, het waterbedrijf Pollet Water Group en de chemiegroep Dow die samen met waterexperts, economen en filosofen op zoek gaan naar ideeën voor vernieuwing.

50 voorstellen

De Arena publiceerde vorige week, op Wereldwaterdag, een eerste lijst van 50 voorstellen. ‘Met drie daarvan, waaronder die drinkwatervraag, gaan we concreet aan de slag’, zegt Halet. ‘De oplossingen gaan komen van innovaties. Maar we gaan ons daar pas echt mee verbeteren als die naar het grote plaatje kijken. De waterproblematiek is complex, alles hangt vast aan alles. Als we niet opletten, is een goed idee voor een deeltje van het probleem een slecht idee voor het geheel.’

Alles hangt vast aan alles in de waterproblematiek. Als we niet opletten, is een goed idee voor een deeltje van het probleem een slecht idee voor het geheel.
Jacob Bossaer
CEO Bosaq

‘Neem fabrieken die hun afvalwater zuiveren’, zegt hij. ‘Dat klinkt als iets wat we allemaal willen. Als minder water beschikbaar is, zetten we in op hergebruik. Dus investeren veel bedrijven daarin. Het punt is alleen dat het water dat ze aan het eind van de rit dan wel nog lozen in veel hogere concentraties vervuild is. Daardoor komen de milieunormen in het gedrang, en als het water in de rivieren dan nog eens lager staat door droogte creëren ze een veel problematischere vervuiling.’

‘Door alleen naar afvalwater te kijken, krijgen we dus geen grip op het probleem. Andere ingrepen zijn nodig. Hoe kan een fabriek in haar processen besparen op waterverbruik? Hoe regelt het bedrijf dat er minder vuil afvalwater is? Daar raak je alleen maar uit met systeemdenken, en net dat wilden we met de Arena doen.’

Hoe word ik een systeemdenker?

Luistertip:

‘How to be a systems thinker’. In een interview legt de Amerikaanse antropologe Mary Catherine Bateson aan de hand van persoonlijke anekdotes en verhalen uit wat systeemdenken betekent, van het gebruik van artificiële intelligentie tot beleid en bedrijven. Bateson overleed begin dit jaar.

Doordenker:

‘Your system is perfectly designed to give the results you’re getting.’ De Amerikaanse statisticus William Edwards Deming, een van de goeroes van het systeemdenken, zou het met deze tegeltjeswijsheid uitgelegd hebben. Als niet tevreden bent met je resultaten, kijk dan naar je hele organisatie of het hele proces. Deming is hier geen bekende naam, maar in Japan is hij een nationale held. Na WO II adviseerde hij de Japanse industrie over hoe ze beter kon worden. Bedrijven als Toyota, Fuji en Sony pasten zijn principes toe. Hij wordt gezien als een van de vaders van de Japanse opmars als economische wereldmacht vanaf de jaren 50.

Link:

Hoe kunnen we anders nadenken over ons watersysteem? Lees de 50 ideeën van de Waterarena.

Vergelijk het principe met de behandeling van hoofdpijn: je kan de pijn wegnemen met een pijnstiller, door te Kurieren am Symptom. Maar wil je echt van de hoofdpijn af, dan moet je achterhalen vanwaar de spanning komt die de hoofdpijn veroorzaakt.

Jacob Bossaer in het atelier van zijn bedrijf Bosaq in Kruishoutem.

De theorie van het systeemdenken is niet nieuw - het werd al in de jaren 50 ontwikkeld - maar het maakt de jongste tijd weer duidelijk opgang. Ook al omdat de verwachting groeit dat we postcorona een golf van vernieuwing zullen beleven. De frustratie bij veel economen over het feit dat we het voorbije decennium amper fundamenteel wereldveranderende nieuwigheden gezien hebben - zoals destijds de uitvinding van de ‘wonderstof’ nylon door het chemiebedrijf Dupont of de introductie van de container die in zijn eentje de globalisering in de hand werkte - lijkt plaats te maken voor het idee dat we vandaag wel degelijk voor een belangrijke shift staan.

Enkele technologieën - zoals artificiële intelligentie, internet of things, robotisering, virtual reality en blockchain - zijn rijp om elkaar te versterken. De pandemie dwingt ook tot verandering om opnieuw aan te knopen met groei. Overheden pushen in hun relanceplannen voor vergroening. En het huzarenstukje van de farmawereld om in zo’n korte tijd werkende vaccins op de markt te krijgen waarbij oude, starre processen doorbroken werden, leidde bij velen tot een mindshift.

Dat systeemdenken daarbij opnieuw opgepikt wordt, is omdat de uitdagingen complex zijn en uitlopers hebben op veel vlakken. Dat geldt niet alleen voor water, maar evengoed in de bouw, in de transport-, energie- of gezondheidssector of als het gaat over mobiliteit. De voedingsindustrie moet niet alleen nadenken over eigen processen, maar ook over grondstoffen en het beheer van overschotten, de ecologische voetafdruk en gezondheid.

Bossaer beaamt dat. ‘Innoveren gaat niet alleen over technologie. Het gaat ook over nieuwe businessmodellen, ander beleid, onderwijs en betere ideeën. Veel van ons watersysteem is nog archaïsch en conservatief. Maar ik voel wel overal dat er een omwenteling bezig is. Er is van alles aan het boomen.’

Gaspedaal

Dus duwt ook hij op het gaspedaal. ‘We zijn bezig met een kapitaaloperatie van 1,5 miljoen euro, deels via de participatiemaatschappij PMV en deels via crowdlending. Later dit jaar gaan we nog eens 5 miljoen ophalen.’ Het geld moet dienen om de productiecapaciteit voor de modulaire waterzuiveringssystemen op te drijven en verder te vernieuwen. ‘We werken samen met de drinkwatergroep De Watergroep aan een nieuwe sensortechnologie om de waterkwaliteit te meten en we zijn bezig met nanofiltratie.’

‘We voelen de interesse, overheden komen kijken naar onze demo’s. We zijn al actief in Suriname, maar we spreken met nog meer landen. Mogelijk gaat het om een paar miljoenencontracten. Begrijp me niet verkeerd: natuurlijk gaat het om duurzaamheid, maar het gaat evengoed om economisch rendement. We willen hier over de hele lijn beter van worden.’

Dat betekent in cijfers vooralsnog vooral ambitie. Van een omzet van een paar honderdduizend euro moet het ‘over vijf jaar maal honderd gaan’. ‘We willen over vijf jaar een miljoen mensen via onze systemen van drinkbaar water voorzien’, zegt Bossaer. ‘Wat nog altijd maar een fractie is van de 844 miljoen mensen wereldwijd die vandaag geen toegang hebben tot veilig water.’

Vakbonden en werkgevers pleiten voor innovatie met meer impact

Vlaanderen moet zijn innovatiebeleid meer richten op maatschappelijke uitdagingen, zoals de klimaatverandering of de vergrijzing. Dat bepleiten de vakbonden en de werkgevers in een nieuw advies van de SERV aan minister van Innovatie Hilde Crevits (CD&V). Vlaanderen moet minder de nadruk leggen op nieuwe technologieën of vernieuwing bij bedrijven an sich en sturender werken via zogenaamde ‘missies’.

Daarbij wordt vaak verwezen naar de plannen die de Italiaans-Amerikaanse econome Mariana Mazzucato maakte voor Horizon Europe, het Europese innovatieprogramma voor 2021-2027. Horizon Europe werkt met concrete doelen rond bijvoorbeeld kanker, gezonde zeeën en smart cities. ‘Het staat bij ons nog in de kinderschoenen’, zegt de SERV. ‘Daarom willen we een aantal krijtlijnen uitzetten.’

Vlaanderen zoekt vandaag aansluiting met de Europese top in innovatie. Volgens het jongste Europese Regional Innovation Scoreboard (RIS) staan we op de 40ste plaats van innovatieve regio’s. De huidige Vlaamse regering ambieert tegen 2030 door te stoten tot de top vijf. Daarvoor moet de lat fors hoger.

Vlaanderen scoort goed voor investeringsbudgetten, academische kennis en heeft een sterk kmo-landschap, maar het slaagt er niet genoeg in kennis om te zetten in waardevolle businessmodellen. Het beleid, en de inzet van middelen, is veelal ook te versnipperd. Ons grootste probleem is het onderwijs: het niveau daalt, er zijn tekorten in STEM- profielen en er moet meer ingezet worden op levenslang leren.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie