Onvoorspelbare Britse centrale bank maakte slechts één foutje in tien jaar

De centrale banken hebben een zeer grote invloed op de economie en de financiële markten. De Tijd werpt een blik achter de schermen van de vier belangrijkste centrale banken. Vandaag: de Britse centrale bank.

De Bank of England is na de Zweedse Riksbank de oudste centrale bank ter wereld. Zij werd in 1694 opgericht om financiële middelen te mobiliseren voor de overheid. Het wanordelijke geld- en kredietsysteem slaagde er aan het einde van de 17de eeuw niet in voldoende geld te verzamelen om de tekorten op de begroting te dekken. Handelaar en bankier William Paterson stelde voor 1,2 miljoen pond te lenen aan de regering. De investeerders die geld uitleenden, kregen de leiding van de nieuwe Bank of England in handen.

De centrale bank moet zowel monetaire als financiële stabiliteit nastreven. Zij moet de inflatiedoelstelling van de regering realiseren. De Bank of England is niet meer verantwoordelijk voor het toezicht op de banken sinds ze er niet in slaagde de faillissementen van Barings en BCCI in de jaren 90 te voorkomen.

Vertrouwen herstellen

De inflatiedoelstelling werd in het begin van de jaren 90 ingevoerd om het vertrouwen in het monetaire beleid te herstellen. De geloofwaardigheid was zwaar aangetast omdat het pond zich niet had kunnen handhaven in het Europees Monetair Systeem.

De eerste jaren bepaalde de minister van Financiën het Britse rentebeleid. Maar dat veranderde in 1997. Onmiddellijk na de verkiezingsoverwinning van Labour besliste Gordon Brown, de nieuwe minister van Financiën, zijn bevoegdheid over het rentebeleid af te staan aan de centrale bank.

De regering bepaalt nog steeds de inflatiedoelstelling, maar het comité voor monetair beleid van de Bank of England is verantwoordelijk voor het rentebeleid en het realiseren van de doelstelling. Het comité telt negen leden. Vijf leden, onder wie gouverneur Mervyn King, zijn directieleden van de centrale bank en vier externe leden worden benoemd door de minister van Financiën.

Sinds eind 2003 moet de Bank of England streven naar een inflatie van 2 procent. De maatstaf voor inflatie is de index van consumptieprijzen die in alle landen van de Europese Unie op een vergelijkbare manier wordt berekend. Die keuze is opmerkelijk, want het VK heeft geen ambitie om lid te worden van de eurozone.

Als de inflatie meer dan 1 procentpunt afwijkt van de doelstelling moet de gouverneur van de Bank of England zich verantwoorden tegenover de minister van Financiën. Hij moet in een open brief uiteenzetten waarom de inflatie te hoog of te laag is en meedelen welke maatregelen hij zal treffen om de doelstelling te halen.

Open brief

De gouverneur heeft nog maar één keer een open brief moeten schrijven. In april van dit jaar bleek dat de inflatie in maart was gestegen tot 3,1 procent. King verwees in zijn brief naar de stijging van de energie- en voedselprijzen. Hoewel hij een spontane terugval van de inflatie voorspelde, liet hij ook doorschemeren dat de centrale bank de rente zou verhogen. Brown antwoordde meteen op de brief van King en sprak daarin zijn steun uit voor het beleid van de Bank of England.

Wat opvalt, is dat de bestuurders van de Britse centrale bank veel minder eensgezind zijn dan hun collega's van andere centrale banken. Zij namen al verscheidene keren beslissingen over het rentebeleid met een krappe meerderheid van vijf tegen vier. Unanimiteit is veeleer de uitzondering dan de regel. King werd al twee keer in de minderheid gesteld. De gouverneur kan zich dat niet te dikwijls veroorloven, anders is zijn geloofwaardigheid in gevaar. Bij de Amerikaanse Fed is het ondenkbaar dat voorzitter Ben Bernanke niet de steun zou krijgen van de meeste bestuurders.

Hoewel de Britse centrale bank al na twee weken de notulen van haar vergaderingen publiceert, is het monetaire beleid onvoorspelbaar. De Bank of England pakte in het voorbije jaar een paar keer uit met een verrassende renteverhoging. King beloofde dat de centrale bank zal proberen de voorspelbaarheid te vergroten. Maar hij weigert met codetaal de financiële markten voor te bereiden op renteaanpassingen, iets wat de Europese Centrale Bank wel doet.

Wouter Vervenne

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud