Het fiscaal voordeel van kinderen

Kinderen kosten geld. Maar ze geven ook recht op enkele fiscale kinderkortingen. We zetten ze even op een rij.

Laat ons eerst even bekijken welke effecten uw kinderen hebben op uw inkomstenbelasting. Voor een gehuwd koppel met één kind, blijft de besparing vrij beperkt.

Zij besparen ongeveer 300 euro per jaar door hun kind. Maar zijn er twee kinderen, dan loopt die besparing al op tot ongeveer 750 euro per jaar. Voor drie kinderen wordt dat ongeveer 2.000 euro per jaar, voor vier kinderen 3.750 euro en voor vijf kinderen bijna 5.750 euro per jaar.

Omdat met dit fiscaal voordeel (doorgaans) rekening wordt gehouden bij de berekening van de bedrijfsvoorheffing hoeft u op basis van deze vrijstellingen echter geen terugbetaling van belastingen te verwachten.

Tenzij tijdens het geboortejaar van uw kind. De vermindering van de bedrijfsvoorheffing start immers pas bij de geboorte van het kind terwijl u er al recht op heeft vanaf de eerste dag van het geboortejaar. Komt uw kind pas op 31 december ter wereld dan mag u het jaar nadien dus een fikse terugbetaling van de belastingen verwachten.

Is uw kind minder dan drie jaar oud dan heeft u ook recht op een bijkomende belastingaftrek, namelijk de aftrek voor de kosten die u heeft gemaakt voor kinderopvang. Met enkele voorwaarden moet u hierbij wel rekening houden. Ten eerste moet u uw kind toevertrouwen aan een crèche of onthaalgezin erkend, gesubsidieerd of gecontroleerd door 'Kind en Gezin'. U krijgt dan automatisch een fiscaal attest waarop de betaalde opvangkosten staan vermeld. Ten tweede mag u maximum 11,16 euro per opvangdag aangeven op uw belastingaangifte. Of uw kind hele of halve dagen wordt opgevangen, speelt daarbij geen rol.

Voor voltijds werkende ouders kan deze fiscale aftrek aardig oplopen. Wie 200 dagen per jaar opvang nodig heeft, komt aan een aftrek van 2.231,04 euro per jaar en per kind wanneer per opvangdag 11,16 euro wordt aangegeven. Aangezien het belastingvoordeel wordt berekend tegen de marginale belastingvoet van het gezin komt de besparing van deze aftrek al snel aan 50 procent of meer van het opgegeven bedrag. Ruim 1.100 euro spaart u dan uit aan belastingen.

Kiest u voor een niet-erkende opvang of voedt u uw kinderen zelf op dan kan u fiscaal geen opvangkosten inbrengen. Maar u geniet dan wel van een ander fiscaal voordeel voor kinderen beneden de drie jaar. Daartoe moet u in het eerste vak van de aangifte (personalia) vermelden hoeveel kinderen u heeft beneden de drie jaar waarvoor u geen opvangkosten aangeeft. Per kind wordt dan een inkomensbedrag van 421,42 euro vrijgesteld van belastingen. De belastingvermindering waarvan u geniet, bedraagt ongeveer 40 procent van dit bedrag.

U mag zelf kiezen of u de werkelijke opvangkosten inbrengt, dan wel of u kiest voor de forfaitaire aftrek van 421,42 euro. Meestal is het voordeliger de werkelijke opvangkosten aan te geven. Wanneer die erg laag liggen (bijvoorbeeld tijdens het geboortejaar of wanneer het kind in de loop van het jaar naar school is gegaan) kan het echter wel eens anders uitdraaien. Toch maar even rekenen dus voor u beslist voor welke aftrek u kiest.

Verder kan u ook een korting krijgen op uw onroerende voorheffing wanneer u minstens twee kinderen ten laste heeft. De leeftijd van de kinderen speelt daarbij geen rol. Per kind ten laste krijgt u immers een korting op deze heffing van 10 procent. U moet die belastingvermindering wél zelf aanvragen. Op het laatste aanslagbiljet inzake onroerende voorheffing kan u een telefoonnummer vinden waarop u dit kan melden. U heeft tijd tot het tweede jaar na het jaar waarin het kind is geboren om deze aanvraag in te dienen. Is uw aanvraag eenmaal goedgekeurd, dan wordt de korting daarna automatisch toegepast. U moet het dan enkel nog melden wanneer er zich een wijziging voordoet.

Betaalt u tenslotte onderhoudsgeld voor uw kinderen, bijvoorbeeld omdat u gescheiden leeft van uw partner, dan kan ook dat u een fiscaal voordeel opleveren. U mag van het betaalde onderhoudsgeld 80 procent fiscaal aangeven. Dat geldt overigens ook voor onderhoudsgeld uitbetaald aan een ex-echtgenoot of één van uw ouders. Merk wél op dat onderhoudsgeld niet fiscaal aftrekbaar is wanneer u het betaalt aan een kind dat voor studies op kot verblijft. Enkel wanneer de begunstigde definitief geen deel meer uitmaakt van uw gezin zijn onderhoudsuitkeringen fiscaal aftrekbaar. De fiscale besparing die u daardoor realiseert, bedraagt ongeveer de helft van het aangegeven bedrag. Wil u het exacte bedrag berekenen dan kan dat met behulp van een goede belastinggids.

En wat betreft dat onderhoudsgeld, is er vanaf dit jaar (2002) nog meer goed nieuws. Tot vorig jaar werden onderhoudsgelden meegeteld als zogenaamde 'bestaansmiddelen' van het kind in kwestie. En dat had soms vervelende gevolgen. Wanneer een kind naast dit onderhoudsgeld ook nog inkomsten had uit een vakantiejob, kwam het immers al snel boven de grens van de toegelaten bestaansmiddelen. En dat betekende dat het thuis niet meer ten laste was, wat voor de ouders vaak een extra belasting van enkele honderden euro's per jaar meebracht. Maar daar komt nu verandering in. Niet alleen worden de toegelaten bestaansmiddelen voor kinderen van een alleenstaande verhoogd tot 2.600 euro per jaar maar bovendien worden onderhoudsgelden tot maximaal 1.800 euro per jaar niet meer in aanmerking genomen als bestaansmiddelen. Voor kinderen van gescheiden ouders is dat een hele stap vooruit. Voortaan zullen ze niet meer hun toevlucht moeten nemen tot zwartwerk maar kunnen ze eindelijk in het officiële circuit terecht voor een bijverdienste zonder daarvoor fiscaal gestraft te worden.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n