analyse

Charles Michels zevenmijlslaarzen bleken gewone derbyschoenen

©Filip Ysenbaert

Premier Charles Michel hoopte de geschiedenisboeken in te gaan als de eerste minister die het land op orde zette. Na vijf moeilijke jaren bleken de zevenmijlslaarzen waarmee hij zijn hervormingen wilde doorvoeren deftige kantoorschoenen te zijn. Aflevering 1: Waar staan we na vijf jaar?

In sprookjes zoals Klein Duimpje maar ook in de tragedie Faust van Johann Wolfgang von Goethe worden zevenmijlslaarzen gebruikt om rapper te kunnen lopen. Het zijn die snelle benen, zoals Goethe de laarzen omschrijft, waarmee premier Michel door de afgelopen legislatuur hoopte te rennen. België mocht niet langer een Europees probleemland zijn, maar het moest aansluiting vinden bij de Europese top. Hij, de jeune premier die op zijn 38ste eerste minister werd, wilde de hervormingskoning worden. ‘Ik wil dat mijn kinderen kunnen zeggen dat we in deze legislatuur het land hebben voorbereid op de toekomst’, klonk het het twee jaar geleden in een interview in De Tijd.

Michels liberale MR stapte als enige Franstalige partij in een federale regering waar de Franstalige socialisten voor het eerst sinds 1988 geen deel van uitmaakten. Bovendien deed hij dat met de N-VA, die tot dan in Franstalig België als de baarlijke duivel werd weggezet omdat ze het land wil splitsen. De federale ploeg, waar ook CD&V en Open VLD deel van uitmaakten, werd de kamikazeregering genoemd. Bij de PS gingen ze ervan uit dat het experiment faliekant zou mislukken. Bij de MR oordeelden ze dan weer dat ze niet konden verliezen. Als enige Franstalige regeringspartij zou ze veel airplay krijgen, het hervormingswerk zou lof krijgen toegezwaaid en bij de volgende verkiezingen 30 procent van de stemmen opleveren.

Reeks | De stand van het land

De regering-Michel stelde zich bij haar aantreden tot doel ons land uit het sociaal-economische moeras te trekken. Is ze in haar opzet geslaagd? De Tijd maakt vanaf vandaag de balans op van vijf jaar Michel I. Volgende aflevering: hoe staan we er financieel voor?

Noch de PS, noch de MR heeft helemaal ongelijk gekregen. De federale regering heeft hervormd. En ze is ook gevallen, al was het vier jaar later dan ze in het PS-hoofdkwartier hadden gehoopt. De liberale 30 procentdroom is allang vervlogen. Bij Michel zelf is er veel teleurstelling. In de Vlaamse partijen, die hem door hun geruzie meermaals in de problemen brachten. In de N-VA, die na de heisa over het migratiepact uit de regering verdween. In de media, die zijn hervormingswerk in zijn ogen te weinig waarderen.

Noem een hervormingswerf en de regering-Michel krijgt er kritiek voor. De vakbonden blijven stormlopen tegen de sociaal-economische hervormingen en de koopkrachtroof die in hun ogen heeft plaatsgevonden. Het migratiebeleid was volgens links veel te rechts en volgens rechts veel te links. Ex-staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) en diens opvolger Maggie De Block (Open VLD) vechten een open oorlog uit. Zij beschuldigt hem ervan chaos te hebben gezaaid. Hij beschuldigt haar ervan een nieuwe migratiecrisis te creëren. Ondertussen liepen duizenden mensen storm om een oplossing voor het klimaat te eisen.

Van het enthousiasme en de hoge verwachtingen waarmee centrumrechts uit de startblokken schoot, schiet weinig over. Maar hoe zullen de geschiedenisboeken oordelen over de afgelopen vijf jaar? Wat blijft over van het voornemen het land sociaal-economisch op orde te zetten? De regering-Michel zou de concurrentiekracht van onze bedrijven herstellen, de jobmotor doen aanslaan, de vergrijzing betaalbaar houden en de begroting in evenwicht brengen. In één beweging wilde ze ook de ambtenarij efficiënter doen werken, het veiligheidsapparaat aanpakken, een stevig migratiebeleid op poten zetten, justitie beter doen functioneren, orde scheppen bij de NMBS en ons land voorbereiden op de kernuitstap in 2025. ‘Dit is een hervormingsregering’, vertelde Michel tijdens zijn regeringsverklaring in 2014. ‘We wachten niet tot de toekomst ons overvalt. We kijken de toekomst recht in de ogen.’

Pestmaatregelen

Het minste dat je kan zeggen, is dat de kritiek uit ondernemershoek, die onder de regering-Di Rupo zo luid klonk dat het begrip klagende ondernemers een staande uitdrukking werd, is verstomd. Links en de vakbonden zeggen zelfs dat de ondernemers aan de stuurknuppel zaten. Er werd komaf gemaakt met een reeks ‘pestmaatregelen’ voor bedrijven van de regering-Di Rupo. Door de indexsprong, beperkte loonstijgingen en de taxshift werd de loonkostenhandicap die ons land sinds 1996 tegenover de buurlanden heeft opgebouwd weggewerkt, al blijft er een historische kloof. Ondernemingen betalen minder socialezekerheidsbijdragen op de lonen van hun werknemers en zien hun winst minder worden belast.

Uit een studie van Vives, een onderzoekscentrum van de KU Leuven, bleek dat de private jobcreatie daardoor veel hoger ligt. In totaal kwamen er deze legislatuur meer dan 230.000 banen bij, waarvan ongeveer de helft in de privésector. Meer dan de helft van die private banen zijn volgens de onderzoekers op het conto van de regering te schrijven. Een belangrijke kanttekening is wel dat we inzake het aantal gecreëerde jobs nog altijd achteraan het Europese peloton hangen. Een andere is dat de taxshift een gat slaat in de begroting, waardoor ze per gecreëerde baan een dure maatregel is.

Tegelijk kwamen er hervormingen die de vergrijzing betaalbaar moeten houden. De wettelijke pensioenleeftijd gaat in 2025 en 2030 telkens met een jaar omhoog en het vervroegd en het brugpensioen werden afgebouwd. De vergrijzingsfactuur werd volgens de Vergrijzingscommissie drastisch teruggedrongen. Met die hervormingen in het achterhoofd klopte Michel zich halfweg de legislatuur op de borst. ‘Geen enkele regering heeft de voorbije 25 jaar meer gerealiseerd’, klonk het.

De regering-Michel werd ook een crisisregering. Eerst door de vluchtelingencrisis van 2015, toen België meer asielzoekers binnenkreeg dan ooit tevoren. En zeker toen in maart 2016 35 mensen stierven door de zelfmoordaanslagen op de metro in Brussel en de luchthaven van Zaventem. De focus van het beleid kwam daardoor meer op veiligheid en identiteit te liggen. Er was lof voor de serene aanpak, niet alleen van premier Michel, maar ook van minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA). Op een straffe uitspraak na - ‘een significant deel van de moslimgemeenschap danste na de aanslagen op straat’ - reed Jambon een vrij vlekkeloos parcours. De Vlaams-nationalist, die bij de start van de regering in Franstalig België nog als een halve fascist werd gezien, werd zelfs populair in het zuiden van het land.

Op korte tijd zette de regering-Michel zo een aantal stevige verwezenlijkingen neer. De resultaten werden evenwel overschaduwd door het aanhoudende gekibbel tussen de Vlaamse coalitiepartners. CD&V kwam steevast in botsing met Open VLD en de N-VA. Die twee laatsten wilden verder gaan met de sociaal-economische hervormingen, terwijl die voor de christendemocraten meestal te ver gingen. Voor CD&V is het middenveld belangrijk en dat kwam massaal in opstand tegen de moeilijke maatregelen die de regering nam. In november 2014 betoogden 120.000 mensen in Brussel tegen het regeringsbeleid en een maand later volgde een stakingsgolf.

De mooie resultaten van Michel I werden overschaduwd door het aanhoudende gekibbel tussen de Vlaamse coalitiepartners. CD&V kwam steevast in botsing met Open VLD en de N-VA. ©jonas lampens

Dat leidde ertoe dat, terwijl de N-VA en Open VLD stevig wilden doorduwen, CD&V-vicepremier Kris Peeters op de rem stond. Op een interne partijmeeting liet N-VA-voorzitter Bart De Wever zich ontvallen dat ‘de zaken ingewikkelder worden als een van de vier partners op de bagagedrager belandt, en zeker als hij daarbij met zijn voet op de achterband duwt’. Onder druk van de sociale partners werden maatregelen zoals de verstrenging van het brugpensioen, officieel het stelsel van werkloosheidsuitkeringen met een bedrijfstoeslag (SWT), meer gespreid in de tijd. De wet-Peeters, die onze arbeidsmarkt flexibeler moest maken, werd onder druk van de straat helemaal verwaterd.

Het kantelpunt kwam er in de zomer van 2016. De meerderheidspartijen probeerden een zomerakkoord te sluiten over de hervorming van de vennootschapsbelasting en de invoering van een vorm van vermogensbelasting. CD&V oordeelde dat zo’n maatregel nodig was om tegemoet te komen aan de kritiek dat het beleid niet rechtvaardig genoeg was. De hele zomer en een stuk van de herfst werd aan schaduwboksen gedaan. Even, toen Peeters opstapte tijdens een belangrijke vergadering, leek het voortbestaan van de regering in gevaar te zijn. Al was dat volgens de CD&V’er zelf overdreven. ‘Ik ben niet weggelopen, ik ben gewoon niet teruggekeerd’, klonk het laconiek.

Achilleshiel

In oktober 2016 kon Michel ternauwernood een akkoord sluiten, maar van de hervorming van de vennootschapsbelasting of een meerwaardebelasting was er geen sprake. Het akkoord leek het laatste wapenfeit van de regering te worden. Daarna werd het voor Michel almaar moeilijker beslissingen te nemen en het gekibbel ging lustig verder. Insiders getuigden over werkgroepen die het niveau van een kleuterklas niet overstegen.

Een jaar later, in de zomer van 2017, lukte het toch nog een groot zomerakkoord te sluiten. Dat bevatte een hervorming van de vennootschapsbelasting en een effectentaks. Die belasting van 0,15 procent op beleggingsportefeuilles van meer dan 500.000 euro trok CD&V over de streep. Door zijn onverwachte akkoorden kreeg Michel de bijnaam van mirakelpremier.

Tot ieders verbazing bleef hij hervormen, maar die hervormingen hadden hun prijs. Meer en meer werd duidelijk dat de begroting de achilleshiel werd. Bij elke begrotingscontrole werd lucht in de cijfers geblazen. Door de voorafbetalingen van de bedrijven naar voor te schuiven kan de regering-Michel voor 2018 een mooi begrotingsresultaat - een tekort van 0,7 procent van het bruto binnenlands product (bbp) - presenteren. De rekening voor die truc volgt na de verkiezingen, want dit jaar stijgt het tekort al tot 1,7 procent.

1,7%
Nadat het tekort vorig jaar, onder meer door truken, tot 0,7 procent van het bbp beperkt bleef, zal het dit dit jaar weer tot 1,7 procent stijgen.

Vorige zomer hoopte Michel nog een laatste keer te schitteren met een groot akkoord. Waar bedrijven lang klaagden over de te dure arbeid, kregen ze het de afgelopen jaren almaar moeilijker om personeel te vinden. De werkloosheid is tot een recorddiepte gedaald, al betekent dat niet dat er bijzonder veel mensen aan de slag zijn. Ons land blijft met het probleem kampen dat te veel mensen vervroegd uit de arbeidsmarkt stappen en er te veel langdurig zieken zijn.

Met een reeks arbeidsmarkthervormingen wilde de premier daar een mouw aanpassen. Open VLD en de N-VA pleitten voor het beperken van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd. CD&V zag dat evenwel niet zitten. Die onbeperkte werkloosheidsuitkeringen zijn een van de laatste forten die de vakbonden met hand en tand verdedigen. Een compromis werd gevonden in het sneller laten dalen van de uitkeringen en een waslijst kleinere maatregelen voor het activeren van werklozen.

Het akkoord - de arbeidsdeal - botste evenwel op kritiek van arbeidsmarktexperts, economen en de media omdat het vooral voornemens en weinig concrete maatregelen bevatte. In de begroting werd alweer veel lucht geblazen. Het leek op te zijn voor de regering. De media spraken tot grote woede van de premier over een non-akkoord. De econoom Bart Van Craeynest toonde zich bijzonder kritisch over de notie ‘historische hervormers’ die de regering zichzelf toedichtte.

In een interview met De Tijd viel Michel uit zijn rol van staatsman en haalde hij uit naar de ‘pseudo-experts’. ‘Veel commentatoren missen de expertise om het belang van dit akkoord te kunnen inschatten.’ Van Craeynest vertelde volgens de Franstalige liberaal zelfs ‘n’importe quoi’. Het beeld ontstond van een eerste minister die zich door de bevolking misbegrepen voelde. Dat zijn partij het in de peilingen voor de gemeenteraadsverkiezingen niet goed deed, versterkte dat gevoel.

De val

De afloop is bekend. Na de gemeenteraadsverkiezingen kwam het tot een clash over het migratiepact. En deze keer niet tussen de N-VA en de andere Vlaamse partijen, maar tussen de Vlaams-nationalisten en de premier zelf. De N-VA wilde dat pact, dat een internationaal kader bood om migratie beter te beheersen, niet tekenen omdat migratie er volgens de partij te positief in werd beschreven. Ze vreesde ook dat het pact, hoewel juridisch niet bindend, een basis voor uitspraken van Belgische rechters zou worden.

Een van de belangrijkste realisaties van Michel I is het wegwerken van de loonkostenhandicap.

Michel had voor de gemeenteraadsverkiezingen op de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties evenwel al beloofd dat ons land het pact zou valideren en hij wilde, daarin gesteund door CD&V en Open VLD, woord houden. Er volgde een langgerekte crisis, die er in december toe leidde dat de N-VA uit de regering verdween. Eruit geduwd, zeggen de Vlaams-nationalisten. Eruit gestapt, zeggen de andere partijen. Na een dwaze poging om zonder meerderheid in het parlement verder te regeren moest Michel zijn ontslag bij de koning aanbieden. Er werd beslist tot de verkiezingen van 26 mei in lopende zaken te gaan.

Nu de rook is weggetrokken, blijft een genuanceerd beeld over. Onder gunstige omstandigheden - een relatief sterk presterende economie en een lange periode zonder tussentijdse verkiezingen - heeft de regering-Michel meer dan de voorgaande regeringen stenen verlegd. Onze bedrijven hebben hun concurrentiepositie versterkt, wat zich mee dankzij het goede internationale economische klimaat vertaalt in een recordaantal jobs. Na jaren van stagnatie of zelfs daling ziet de Belg zijn koopkracht sinds 2016 weer stijgen. We betalen iets minder belastingen, de overheid geeft minder geld uit en ons pensioensysteem is wat robuuster geworden. Op een aantal werven, zoals in de gezondheidszorg, zijn hervormingen die op de lange termijn moeten renderen in gang gezet. Er is opnieuw een veiligheidscultuur ontstaan, waardoor het land beter gewapend is tegen aanslagen.

Goede voornemens

De grote omslag bleef evenwel uit. De hervorming van het ambtenarenapparaat bleef steken in goede voornemens, net zoals de hervorming van de ambtenarenpensioenen. Ons land is allesbehalve klaar voor de energieomslag. Justitie werkt nog steeds niet zoals het zou moeten. Onze stroeve arbeidsmarkt en nog altijd hoge loonkosten leiden ertoe dat laaggeschoolden en mensen van allochtone origine te weinig aan de bak komen. In vergelijking met andere Europese landen werken er in ons land nog altijd relatief weinig mensen en hun loopbanen zijn bij de kortste van Europa. We zijn een zeer herverdelend land, maar toch zijn we geen topper in armoedebestrijding. Van de hervorming van de NMBS kwam niets in huis.

De regering is op de grenzen van het Belgische systeem gebotst. Door alle ingebouwde weerstanden zijn enkel hervormingen in stapjes mogelijk.

De grootste smet op het blazoen is evenwel de begroting, die op een moment dat de rente laag stond en de economie aantrok niet in evenwicht geraakte. Dat legt een zware hypotheek op de volgende regering, die een tekort van bijna 8 miljard euro erft. Door de vergrijzingsfactuur dreigt dat alleen maar groter te worden. Door dat tekort en een staatsschuld van meer dan 100 procent van het bbp zijn we ondanks alle inspanningen nog altijd te weinig voorbereid op die uitdaging.

De regering-Michel is op de grenzen van het Belgische systeem gestoten. Door alle ingebakken weerstanden zijn enkel hervormingen in stapjes mogelijk. De grote sprong voorwaarts maken is ondoenbaar omdat de sociale partners, het middenveld en allerhande tussenorganen niet in staat zijn grote sprongen te maken. Kris Peeters verwoordde het ooit zo: ‘Wie van grote hervormingen droomt, begrijpt België niet.’

De vraag is: kunnen we het ons nog langer permitteren die grote hervormingen niet door te voeren? Het antwoord is: allicht wel. Maar de prijs is hoog. Dat is zichtbaar in onze grootsteden, waar allochtone jongeren massaal werkloos zijn. Het is te zien aan onze pensioenen, die bij de lagere van Europa zijn omdat te weinig mensen bijdragen. Het is te zien op onze bij momenten kaduke wegen en spoornet. Het is elke herfst opnieuw te zien aan de angstshow die wordt opgevoerd rond de vraag of we de winter zullen doorkomen zonder een energieblack-out.

Stapjesregering

Het heeft er veel van weg dat de regering-Michel, net zoals haar voorgangers, in de geschiedenisboeken als een stapjesregering zal worden omschreven. De stappen waren misschien wat groter dan die onder de regering-Di Rupo, maar het blijven stappen. De volgende regering heeft dus nog steeds veel hervormingswerk voor de boeg om ons land aansluiting te doen krijgen bij de Europese top. De zevenmijlslaarzen die Michel zich aanmat, waren misschien geen strandsandalen, maar ook niet meer dan deftige derbyschoenen - de standaardkantoorschoenen die hij doorgaans draagt. De laarzen bleken, zoals Goethe het zijn hoofdpersonage Faust laat opmerken, dwaze sprookjes.

Lees verder

Advertentie
Advertentie