interview

‘De honger, het willen knallen: dat is wel heel belangrijk'

Pieter van der Does, oprichter en CEO van Adyen. ©Lars van den Brink

Alle economische indicatoren staan weer in het rood, en de betalingsverwerker Adyen breekt records op de beurs. Een gesprek met oprichter Pieter van der Does, over een wereld zonder papier, een biljoen aan betalingen en zijn defecte lawinepieper. ‘Alles gaat in de versneller.’

Midden in een betoog van Pieter van der Does over high value shoppers breekt een hels geblaf uit. In een fractie van een seconde heeft de topman van Adyen de microfoon van zijn draadloze headset gedempt. Je hoeft geen liplezer te zijn om te ontcijferen wat hij zijn hond toebijt. Drie tellen later is de situatie onder controle. Van der Does is weer helemaal zen. ‘Sorry, ik moest hem even op mute zetten.’ De hond zal niet meer van zich laten horen.

©Lars van den Brink

Met een combinatie van snelle reflexen, strakke controle en scherpe focus heeft Van der Does een wereldspeler in het globale betaalverkeer gebouwd. Adyen is heel snel heel hard gegroeid omdat het al vroeg kleppers in online transacties binnenhaalde, zoals Uber, Netflix en Nike. Nu rukt het bedrijf ook op in de betaalterminals van bakkers, restaurants en supermarkten.

Pieter van der Does

Geboren in 1969.
Studeerde economie in de Verenigde Staten, aan de Universiteit van Amsterdam en in Parijs.
Werkte voor ING en de uitgever Reed Elsevier. Stapte in 1999 in het betaalplatform Bibit, opgericht door vrienden, Arnout Schuijff en zijn broer. Twee jaar na de verkoop van Bibit richtten Schuijff en Van der Does in 2006 Adyen op. Die betaalverwerker was in 2014 een miljard waard. Vorig jaar realiseerde het bedrijf een omzet van 496,7 miljoen euro en een operationele kasstroom van 279,3 miljoen euro.
Is gehuwd en heeft twee kinderen. Woont in Amsterdam.

Adyen handelde vorig jaar 239,6 miljard euro aan transacties af, 51 procent meer dan in 2018 (en ruim zeven keer zoveel als in 2015). Het aandeel, dat sinds 2018 op de Amsterdamse beurs noteert, behoort tot de belangrijkste vijftig Europese aandelen. De beurswaarde van het bedrijf was nooit zo hoog en bereikte deze week een recordhoogte van 52 miljard euro. In een Zoomgesprek van drie kwartier, terwijl twee pr-mensen meekijken, legt Van der Does uit waar hij vandaan komt - en vooral waar het bedrijf naartoe gaat.

Adyen is een transactieverwerker, ‘de kassa van het internet’. Een bedrijf dat online betalingen aanvaardt, moet tientallen betaalsystemen faciliteren, van krediet- en debetkaarten tot Paypal, vaak in verschillende valuta. Adyen werkt als een virtuele adapter en laat de doorstroming van het betaalverkeer uit al die digitale pijplijnen vlot verlopen. Door het voortdurend uitvoeren van krachtige berekeningen zegt het bedrijf sneller, veiliger en efficiënter dan de concurrentie te zijn. Er worden minder betalingen onterecht geweigerd - door een fijnmazigere berekening van het frauderisico - en er zijn minder storingen, wat de winkelier meer omzet oplevert.

Van bij de oprichting in 2006 wil Adyen ‘concurreren op kwaliteit’, zegt Van der Does. ‘Door eigen licenties, eigen systemen, met één platform. Geen overnames, maar zelf de dingen bouwen. Dat is niet zozeer waar de winkelier om vraagt. Maar wat de winkelier merkt, is gewoon heel hoge kwaliteit.’

Corona gaf contactloos betalen een boost. Zit daar nog veel groei?

Pieter van der Does: ‘De trend van cash naar kaart was er al. Dat wordt nu versneld. Veel mensen hebben nu hun telefoon als betaalmiddel omdat ze niets willen aanraken. De winkelier kijkt naar zijn online strategie. Ook zij die dachten dat ze het niet nodig hadden, doen dat nu: ze willen klanten kunnen bedienen. We hebben enkele modemerken die meenden dat mode high touch is en dat online kopen niet bij hun merk past. Dat is onjuist gebleken. Er zijn echt stellingen onderuitgehaald door deze tijd.’

Het corona-effect, de nieuwe economie na de pandemie

©Filip Ysenbaert

Corona heeft inkomsten doen crashen, businessmodellen ontwricht, gewoontes dooreengeschud, veranderingen doorgeduwd. Wat keert terug naar het oude? Wat blijft voor altijd anders? En vooral: welke kansen biedt dat?

‘Dat geeft ons rugwind. Maar we hadden natuurlijk liever geen covid gehad. Je ziet dat covid bedrijven die niet zo goed gingen, failliet laat gaan. Goede bedrijven kunnen het aan. Wat anders in de toekomst zou gebeuren, wordt naar deze tijd getrokken. Alles gaat in de versneller, lijkt het.’

Ziet u cash verdwijnen?

Van der Does: ‘Dat is heel extreem gesteld. Het is erg afhankelijk van het land. Ik kom zelf uit een waar de meeste mensen geen cash hebben. Ik ben altijd erg verrast als ik in een land als Zwitserland kom, waar nog veel contant wordt betaald.’

Wanneer hebt u zelf nog cash betaald?

Van der Does: (denkt na) ‘Grappig, dat weet ik dus echt niet meer. Ik heb thuis een heel grote doos met munten. Die gebruik ik voor fooien als er een levering aan de deur is. Mijn leven is voorts helemaal cashloos.’

Kan elke aankoop online? Een auto, een huis, een trouwring?

Van der Does: ‘Een Tesla koop je online, je bestelt de proefrit en hij komt voorrijden. Maar puur online is volgens mij niet het ideale model. We doen veel analyses met onze winkeliers. Altijd komt daaruit dat online en store een heel goede combinatie zijn. De geruststelling dat je naar een winkel kan, dat je het gewoon kan terugbrengen, is blijkbaar ondersteunend. Het kannibaliseert niet. Dat houden we volgens mij aan deze periode over: er komt een mix, je bedient beide kanalen.’

Waarom zou iemand nog naar de winkel gaan?

Van der Does: ‘Als service. Ik was laatst in een winkel voor iets dat ik online had gekocht en dat na enkele maanden kapotging. Het vervelende was dat het half kapot was. Je wil het dus echt laten zien, want als je het opstuurt, komt het terug. Je wil dat een medewerker er bijschrijft wat mis is. Dan is het veel gemakkelijker als je even langs de winkel kan fietsen.’

Wat was het?

Van der Does: (lacht) ‘Een lawinepieper. Die kan zenden, dan ben je vindbaar onder de sneeuw. Maar hij kan ook ontvangen, zodat anderen je kunnen vinden. Maar hij faalde af en toe tijdens het testen. Je hoopt het nooit nodig te hebben, maar je wil zeker geen die faalt bij de test. Ik ga in de winter altijd enkele dagen met een gids de bergen in, in het Mont Blancgebied bijvoorbeeld. Naar boven lopen, de berg op, en naar beneden skiën. Dat is heel veel lopen voor een mooie afdaling, maar ik vind het wel mooi.’

Pieter van der Does ©Lars van den Brink

Van der Does werd geboren in Amstelveen, in een adellijke familie (zijn officiële naam is Jonkheer Pieter van der Does). Hij studeerde economie en werkte even voor ING en de uitgever Reed Elsevier. Eind jaren 90 stapte hij in Bibit, een start-up opgericht door vrienden. Dat betaalplatform werd in 2004 verkocht aan Royal Bank of Scotland voor zowat 100 miljoen euro. Daar ligt de kiem van Adyen, Surinaams voor: nogmaals.

Van der Does loopt niet hoog op met banken. Volgens de zakenkrant Het Financieele Dagblad noemde hij ze in zijn studententijd ‘criminele organisaties’. Aan zijn kort verblijf in de banksector hield hij vooral een aversie tegen logge structuren over. Na de verkoop van Bibit aan RBS ging Van der Does mee. Twee jaar later, bij zijn vertrek, was hij nog altijd bezig met de integratie van Bibit in WorldPay, vandaag een grote concurrent van Adyen.

Hebben banken nog een meerwaarde?

Van der Does: ‘Op de betalingen heb ik een goed zicht. Daarin hebben ze weinig geïnvesteerd. Betalingen werden gezien als iets van grote volumes en van weinig onderscheid. Nu denken de banken: ‘Wacht even, als iemand een winkel heeft en we zien de transacties niet meer, hebben we de kern van het contact met de klant verloren.’ Dat is laat. Wij zijn er nu en er zijn nog spelers die zo gespecialiseerd zijn en die zo veel geïnvesteerd hebben. Voor het betalingsverkeer, online maar ook steeds meer via terminals, is die positie niet meer terug te winnen. Die is enigszins verspeeld.’

Voor het betalingsverkeer kunnen banken hun positie niet meer terugwinnen. Wij en andere gespecialiseerde spelers zijn er nu.
Pieter van der Does
Oprichter en CEO van Adyen

Adyen heeft een banklicentie. Worden jullie ooit een betaalmiddel?

Van der Does: ‘Dat zie ik niet gebeuren. Voor de winkelier is het belangrijk dat Adyen alle betaalmiddelen ondersteunt. Als we iets in de markt zouden zetten, zijn we geen neutrale partner meer.’

‘Banklicenties openen wel nieuwe wegen. We doen nu dingen waar we vroeger nooit over hebben gepraat, zoals card issuing. Je boekt een hotel via een site, je stort het geld via card issuing op een virtuele kaart, het hotel haalt het door de terminal en het krijgt meteen zijn geld. Dat kan heel efficiënt zijn.’

Jullie zitten op een berg data. Wat gaat Adyen daarmee doen?

Van der Does: ‘We beschouwen de data als eigendom van de winkelier. Die gaan we niet aan een andere winkelier geven, dat is onprettig. Als jij een high value shopper bent, kan de winkelier dat uit zijn eigen data halen en daarop inspelen: een korting, een waardebon, een andere behandeling. Dat soort data kunnen we meteen ontsluiten, als de consument daar toestemming voor geeft. Een uitzondering is fraude: dan kruisen we die gegevens wel, om te bepalen welke transacties risicovoller zijn.’

We beschouwen de data als eigendom van de winkelier. Die gaan we niet aan een andere winkelier geven, dat is onprettig.
Pieter van der Does
Oprichter en CEO van Adyen

‘Betaaldata leveren nog meer inzichten op. Wat zou een goede plaats zijn voor een nieuwe winkel? Wat doet een nieuwe winkel, is er verloop onder de klanten? Dat zijn gegevens die onze accountmanagers met data-experts aan de klanten geven. Daar vragen we geen geld voor.’

We spreken Van der Does via videoverbinding - thuiswerk is nu de norm. Hoewel Adyen een jong fintechbedrijf is (gemiddelde leeftijd: 31) met 25 vestigingen op vijf continenten had het altijd een heel sterke kantoorcultuur. Een woordvoerder van het bedrijf zei ooit dat in het hoofdkwartier in Amsterdam een barista werkt, want ‘met luxekoffie krijg je werknemers ’s ochtends eerder naar kantoor’. Adyen neemt in een hoog tempo mensen aan, 266 al dit jaar. Ze zijn nu met 1.448.

Het bedrijf neemt de werving heel serieus: elke kandidaat voert voor de aanwerving een persoonlijk gesprek met een van de zes bestuurders. ‘Senior mensen worden normaal overgevlogen voor dat laatste gesprek. Dat kan nu niet. Dat doen we niet voor niets, dus dat gaan we zeker opnieuw doen als het kan. Het is ook de board die de training van de teamleaders doet. Je ziet vaak dat die mensen later gemakkelijker contact opnemen: hier zit ik mee, hier loop ik tegenaan.’

Bepalend voor de uitkomst van dat sollicitatiegesprek is ‘de trans-Atlantische test’: wil ik naast die persoon op een vlucht naar de Verenigde Staten zitten? Van der Does grijnst. ‘Het hoeft niet de gezelligste vlucht van je leven te zijn. Maar ga je aan een collega vragen om negen uur per dag met iemand te werken bij wie je het zelf onprettig zou vinden om ernaast te zitten? We hebben een bepaalde cultuur. Winning is more important than ego. We zijn vooral geïnteresseerd in resultaten, niet in persoonlijke zichtbaarheid. Dus we zijn op zoek naar dat type, omdat we weten dat zo iemand goed bij Adyen gedijt.’

Hoe ingrijpend was de overgang naar telewerk?

Van der Does: ‘De geheime saus van Adyen is dat de ingenieurs, de product- en de commerciële mensen bij ons heel gemakkelijk kunnen samenwerken, ook omdat ze fysiek dicht bij elkaar zijn. Dat is de kern van de formule die ons succes heeft gebracht: veel overleggen, elkaar gebruiken om je ideeën aan te scherpen. Dat gaat minder goed via Zoom.’

‘We kunnen niet klagen: financieel gaat het goed, we kunnen heel gemakkelijk vanop afstand werken en we hebben de infrastructuur. Je kan niet zeggen dat we lijden onder corona. Maar we zaten liever met zijn allen op kantoor en ik zie ook grote nadelen van thuiswerk. Naar kantoor gaan heeft bij ons nooit de functie gehad om te controleren of mensen wel hard werken. Het gaat om toegankelijkheid.’

Hoe bedoelt u?

Van der Does: ‘Ik loop vaak na de lunch even bij de operationele afdeling langs om te kijken hoe het gaat. Het is toch wat anders om als CEO iemand bij customer support op te bellen. De informele communicatie, waar we heel sterk in zijn, loopt nog wel, maar er is zeker een impact. Waar het kan, willen we een fysieke ontmoeting. Maar zoals alle bedrijven vinden we dat we op geen enkele manier mogen bijdragen aan de verspreiding van het virus.’

Wat pikt u op van zo’n bezoek aan de klantendienst?

Van der Does: ‘Als er iets scheelt, hoor je het daar het eerst. Als alles daar op wieltjes loopt, betekent dat dat de producten die je uitbrengt niet te moeilijk zijn om te implementeren. Juist daar krijg je directe feedback van klanten. Dingen die niet belangrijk genoeg zijn om een rapport over te maken, maar die uiteindelijk wel de boel vertragen. Een medewerker zegt dan bijvoorbeeld: ‘Wist je dat die ene betaalmethode ons best wel veel tijd kost?’ Is het dan wel logisch die standaard aan te bieden? Of zetten we die alleen op voor de klanten die die echt willen hebben? Die boerenwijsheid mis je anders.’

Van der Does, medeoprichter Arnout Schuijff - die het bedrijf binnenkort verlaat - en investeerders van het vroege uur, onder wie Mabel van Oranje, de weduwe van prins Friso, hebben miljoenen verdiend aan Adyen. Het Nederlandse magazine Quote schat Van der Does’ vermogen op een miljard euro. In eerdere interviews benadrukte hij altijd dat geld hem niet drijft. Ook de fenomenale prestaties op de beurs doen hem weinig, zegt hij. Onlangs werd Adyen gepromoveerd tot de Eurostoxx, de Champions League van de Europese aandelen. Dat is intern geruisloos gepasseerd, bevestigt hij. ‘Dat vieren we niet, nee. De beursgang is een procedureel iets, geen doelstelling of eindpunt. Die heeft ons niet veranderd. Het is eervol in een stocklist te zitten, maar dat staat los van onze dromen om iets veel groters uit te bouwen.’

Hoe groot?

Van der Does: ‘Meer volume, een grotere geografische spreiding en producten ontwikkelen die ondersteunend zijn, zoals card issuing: op die drie assen gaan we door. Dan kan Adyen tot wasdom komen.’

U noemde eerder de ambitie om een biljoen euro aan betalingen af te handelen: duizend miljard.

Van der Does: ‘Intern hebben we het daar wel eens over, ja. Er is een evident verband tussen hoeveel winkeliers je vertegenwoordigt en wat je als bedrijf voor elkaar krijgt. Als we een enorme groep handelaars vertegenwoordigen, kan je tegen een betaalmethode die wil aansluiten, zeggen: ‘Jullie rapportage moet beter, dan kunnen we efficiënter werken.’ Dan gaan ze dat meteen doen. Dat doen ze niet als je een of twee klanten hebt. De servicelevels gaan mee omhoog met volume, en een grote geografische spreiding is voor de klant superbelangrijk. De klant wil één partij, maar de klant zit ook in Japan. Dus die zegt: ‘Adyen, waar ben je?’’

Hoe bereiken jullie dat biljoen?

Van der Does: ‘Dat is wat de grootsten in deze markt doen. Als we zulke goede kaarten hebben, moeten we de grootste zijn. Anders heb je je hand niet goed gespeeld. En als we daar niet naartoe groeien, wat zie ik dan over het hoofd? En als die hand niet goed is, wat missen we dan? En hoe krijgen we dat erin?’

Als we zulke goede kaarten hebben, moeten we de grootste zijn. Anders heb je je hand niet goed gespeeld.

U vertrok 20 jaar geleden bij de uitgever Reed Elsevier omdat het voor u te traag ging. U wilde ‘knallen’. Is dat nog altijd de mindset?

Van der Does: (lacht) De mindset is zeker om te knallen. We hebben geen banklicentie genomen omdat onze producten dat nodig hadden, maar omdat we in een heel duidelijk, sterk gedefinieerd framework wilden zitten. Dan kennen we de regels, dan zorgen we dat we daaraan voldoen. Die voorspelbaarheid is voor ons heel belangrijk. Als je in een wat vrijer kader zit, gaan de regulators steeds nieuwe regels opleggen. Dat is meer onverwacht en leidt tot meer afleiding. Je kan proberen dat te negeren, maar dat werkt vertragend. We doen het andersom. Als je wil knallen, moet je het omarmen.’

Bent u risicomijdend?

Van der Does: ‘Ik denk dat heel veel ondernemers als risicozoekers worden gezien, maar in feite risicomijdend zijn. Je moet een bepaald risico nemen en daar hoort een zekere returnverwachting bij. Maar je maakt geen wilde beweging waarvan de uitkomst zeer onbekend is. We maken producten, er is geen 100 procent kans op succes. Maar de ondernemers die ik ken, zijn geen gokkers. Die zijn juist heel gecontroleerd en ze proberen risico’s te verminderen.’

Wat is een eventuele bedreiging voor Adyen?

Van der Does: ‘Je moet goed kijken naar wat je succesvol heeft gemaakt en daarin blijven investeren. We moeten niet opeens tevreden met onszelf worden. The hunger, het willen knallen, dat is wel heel belangrijk.’

Stoom u klaar voor het leven postcorona: neem deel aan de webinars van De Tijd

Wat is het corona-effect op uw werk en klantenrelaties? Zijn uw vaardigheden nog up-to-date sinds thuiswerk de norm werd? En hoe gaat u om met coronastress? Tijdens vier webinars bevraagt De Tijd experts, en zijn we benieuwd naar uw ervaringen.

Het nieuwe hybride werken: hoe bouwt u een organisatie rond thuiswerk? (21 oktober)
met Ann Caluwaerts, executive vice-president people, brand & corporate affairs bij Telenet.

Hoe vindt u de weg naar klanten nu onlinecontact de norm is? (28 oktober)
met Steven Van Belleghem, marketingconsultant, -auteur en -spreker bij Nexxworks

Welke competenties hebt u nodig op de postcorona-arbeidsmarkt? (4 november)
met Wim Adriaens, gedelegeerd bestuurder VDAB, en experts Jan Wilmots, Ulrich Petré en Veerle Torrekens

Hoe houdt u tijdens een pandemie het hoofd boven water? (12 november)
met Tine Daeseleire, CEO van The Human Link

Lees verder

Advertentie
Advertentie