‘Houd moderne slavernij weg uit uw fonds’

De toenemende vraag naar rubberen handschoenen door de coronacrisis leidde tot een verslechtering van de arbeidsomstandigheden in fabrieken die deze handschoenen produceren. ©REUTERS

De coronacrisis heeft aangetoond dat moderne slavernij wijdverspreider is dan gedacht. Bedrijven of leveranciers die zich er schuldig aan maken, riskeren reputatie- en financiële schade en zijn te mijden, ook in uw fonds.

Begin juli legden onderzoeksjournalisten van The Sunday Times zware misstanden bloot bij de leveranciers van de Britse onlinekledinggroep Boohoo. Sommige arbeiders, vaak van etnische minderheden, zouden in de ateliers in het Britse Leicester 3,50 pond per uur betaald worden. Het wettelijke Britse minimumloon bedraagt 8,72 pond. Voorts bleken de afstandsregels tijdens de coronacrisis genegeerd te zijn in de krappe en slecht onderhouden fabrieken. Handgel of mondmaskers waren er niet.

Het nieuws over haar leveranciers deed de aandelen van de kledinggroep in enkele dagen met 50 procent kelderen. Volgens BMO Global Asset Management (BMO GAM), een Canadese vermogensbeheerder die in ons land 17 fondsen heeft geregistreerd, is het geval in Leicester verre van alleenstaand. ‘De coronacrisis heeft het wijdverspreide probleem van de moderne slavernij opnieuw aan de oppervlakte gebracht’, zegt Catherine McCabe, die zich bij BMO GAM heeft gespecialiseerd in het onderwerp. ‘In tijden van crisis lopen slachtoffers van moderne slavernij een groter risico op uitbuiting. De reactiesnelheid van de regeringen is dan vaak trager omdat er andere prioriteiten zijn. We zagen tijdens de coronacrisis dat bedrijven die instaan voor de bevoorrading van de gezondheidszorg snel werknemers in dienst moesten nemen om aan de exploderende vraag naar veiligheidsmateriaal en apparatuur te voldoen. Op die momenten nemen de risico’s op moderne slavernij toe’, zegt ze.

De coronacrisis heeft het wijdverspreide probleem van de moderne slavernij opnieuw aan de oppervlakte gebracht.
Catherine McCabe
fondsbeheerder BMO GAM

Handschoenen

Een van de bedrijven die BMO GAM daarover aan de tand voelde, was Top Glove, een fabrikant van rubberhandschoenen met hoofdkantoor in Maleisië. ‘In dat land zijn de risico’s op moderne slavernij verhoudingsgewijs al hoog. Toen het nieuws kwam dat het bedrijf in korte tijd minstens 1.000 werknemers nodig had, deed dat bij ons enkele alarmbellen afgaan. Het risico nam toe dat de werknemers te dicht op elkaar zouden moeten werken’, zegt McCabe.

De moderne slavernij kreeg door de coronacrisis veel aandacht. Voor BMO GAM speelt het thema al langer een rol bij de aandelenselectie. ‘In 2019 en het eerste kwartaal van 2020, nog voor de coronacrisis uitbrak, hebben we bij 32 bedrijven onderzoek gevoerd naar de risico’s op moderne slavernij. We focusten op sectoren met een relatief hoog risico, zoals kleding, autoconstructie en technologiebedrijven’, zegt McCabe.

In de autosector krijgt moderne slavernij meer aandacht door de toegenomen vraag naar elektrische auto’s, waarvan de batterijen kobalt bevatten. Ernstige en systematische schendingen van de mensenrechten zijn gebruikelijk in de kobaltmijnbouw. Het gaat om kinderarbeid, de blootstelling aan gezondheidsrisico’s door de hoge niveaus van toxische metalen en het ontbreken van de meest elementaire veiligheidsuitrusting in en rond de mijnen.

Kobalt

‘Meer dan de helft van de kobaltvoorraad in de wereld komt van de Democratische Republiek Congo, een land dat heel slecht scoort in de Global Slavery Index’, zegt McCabe. Gelukkig neemt de bewustwording toe. ‘Het is bemoedigend dat veel grote autofabrikanten - waaronder Ford en General Motors - lid zijn van het Responsible Minerals Initiative (RMI). Ze zetten in op de naleving van verantwoorde bevoorrading uit conflictgebieden en gebieden met een hoog risico op moderne slavernij’, zegt ze.

De grootste pluim geeft McCabe aan de Belgische materialengroep Umicore. ‘Het is een bedrijf met een voorbeeldige rapportage over de inkoop van kobalt. Het was het eerste bedrijf ter wereld dat een inkoopcharter voor duurzame kobalt tekende’, zegt ze.

Ook in de kledijsector groeit de gevoeligheid. Transparantie over de leveranciers speelt een cruciale rol. ‘De Zweedse kledingketen H&M heeft de transparantie van haar toeleveringsketens verbeterd. H&M onthult de namen, de locaties en aanvullende informatie van de fabrieken die de merkproducten produceren’, zegt ze. Opmerkelijk is volgens McCabe dat de producenten van dure kledij niet noodzakelijk transparanter zijn. Armani en Ralph Lauren zijn voorbeelden van luxemerken die geen informatie geven over hun toeleveringsketen.’

De toenemende aandacht voor moderne slavernij is ook het gevolg van wetgeving. De Modern Slavery Act, die de Britse overheid in 2015 invoerde, is een van de meest verstrekkende wetten over moderne slavernij en heeft ongetwijfeld bijgedragen aan het verbeteren van het toezicht op moderne slavernij in de toeleveringsketens. De Britten hebben het kader geschapen voor gelijkaardige wetgevende initiatieven in onder meer Australië, Canada, Frankrijk en Nederland.

Umicore tekende als eerste bedrijf ter wereld een inkoopcharter voor duurzame kobalt.
catherine mccabe
fondsbeheerder bmo gam

Maar er is nog werk aan de winkel. Een onafhankelijke controle op de naleving van de Britse wet bracht in 2019 aan het licht dat 40 procent van de bedrijven die in het toepassingsgebied van de wet vallen, niet voldeed aan de regels. Problematisch is dat aan de niet-naleving tot nu toe geen sancties verbonden waren. Daardoor werd de effectiviteit van de wet ernstig in vraag gesteld. De Britse overheid liet inmiddels weten de aanbevelingen van het onderzoek te bekijken. Maar een antwoord is er nog niet.

Om die reden blijft BMO GAM zeer alert om dat risico in de portefeuilles te vermijden. ‘Grote bedrijven met wereldwijde voetafdrukken lopen grote risico’s als ze nalaten moderne slavernij te identificeren. We zijn er sterk van overtuigd dat inspanningen om het welzijn van de werknemers te verbeteren niet alleen de bedrijfscontinuïteit vergemakkelijken, maar het risico van reputatieschade en verlies van vertrouwen bij de consument verkleinen’, zegt McCabe.

De fondsbeheerder spreekt in het universum van ondernemingen van ‘leiders en achterblijvers’. ‘De kloof lijkt groter te worden. Veel bedrijven geven geen of zeer weinig informatie over hoe zij zich beschermen tegen moderne slavernij. We willen hen stimuleren dat via dialoog wel te doen. Onze verbintenis met Anta Sports, een sportkledingbedrijf met hoofdkantoor in China, illustreert de kwestie. Wij moedigden het bedrijf aan veel transparanter te zijn en het luisterde.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud