De verborgen factuur van het koninklijk vastgoed

De premier moet via de Regie der Gebouwen het kasteel van Hertoginnedal in Oudergem huren van de Koninklijke Schenking om er buitenlandse staatshoofden en andere hoge gasten te verwelkomen. ©Alexander Dumarey/VRT

Liefst 7.500 hectare aan bossen, gronden en 77 gebouwen zijn in handen van de Koninklijke Schenking. We lichtten voor het eerst dit patrimonium door en zochten uit wie de miljoenenfacturen betaalt.

Het begon allemaal op 9 april 1900. Op zijn 65ste verjaardag schreef koning Leopold II een brief aan de minister van Financiën. ‘Ter gelegenheid van mijn 65ste verjaardag wens ik de Staat mijn eigendommen te overhandigen die bijdragen aan de aantrekkelijkheid en de schoonheid van de plaatsen waar ze zich bevinden’, luidde het. Het leek een nobele geste van de koning, maar er moest wel een ongeziene constructie worden opgezet: de Koninklijke Schenking.

Immo royal 

De Koninklijke Schenking is een unieke constructie in de wereld die 7.500 hectare vastgoed beheert. Journalisten van De Tijd, Knack, Apache en VRT NWS voerden voor het eerst in 90 jaar diepgaand onderzoek naar haar patrimonium.

Lees er alles over op www.tijd.be/immoroyal. Een overzicht van alle eigendommen vindt u op www.koningshuizen.be.

Het parlement besefte destijds al dat die constructie inging tegen de grondwet en de regels van het burgerlijk recht. Want de koning hoefde op die manier geen successierechten te betalen op alle eigendommen die hij naliet. Terwijl de troonopvolgers verschillende eigendommen nog verder mochten gebruiken, niet alleen om te wonen, ook bijvoorbeeld als buitenverblijf aan zee of om te jagen. Het leek een signaal dat koning Leopold II boven de wet stond. Toch gingen de parlementsleden overstag, gelet op ‘het grootse gebaar’ van de koning.

Naast het grondwettelijk probleem was er nog een andere kwestie: wie zou de miljoenenfactuur gaan betalen voor dat gigantische patrimonium? Want koning Leopold II eiste dat de eigendommen hun oorspronkelijke bestemming en grandeur bewaarden. Tot 1929 werd niet gezeurd dat de Koninklijke Schenking bakken geld kostte aan de staat. Niemand had er echt een duidelijk zicht op. De kosten waren verspreid over verschillende ministeries en over de inkomsten werd nog geen boekhouding bijgehouden.

Zelfbedruipend

Dat veranderde allemaal met een Koninklijk Besluit van 1930, dat van de Koninklijke Schenking een ‘zelfstandige openbare instelling’ maakte. De Schenking moest financieel volledig zelfbedruipend zijn. Of zoals artikel 1 van het Koninklijk Besluit het formuleerde: ‘Deze instelling moet al hare uitgaven bestrijden met de middelen waarover zij beschikt, zonder lasten voor de Openbare Schatkist.’

Maar hoe staat het vandaag met de Koninklijke Schenking? Wat is er al die jaren in werkelijkheid gebeurd? Wie betaalt de miljoenenfactuur? Wie profiteert van al dat vastgoed? Dat hebben journalisten van vier Vlaamse media - De Tijd, Knack, Apache en VRT NWS - anderhalf jaar onderzocht. Voor het eerst in 90 jaar hebben we een diepgravend journalistiek onderzoek gevoerd naar de Koninklijke Schenking, onder de titel ‘Immo Royal’. Dat was geen sinecure, want de Schenking heeft tot nu amper informatie publiek gemaakt.

De jaarrekening van de Koninklijke Schenking beslaat maar zes pagina’s. Opvallend weinig voor zo’n immens patrimonium aan vastgoed.

We hebben een karrenvracht documenten opgevraagd op basis van de wet op de openbaarheid van bestuur. In eerste instantie de jaarrekeningen van de Koninklijke Schenking. Eerste vaststelling: elke jaarrekening bevat maar zes pagina’s, met een minimum aan cijfers en geen details. Dat is opmerkelijk als je weet dat er 7.530 hectare aan vastgoed mee gemoeid is, maar misschien minder verwonderlijk als je weet dat slechts twee mensen instaan voor de centrale administratie, hoewel de Schenking 102 mensen in dienst heeft, veelal onderhoudspersoneel.

Als we de jaarrekeningen uitpluizen, valt op dat de Koninklijke Schenking weinig kosten maakt voor ruim 7.500 hectare vastgoed. In 2018 ging het om 6,45 miljoen euro. En de vorige vier jaren was dat nog minder: soms amper 5,8 miljoen euro. Daarvan gaat meer dan een half miljoen euro al naar de eigen werking.

Als we kijken voor welke eigendommen kosten zijn gemaakt, blijkt het om een fractie van alle gronden en gebouwen te gaan. Eigenlijk gaat het vooral om panden waar de koninklijke familie van geniet. Zo ging vorig jaar bijna de helft van de kosten (2,91 miljoen euro) naar het koninklijk domein van Laken, dat nog geen 2 procent van het totale patrimonium uitmaakt. Nog een grote hap ging naar het kasteel van Ciergnon, het buitenverblijf van de koning.

De belastingbetaler

Wie draait dan wel op voor de kosten van al dat koninklijk vastgoed? De overheid, lees: u, de belastingbetaler. Alleen gebeurt dat zodanig versnipperd over verschillende overheden - van de Belgische staat tot gewesten en gemeenten - dat niemand het totaalbedrag kent. Wij onderzochten alle eigendommen van de Schenking en in bijna alle gevallen is het adagium dat anderen voor de kosten opdraaien.

Het Chinees paviljoen ©Alexander Dumarey/VRT

Het aantal eigendommen van de Schenking waarvoor de belastingbetaler betaalt, is bijna even lang als de volledige lijst met koninklijk vastgoed die we in kaart brachten. De renovatie van de Japanse Toren en het Chinees Paviljoen in Brussel kosten de Belgische belastingbetaler meer dan 3 miljoen euro. Ook de serres van Stuyvenberg worden vanaf volgende maand heropgebouwd. De Brusselse belastingbetaler zal dat bekostigen. Leefmilieu Brussel zal de Belgische staat een factuur van 329.000 euro laten betalen om alleen al het dak te restaureren van een conciërgewoning aan de Koloniale Tuin, hoewel de Schenking die woning bezit.

Ook de nieuwe beveiligingsinstallatie voor het domein van Ciergnon, goed voor 700.000 euro, was voor rekening van de federale overheid. De heraanleg van het Leopold II-park kostte de stad Nieuwpoort bijna 1,6 miljoen euro. Ook het onderhoud komt elk jaar op conto van de stad. De lijst is ellenlang.

Vaak zijn daarover lang geleden afspraken gemaakt. Zo is in 1992, nog door toenmalig premier Jean-Luc Dehaene, een akkoord gesloten, dat nog loopt tot 2022, over acht parken en tuinen van de Schenking in het Brusselse, zoals de Koloniale Tuin en het Elisabethpark. Het contract verplicht de Schenking tot niets: de Brusselse regering neemt het volledige onderhoud op zich, inclusief de aankoop van planten, bewaking en verlichting, terwijl Dehaene instemde dat de volledige factuur voor de belastingbetaler is.

Volgens de gedelegeerd bestuurder van de Schenking, Philippe Lens, zijn er telkens goede redenen waarom overheden toch bijdragen in de kosten: omdat het zo is afgesproken in huurovereenkomsten, of omdat het gaat om bestemmingen van algemeen belang en het beheer is overgedragen aan de staat. Waarom is het dan in enkele gevallen toch anders geregeld? Zo heeft het Brussels Gewest in 2006 wel een contract gesloten dat de Schenking verplicht elk jaar 125.000 euro bij te dragen voor het onderhoud van haar Dudenpark in Vorst. Het kan dus wel anders?

Er zijn telkens goede redenen waarom overheden toch bijdragen in de kosten van onze eigendommen.
Philippe Lens
Gedelegeerd bestuurder van de Koninklijke Schenking

Er stroomt trouwens ook Europees belastinggeld naar de Koninklijke Schenking. De voorbije vijf jaar kreeg die meer dan 430.000 euro aan Europese landbouwsubsidies. Dat zit zo: de Schenking bezit 1.650 hectare landbouwgrond in de Ardennen. Die werd traditioneel verhuurd of verpacht aan plaatselijke landbouwers. Maar de Schenking heeft wat anders bedacht: alle pachtgronden die vrijkomen, neemt de Schenking zelf in beheer om aanspraak te maken op landbouwsubsidies. Daarvoor is die Europese steun niet echt bedoeld, maar zo kan de Schenking meer verdienen aan de gronden dan als ze die verhuurt voor pakweg 150 euro per hectare. En de Europese subsidiestroom kan de volgende jaren nog fors oplopen als je weet dat de Schenking nog maar 150 van de 1.650 hectare landbouwgrond in eigen beheer nam.

Hertoginnedal

Immo royal

Heeft de Koninklijke Schenking dan zelf geen geld? Toch wel. Op een rekening bij Bpost Bank heeft ze een spaarpotje van 35,64 miljoen euro, waaraan de voorbije jaren amper is geraakt. Want de Schenking haalde vorig jaar ook ruim 6,97 miljoen euro aan inkomsten binnen. Die kwamen vooral uit de verhuur van vastgoed, goed voor meer dan 4,5 miljoen euro.

Als we die huurinkomsten onder de loep nemen, blijkt duidelijk dat koning Leopold II dat gigantische patrimonium niet echt ‘geschonken’ heeft aan de staat. Het is zeker geen eigendom van de staat. Want de federale overheid is zelf gewoon huurder bij de Koninklijke Schenking. Zo huurt de Belgische staat via de Regie der Gebouwen het Brusselse kantoorgebouw ‘4 Bras’, dat op een grond van de Koninklijke Schenking ligt. Het leverde de Schenking alleen al vorig jaar ruim 625.000 euro aan huurinkomsten op.

Ook de eerste minister moet via de Regie der Gebouwen het kasteel van Hertoginnedal in Oudergem huren van de Schenking om er buitenlandse staatshoofden en andere hoge gasten te verwelkomen. De belastingbetaler betaalt daarvoor elk jaar 100.000 euro huurgeld aan de Schenking. Maar als er kosten zijn aan het kasteel, bekostigt de belastingbetaler die ook, bepaalt het huurcontract. Zopas is het buitenschrijnwerk van Hertoginnedal gerenoveerd, onder andere 120 ramen. Kostprijs: 637.000 euro. De Regie der Gebouwen heeft dat volledig betaald, niet de Schenking.

Buysse en Noels

Wie deelt dan de lakens uit bij de Koninklijke Schenking? Verschillende insiders laten er geen twijfel over bestaan dat de koninklijke familie alles beslist. Er is wel een tienkoppige ‘beheerraad’ met graaf Paul Buysse als voorzitter. Maar behalve de topman van Financiën, Hans D’Hondt, en de econoom Geert Noels zitten daar ook al vier (gewezen) gezanten van het hof in. We vroegen de verslagen op van de beheerraad, maar kregen ze nooit te zien.

Insiders bevestigen ons dat de Schenking alleen op papier autonoom is. In werkelijkheid is de invloed van de koninklijke familie enorm. Alle beslissingen worden afgetoetst met het paleis. Geen wonder dus dat het geld van de Schenking vooral vloeit naar domeinen waar het koningshuis zelf van profiteert.

Natuurlijk gebruikt de koninklijke familie allerlei trucs om kosten af te wentelen. Maar wie kan hen tegenhouden?
Een insider getuigt anoniem

Terwijl de verzuchtingen van de koninklijke familie soms oneindig lijken. ‘Natuurlijk gebruikt ze allerlei trucs om kosten af te wentelen. Maar wie kan hen daarin tegenhouden?’, vertelt een insider. ‘Als je het kasteel van Ciergnon op en top wil renoveren, kan je daar ettelijke miljoenen aan spenderen. Dat geld is meteen opgesoupeerd. Overdrijven ze? Dat is moeilijk te zeggen. Wat is nodig en wat is luxe? Er wordt dan gezegd: het gaat hier wel over het staatshoofd. Tja, je hebt er intussen al meerdere: de oude koning, de huidige, de kroonprinses… Want ook koning Albert en zijn andere kinderen, prins Laurent en prinses Astrid, betalen geen huur om te wonen in de kastelen en villa’s van de Schenking. Waar eindigt het?’

Journalisten van De Tijd, Knack, Apache en VRT NWS voerden voor het eerst in 90 jaar diepgaand onderzoek naar het patrimonium van de Koninklijke Schenking. Een overzicht van alle eigendommen vindt u op www.koningshuizen.be.

Lees verder

Advertentie
Advertentie