Past het klimaat ook in uw portefeuille?

©AFP

Themafondsen kunnen een mooie verrijking vormen van een klassieke beleggersportefeuille. Het draait echter niet alleen om diversificatie, maar ook om overtuiging.

Naast de klassieke beleggingsfondsen die in obligaties, aandelen of in een combinatie van beide investeren, is het aanbod voor beleggers de voorbije decennia uitgebreid met een hele reeks themafondsen. Dergelijke fondsen zijn in principe zuivere aandelenfondsen die focussen op (nieuwe) ontwikkelingen in de maatschappij en de wereld. Ze spelen in op ‘megatrends’: trends die een lange periode aanhouden en daardoor potentieel voor beleggers opleveren. Het kan gaan om nieuwe technologieën in bepaalde sectoren, om noden van de wereldbevolking zoals gezondheid, goede voeding of schoon water, of om mondiale problemen zoals de klimaatverandering, de groeiende wereldbevolking of de schaarser wordende landbouwgronden.

Het gaat niet alleen om het thema, je moet ook de bedrijven kunnen vinden die eraan verdienen, liefst nu al.
Ed Verstappen
Client portfolio manager bij Robeco

Vanuit beleggersperspectief is de achterliggende gedachte dat themafondsen bedrijven selecteren waarvan ze verwachten dat ze zullen profiteren van bepaalde ontwikkelingen en daardoor mogelijk beter zullen presteren dan de markt. Veelal gaat het om innovatieve bedrijven, de ‘winnaars van morgen’, al komen ook gevestigde namen in aanmerking.

Een trendy thema betekent niet dat ook het rendement van een themafonds direct ‘trendy’ zal zijn. Beheerders van themafondsen benadrukken telkens weer dat beleggers enkel in zo’n fonds moeten stappen met een voldoende lange horizon, zeg maar vijf à zeven jaar. Ze investeren in bedrijven die pas in de toekomst hun volle potentieel ontplooien. Tussentijds kunnen die bedrijven wel op en neer gaan met de markt en de economische cycli. Vanuit waarderingsoogpunt is het zaak die bedrijven vroeg genoeg te ontdekken om zo veel mogelijk opwaarts potentieel in te bouwen in een fonds.

 Voldoende breed

Een mooi rendement is een ding, maar vaak niet de doorslaggevende reden waarom beleggers voor een bepaald thematisch fonds opteren. Veelal voelen ze zich aangetrokken omdat het thema hen interesseert of na aan het hart ligt. ‘Als je in een themafonds wil investeren, moet je overtuigd zijn’, zegt Simon Webber, de beheerder van het SISF Global Climate Change Equity-fonds van Schroders. Hij wijst ook op de cruciale rol van de vermogensbeheerder bij het ontwerp van een themafonds. ‘Als je een thema correct definieert, kan het een hele tijd mee, is het heel krachtig en werkt het ondersteunend voor de onderliggende activa.’

Een belangrijke voorwaarde voor een succesvol themafonds is dat het onderwerp voldoende breed moet zijn zodat het genoeg beleggers kan boeien. ‘Je mag een thema niet te nauw definiëren, anders wordt het te ‘nichy’’, zegt Ed Verstappen, client portfolio manager van Trends & Thematic Investing bij Robeco. Een tweede reden is puur technisch: het universum waaruit de fondsbeheerder wil putten, moet ruim genoeg zijn zodat er voldoende keuze en potentiële beleggingsinstrumenten zijn. Verstappen: ‘Het gaat niet alleen om het thema, je moet ook de bedrijven kunnen vinden die eraan verdienen, liefst nu al.’ Als tegenvoorbeeld vernoemt hij de zonnepanelen. Dat leek een veelbelovende sector, een ‘goed verhaal’. Maar door de grote concurrentie hebben bedrijven er nauwelijks aan verdiend.

Drie voorbeelden van themafondsen maken duidelijk waar er anno 2019 potentieel kan zitten voor beleggers die iets verder willen kijken. We laten achtereenvolgens een klimaatfonds, een fintechfonds en een fonds dat inspeelt op de behandeling van kanker de revue passeren.

 Klimaat

Het klimaat is een hot topic. De klimaatmarsen en -betogingen maken duidelijk dat heel veel mensen zich zorgen maken over het lot van onze planeet. Die bezorgdheid is niet nieuw. De eerste protestbewegingen doken op in de jaren 50 en 60, maar pas nu is er een algemene bewustwording, althans in de westerse wereld.

De strijd tegen de klimaatverandering bevat brood voor beleggers. Dat had Schroders in 2007 al begrepen toen het van start ging met ISF Global Climate Change Equity. Dat fonds speelt in op bedrijven over de hele wereld die zullen profiteren van de inspanningen en de aanpassingen om de klimaatverandering af te remmen. ‘We waren bij de eersten die een klimaatfonds lanceerden. Onze filosofie is in die elf jaar onveranderd gebleven. In onze keuze van aandelen zijn we niet steeds voor de ‘gemakkelijke’ bedrijven gegaan, diegene die inzetten op hernieuwbare energie, maar kijken we veel ruimer’, legt fondsbeheerder Simon Webber uit.

Schroders heeft zijn fonds opgebouwd rond vijf subthema’s, die voor 95 procent van de beleggingen tekenen. Schone energie, die bij de stroomopwekking geen CO2 produceert, is het meest voor de hand liggend. Het gaat om alles wat niet met fossiele brandstoffen te maken heeft. Een tweede thema is duurzaam vervoer. ‘Transport is de grootste verbruiker van aardolie’, merkt Webber op. De omschakeling naar elektrische auto’s is pas begonnen, maar ook hybride auto’s en wagens op aardgas bieden soelaas. Met milieuvriendelijke grondstoffen belanden we bij zaken als afvalbeheer, drink- en afvalwater, land- en bosbouw, met alle infrastructuur en uitrusting die daarbij horen. Energie-efficiëntie is een vierde subthema en draait rond het gebruik van lichte materialen, verlichting, slimme netwerken, meting en controle. Met ‘Low Carbon Leader’ gaan Webber en zijn team op zoek naar bedrijven die de beste technologie in huis hebben en daardoor veel minder CO2 produceren. Als voorbeeld geeft hij de Noorse aluminiumproducent Norsk Hydro, wiens smelters op stroom draaien die is opgewekt door water kracht centrales. Daardoor bedraagt hun CO2-uitstoot maar een derde van die van Chinese concurrenten.

 De vijf subthema’s leveren Schroders een universum van circa 600 bedrijven op. ‘Op basis van een bottom-upanalyse halen we daar de beste bedrijven uit’, zegt Webber. De portefeuille telt ongeveer 65 posities, terwijl het aantal in principe schommelt tussen 40 en 70. De omloopsnelheid bedraagt  30 procent, wat betekent dat jaarlijks een derde van de aandelen vervangen wordt. ‘We hebben een voortdurende stroom van nieuwe ideeën en we zijn actieve beleggers die ons engagement tegenover bedrijven ernstig nemen’, klinkt het. Bij de grootste posities vallen Alphabet en Amazon op, twee bedrijven die je niet direct in een klimaatfonds verwacht. Volgens Webber heeft dat te maken met de investeringen van beide reuzen in ‘cloud computing’. Door de betere benutting ligt de efficiëntie van de computerinfrastructuur veel hoger dan als een bedrijf met eigen computers werkt. Door de aard van de beleggingen is ISF Global Climate Change Equity niet bepaald een defensief fonds. Bijzonder sterke jaren wisselen af met zwakke. Sinds de start in juni 2007 bedroeg het jaarlijks rendement 3,1 procent (per  31 januari 2019), wat iets minder is dan de MSCI World.

 

 Fintech

Robeco heeft een lange ervaring met themafondsen. Eind jaren 90 begon de Nederlandse vermogens-beheerder met sectorfondsen. In 2009 werden die omgevormd tot thematische fondsen die minder de benchmark - de sectorindex - in het oog houden. Een van die fondsen was een financieel fonds. Uit een van de subthema’s van dat fonds, met name financiële technologieën, ontstond eind 2017 het Robeco Global FinTech Equities-fonds. Dat stoelt onder meer op de overtuiging dat online betalen de regel wordt en cash de uitzondering, en dat nieuwe technologieën tot efficiëntiewinsten leiden en nieuwe businessopportuniteiten scheppen.

‘De eerste vraag die we ons stelden toen we besloten een fintechfonds op te richten, was: is het universum groot genoeg? Met 200 tot 220 namen bleek dat het geval. Maar dan rees de vraag of we de risico’s konden diversifiëren, wat belangrijk is als een bepaald segment het even niet goed doet. Een derde vraag was of de meeste bedrijven volwassen genoeg zijn om uitzicht op winst te hebben’, schetst Ed Verstappen de uitdagingen.

De (beursgenoteerde) bedrijven uit Robeco’s universum zijn terug te brengen tot een tiental segmenten. Betalingen ligt voor de hand, gaande van kredietkaarten (met grote spelers als Visa en Mastercard) tot het afhandelen van elektronische be-talingen (denk aan Worldpay, PayPal of Wirecard). Maar ook beveiliging is een wezenlijk onderdeel van fintech. ‘Alles wat digitaal is, kan worden gehackt’, zegt Verstappen. Andere segmenten zijn elektronische trading, data-analyse, software voor financiële dienstenbedrijven en DLT. Dat laatste staat voor ‘distributed ledger technology’, waarvan blockchain een voorbeeld is. De Robeco-man stelt onmiddellijk gerust: ‘We doen niets met cryptomunten, maar we geloven wel in de blockchaintechnologie.’

Het universum dat voor een investering in aanmerking komt, deelt Robeco in drie categorieën in: winners, enablers en challengers. Bij de winners vinden we gevestigde kwaliteitsbedrijven met een vrij hoge waardering en groei, en een marktkapitalisatie van meer dan 20 miljard dollar. De enablers helpen de financiële sector zich te ontwikkelen. ‘Dat zijn bijna saaie bedrijven die iets duurder noteren en een winstgroei van 8 à 10 procent laten optekenen.’ De challengers vormen het meest gedurfde deel van de portefeuille: jongere, minder gevestigde bedrijven die het potentieel hebben uit te groeien tot de winnaars van morgen.

Sinds de start in december 2017 behaalde het Global FinTech Equities-fonds een rendement 12,3 procent, tegen 2,7 procent voor de MSCI AC World-index. Dat is deels wel aan de sterke januarimaand te danken. Verstappen relativeert: ‘Het gaat maar over één jaar. Je moet daar dus een beetje mee oppassen. Het doel is goed te presteren over een periode van drie tot vijf jaar en het gemiddeld 4 procentpunten beter te doen dan de wereldwijde beurzen.’

Kankerbestrijding

Van een heel andere orde is Belfius Equities Cure,een beleggingsfonds dat de Belgische staatsbankbegin februari lanceerde. Het gloednieuwe fonds wil twee vliegen in een klap slaan: enerzijds beleggers de kans geven te investeren in bedrijven die oplossingen zoeken om kanker op te sporen en te behandelen, anderzijds de strijd tegen kanker steunen. Dat laatste gebeurt door 10 procent van de beheerskosten af te staan aan de Stichting tegen Kanker.

10%
Belfius staat 10 procent van de beheerskosten van zijn kankerfonds Belfius Equities Cure af aan de Stichting tegen Kanker.

Waarom een kankerfonds? In de eerste plaats omdat kanker de tweede doodsoorzaak is in ons land na hart- en vaatziekten. Een op de drie mannen en een op de vier vrouwen krijgen ermee te maken voor de leeftijd van 75 jaar. Elk jaar krijgen meer dan 68.000 Belgen te horen dat ze kanker hebben. De ziekte boezemt nog steeds veel angst in, maar de voorbije dertig jaar is grote vooruitgang geboekt in het opsporen en het behandelen van de ziekte. Voor diverse kankers zijn de overlevingskansen sterk toegenomen.

Het nieuwe fonds van Belfius is een feederfonds van een recent opgericht fonds van Belfius’ jarenlange partner Candriam, met name Candriam Equities L Oncology Impact. Candriam heeft 20 jaar ervaring met gezondheidszorgfondsen en heeft een team van ervaren wetenschappers in huis. Dat is noodzakelijk om het belang van recente evoluties in de kankerbehandeling te kunnen inschatten. ‘Ons fonds wil helpen de strijd tegen kanker in brede zin aan te gaan’, zegt Rudi Van den Eynde, hoofd thematische wereldwijde aandelen. Het fonds focust op vier segmenten, te beginnen met diagnostiek en onderzoek, waarvan het belang niet onderschat mag worden. ‘Een vroege diagnose biedt meer kans op genezen en overleven.’ Het segment farma en biotech bestrijkt het hele spectrum van geneesmiddelen en behandelingen. Medische technologie omvat onder meer bestralingsapparatuur. Het laatste segment, big data en AI, doet misschien de wenkbrauwen fronsen. Data-analyse is van wezenlijk belang bij de therapiekeuze, terwijl artificiële intelligentie onder meer kan helpen om medische beelden te screenen en beter kankers te kunnen opsporen. Van de portefeuille is 40 procent geïnvesteerd in largecaps en circa 35 procent in midcaps. Naar regio overheersen de Verenigde Staten. Bijna twee derde van de geïnvesteerde bedrijven is Amerikaans van oorsprong. De Europese Unie tekent voor een goede 20 procent.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect