Huisje, treintje en banaan laten zich niet gemakkelijk exporteren

-- (tijd) - Het treintje, de banaan, de vis of het huisje: de figuurtjes die kinderen het verdwalen moeten beletten, zijn intussen een vertrouwd beeld op onze stranden. Ook in het buitenland duiken de Belgische oriëntatiepalen op, al blijft een grootschalig succes nog uit. Of hoe een fantastisch idee toch niet zomaar meteen te exporteren valt. 'Als ik in het buitenland presentaties geef, is iedereen razend enthousiast. Maar met enthousiasme alleen verkoop je nog niet.'

'Mijn palen zijn een puur Belgische uitvinding. Het concept is uniek', stelt Dominiek Vervaecke, de West-Vlaamse vijftiger die zowat 15 jaar geleden het idee bedacht. 'Die palen zijn eigendom van mijn vennootschap, en worden gratis ter beschikking gesteld aan de Belgische kustgemeenten. Zij doen de plaatsing en brengen de palen na het seizoen weer naar mij', verklaart hij. Zijn bedrijfje Media Consulting houdt zich daarnaast bezig met andere activiteiten zoals overheidscommunicatie en festiviteiten. Maar de oriëntatiepalen maken voor het grootste deel van de omzet uit.

Eigenlijk staat of valt het project in ons land met sponsoring. Eerst steunde Royal Belge (en nadien AXA) het palenproject. Nu beschikt het project, naast de steun van de federale overheidsdienst van Binnenlandse Zaken, over KBC Verzekeringen als sponsor. 'KBC betaalt een flink deel van mijn loon', geeft Vervaecke toe. Volgens hem ligt de sponsoring van KBC in de lijn van een huidige tendens in marketingcommunicatie. 'Het komt er niet zozeer op aan te zeggen dat je de beste bent. In de plaats daarvan geef je de mensen veeleer een goed gevoel. In dit geval is dat dan een goed gevoel over hun kinderen tijdens hun verblijf aan onze stranden.'

Armbandjes

Aan de Belgische kust staan er ruim 130 verdwaalpalen, met bovenop een bal, banaan, trein, huis, boot of visje. Sinds een jaar of vier zijn er ook bijbehorende armbandjes met dezelfde symbooltjes, die gratis worden aangeboden, dit jaar ruim 400.000 aan onze kust. Dat aan de Belgische stranden de jongste jaren steeds minder kinderen verdwalen, is dus niet enkel de verdienste van oplettende ouders. Het erg goed ingeburgerde systeem van de oriëntatiepalen en armbandjes speelt hierbij een grote rol. Cruciaal was, volgens de initiatiefnemer, het uitbreiden van het distributienetwerk voor de armbandjes. 'Nu kunnen ouders ze ophalen bij de kustredders, aan de toeristische dienst of de toiletten, aan de verdwaalpalen of aan de stand van het Rode Kruis.'

Gedurende al die jaren heeft Vervaecke met dit project veel leergeld moeten betalen. De eerste palen waren indertijd van een belabberde kwaliteit waardoor de productie helemaal moest worden herdacht. Ook aan het opzet van de armbandjes moest worden gesleuteld. 'Eerst kozen we voor armbandjes uit kunststof die enkele jaren zouden moeten meegaan, maar dat sloeg niet echt aan. Vandaag gaat het echt om gratis wegwerpproducten, bedoeld voor eenmalig gebruik.' Vervaecke probeerde de zes figuurtjes ook via merchandisingproducten te exploiteren. Zo lanceerde hij ooit T-shirts en balpennen met de figuurtjes, 'maar een groot succes was dit nog niet', moet hij vaststellen.

Venetië

De palen werden wel een Belgisch exportproduct. Op buitenlandse stranden in Frankrijk, Spanje (Benidorm) en Venetië staan nu al ongeveer evenveel verdwaalpalen als aan onze kust. 'Het gaat hier om dezelfde palen, ook in Benidorm ligt mama dus onder het treintje', zegt Vervaecke niet zonder trots. Ondanks het succes is hij er naar eigen zeggen niet rijk van geworden. 'Maar als ik het concept in de VS had bedacht, was dat misschien wel het geval geweest.'

Ook al is de buitenlandse verkoop verdienstelijk, toch blijft een grootschalige doorbraak uit op de buitenlandse stranden. Waar Vervaecke in België kan terugvallen op een sponsor, ziet het bedrijfsmodel er in de andere landen erg verschillend uit. Soms worden de palen rechtstreeks aangekocht door de gemeente, soms betaalt de gemeente enkel een waarborg voor het gebruik ervan en soms (zoals in Frankrijk) doet hij een beroep op een doorverkoper. 'Het beste model is te werken met een tussenpersoon', vertelt hij. 'Mijn energie gaat nu volop naar het zoeken van zo'n buitenlandse partner die daarginds de kanalen kent. Ideaal zou zijn om bijvoorbeeld één sponsor voor het buitenland te vinden die het project op grote schaal mee trekt. Dat zou de export kunnen vergemakkelijken.'

Het enthousiasme van Vervaecke voor het buitenlandse avontuur, dat tot voor een jaar of drie op rolletjes leek te lopen, blijkt dus een beetje bekoeld. Zijn geweldige idee vindt toch niet zomaar meteen een afnemer in de buurlanden. 'Als ik in het buitenland presentaties geef over de verdwaalpalen, is iedereen daar werkelijk razend enthousiast. Toehoorders komen me soms feliciteren', vertelt hij. 'Maar enthousiasme is slechts een begin. Daar verkoop je nog niks mee. Soms duiken er voor zo'n buitenlandse kustgemeente plots andere prioriteiten op, zoals het verbeteren van de sanitaire voorzieningen op de stranden. En dan gaat mijn idee in de ijskast. Of zo was er in Portugal een gemeentebestuur dat zijn goedkeuring had gegeven, maar bij de verkiezingen niet werd herkozen. Zo wordt een heel project afgeblazen en kan je opnieuw beginnen.'

Redders

Bovendien willen de prioriteiten voor de strandvoorziening tussen ons land en de omliggende landen wel eens verschillen. 'Je mag niet vergeten dat onze Belgische kust qua accommodatie erg goed is uitgerust. Zo worden bijvoorbeeld deze zomer aan onze stranden in juli alleen al vijfhonderd redders ingeschakeld', weet Vervaecke. 'In andere landen kunnen kusttoeristen lang niet van dergelijke voorzieningen genieten. Prioriteiten verschillen van land tot land, ook in het beheer van de stranden. Ook dat heb ik geleerd in al die jaren.' William VISTERIN

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud