column

Europese dromen van Afrikaanse jongens

Tijdens de sportzomer overschouwt Rik Van Puymbroeck wat in en naast de sportarena gebeurt.

Vier halve finalisten en het valt op hoe wit die zijn. Bij Engeland loopt Sterling heerlijk te voetballen, maar veel meer kleur vind je niet. Hoe anders waren Frankrijk, Nederland en België.

Léon Mokuna werd in de jaren 50 aanzien als de ‘eerste zwarte voetballer’ in de Belgische competitie, wat niet klopte: al in de jaren 30 voetbalde Louis Cousin bij Daring Club de Bruxelles. Maar hij werd vergeten. Mokuna speelde bij AA Gent en SV Waregem en was geboren in Tshilundu. Congo was nog een Belgische kolonie en als voetballer bij een club in Leopoldstad (het latere Kinshasa) viel hij op toen Beerschot en Sporting Lissabon er een match kwamen spelen. Even ging hij bij Lissabon spelen, hij keerde terug naar AS Vita Club (waar later ook Jean-Paul Boeka-Lisasi, Elos Elonga-Ekakia en Hervé Nzelo-Lembi voetbalden), maar toen kwam hij dus naar Gent. Om te overleven werkte hij bij de krant Het Volk, in het weekend werd hij topschutter. Maar Rode Duivel werd hij nooit. Mokuna, die in 2020 overleed, raakte niet verder dan de nationale B-selectie.

Vandaag is alles anders en maar goed ook. De kern van onze nationale ploeg bestaat al jaren uit jongens met vele achtergronden. Wat niet veranderde, is dat Europa voor veel jongens uit Afrika de droom en de kans was om via voetbal aan een beter leven te bouwen. Onvergetelijk is hoe 20 jaar geleden een zo goed als volledig Ivoriaans team het mooie weer maakte bij Beveren. Ook onvergetelijk is de aflevering van Belga Sport waarin op die periode werd teruggeblikt met onder meer beelden van de Nederlandse les: ‘Dit is de deur. Dit is de tafel. Dit is een bloem.’ Veel bleef er niet van over, maar onder meer Yaya Touré speelde bij Barcelona en Manchester City.

Soms verloopt het anders. November 2003. In een kamertje onder de tribune van KVK Beringen slapen Amadi Mussa, Hussein Kayiranga en Eric Niyongabo. Ze komen respectievelijk uit Congo, Burundi en Rwanda en ze zijn om politieke redenen in België terechtgekomen. Een paar dagen per week trainen ze mee met Beringen en dan slapen ze hier. Dromend van meer. De volgende zondag spelen ze tegen Hoepertingen en dat wordt de titel: ‘Eerst Hoepertingen, dan Real'. Bijna 20 jaar later zijn er sporen van hun namen bij Habo Borgloon, Herk Sport en Hoepertingen, maar alleen Niyongabo kon bij Bierbeek een provinciegrens over.

Belg worden en zo Rode Duivel zat er niet in. Real Madrid helaas evenmin. Het dichtst bij de roem kwamen ze bij PSV. Bij PSV Melveren.

Lees verder