reportage

‘De volgende stap van Orbán? Oorlog voeren.'

©Henk Dheedene

De Hongaarse premier Viktor Orbán oogstte internationale verontwaardiging toen hij een kritische universiteit het land uitstuurde. ‘Jullie hebben ons geen lessen te leren’, zeggen zijn medestanders.

Viktor Mak (26) zwaait met zijn rode vlag waarop een gebalde vuist staat die een pen vasthoudt. Het is het symbool van zijn studentenorganisatie die opkomt voor de vrijheid van onderwijs in Hongarije. Rond hem op het plein voor het indrukwekkende parlement van Boedapest staan op deze vrijdagavond in april honderden studenten leuzen te scanderen, met spandoeken in hun handen en boze smileys voor hun gezicht.

Ze protesteren tegen een nieuwe onderwijswet die de kennis van een tweede taal verplicht maakt om toegang te krijgen tot de universiteit. Op zich lijkt daar niets mis mee, maar Mak legt uit dat de wet opnieuw een poging is om de toegang tot het onderwijs, dat kritische burgers opleidt, moeilijker te maken. ‘Zeker op het platteland is het taalonderwijs op de middelbare scholen van zo’n laag niveau dat de wet de facto een extra drempel opwerpt om verder te studeren.’

Reeks | Naar de onderbuik van Europa

Bij de Europese verkiezingen dreigt een doorbraak van populistische en eurosceptische partijen. Waar liggen kiezers in Hongarije, Polen, Slovakije en Italië wakker van? In een vierdelige reeks trekken we naar de onderbuik van Europa.

Vorige afleveringen: 

Morgen: Rechters en cultuur onder druk in Polen

Als de speeches afgelopen zijn en de betogers zich verspreiden, geeft Mak toe dat hij wat ontgoocheld is over de opkomst. ‘Vijfhonderd man, terwijl we er minstens duizend verwacht hadden. De mensen verliezen de moed in Hongarije. Zeker sinds de Fidesz-partij van Orbán bij de parlementsverkiezingen vorig jaar in een alliantie met een zusterpartij meer dan twee derde van de zetels haalde, hebben velen de strijd gestaakt. Beloftevolle jonge mensen emigreren nu massaal, omdat ze inzien dat de toestand hopeloos is.’

Als studentenleider van de Central European University (CEU) heeft Mak zijn handen vol, zeker sinds het parlement een nieuwe onderwijswet aannam die ertoe leidt dat zijn relatief kleine maar prestigieuze universiteit, met 1.500 studenten uit 120 landen, weg moet. Officieel omdat ze niet geregistreerd is in Hongarije, maar iedereen vermoedt dat de verbanning past in de heksenjacht van Orbán op alle organisaties die geld krijgen van de Hongaars-Amerikaanse miljardair George Soros.

Luxe

Het gebouw van de CEU beslaat drie grote panden in het centrum van Pest, op honderd meter van de Donau, en is een architecturaal pareltje met een moderne monumentale hal, een smaakvol ingerichte bibliotheek, sfeervolle hoekjes om te studeren en state-of-the-artklaslokalen met de nieuwste apparatuur.

In het rectoraat hangt een foto van Soros. Ik word er op zaterdagochtend ontvangen door prorector Liviu Matei, die uitlegt hoe op het allerhoogste niveau, via Manfred Weber, de Duitse topkandidaat van de Europese Volkspartij, nog een oplossing gezocht wordt om de verbanning ongedaan te maken. Maar veel hoop is er niet: de voorbereiding voor de verhuizing naar Wenen is al begonnen.

In gesprek met prof. Liviu Matei van de Central European University.

Volgens Matei is de strijd van Orbán tegen de Open Society-beweging van Soros, waarmee de miljardair over de hele wereld steun geeft aan organisaties die opkomen voor vrijheid en democratie, puur opportunistisch. ‘Net als alle andere populisten heeft Orbán nood aan externe vijanden om zijn eigen populariteit op te krikken. Soros schildert hij af als een joodse kapitalist die onderdeel uitmaakt van een internationaal complot dat de Hongaarse samenleving wil omverwerpen door massale immigratie toe te laten.’

Hij vertelt hoe in het Hongaars het werkwoord ‘sorosizeren’ is ontstaan: de schuld bij Soros leggen als iets niet werkt. ‘Is er geen krijt voor het bord in de klas? Dat ligt aan Soros. Is het water vervuild? Idem. Waarom zijn er te weinig ontsmettingsmiddelen in het ziekenhuis? Opnieuw zijn schuld.’

 

Maar onschuldig is het niet, zegt Matei. ‘Voor Orbán is het vrije onderwijs een bedreiging van zijn machtspositie. Hij heeft de grondwet aangepast, in alle grote instellingen regeringsgezinde toezichthouders geplaatst en het onderwijsbudget met 40 procent verlaagd, zodat nu alleen Griekenland het nog slechter doet. Geen toeval, gezien hij ooit beweerde dat onderwijs ‘geen noodzaak, maar een luxe’ is.’

Volgens Matei wil Orbán zijn universiteit het land uit omdat ze onderzoek doet naar de open samenleving en de vrije democratie. ‘Natuurlijk zijn we voorstander van de liberale democratie en verzetten we ons tegen autoritaire regimes. Maar we behandelen die onderwerpen via onderzoek en onderwijs. Wij doen niet aan politiek: op onze campus is zelfs geen politieke activiteit toegelaten.’

©Mediafin

Dat wordt tegengesproken door een ex-prof van de universiteit die de regeringspolitiek wel steunt. ‘Veel personeelsleden van de CEU zijn lid van de oppositie of van ngo’s die kritisch zijn voor de regering’, zegt de man die anoniem wil blijven. Hij staat aan het hoofd van een wetenschappelijke instelling die geen standpunt mag innemen. ‘Door haar unieke positie als internationale universiteit kan de CEU diploma’s afleveren die zowel in de VS als in Hongarije geldig zijn. Dat leidt tot veel jaloersheid bij professoren van andere instellingen. De lonen bij de CEU zijn hoger en ze trekken betere studenten en docenten aan. Ik verzeker je: niet iedereen zal de universiteit missen als ze vertrokken is.’

Al geeft de professor toe dat Orbán zijn hand overspeeld heeft. ‘Internationaal is dit dodelijk voor ons imago. Er kwamen reacties uit de hele wereld, tot het Vaticaan toe. Dat is het zwakke punt van Orbán: hij kan nog te weinig onderscheid maken tussen zijn binnenlandse propaganda en de internationale pr. Er komt uit het buitenland kritiek op zowat alles wat hij doet, maar in de meeste gevallen wordt dat buiten proportie opgeblazen.’

‘Neem nu de westerse kritiek op onze houding tegenover migranten. Jullie vergeten dat wij nooit een koloniale macht geweest zijn. Waarom zouden wij de historische last van het koloniaal verleden waar veel West-Europese landen mee worstelen op onze schouders moeten dragen? Vergeet ook niet dat wij eeuwenlang bezet werden door de Ottomanen. Die Turkse bezetting ligt nog steeds in ons geheugen.’

Dat vindt ook Andrew Ludanyi, een Hongaarse politicoloog die jaren aan de Ohio Northern University doceerde, maar naar zijn geboorteland terugkeerde en begrip opbrengt voor de politiek van Orbán. Hij ontvangt mij in zijn statige herenhuis in een residentiële wijk van Boeda en bewijst de Hongaarse gastvrijheid door meteen een lokale schnaps in te schenken, hoewel het nog maar 10 uur is.

Is België tevreden over de manier waarop jullie migratie in het verleden aanpakten? Leg dan ons niet jullie agenda op.
Andrew Ludanyi
politicoloog

‘Is België tevreden met de manier waarop jullie de migratie in het verleden aanpakten?’, vraagt hij. ‘Hebben jullie de controle niet verloren over de demografische structuur van jullie bevolking? Zelfs al is dat maar een beetje zo, gelieve dan niet jullie politieke agenda aan ons op te leggen. Wij zijn niet tegen migratie, wel tegen een islamisering van de samenleving.’

Met een rustige, vriendelijke stem probeert Ludanyi de argumenten te weerleggen die critici gebruiken om aan te tonen dat Orbán de democratie ondermijnt. De media niet langer onafhankelijk? ‘Kijk eens naar ATV, een van de grotere televisiekanalen. Dat heeft voortdurend kritiek op Orbán.’ Ngo’s onder druk? ‘Alleen een handvol, die met de steun van Soros de regering weg willen.’ Afschaffing van de richting Genderstudies aan de unief? ‘Die werd enkel gebruikt om propaganda te voeren tegen onze politiek, die opkomt voor de traditionele familiewaarden.’

Volgens Ludanyi vergeet het Westen dat de Hongaren enorm tevreden zijn met de bloeiende economie onder het bewind van Orbán. ‘Het is geen toeval dat grote bedrijven als Bosch, Mercedes en Nissan grote investeringen hebben aangekondigd. De Europese verkiezingen van volgende week worden heel belangrijk, zegt hij. ‘De Hongaren zien licht aan het eind van de tunnel: als Fidesz samen met andere antimigratiepartijen goed scoort, weegt dat zwaar genoeg om het isolement van ons land te doorbreken en de migratiepolitiek van Europa te veranderen.’

Meester-manipulator

Matei is er minder gerust in. ‘In het slechtste geval leidt de politiek van Orbán tot oorlog. Eens zijn tactiek om vijanden te zoeken uitgeput is, zal maar één oplossing overblijven: repressie.’

Bovendien geraakt Orbán de binnenlandse politiek beu, zegt Matei, en begint hij zich steeds meer te moeien met de internationale agenda. ‘Daar kan hij op zoek naar nieuwe vijanden, zoals Roemenië en Slovakije, waar nog belangrijke Hongaarse minderheden leven. Ook de relaties met Oekraïne zijn gespannen. Wellicht gaat alles in stapjes, maar ik hou mijn hart vast.’

En ook voor de Europese Unie is de professor niet optimistisch. ‘Orbán is een handige politicus en een meester-manipulator. Als hij een coalitie sluit met andere rechts-populistische partijen, zoals de Lega in Italië, vormt hij een groot gevaar voor de eenheid van de Europese Unie. Hier is hij er alvast in geslaagd het euroscepticisme enorm te doen stijgen door Brussel als de boze koloniale macht voor te stellen. Er is niemand die de boel meer kan ondermijnen dan hij.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie