Regering-Michel gaf meer koopkracht aan wie werkt

Wie werkt, heeft de voorbije vijf jaar flink aan koopkracht gewonnen. Wie niet werkte, nauwelijks. Dat blijkt uit nieuwe berekeningen.

Wie aan het werk is, of aan het werk is gegaan, heeft de voorbije vijf jaar vaak flink aan koopkracht gewonnen. Maar wie langdurig werkloos of gepensioneerd is, is er amper op vooruitgegaan. En wie moet rondkomen met een klein pensioen, heeft zelfs licht aan koopkracht ingeboet.

Dat blijkt uit nieuwe berekeningen van Leuvense economen, die in opdracht van de VRT de impact onderzochten van het federale regeringsbeleid op de koopkracht van werkenden, werklozen en gepensioneerden.

Inzet kiesgids
De kiesgids van De Tijd

De Tijd doorploegde de 966 pagina's van de Vlaamse partijprogramma's. Geen stemtest, maar een overzicht in 100 relevante vragen .

In een studie van vorig jaar analyseerden de economen André Decoster en Toon Vanheukelom ook de gevolgen van het regeringsbeleid op de verschillende inkomensgroepen. Daarin bleek dat vooral de hogere middenklasse er in koopkracht op vooruitging. Decoster en Vanheukelom maakten toen geen onderscheid tussen werkenden, werklozen en gepensioneerden, maar doen dat nu wel.

Lage lonen

'Wie werkt, wint volop bij de belastingverlaging door de taxshift', zegt Decoster. De werkenden winnen gemiddeld 4,4 procent in koopkracht. Werkenden met een laag loon (+7%) doen beter dan die met een middelhoog (+5,4%) of een hoog loon (+2,3%).

Als wordt gekeken naar de gezinsinkomens, gaan vooral de gezinnen uit de hogere middenklasse er in koopkracht op vooruit. Werklozen die na minder dan één jaar een baan vinden, zien hun koopkracht duidelijk stijgen (+4,5%).

Pensioendiscussie

Wie langdurig werkloos of met pensioen is, gaat er in koopkracht nauwelijks op vooruit. Langdurig werklozen die langer dan een jaar niet aan de slag zijn, winnen gemiddeld 0,8 procent; en gepensioneerden amper 0,2 procent. Mensen met lage pensioenen lijden zelfs een licht koopkrachtverlies, leert de studie.

Dat laatste klopt echter niet, beweert federaal vicepremier Alexander De Croo (Open VLD). De studie houdt geen rekening met de welvaartsenveloppe van 2019-2020. Dat is een budget van de federale overheid om de laagste uitkeringen te verhogen. Volgens De Croo stegen de laagste pensioenen - inflatie niet meegerekend - door de regeringsinspanningen met 4 procent. 

Hij merkt op dat eerdere studies van de Antwerpse professor Ive Marx aantoonden dat het armoederisico onder gepensioneerden de voorbije jaren is gedaald.

Lees verder

Advertentie
Advertentie