Nergens zonder weg in Oostende

Nergens zonder weg in Oostende. ©Rik Van Puymbroeck

Verdwalend in eigen land kijkt Rik Van Puymbroeck deze zomer naar wat verwondert en soms overdondert.

OOSTENDE. Zoveel mensen schreven lovend over Oostende en zoveel mensen aten garnaalkroketten in Brasserie du Parc. Ze kochten een boek bij Corman en gingen ’s avonds luisteren in het Casino-Kursaal. Volgend voorjaar treden Adamo, Umberto Tozzi en Patricia Kaas er op. Natuurlijk is dit de stad van James Ensor en Léon Spilliaert en de stad waar Joseph Roth verbleef. De geboorteplaats van Arno. Oostende bonsoir.
Achter de hutjes ligt de zee, eeuwig aanrollend, altijd water en golven genoeg. Herr Seele, die er woont, schildert de zee niet ‘omdat die te veel beweegt’, schreef Koen Peeters in ‘Kamer in Oostende.’ Het is eigenlijk waar. Hoe leg je beweging vast met een penseel? Makkelijker is leegte, stilstand, zeg maar deze tristesse. Als het regent, niemand zin heeft een go-cart te huren bij Linda of in een ijsje van Martine. Als de zomer voorbij lijkt. ‘In september hebt ge nog goeie dagen,’ klinkt dan als troost, maar ach, zwijg toch. Vertel maar niets over de charme van de regen en hoe grijs ook een kleur is. Kijk. En ril.

Lees verder

Advertentie
Advertentie