Institutionele toenadering NBB, CBF en CDV als tussenstap voor fusie

Als het afhangt van de bevoegde federale ministers, Didier Reynders en Charles Picqué, dan is de institutionele toenadering tussen de Nationale Bank (NBB), de Commissie voor het Bank- en Financiewezen (CBF) en nu ook de Controledienst der Verzekeringen (CDV), nog deze zomer een feit. Maar de hervorming, die wegens een aantal dringende dossiers nog deze legislatuur wordt doorgevoerd, is slechts een tussenstap naar een fusie tussen het bank- en verzekeringstoezicht.

Donderdag berichtte deze krant dat de hervorming van het financieel toezicht in een stroomversnelling zit. De federale ministers van Financiën en Economie, Didier Reynders en Charles Picqué, hebben hun ideeën gebundeld in een gezamenlijk wetsontwerp van 144 bepalingen dat wellicht al volgende week vrijdag aan de ministerraad wordt voorgelegd.

Het wetsontwerp voorziet onder meer in de oprichting van een overkoepelende structuur die de drie financiële toezichthouders - Nationale Bank (NBB), de Commissie voor het Bank- en Financiewezen (CBF) en de Controledienst der Verzekeringen (CDV) - nauwer laat samenwerken, zonder dat daarvoor een fusie noodzakelijk is.

Het toezicht wordt zo aangepast aan de groeiende complexiteit van de markt, waarin de opmars van internationale conglomeraten het onderscheid tussen banken, verzekeraars en beursvennootschappen steeds verder doet vervagen. Een evolutie waarop het huidige netwerk van internationale, contractuele samenwerkingsovereenkomsten (Memoranda of Understanding of MOU's) niet langer een voldoende antwoord biedt.

Gezien de opeenstapeling van dringende dossiers - Euronext, de overname van Easdaq door Nasdaq Europa en het ontbreken van een vertegenwoordiging in de Bazel II-werkgroep voor KMO-kredieten - kon de hervorming van het financieel toezicht niet langer op zich laten wachten.

Als alternatief stellen Reynders en Picqué een institutionele samenwerking voor tussen de drie financiële toezichthouders, die sterk gelijkt op de uitgewerkte hervormingen in andere Europese lidstaten. De samenwerking heeft betrekking op verschillende niveaus, waarbij het niet alleen de bedoeling is tot synergieën te komen, maar ook de besluitvorming bij de verschillende prudentiële controleoverheden te vereenvoudigen.

Het eerste niveau is dat van het systeemtoezicht, dat wordt ondergebracht in de nieuw op te richten 'Raad van toezicht van de overheid der financiële diensten'. Dit nieuwe toezichtsorgaan wordt beschouwd als een soort intersectoraal gespreksforum voor algemene beleidsvragen en als coördinatieorgaan tijdens financiële crisissen zoals die van 11 september.

Een tweede niveau is dat van het operationele toezicht, dat wordt ondergebracht in een 'Comité voor financiële stabiliteit'. Dit nieuwe orgaan herbergt de directiecomités van NBB, CBF en CDV, die nog enkel bevoegd zijn voor het sectortoezicht en het beheer van individuele dossiers.

Aangezien de scheiding tussen systeem- en operationeel toezicht binnen het bank- en verzekeringstoezicht officieel niet bestond, zullen daarvoor bij zowel de CBF als de CDV aparte directiecomités moeten worden opgericht. Dat betekent dat de onderzoeks- en beslissingstaken binnen de toezichthouders worden opgesplitst, waardoor belangenvermenging kan worden voorkomen.

Ten slotte is er de samensmelting van een aantal ondersteunende operationele diensten, zoals administratie, logistiek, juridisch advies of externe relaties. Daarover moeten de drie toezichthouders voor 31 december een akkoord sluiten, zo niet hakt de regering op basis van 'best practices' zelf de knoop door.

Bovenstaande institutionele toenadering is echter geen eindpunt. De overkoepelende structuur wordt in de regering beschouwd als een tussenstap in de richting van de integratie van CBF en CDV in een unieke entiteit. Een idee dat in andere Europese landen steeds meer opgeld maakt, maar de Belgische verzekeraars doet huiveren. Ze vinden dat de verzekeringssector over een eigen controleorgaan moet blijven beschikken omdat de technische aspecten van het verzekeringswezen te specifiek en eigen zijn.

Maar aangezien het wetsontwerp aan deze eis voldoet, reageerde Guido Vernaillen, directeur-generaal van de CDV, donderdag al voorzichtig optimistisch. 'Er is met onze eisen rekening gehouden. We behouden autonoom toezicht over de verzekeringsondernemingen en de samenwerking wordt geïnstitutionaliseerd. Het gedeeltelijk samenvoegen van de operationele diensten zal ons bovendien meer middelen geven', is de mening van Vernaillen.

De Beroepsvereniging van Verzekeringsondernemingen (BBVO) wou gisteren nog niet reageren. De verzekeraars hebben er wellicht meer moeite mee dat dit wetsontwerp slechts uitstel van executie is, wat het kabinet van minister Picqué overigens bevestigt. "De minister heeft de idee van een fusie opgegeven omdat hij er gewoon geen tijd meer voor had. Het is niet mogelijk tijdens de resterende legislatuur de twee instellingen correct te versmelten. Er zijn bijvoorbeeld te veel verschillen in de statuten van het personeel. In afwachting heeft de minister gekozen voor een eerste stap in de toenadering tussen de CBF en de CDV", verklaart Bertrand Leton, kabinetsmedewerker aan het ministerie van Economie.

Saar SINNAEVE

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud