‘We houden van bedrijven die veel activa bezitten'

©AFP

Een fonds dat hoogrentende obligaties bundelt die in hetzelfde jaar vervallen? La Française doet het met Rendement Global 2025.

‘In ons fonds zitten alleen obligaties die in 2025 aflopen. Andere zal je er niet in vinden. Dat vermijdt onaangename verrassingen’, steekt Thibault Chrapaty van wal. De jonge Fransman is een van de twee beheerders van La Française Rendement Global 2025. Door een fonds samen te stellen met alleen obligatieleningen die in 2025 op vervaldag komen, weten beleggers perfect waar ze aan toe zijn.

De naam van het fonds wijst nog op twee andere dingen: het is een fonds dat een degelijk rendement nastreeft en het belegt wereldwijd. Het gemiddelde brutorendement tot eindvervaldag bedraagt 8,25 procent. Daarvan moeten de beheerskosten worden afgetrokken, en ook de hedgingkosten want het fonds dekt zich voor 100 procent in tegen het wisselkoersrisico.

WIE IS LA FRANÇAISE?

> Een Franse vermogensbeheerder die voor ruim 85 procent gecontroleerd wordt door de Franse bank- en verzekeringsgroep Crédit Mutuel Nord Europe.

> De beheerder is vooral gespecialiseerd in vastgoed en obligaties.

> La Française biedt in België vijf fondsen aan.

Het hoge rendement vloeit voort uit het feit dat het om een zuiver ‘high yield’-product gaat (hoogrentende obligaties). Het fonds investeert vooral in bedrijfsobligaties, waarvan circa 60 procent een B-rating heeft. Ongeveer 20 procent heeft een BB-rating, een kleine 20 procent een CCC-rating. ‘Triple C is niet bepaald onze favoriete sector. Vaak gaat het om kleinere bedrijven die actief zijn in een sector die het moeilijk heeft. Maar vaak verdienen de emittenten een hogere rating’, legt Chrapaty uit.

Hij geeft als voorbeeld de Franse diepvriesproductengroep Picard, die een B-rating heeft en naast een ‘senior lening’ ook een achtergestelde obligatielening met een CCC+-rating heeft uitgegeven. ‘Picard is een goed bedrijf, niemand vreest financiële problemen. Als je voor triple C gaat, kies je het best solide emittenten.’

De portefeuille van Rendement Global 2025 telt ook een beperkt aantal overheidsobligaties. Het gaat om papier van groeilanden. Ook obligaties van bedrijven uit groeilanden komen in aanmerking, maar dan opteren Chrapaty en zijn team voor beursgenoteerde bedrijven, omdat die duidelijker rapporteren, transparanter zijn en (in principe) beter bestuurd worden. In totaal omvat het fonds ongeveer 150 posities. Dat lijkt veel, maar door het meer risicovolle karakter is diversificatie noodzakelijk, ook geografisch. De fondsbeheerders moeten grondig de bedrijven analyseren waarvan ze het schuldpapier kopen.

8,25%
Het gemiddelde brutorendement tot eindvervaldag van Rendement Global 2025 is 8,25 procent.

‘We houden van bedrijven die activa bezitten’, gaat Chrapaty verder. Omdat het vaak om ondernemingen met bepaalde problemen gaat, vormen dergelijke activa een beschermend schild. ‘In geval van nood kunnen de activa worden verkocht. En mocht de economie net dan in een moeilijke fase zitten, waardoor verkoop niet mogelijk is, dan maken die bedrijven - met hun eigendommen als onderpand - meer kans om een banklening los te peuteren.’

Belgisch

Een voorbeeld van een dergelijk bedrijf is het Belgische Sarens, een specialist in moeilijke hijswerken en het vervoer van omvangrijke ladingen. Sarens zit financieel in nauwe schoentjes. De voorbije jaren investeerde het tientallen miljoenen in materieel voor een oliewinningsproject in Kazachstan. Dat project moet nog op toeren komen en was in 2017 een van de oorzaken van het aangedikte nettoverlies. Sarens was genoodzaakt een obligatielening uit te geven met een looptijd tot 2022 en een coupon van 5,875 procent. Het bedrijf bezit echter een vloot van meer dan 1.500 kranen. Op een derde daarvan rust geen pandrecht. ‘We volgen Sarens al jaren en zijn met een ander fonds ingestapt’, zegt Chrapaty.

Defaults - waarbij bedrijven in gebreke blijven met de terugbetaling van hun obligatielening - komen bij high yield voor in circa 4 procent van de gevallen. ‘Dat is vrij veel. Daarom moet een fonds als het onze actief beheerd worden’, benadrukt Chrapaty. Bij La Française zijn vijf mensen voltijds bezig met high yield-obligaties en vier met de groeimarktobligaties. Daarnaast zijn er nog eens vier medewerkers die instaan voor ‘investment grade’ (kwaliteitsobligaties) en input kunnen geven. Het 2025-fonds had overigens al twee voorlopers, een 2020- en een 2022-fonds, zodat de beheerders ervaring hebben.

Het universum van high yield-obligaties is sinds het begin van het millennium sterk gegroeid. De markt is meer dan 2.000 miljard dollar groot tegen circa 500 miljard in 2001. Toen was de markt bijna volledig Amerikaans. Na de financiële crisis van 2008-2009 werden in Europa de banken strenger bij het toekennen van leningen en bloeide ook daar de ‘high yield’-markt open. Een gelijkaardig effect had de olie- en grondstoffencrisis van 2015-2016 op de groeilanden.

Typisch aan een ‘maturiteitsfonds’ is dat het op een bepaald ogenblik op slot gaat. ‘Momenteel zit ruim 500 miljoen euro in Rendement Global 2025, maar we willen het fonds niet te groot laten worden’, zegt Chrapaty. 800 miljoen euro is in de praktijk zowat de maximumgrens. Volgens de planning is 31 maart 2020 de laatste datum om in te stappen.

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect