Slachtoffers van medische fouten staan vaak in de kou

Fouten met implantaten gebeuren. De slachtoffers worden amper gehoord. ©Filip Ysenbaert

Weet u waar u terechtkunt als het fout loopt op de operatietafel? Bij uw arts, het ziekenhuis of het ziekenfonds? Of bij de verzekering? Bitter weinig mensen weten wat te doen bij een medisch ongeval, waardoor hun probleem niet wordt opgelost.

DOSSIER IMPLANT FILES

Ruim 250 journalisten over de hele wereld onderzochten samen 8 miljoen documenten, de ‘Implant Files’. Alle artikels over het internationale onderzoek naar medische implantaten leest u in dit dossier.

Een stent in de bloedvaten, een medicijnenpompje of een borstimplantaat. Dagelijks worden tal van medische toestellen ingeplant. Soms gaat het mis en werkt het allemaal niet zoals verwacht. Heeft de arts een fout gemaakt? Of is er een technisch defect aan het apparaatje? Dat is niet altijd vanzelfsprekend uit te maken. Maar voor de patiënt maakt het weinig uit. Hij wil vooral geholpen worden.

Waar kan de patiënt terecht? Overal en nergens, zo blijkt. De patiënt belandt meestal in een doolhof van aanvragen en procedures en het duurt jaren voor hij een oplossing krijgt aangeboden. Als die er al komt. Er bestaat ook niet zoiets zoals een nationaal register waar artsen, ziekenhuizen of verpleegdeskundigen ongevallen melden. Hoeveel medische blunders per dag of per jaar exact gebeuren in België weet eigenlijk niemand. Maar dat het regelmatig fout loopt, staat buiten kijf.

Roel, een fictieve naam voor een man met een echt gebeurd verhaal, woont in een gelijkvloerse appartement in Wezembeek. Hij mankt en stapt moeizaam op krukken sinds een mislukte heupoperatie. De chirurg heeft niet de geschikte prothese gebruikt en heeft ook niet helemaal precies de juiste afmetingen genomen, waardoor zijn ene been langer is dan het andere. Na vier operaties die het euvel moesten herstellen, maar uiteindelijk enkel nog meer leed hebben veroorzaakt, is Roel verbitterd. Hij heeft al 50.000 euro uitgegeven aan advocaten, maar nog geen enkele arts heeft durven toe te geven dat er een ernstige fout is gebeurd destijds. Meer dan tien jaar geleden ondertussen. Zijn eerste operatie dateert van 2007.

We zouden nog een tijdje kunnen doorgaan. Sinds de start van de Implant Files loopt onze mailbox vol met getuigenissen van patiënten die het slachtoffer werden van een fout veroorzaakt door een implantaat. Zo is er Myriam met een blaasprothese, een soort netje, die amper twee maanden na de ingreep helse pijn kreeg. ‘Alleen wanneer ik rechtsta, heb ik geen pijn’, zegt ze. En Fabiola, met een heupprothese uit kobalt en chroom die haar spieren onherstelbaar aantastte. ‘Ik heb gemaild met het kabinet van minister De Block, zonder reactie. Over de telefoon kreeg ik het verrassende antwoord dat dit niet tot haar bevoegdheid behoorde. Naar mij luistert niemand.’ Ze omschrijft haar leven als ‘een thriller’. Net zoals in de reportage van Netflix, 'The Bleeding Edge', die uit de doeken doet hoe innovaties van implantaten een verwoestende impact kunnen hebben op mensenlevens.

The Bleeding Edge

Negen op de tien medische ongevallen gebeuren in het ziekenhuis, blijkt uit cijfers van het Fonds voor Medische Ongevallen. Vooral in het operatiekwartier loopt het niet altijd zoals gehoopt. Bijna een derde van de problemen situeert zich in de orthopedie, met heupen en knieën. Met als gevolg dat ook een op de vier medische fouten leidt tot letsels die de bewegingsvrijheid van een patiënt aantasten.

Bij 92 procent van de incidenten is ook een arts betrokken, maar het is niet altijd evident om aan te tonen dat de arts een steek liet vallen.

Volgens medische experts die worden opgeroepen door bijvoorbeeld verzekeringsmaatschappijen om de aansprakelijkheid van de arts of het ziekenhuis vast te stellen, is het doorgaans een dunne lijn tussen een medische fout en een complicatie die zich voordoet. Bij een complicatie is het medisch korps niet echt verantwoordelijk. Bij een medische fout wel.

Het probleem is dat de instanties die wel geld krijgen, zoals het Fonds voor Medische Ongevallen en het Vlaams Patiëntenplatform, hun werk niet goed doen.
Denise Vander Weyden
vzw Medisch Falen

‘Toen mijn dochter negen jaar was, moest ze een ingreep aan de lies ondergaan’, vertelt ook Denise Vander Weyden. ‘Ze kwam terug van de operatiezaal met een mutsje op haar hoofd. Bleek dat haar schedel ernstig verbrand was. Tot de derde graad. Niemand kwam iets zeggen. We stonden daar radeloos’, herinnert ze zich. Omdat ze met haar vragen van het kastje naar de muur werd gestuurd, ging ze zelf op zoek. Er ontstond een hele papiermolen met het ziekenhuis, een gerechtsarts en een advocaat. ‘Uit colère’, zoals ze zelf zegt, startte ze vervolgens de vzw Medisch Falen op, een organisatie voor slachtoffers van medische fouten. ‘U moet weten, ik heb een bakkerij. Wel, de controle die ik hier krijg op de hygiëne is heel intensief. Ook mijn klanten rekenen mij af op wat ik verkoop. Waarom is dat dan niet zo in het ziekenhuis? Waarom worden de medische fouten daar zelfs niet geregistreerd en doen ze daar alsof er niets aan de hand is? Dat kan toch niet.’

Twaalf jaar lang hielp Vander Weyden met de vzw Medische Falen mensen die het slachtoffer waren geworden van een medische fout. ‘Zelfs de ziekenfondsen verwezen slachtoffers naar mij door, omdat ik veel ervaring had en de mensen wegwijs kon maken. Ik kan honderden verhalen vertellen van medische vergissingen. Het is schrijnend wat er allemaal gebeurt.’

Desillusie

De patiënt staat vaak in de kou

Maar nu heeft ze de wapens neergelegd. Door een gebrek aan financiële middelen vooral, maar ook uit desillusie. ‘Ik krijg geen subsidies meer. Ergens begrijp ik dat wel. Ik heb mijn bakkerij en leid de vzw maar als vrijwilliger. Ik kreeg hier en daar wel hulp, maar dat is onvoldoende. Het probleem is dat de instanties die wel geld krijgen, zoals het Fonds voor Medische Ongevallen en het Vlaams Patiëntenplatform, hun werk niet goed doen. Waardoor ik nog steeds heel veel telefoons ontvang.’

Als we haar vragen of we enkele namen van getuigen kunnen krijgen, zodat we beter in de verf kunnen zetten hoe patiënten in de kou blijven staan, weigert ze. ‘Het is altijd hetzelfde. Getuigen. Er zijn er genoeg, ik heb hier mappen vol, maar daar lossen we het probleem niet mee op. U zou beter eens gaan kijken bij het Fonds voor Medische Ongevallen. Waarom zijn ze daar niet in staat de mensen te helpen?’

4.725
FMO
Het Fonds voor Medische Ongevallen heeft sinds zijn ontstaan in 2012 4.725 dossiers ontvangen van medische blunders. Nog maar de helft daarvan is opgelost.

Minister van Volksgezondheid Maggie De Block riep in 2012 het Fonds voor Medische Ongevallen (FMO) in het leven. Ze stopt er jaarlijks 22 miljoen euro in, zodat slachtoffers een aanspreekpunt hebben. Het fonds heeft sindsdien 4.725 aanvragen voor hulp binnen gekregen. Dat zijn er meer dan 600 per jaar of zo’n twee per dag. Dat is amper het topje van de ijsberg, want het fonds is weinig bekend en het slabakt. Het proces voor een vergoeding door het fonds is even lang als een rechtszaak. ‘We hebben drie jaar nodig’, gaf Mia Honinckx, directeur van het FMO, vorige week nog toe tijdens een persconferentie.

Het fonds heeft net een audit van de federale overheidsdienst Volksgezondheid achter de rug. Die legde bloot dat de aanpak van het fonds dringend moet veranderen, omdat het met een flinke achterstand kampt. Amper de helft van de dossiers is afgerond. Er komt nu nog een tweede doorlichting, van het Rekenhof. ‘Onze procedures worden tegen het licht gehouden’, klinkt het.

Heel opvallend: 80 procent van de aanvragen die het FMO behandelde, wordt bestempeld als ‘een complicatie’. Geen medische fout dus. Geen ongeval. Geen verantwoordelijkheid. Geen aansprakelijkheid. Niemand die de blunder op zich neemt.

Complicaties

Tips

Enkele aanbevelingen voor patiënten, geïnspireerd door de Netflix-documentaire The Bleeding Edge

- Doe wat onderzoek naar het medisch toestel of prothese dat de arts van plan is bij u in te brengen. Vraag naar de voor- én nadelen van het product. Ga eventueel langs bij een andere arts, in een ander ziekenhuis, voor een tweede mening.

- Een nieuw product is niet altijd beter, omdat het niet genoeg is geweten hoe patiënten het verdragen, bij gebrek aan jarenlang onderzoek. Pols naar de ervaring van de arts met het product. Hoeveel operaties heeft hier reeds mee gedaan? Op hoeveel patiënten?

- Probeer iemand van uw familie of vriendenkring mee te nemen wanneer u naar het ziekenhuis moet. Die kan u helpen en is getuige van wat er wordt gezegd en van wat er gebeurt.

- Kijk even na op Betransparant.be of uw arts geld heeft ontvangen van een medtechbedrijf.

- Aarzel niet om bijwerkingen of onzekerheden over uw gezondheid te melden aan uw arts. Zelfs maanden of jaren later.

Medische complicaties horen er nu eenmaal bij, krijgen de meeste slachtoffers dus te horen. Nalatigheden gebeuren immers overal… Hoe het lichaam zal reageren op een extern toestel, is moeilijk te voorspellen. De arts erkent de fout veelal niet, uit schrik zijn gezicht te verliezen. Trouwens, als het om een vergissing gaat met een implantaat, kunnen de arts en het ziekenhuis hun aansprakelijkheid afwimpelen op de fabrikant van het medisch toestel. Waardoor de verzekeraar van het bedrijf moet worden gecontacteerd. Geen eenvoudige klus, want medtechbedrijven zijn meestal mastodonten die over een legertje verzekeraars en advocaten beschikken waar de patiënt niet tegen opgewassen is.

Neem het PIP-verhaal met de lekkende borstimplantaten, in 2010. Al werd de malafide fabrikant veroordeeld, toch zijn nog steeds gerechtelijke procedures aan de gang, onder andere tegen het Duitse TÜV, dat de kwaliteitscontroles uitvoerde. Waardoor de slachtoffers het wachten beu waren en de Belgische overheid uiteindelijk zelf de patiënten heeft vergoed.

De verzekeraars blijven liever ver weg van medische ongevallen. Opnieuw, omdat het absoluut niet vanzelfsprekend is om te duiden wat fout is gegaan, en wie dus verantwoordelijk is. Terwijl een verzekeringsmaatschappij alleen schade vergoedt als de aansprakelijkheid van de arts, het ziekenhuis of het product glashelder is. Meer uitleg daarover wimpelen de verzekeraars af. Een concrete navraag bij een verzekeringsmaatschappij over een specifieke getuigenis van een slachtoffer leverde botweg dit antwoord op: ‘Wij vinden dit dossier niet terug.’

Advocaten

En advocaten? Die zijn doorgaans de laatste uitweg voor een patiënt. De statistieken van het Fonds voor Medische Ongevallen liegen er niet om. De slachtoffers zelf zijn goed voor 66 procent van de aanvragen, en net geen 16 procent van de dossiers komt binnen via een advocaat. Het probleem is dat een gerechtelijke procedure een stevig dossier vereist, met doktersverslagen, medische rapporten, bewijsmateriaal - eerlijk, dacht u er in het ziekenhuis aan dat allemaal mee te nemen naar huis? - en een redelijke schatting van de geleden schade. Wie daarvoor gaat, moet kunnen bewijzen waar, hoe en wanneer en door wie het juist fout liep. Zo’n procedure kan jarenlang aanslepen en is daarom slopend én duur.

Volgens advocaat Raf Van Goethem is het niet ongebruikelijk dat zulke juridische procedures tien tot vijftien jaar aanslepen. 'Met hoger beroep inbegrepen. Je zit immers met verschillende partijen, er is een expertise nodig, besluiten moeten worden uitgewisseld, dat heeft allemaal tijd nodig.' Van Goethem is vennoot bij het Leuvense advocatenkantoor Dewallens & Partners. Hij wijst erop dat het Fonds voor Medische Ongevallen niet tussenkomt wanneer de schade is veroorzaakt door een gebrek aan het medisch product. ‘Dan is de wet op de productaansprakelijkheid van toepassing.'

De situatie van een medisch ongeval is natuurlijk nooit eenvoudig. In een ziekenhuis, en al zeker in een operatiekwartier, lopen mensen af en aan. Het is een complexe organisatie die draait om mensen. En missen is menselijk. Daarom is er een hoge nood aan het oplijsten van medische blunders met implantaten. Dat zou al een begin zijn.

 

Waar kan de patiënt terecht?

Bij een medische fout?

- de arts. Gaat het om een plicht die de arts niet is nagekomen, en was de dokter bijvoorbeeld dronken, dan kan de Orde van Artsen worden ingeroepen.

- het ziekenhuis, dat meestal over een ombudsdienst beschikt en het euvel eventueel kan verhalen op de aansprakelijkheidsverzekering van de arts of het ziekenhuis. Meestal eindigt deze procedure in een minnelijke schikking. Let wel, het is hier aan de patiënt om zelf de fout te bewijzen en om aan te tonen dat er schade is geleden.

- het ziekenfonds, dat alleen advies en juridische bijstand kan geven.

- het Vlaams Patiëntenplatform, dat enkel de opties opsomt, maar niet tussenkomt.

- het Fonds voor Medische Ongevallen, dat kan worden ingeschakeld wanneer de arts of het ziekenhuis niet aansprakelijk is voor de schade. Met andere woorden: wanneer de arts of het ziekenhuis geen fout heeft begaan.

- de rechtbank: de arts start een moeizame, lange en dure gerechtelijke procedure waar hij of zij zelf de fout moet duiden en staven. Alleen wie een overduidelijk dossier heeft, maakt in dit geval kans op een schadevergoeding.

Advertentie
Advertentie