'Buitenlanders zien Nederlandse pensioenfondsen als een strooppot'

©Karoly Effenberger

‘Ik weet dat buitenlandse partijen de Nederlandse pensioenfondsen als een strooppot zien waarvan ze grote delen willen inpikken. Dat mogen we niet laten gebeuren.’ Dat zegt Corien Wortmann-Kool, de topvrouw van het Nederlandse ABP, met 460 miljard euro onder beheer een van de grootste pensioenfondsen ter wereld.

Na een lange politieke loopbaan, onder meer als vicevoorzitster van de fractie van de Europese Volkspartij in het Europees Parlement, nam Corien Wortmann-Kool in 2015 de rol van bestuursvoorzitster op bij ABP. ‘Verantwoordelijk zijn voor het pensioen van 3 miljoen Nederlanders is een grote uitdaging. Het geeft me veel energie, ook in de huidige moeilijke tijden.’

Het magazine 'Fonds', woensdag 19 februari gratis bij De Tijd

  • 'Buitenlandse partijen zien de Nederlandse pensioenfondsen als een strooppot'
    Interview met Corien Wortmann-Kool, topvrouw van ABP, één van de grootste pensioenfondsen ter wereld
  • De favoriete fondsen van Stefaan Vanden Berghe (Truncus Wealth)
  • Bepaal zelf uw risico met een tak44-verzekering

 

ABP haalde in 2019 een rendement van 16,8 procent, maar door de lage marktrente stegen de pensioenverplichtingen evenveel. ‘We hebben in Nederland al tien jaar de pensioenen niet kunnen indexeren, waardoor mensen al 19 procent aan koopkracht hebben ingeboet. We kunnen hen dat niet uitleggen’, zegt ze. 

Om die reden zet ze met haar politieke bagage de schouders onder een hervorming van de tweede pijler. ‘We moeten niet langer spreken van een pensioenbelofte maar van een pen­sioenverwachting, een stelsel dat meer uitgaat van de pensioenpremie plus rendement. Op die manier evolueert het pensioen van de mensen mee met de economische conjunctuur, wat veel makkelijker uit te leggen is. Een akkoord ligt op tafel. We hopen dat de sociale partners en het kabinet in het voorjaar overeenstemming bereiken over de uitwerking’, zegt ze. 

‘Verantwoordelijk zijn voor het pensioen van 3 miljoen Nederlanders is een grote uitdaging.’

Met wereldwijd 460 miljard euro onder beheer is ABP ook in ons land een grote investeerder. Het is een van de grootste aandeelhouders van Brussels Airport en het heeft een belang van 3 procent opgebouwd in Umicore. In 2018 schreef het fonds in op groene obligaties van de Belgische overheid. In oktober vorig jaar nam het een belang van 39 procent in Interparkings, de grootste uitbater van parkings in ons land.

Hoe moeilijk is het een portefeuille van 460 miljard euro te beleggen in deze laagrentende tijden?  

Corien Wortmann-Kool: ‘Onze uitvoeringsorganisatie APG is een actieve belegger. Het rendement van het verleden toont aan hoe succesvol we zijn geweest. De voorbije 20 jaar haalden we een rendement van 7 procent per jaar. De lage rente noopt ons naar meer beleggingscategorieën te kijken. Denk aan illiquide activa zoals vastgoed, infrastructuur en private equity (niet-genoteerde bedrijven, red.). Onze participatie in Brussels Airport is daarvan een voorbeeld. APG is ook een partnership aangegaan in China. Azië wordt een belangrijke beleggingsmarkt. Los daarvan zal het rendement in de komende jaren wel wat lager zijn. We verwachten rond 4 procent per jaar, het gevolg van de naar verwachting aanhoudend lage rentes.’

Sommigen vrezen dat het lagerentebeleid het nemen van risico’s stimuleert. Deelt u die mening? 

Wortmann-Kool: ‘We hanteren als langetermijnbelegger al jaren dezelfde strategie. Globaal beleggen we 60 procent in risicovolle activa. Het gaat om aandelen, grondstoffen, infrastructuur en private equity. De overige 40 procent wordt belegd in staats- en bedrijfsobligaties. We hebben een goed ontwikkeld risicobeheer, waarbij spreiding cruciaal is. En we hebben het voordeel dat we op lange termijn kunnen beleggen.’

De lage marktrentes zijn een gevolg van de politiek van de Europese Centrale Bank (ECB). Hoe staat u, met uw ervaring in de Europese politiek, tegenover het beleid dat de ECB de voorbije jaren heeft gevoerd? 

Wortmann-Kool: ‘Ik vind dat de ECB heel ver is gegaan. Het risico bestaat dat de ECB al zoveel wapens heeft ingezet dat er geen meer overblijven als er een nieuwe crisis aankomt. Ik vind het een goede zaak dat de nieuwe ECB-voorzitster (Christine Lagarde, red.) het beleid van de voorbije jaren tegen het licht zal houden.

'Europa is net voldoende daadkrachtig geweest om niet uiteen te vallen. Maar soms lijkt het te veel op doormodderen.'

Tegelijk ben ik als bestuursvoorzitster van ABP terughoudend om kritiek te geven op het ECB-beleid. Dat kan de indruk wekken dat als we aan de renteknop draaien we de problemen van de Nederlandse pensioenfondsen hebben opgelost. Die indruk wil ik niet wekken omdat het aan ons is om de stap te zetten van een uitkeringsregeling naar een collectieve bijdrageregeling. Die laatste zal ons minder afhankelijk maken van de lage rente.’ 

U vindt dat de ECB ver is gegaan, maar was er een alternatief? 

Wortmann-Kool: ‘Het is aan anderen om uit te maken of de ECB het juiste beleid heeft gevoerd. Wat voor mij belangrijk is, is dat duurzame economische groei in Europa wordt gestimuleerd. Er zijn veel grote transities gaande, denk aan energie, digitalisering, circulaire economie… Voor die transities is kapitaalmarktfinanciering cruciaal. Dus moeten de kapitaalmarkten in Europa beter ontwikkeld worden, zodat grote investeringen, maar ook kleine start-ups makkelijk gefinancierd kunnen worden door kleine en grote beleggers. Als pensioenfondsen kunnen we daar een grote rol in spelen.’ 

Is een eengemaakte kapitaalmarkt wel realistisch met de versnipperde fiscaliteit in Europa? 

Wortmann-Kool: ‘Ik denk niet dat die fiscaliteit een obstakel is. Mensen sparen en beleggen in een nationale omgeving. Daar hangt het fiscale regime samen met het sociale stelsel, zoals de organisatie van de arbeidsmarkt en de sociale zekerheid. Of het beter wordt als je dat Europees organiseert, daar twijfel ik aan. Ik ken de lobby. Het pleidooi dat er nood is aan een fiscale unie komt vooral van buitenlandse partijen die de Europese markt willen inpalmen. Ik weet dat buitenlandse partijen de Nederlandse pensioenmarkt als een strooppot zien waarvan ze grote delen willen inpikken. Dat mogen we niet laten gebeuren.

Corien Wortmann-Kool

Geboren in 1959S

Studeerde politicologie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam.

Politiek actief voor de Nederlandse christen­democraten (CDA) sinds 1987

Tussen 2004 en 2014 lid van het Europees Parlement voor de Europese Volkspartij (EVP)

Tussen 2007 en 2014 vicevoorzitster van de EVP

Sinds 1 januari 2015 bestuursvoorzitster van Stichting Pensioenfonds ABP, het grootste pen­sioenfonds in Nederland en het op zes na grootste ter wereld. 

 

Veel belangrijker dan een eengemaakte fiscaliteit is dat er op Europees vlak gemeenschappelijke doelstellingen komen om mensen meer te doen sparen voor hun pen­sioen. En de Europese Commissie moet erop toezien dat landen daarvoor voldoende inspanningen leveren.’ 

Hoe kan dat concreet gebeuren? 

Wortmann-Kool: ‘Ik heb meegewerkt aan een rapport over de toekomst van de kapitaalmarkten. Daarin gaven we enkele aanbevelingen voor de Europese Commissie. Iedereen is het erover eens dat mensen meer moeten doen om een pensioenspaarpot op te bouwen. Het spaarboekje levert niets meer op. Dus is het cruciaal om via de kapitaalmarkten een tweede en derde pen­sioenpijler op te bouwen. Nederland geldt als een voorloper. In ons land werkt een werknemer één dag op de vijf voor zijn aanvullend pensioen. Dat is 20 procent. In Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk is die verplichte bijdrage veel minder. Het probleem is dat je het Nederlands systeem niet zomaar snel in andere Europese landen kan invoeren. Daarom werd gewerkt aan een Europees product waarin mensen vrijwillig voor hun pensioen kunnen sparen, het Pan European Personal Pension Product (PEPP).’

Daarvan wordt gezegd dat het de tweede pensioenpijler op termijn kan uithollen. Is dat dan geen bedreiging voor pensioenfondsen zoals ABP?

Wortmann-Kool: ‘Dat zal per land heel erg verschillen. In Nederland zie ik de PEPP niet in de plaats komen van de tweede pijler. In andere landen kan het zeker een belangrijke rol spelen.’

Critici beweren dat Nederland te protectionistisch is en het eigen systeem het liefst onaangeroerd wil laten. Wat vindt u van die kritiek? 

‘De Europese Unie moet haar afhankelijkheid van de Londense kapitaalmarkt stevig afbouwen.’

Wortmann-Kool: ‘Ik vind dat de wereld op zijn kop. We hebben het probleem van de lage rente, maar dat heeft niets te maken met de fundamenten van het stelsel. We hebben in Nederland een collectief pensioenstelsel waarin we een door kapitaal gedekt pensioenvermogen hebben opgebouwd. We gaan het kind niet met het badwater weggooien. We zitten echt niet te wachten op een nieuw stelsel dat grote buitenlandse partijen propageren. Die lobbyen in Brussel tegen de verplichtstelling in Nederland omdat ze die Nederlandse markt willen inpalmen.’

Wat zijn uw belangrijkste ambities nog met ABP? 

Wortmann-Kool: ‘We zijn in Neder­land het pensioenfonds voor het overheids- en het onderwijspersoneel. We hebben geen ambities om uit te breiden naar andere sectoren, al kunnen aan de overheid verbonden diensten nog aansluiten. Onze belangrijkste ambitie bestaat erin het pensioen dichter bij de mensen te brengen. We willen de burger meer inzicht geven in zijn pensioenbudget en hem handelingsperspectief bieden. We leven in een tijd waarin mensen vaker van werkgever veranderen en waarin het niet altijd duidelijk is hoeveel pensioen je opbouwt. Dat inzicht willen we bieden. Onze tweede doelstelling ligt in de verduurzaming van onze portefeuille. Het gaat om een meerjarenbeleid waarbij we onze bijdrage willen leveren om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen.’

U beheert 460 miljard euro. Hoeveel daarvan is al duurzaam? 

Wortmann-Kool: ‘In 2015 hebben we de stap gezet naar duurzaamheid. Dat betekent dat we het duurzaamheidsaspect willen integreren in al onze beleggingsbeslissingen. Het gaat over de hele portefeuille, van aandelen over obligaties tot private equity. Elk bedrijf waarin we investeren moet, naast criteria inzake risico, rendement en kosten, voldoen aan de standaarden voor duurzame bedrijfsvoering. Is dat niet het geval, dan komt het niet in de portefeuille. Voorts zetten we voor een specifiek deel van de portefeuille in op impact. Het gaat om bedrijven die producten of diensten leveren die op een meetbare manier bijdragen aan het bereiken van de duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties. Die impactbeleggingen vertegenwoordigen 60 miljard euro.’

Sluit u veel bedrijven uit wegens duurzaamheidsredenen?  

Wortmann-Kool: ‘Het gaat bij ons meer om insluiting dan om uitsluiting. Daarmee bedoel ik dat we bewust kiezen te beleggen in bedrijven die werk maken van een duurzame transitie. Soms worden we erop aangesproken omdat we posities hebben in koolmijnen. Maar neem het voorbeeld van Engie. Hoewel het Franse energiebedrijf zeker nog steenkoolactiviteiten heeft, zet het heel sterk in op energietransitie. Dat vinden we veel belangrijker.

'We hebben in Nederland al tien jaar de pensioenen niet kunnen indexeren, waardoor mensen al 19 procent aan koopkracht hebben verloren.’

Er zijn heel weinig sectoren die we per definitie uitsluiten. Tabak is er een van, want duurzame tabaksproductie bestaat niet echt en tabak is in alle gevallen schadelijk voor de gezondheid. In de wapensector sluiten we kernwapens en controversiële wapens uit, maar hanteren we geen strikte algemene uitsluiting. Militairen en politiemannen bouwen bij ons ook pensioen op. De wapens die zij gebruiken zijn niet per definitie dodelijk, ze werken ook preventief. Daarbij kijken we vooral naar de bestemming en naar het type wapens.’

Als een van de grootste pensioenfondsen ter wereld heeft ABP veel drukkingsmacht. Hoe gebruikt u die? 

Wortmann-Kool: ‘Met Shell hebben we een mooi duurzaam traject kunnen uitbouwen (ABP zette Shell ertoe aan de verloning van het topmanagement te koppelen aan de evolutie van de CO₂-uitstoot, red.). Een ander voorbeeld is de productie van palmolie. We werden door enkele ngo’s gewezen op de praktijken van de Zuid-Koreaanse producent van palmolie Posco Daewoo. Dat bedrijf kapte delen van het oerwoud om palmolie te produceren. We hebben het bedrijf daarop aangesproken, maar het heeft niet geluisterd. Dan hebben we beslist er niet meer in te beleggen. Ook op het vlak van teerzand zien we bedrijven die niet de ambitie hebben te verduurzamen. We proberen zeker druk te zetten. Als er geen gevolg aan wordt gegeven, verdwijnt het bedrijf uit onze portefeuille.’

Er is in de fondsensector nogal wat te doen over greenwashing, waarbij institutionele beleggers beweren duurzaam te beleggen, maar dat in de praktijk niet doen. Hoe gaat u daarmee om?

‘Het risico bestaat dat de ECB al zoveel wapens heeft ingezet, dat er geen meer over­blijven als een nieuwe crisis zou uitbreken.’

Wortmann-Kool: ‘De definities van duurzaam beleggen zijn nog in volle evolutie. ABP werkt mee aan het opstellen van Europese en internationale standaarden. Alleen door samen te werken en resultaten meetbaar en vergelijkbaar te maken voorkomen we greenwashing. We hebben de voorbije jaren onze methodiek voor CO₂-meting aangepast. En we zitten nog niet aan het eindpunt. Nu meten we nog de directe impact, maar we willen ook de indirecte impact meten. Er zijn veel manieren om dat te doen. Duurzaam en verantwoord beleggen is voor ons een reis, waarin de samenwerking met andere partijen cruciaal is.’

Een andere doelstelling van ABP is het pensioen dichter bij de mensen te brengen. Hoe ziet u dat? 

Wortmann-Kool: ‘In Nederland hebben we een website van de overheid, ‘mijn pensioenoverzicht’. Daar worden alle aanvullende pensioenen samengebracht. ABP heeft daarnaast een eigen website. Daar tonen we niet alleen hoeveel pensioen men heeft opgebouwd. We laten ook zien hoeveel de werknemer en de werkgever hebben bijgedragen. Daarnaast wordt duidelijk wat men kan verwachten van de uitkering. Met een tool kan gemakkelijk berekend worden wat het uitgavenpatroon is en of het pensioen volstaat om dat patroon te handhaven.

We doen dat aan de hand van big data. Op basis van de leeftijd, het aantal kinderen… krijgen mensen zicht op hun uitgavenpatroon. Zo kan makkelijk gezien worden of er genoeg opgebouwd wordt voor het geschatte uitgavenpatroon.’

Na de afschaffing van een aanvulling op het nabestaandenpensioen in 2018 werd u zwaar op de korrel genomen. Hoe gaat u met die kritiek om? 

Wortmann-Kool: ‘Dat nabestaandenpensioen, waarbij men bij het overlijden van de partner een extra pensioen krijgt, werd enkele jaren geleden door de overheid hervormd. Wij hebben dat als ABP gerepareerd, maar gaandeweg werd duidelijk dat het een enorm complexe regeling was waarbij fouten werden gemaakt. We hebben toen beslist die inkomensafhankelijke aanvulling af te schaffen, onder gelijktijdige verbetering van het algemene na­bestaandenpensioen. Macro was dat volledig te verantwoorden, maar er waren individuele personen die door de afschaffing zwaar hebben moeten inleveren. We hebben uit die kritiek geleerd. Daarom kijken we veel meer naar wat verandering betekent voor individuele deelnemers en zetten we meer in op de communicatie met de gepensioneerden.’

Hebt u het gevoel dat u bij ABP sneller kunt gaan dan destijds in Europa? 

Wortmann-Kool: ‘Zeker. In een bedrijf gaat het misschien nog sneller. Maar bij ABP is er een directer beleid en een snellere uitkomst dan in de Europese politiek. Al hebben we met de EVP-fractie in Europa, waarin toen veel ministers van Financiën zetelden, heel mooie dingen kunnen doen. Alleen moet de wetgeving dan nationaal geïmplementeerd worden. Dat kan even duren.’

U heeft lang gezeteld in Europa. Sommigen beweren dat het een log apparaat is. Deelt u die mening? 

Wortmann-Kool: ‘Europa heeft al enkele kritieke momenten gekend. Denk aan de eurocrisis en de delicate situatie van Griekenland. Toch zijn we er in geslaagd die problemen gezamenlijk op te lossen. Europa is net voldoende daadkrachtig geweest om niet uiteen te vallen. Maar soms lijkt het te veel op doormodderen. Kijk, ik ben rapporteur geweest voor het Europees stabiliteitspact (waarin de streefdoelen voor het begrotingstekort en de staatsschuld staan, red.). Dan zie je dat als het om een kleine lidstaat gaat, de Europese Commissie daadkrachtig optreedt. Maar als het om een groot land zoals Frankrijk gaat, wordt een weg gevonden om voorzichtiger te zijn. Ik hoop dat de nieuwe Europese Commis­sie voldoende daadkrachtig zal zijn.’

Hoe kijkt u naar de brexit? 

Wortmann-Kool: ‘Jammer, maar helaas was die onvermijdelijk. Ik vind dat je in zo’n situatie niet moet blijven proberen het te voorkomen. Je moet het op een bepaald moment gewoon doen. En nu moeten we opnieuw een zo goed mogelijke relatie met de Britten opbouwen. Al moeten we onze afhankelijkheid van Londen voor de kapitaalmarkt wel stevig afbouwen.’

U wilt heel graag het probleem van de pensioenkorting de wereld uithelpen in Nederland. Kunt u voldoende garanderen dat mensen zich met het nieuwe stelsel zullen verbeteren?  

Wortmann-Kool: ‘De tijd zal het leren. Het nieuwe stelsel zal de pot niet groter maken, de pot zal alleen anders verdeeld worden. We willen niet het beeld wekken dat het voor iedereen automatisch beter wordt. Wat we wel gaan doen, is evenwichtiger met de pot omgaan, voor jong en oud. Het pensioen zal persoonlijker worden en voor iedereen moet duidelijk zijn wat hij kan verwachten.’ 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud