Verlaagde schenkingsrechten in Vlaanderen

Om schenkers aan te moedigen hun schenkingen officieel te laten registreren - en daarop ook de nodige schenkingsrechten te betalen - besliste de Vlaamse wetgever om de schenkingsrechten op roerende goederen fors te verlagen. De verlaging ging in op 1 januari 2004.

Terwijl de schenkingsrechten voor roerende goederen tot voor kort konden oplopen tot 30 procent in rechte lijn en zelfs tot 65 of 80 procent tussen anderen, werden die vanaf dit jaar in bepaalde gevallen gevoelig verlaagd in het Vlaamse gewest. Voor officieel geregistreerde (doorgaans notariële) schenkingen van roerende goederen geldt voortaan nog slechts een tarief van 3 procent voor schenkingen aan kinderen, kleinkinderen, de echtgenoot of de samenwonende partner. Voor schenkingen aan andere begiftigden geldt een tarief van 7 procent. Enkel voor onroerende goederen gelden in Vlaanderen dus nog de torenhoge tarieven van vroeger. Voor bouwgronden geldt tot eind 2005 bovendien een tijdelijke verlaging van het tarief met 2 procent (voor schenkingen in rechte lijn en tussen echtgenoten).
Hiermee is een enorme kloof ontstaan tussen de Vlaamse schenkingsrechten en die in het Waalse en het Brusselse gewest. Verhuizen om schenkingsrechten te ontwijken is echter alleen zinvol wanneer het past in een langetermijnplanning. Wanneer een schenker tijdens de laatste vijf jaar voor de schenking in verschillende gewesten heeft gewoond, geldt namelijk, net als bij de successierechten, het tarief van het gewest waar de schenker tijdens die periode het langst heeft gewoond.

Om de rechtszekerheid te verhogen besliste de Vlaamse overheid dat door het betalen van dit schenkingsrecht het overgedragen vermogen volledig vrijgesteld wordt van eventuele erfenisrechten in de toekomst. Of eenvoudiger gezegd: overlijdt de erflater binnen de drie jaar na de schenking, dan wordt de schenking niet terug bij de erfenis geteld - zoals dat bij een handgift het geval is - en zal ze dus ook niet meer mee belast worden. Door het betalen van schenkingsrechten worden alle toekomstige successierechten op de overgedragen som volledig van de tafel geveegd.
En zelfs het zogenaamde progressievoorbehoud werd mee opgeofferd. Volgens dit progressievoorbehoud tellen alle giften die hebben plaatsgevonden tijdens de drie jaar voorafgaand aan een erfenis of een schenking (van onroerend goed) mee om te bepalen tegen welk progressief tarief het onroerend gedeelte van de nieuwe schenking of de erfenis belast moet worden. Een voorbeeld kan dat verduidelijken: wanneer een vader eerst een effectenportefeuille ter waarde van € 100.000 aan zijn zoon schenkt en binnen de drie jaar daarna een onroerend goed van € 150.000, dan betekent progressievoorbehoud dat beide sommen samengeteld moeten worden om te bepalen tegen welk tarief de schenking van het onroerend goed van € 150.000 afgerekend moet worden. Mét progressievoorbehoud zou het toepasselijk tarief in dit voorbeeld datgene zijn van de schijf vanaf € 250.000, hetzij 24 procent. Zonder progressievoorbehoud is slechts 14 procent belasting verschuldigd. De gift van € 100.000 wordt dan niet meer opgeteld bij de nieuwe schenking om het toepasselijk tarief te bepalen.
Voor wie van plan is een schenking te doen en binnen de drie jaar opnieuw een stuk van zijn vermogen weg te geven aan dezelfde begunstigde, of voor wie vreest dat hij of zij geen drie jaar meer te leven heeft, komt deze regeling als een godsgeschenk. Sterfbedschenkingen zijn sinds kort dan ook weer helemaal in.

Deze nieuwe regeling kan ook ingeroepen worden door mensen die minder dan drie jaar geleden een niet-geregistreerde handgift hebben gedaan of een schenking deden voor een buitenlandse notaris. Willen zij er zeker van zijn dan hun schenking niet meer bij hun nalatenschap kan worden geteld wanneer ze overlijden voor hun 'wachttijd' van drie jaar verstreken is, dan kunnen zij de gift alsnog laten registreren voor de notaris en de toepasselijke schenkingsrechten te betalen (3 of 7 procent).
Merk ook op dat de tussenkomst van een notaris niet echt verplicht is om een schenking te laten registreren. Ook een eigenhandig opgemaakte overeenkomst kan bij de Belgische ontvanger van de registratierechten worden aangeboden en afgerekend worden tegen het toepasselijk tarief van het schenkingsrecht (3 of 7 procent). Wie nood heeft aan bijkomend advies, bijvoorbeeld over de erfopvolgingsregels, de voorbehouden erfdelen van de reservataire erfgenamen of de mogelijkheden om te schenken met last of met voorbehoud van vruchtgebruik, raadpleegt echter best wél een specialist. Zo vermijdt u dat het met een goedbedoelde gift later helemaal fout loopt.

Frida Deceunynck

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud