Slechts tijdelijk dipje voor levensverzekeringen

Het succes van levensverzekeringen is aan het tanen, maar dat is tijdelijk. De vergrijzing van de bevolking zwengelt de vraag naar spaarproducten op lange termijn nog altijd aan.

Sparen voor een mooi pensioen, is nog altijd een van de voornaamste bekommernissen van de Belgische bevolking. 'De levensverzekeringen zullen nog met aantrekkelijke volumes groeien', zegt Ivan Lathouders, een analist van Bank Degroof. 'In Europa en zeker ook in België. Steeds meer beleggers kiezen voor tak23-producten, of levensverzekeringen gekoppeld aan een beleggingsfonds.'

Lathouders gaat met zijn voorspellingen dwars in op Assuralia, de beroepsfederatie van de verzekeringssector. Levensverzekeringen waren vorig jaar minder in trek door een verzekeringstaks van 1,1 procent op de levensverzekeringen. De overheid voerde die in op 1 januari 2006. Om de taks te vermijden hebben eind 2005 veel mensen nog vlug een levensverzekering genomen of wat bijgestort. Met als gevolg dat 2006 in vergelijking met 2005 een jaar in mineur was. Maar daarom niet 'het einde van de wereld', vindt Lathouders.

België is een meer dan rijpe markt. Gemiddeld geeft een Belgische inwoner 3.300 euro uit per jaar uit aan verzekeringen. Het Europees gemiddelde schommelt rond 2.000 euro. Over de toekomst van de schadeverzekeringen is Lathouders minder optimistisch. 'De rendabiliteit op schadepolissen is vandaag zeer hoog, maar niet houdbaar. Ik denk bijvoorbeeld dat de verzekeringsmaatschappijen de extra dekking voor natuurrampen nog niet volledig hebben doorgerekend in de brandpolissen. De nodige prijsverhogingen daarvoor werden uitgesteld om commerciële redenen.'

Dat sommige schadeverzekeraars zich wagen aan een tarievenoorlog - en dan vooral in de autoverzekeringen - heeft alles te maken met een overschot aan kapitaal. 'Die buffer maakt een prijzenstrijd mogelijk'

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud