Nergens zonder weg in Knokke

©Rik Van Puymbroeck

Verdwalend in eigen land kijkt Rik Van Puymbroeck deze zomer naar wat verwondert en soms overdondert.

KNOKKE. Over zijn coronawandelingen aan zee schreef fotograaf Stephan Vanfleteren een geweldig mooi boek. Er staat niet één foto in, maar inlanders leren dat zeevonk bestaat en stappen in lieslaarzen mee de golven in: ‘Ik volg in het duister de aankomende golf en kan alleen maar hopen dat er veel oplichtende zeevonk in het schuim opflakkert.’
In de straten van Knokke, waar de fotograaf niet rondloopt, zijn op een andere avond de lichten bijna overal gedoofd. Van vonk is geen sprake, veel volk is er niet, er is alleen de straatlamp die de schaduw van een boompje op een rolluik projecteert. Persienne zeiden we vroeger, meervoud persiennen. Knokke heeft geen meervoud en het knokken ziet de burgemeester liever in Blankenberge gebeuren. Het Zoute wil ’s avonds rust.
De laatste zinnen in ‘Dagboek van de fotograaf’ gaan zo: ‘Het is tijd om te gaan. Naar mijn bed, naar mijn vrouw. De kilte wordt uit mijn botten verdreven. En de liefde wordt verdreven.’ Dat herkennen zeelieden, landmensen en Knokkenaars. Daarom zijn de persiennen dicht.

Lees verder

Advertentie
Advertentie