Frida Deceunynck: De financiële fitness-test

Hoe is het gesteld met uw financiële conditie? Hebt u een appeltje voor de dorst? En spaart u dat fiscaal op de beste manier? Dan kan u niets overkomen, denkt u. Of toch_? Test uw financiële fitness en ga na hoe veerkrachtig u bent om eventuele tegenslagen het hoofd te bieden.

Voor werknemers is op dit vlak het een en ander geregeld. Worden zij arbeidsongeschikt als gevolg van een arbeidsongeval, dan is de regeling zeer behoorlijk. Maar wordt u als werknemer arbeidsongeschikt door een ongeval op reis, een slepende ziekte of door een andere oorzaak in uw privé-leven, dan is het systeem heel wat minder genereus. De eerste maand wordt u gewoon doorbetaald door uw werkgever. Vanaf de tweede tot en met de twaalfde maand betaalt het ziekenfonds u 60 procent van uw loon uit. Vanaf de dertiende maand krijgt u een invaliditeitsuitkering van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid. Voor de berekening van deze uitkering wordt uw inkomen echter geplafonneerd op 2.300 euro bruto. Daarvan ontvangt u 40 procent, 45 procent, 60 procent of 65 procent, afhankelijk van uw gezinssituatie (partner, aantal personen ten laste,...)

Een voorbeeld: in een gezin met twee verdieners wordt de man arbeidsongeschikt. Hij had een inkomen van 2.900 euro bruto. Aangezien zijn vrouw een eigen inkomen had, komt hij in de 40-procentcategorie terecht. Vanaf de dertiende maand valt zijn inkomen daardoor terug op om en bij de ongeveer 1.000 euro bruto, ongeveer een derde van zijn oorspronkelijk inkomen dus.

Voor zelfstandigen is de situatie nog slechter dan voor werknemers. Zij ontvangen bij blijvende invaliditeit een forfaitair bedrag per dag, waardoor hun inkomen op ongeveer 500 euro bruto per maand komt. De enige categorie die wettelijk uitstekend is verzekerd tegen de gevolgen van arbeidsongeschiktheid, is de klasse van de ambtenaren.

Volstaan uw financiële reserves om te kunnen leven met dit risico? Vindt u het wettelijk stelsel toereikend? Vreest u dat de financiële kloof onoverbrugbaar zal zijn als u arbeidsongeschikt wordt, dan kunt zich eventueel bijkomend laten verzekeren door een privé-verzekeraar. Maar voor u uw handtekening zet onder de ene of de andere verzekeringspolis, checkt u het best eerst of uw werkgever dat nog niet in uw plaats heeft gedaan. Steeds meer groepsverzekeringen dekken immers ook dit risico.

Kunt u niet op zo'n groepsverzekering rekenen, dan kunt u zelf een gewaarborgd-inkomenverzekering afsluiten om (een stuk van) het inkomensverlies op te vangen. Deze verzekeringen zijn weliswaar erg duur. Om de prijs te drukken kunt u echter een vrij lange wachttijd, van bijvoorbeeld een jaar, inlassen. Het eerste jaar van uw arbeidsongeschiktheid keert de verzekering dan niets uit. Maar dat is gelukkig ook net de periode waarin de wettelijke uitkeringen nog het hoogst zijn. En wellicht hebt u ook wel wat spaargeld om de eerste periode door te komen. Merk ook op dat zelfstandigen via het ziekenfonds vaak relatief goedkoop een 'gewaarborgd-inkomenpolis' kunnen afsluiten.

Een alternatief is een privé-ongevallenverzekering. Zo'n verzekering keert een kapitaal uit wanneer u blijvend invalide wordt door een ongeval in het privé-leven. Slepende ziektes of andere oorzaken van arbeidsongeschiktheid vallen daarmee natuurlijk wel uit de boot.

Maar hoe bepaalt u welk kapitaal u dient te verzekeren? Met volgende vuistregel is dat erg eenvoudig: vermenigvuldig het extra inkomen dat u elk jaar nodig hebt met 20, en u kent het te verzekeren kapitaal. Wilt u, wanneer u blijvend invalide wordt door een ongeval, bijvoorbeeld een bedrag van 500 euro per maand aan intrest kunnen opnemen (bovenop de wettelijke invaliditeitsuitkering die u uiteraard zult ontvangen), dan vermenigvuldigt u het vereiste jaarinkomen van 6.000 euro (12 x 500 euro) met 20. Dat geeft een vereist kapitaal van 120.000 euro. U moet daarvoor een rendement van 5 procent behalen op het kapitaal. Gelooft u dat u een rendement van 6,5 procent kunt halen, dan volstaat het het vereiste jaarinkomen te vermenigvuldigen met 15. Dat geeft een te verzekeren kapitaal van 90.000 euro. Met dat kapitaal bent u levenslang zeker van een aanvullende rente van 500 euro per maand wanneer u het verwachte rendement behaalt (5 of 6,5 procent).

2. Kunt u de kosten van een ernstige ziekte dragen?

Een bezoek aan de dokter kunnen we allemaal nog wel betalen. Maar wat als u plots ernstig ziek wordt? De kosten die niet worden gedekt door het ziekenfonds, kunnen dan aardig oplopen. Met een ziektekostenverzekering dijkt u de meeste risico's in. Maar deze verzekeringen zijn vrij duur. Soms is een ziektekostenverzekering gekoppeld aan een groepsverzekering van de werkgever. Dan komt u er goedkoop vanaf.

Maar ook wanneer u er alleen voorstaat, kunt u het goedkoop houden door een ziektekostenverzekering te sluiten via het ziekenfonds. Deze verzekeringen zijn immers opmerkelijk goedkoper dan de polissen van de private verzekeraars. Het verschil in kostprijs heeft vooral te maken met een aantal verzekeringstechnische aspecten en wettelijke verplichtingen. Maar voor een deeltje zit het prijsverschil ook in een kwaliteitsverschil. Een belangrijk minpunt van de meeste van deze ziekenfondsverzekeringen is dat zij de kosten enkel volledig vergoeden wanneer u in een gezamenlijke kamer verblijft. Kiest u voor een een- of tweepersoonskamer, dan betaalt u een stuk van de opleg zelf. Voor het overige geldt een aantal gelijkaardige uitsluitingen als bij de privé-verzekeringen, zoals sportongevallen, schoonheidsoperaties en vruchtbaarheidsbehandelingen (terugbetaald tot maximum 500 euro per persoon). Vaak zijn deze verzekeringen interessant voor mensen die niet meer in bijzonder goede gezondheid verkeren of al wat ouder zijn. De beperkingen qua leeftijd zijn minder streng en het invullen van een medische vragenlijst is niet altijd verplicht.

Een aantal banken, zoals bijvoorbeeld Argenta, heeft ook een ziektekostenverzekering gekoppeld aan hun spaarboekje. Indien uw spaartegoed hoog genoeg ligt, krijgt u de verzekering gratis. Zo niet krijgt u een korting en betaalt u het overige stuk zelf. Het ministerie van Economische Zaken heeft deze formule echter verboden. Verschillende financiële instellingen hebben de verkoop van spaarboekjes met ziektekostenverzekeringen daarna stopgezet. Hebt u nog wel een ziektekostenverzekering die gekoppeld is aan uw spaarboekje? Dan hoeft u niets te vrezen. Het risico op een veroordeling met een boete is volledig voor rekening van de bank. Als spaarder zult u er niets van merken. De bank kan natuurlijk wel te allen tijde de formule stopzetten. En als u al niet meer van de jongsten bent, kan het dan wel moeilijk zijn om elders nog een ziektekostenverzekering te vinden tegen een schappelijk tarief.

3. Zult u de kosten kunnen dragen wanneer u later zorgbehoevend wordt?

De oude dag kan heel wat kosten meebrengen. Beeld u maar even in dat u zich niet meer zelf kunt wassen, dat u uw huis niet meer kunt schoonmaken, dat u niet meer naar de winkel kunt, dat u incontinent wordt_. Dan hebt u hulp en verzorging nodig. En dat kost geld.

De Vlaamse zorgverzekering die vorig jaar werd ingevoerd moet daaraan tegemoet komen. In een eerste fase blijft die echter beperkt tot die bejaarden die het allerzwaarst zorgbehoevend zijn. Bovendien liggen de uitkeringen erg laag. Wie wordt verzorgd door familie of vrienden buiten het professionele circuit, zogenaamde mantelzorgers, kan aanspraak maken op een uitkering in cash van 75 euro per maand. Bejaarden die een beroep doen op professionele hulp hebben recht op een zorgcheque ter waarde van 87,5 euro per maand. De uitkering voor senioren in een rust- of bejaardentehuis komt op 162,5 euro per maand.

In vergelijking met de werkelijke kosten van zorgbehoevende bejaarden zijn deze uitkeringen niet meer dan een aalmoes. Uit studies blijkt dat een zorgbehoevende bejaarde jaarlijks gemiddeld 3.375 euro aan zorgkosten betaalt, waarvan meer dan de helft niet-medische kosten is.

Maar u kunt zich privé bijkomend verzekeren tegen dit risico. Sluit u een afhankelijkheidsverzekering af, dan verzekert u zich van een vooraf bepaalde maandelijkse rente die u ontvangt zodra u afhankelijk wordt. De hoogte van die maandrente kunt u zelf kiezen (bijvoorbeeld 500 euro). Zodra u volledig afhankelijk wordt, ontvangt u die maandrente levenslang. Bij gedeeltelijke afhankelijkheid ontvangt u bij de meeste verzekeraars slechts een gedeelte van de verzekerde rente. De graad van hulpbehoevendheid moet worden vastgesteld door de huisarts van de verzekerde, eventueel gecontroleerd door de controlearts van de verzekeraar.

Wordt u nooit afhankelijk, dan zijn de betaalde premies bij de meeste verzekeraars volledig verloren. Een aantal verzekeraars (Fortis, Securex, Mercator, Zelia, Winterthur, P&V) heeft echter systemen bedacht waarbij de premies gerecupereerd kunnen worden door de erfgenamen wanneer de verzekerde nooit afhankelijk was.

Ambtenaren lopen wat dit betreft geen enkel risico. Maar werknemers zijn hier slechts in beperkte mate tegen beschermd. Enerzijds is er de opzegperiode tijdens dewelke ze zeker zijn van een inkomen en anderzijds hebben ze daarna recht op een werkloosheidsuitkering. Maar die bedraagt doorgaans slechts een fractie van het laatste inkomen. Zelfstandigen ten slotte zijn helemaal niet verzekerd tegen dit risico.

Hoe u zich kunt indekken tegen dit risico? Vakbekwaamheid, knowhow en professionele veerkracht zijn de enige goede verzekering tegen een ongevraagd ontslag. Want een financiële verzekering die dit risico dekt, wordt door geen enkele verzekeraar aangeboden. Voldoende spaargeld kan helpen een moeilijke periode te overbruggen.

5. Bent u gedekt tegen de gevolgen van overlijden?

Zowel de nabestaanden van werknemers als van zelfstandigen hebben wettelijk recht op een financiële tegemoetkoming wanneer een inkomen wegvalt door overlijden. Enerzijds heeft de langstlevende huwelijkspartner recht op een overlevingspensioen en anderzijds wordt het gewone kindergeld omgezet in wezengeld, dat altijd gevoelig hoger ligt. De exacte bedragen van de uitkeringen zijn afhankelijk van de gezinssituatie en het sociaal statuut van de overledene. Voor zelfstandigen liggen de bedragen lager dan voor werknemers.

Naast dit wettelijk systeem kan privé-initiatief voor een aanvulling zorgen. Opnieuw kan de groepsverzekering van uw werkgever hier soelaas brengen. Doorgaans is daar immers automatisch een overlijdensdekking aan gekoppeld. Bij uw overlijden ontvangen uw nabestaanden dan het contractueel vastgelegde kapitaal (of een rente).

Maar u kunt uiteraard ook op eigen houtje een levensverzekering afsluiten om uw nabestaanden een overlijdenskapitaal te garanderen. Het verzekerde kapitaal wordt meestal in functie gesteld van het aantal personen ten laste van de verzekerde. Met een bedrag van 5.000 euro per persoon ten laste en per jaar komt u al heel ver. Stel bijvoorbeeld dat u twee kinderen heeft van respectievelijk 10 en 12 jaar oud. Als u ervan uitgaat dat ze vanaf hun 24ste financieel onafhankelijk worden, moet u voor het jongste kind nog 14 jaar financieel overbruggen en voor het oudste nog 12 jaar. Voor beide kinderen samen moet u dan een kapitaal van ongeveer 130.000 euro (26 maal 5.000 euro) verzekeren. Berekent u het kapitaal op deze manier, dan moet u het uiteraard wel regelmatig laten aanpassen.

Het kapitaal dat u voor zichzelf dient te verzekeren is afhankelijk van uw eigen inkomen en het overlevingspensioen dat u ontvangt bij het overlijden van uw partner. Volstaan deze inkomsten om van te leven of hebt u nog een aanvulling nodig? Een bekwame verzekeringsmakelaar kan u helpen deze bedragen in te schatten en een realistisch overlijdenskapitaal te bepalen. Hoedt u wel voor al te grote overlijdenskapitalen. Zij leveren immers een erg gemakkelijk commissie-inkomen op voor uw verzekeringsmakelaar, maar voor u heeft een al te grote overlijdensdekking geen enkele zin.

6. Bent u verzekerd tegen de gevolgen van wettelijke aansprakelijkheid?

In tal van situaties kunt u aansprakelijk worden gesteld. En dat kan u handenvol geld kosten als het een beetje tegen zit. Denk u maar even in: er valt een dakpan van uw dak, recht op het hoofd van een voorbijganger die daardoor invalide wordt, u veroorzaakt een dodelijk ongeluk met uw auto, uw zoontje brengt bij het voetballen een voorbijrijdende fietser ten val die daar levenslange letsels aan overhoudt, enzovoort. Toegegeven, dergelijke situaties doen zich niet vaak voor. Maar het zal u maar overkomen_

Om u tegen dergelijke aansprakelijkheidsrisico's te verzekeren, bestaan er tal van verzekeringen, zoals de brandverzekering (vallende dakpannen, brandschade die overslaat naar het buurhuis,...), de familiale verzekering en de verzekering tegen burgerlijke aansprakelijkheid voor auto's (BA-autoverzekering in vakjargon). De kostprijs van deze verzekeringen valt al bij al nog mee.

Ook in bepaalde beroepen is de kans om aansprakelijk gesteld te worden groot genoeg om er een verzekering voor af te sluiten. Denk bijvoorbeeld aan accountants die hun cliënten schade kunnen berokkenen door verkeerde adviezen, verzekeringsmakelaars, dokters,... Sommige beroepsverenigingen verplichten hun leden zelfs tot het afsluiten van een beroepsaansprakelijkheidsverzekering.

7. Kunt u schade aan persoonlijke bezittingen te boven komen?

Kunt u het hoofd boven water houden wanneer uw wagen totaal loss wordt verklaard na een ongeval? Wanneer uw inboedel wordt gestolen? Wanneer uw woning uitbrandt? Tegen dergelijke risico's bent u wellicht (gedeeltelijk) verzekerd door uw brandverzekering, diefstalverzekering of omniumverzekering voor uw wagen. Maar u kunt ook oververzekerd zijn. Hebt u voldoende spaargeld, dan hoeft u deze risico's misschien niet noodzakelijk volledig af te schermen via dure verzekeringen die u jaarlijks pakken geld kosten. Misschien wilt u enkele van deze risico's dan wel gedeeltelijk zelf dragen door akkoord te gaan met een iets grotere vrijstelling. Voor de kleine schadegevallen draait u dan zelf op, maar in ernstige situaties hebt u dan toch nog uw verzekering achter de hand. Het voordeel is dat de premies van deze verzekeringen gevoelig dalen wanneer u voor een grotere vrijstelling kiest.

Zowel tijdens uw actieve leven als met het oog op uw oude dag verhoogt het bezit van een eigen huis aanzienlijk uw financiële veerkracht. Tijdens uw beroepsloopbaan bent u zeker van uw woonst en ook in zekere mate van de prijs die u er maandelijks voor moet neertellen. Met een huurhuis riskeert u dat u wordt opgezegd en dat u op zoek moet naar een andere (duurdere) woonst. Bovendien verhogen indexaanpassingen stelselmatig de huurprijs.

Tijdens uw oude dag wordt woonzekerheid nog belangrijker en valt bovendien de afbetalingslast weg, zodat u ook meer financiële armslag krijgt. Blijft u daarentegen huren, dan komt u waarschijnlijk steeds voor hogere huurlasten te staan. En wordt u te oud om alleen te blijven in uw huis, dan hebt u met uw woning mooie spaarpot opgebouwd. Met de opbrengst van de verkoop van uw huis kunt u dan de financiële lasten dragen die uw afhankelijkheid meebrengt.

Hoe beter u bent verzekerd, hoe kleiner uw financiële reserve moet zijn. Maar over een beperkte reserve zou toch iedereen moeten beschikken. Al was het maar om de kosten van een tegenslag te kunnen dragen tot de verzekeraar u uitbetaalt. En verder heeft iedereen wel eens onverwachte uitgaven. Een vuistregel waar vermogensbeheerders mee werken, stelt dat u voldoende hebt aan een liquide reserve van ongeveer zes maanden netto inkomen. Voor de grote inkomens volstaat drie à vier maanden inkomen. Het overige geld mag u op langere termijn beleggen, bijvoorbeeld voor uw oude dag of om aankopen te financieren die u later nog plant.

Niet alle risico's zijn even gemakkelijk in te schatten. Waar mag uw gezin op rekenen als u overlijdt (wezengeld, groepsverzekering,_)? Hoe hoog zal uw inkomen zijn als u arbeidsonbekwaam wordt? Allemaal vragen die u voor de vuist weg wellicht moeilijk kunt beantwoorden. Verzekeringsmakelaars beschikken over de nodige berekeningssoftware om u hier een duidelijk antwoord op te kunnen geven. Voor een volledige (gratis!) check-up kunt u een beroep doen op zo'n makelaar. Uiteraard is het deze makelaars erom te doen uw onverzekerde gaten op te vullen. Maar daartoe bent u niet verplicht. Oordeel zelf welke verzekeringen u nodig hebt en neem rustig enkele weken de tijd om daarover na te denken.

Frida Deceunynck

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect