'De beurs is geen casino voor rijken'

©Diego Franssens

‘Voor velen is de drempel naar de beurs veel te hoog. Beleggen is nochtans gebaseerd op de fundamentele economische logica van waardecreatie. Het zou de normaalste zaak van de wereld moeten zijn.’ Dat zegt Johan Lema, de topman van KBC Asset Management, de grootste aanbieder van beleggingsfondsen in ons land.

Johan Lema vormt met zijn loyaliteit een uitzondering aan de top van de financiële sector. Volgend jaar zit hij een kwarteeuw aan boord bij KBC, zijn eerste werkgever, waar hij al tal van leidinggevende functies uitoefende. ‘Het leuke aan KBC is dat het diep geworteld is in België, maar tegelijk een internationaal bedrijf is. Ik heb het geluk gehad aan groeiverhalen van KBC te kunnen meewerken.’

Onze klanten verkiezen de Apple-aanpak, waarbij product, advies en transactie via één platform verlopen.

In 1996 begon Lema zijn loopbaan bij KBC Asset Management. ‘Toen boden we 27 fondsen aan. Drie jaar later waren dat er 400, mede door het succes van de fondsen met kapitaalbescherming.’ In 1999 richtte hij met twee collega’s een afdeling op die focust op private equity - niet-beursgenoteerde aandelen. Dat lukte aardig, want drie jaar later telde de afdeling 15 werknemers en had ze 300 miljoen euro onder beheer.

Vervolgens ging Lema aan de slag op de strategieafdeling, waar fusies en overnames worden gedaan. ‘Aan de hele expansie in Oost-Europa heb ik mogen meewerken’, blikt hij tevreden terug. Al kreeg die expansie in 2008 een knak toen de financiële crisis uitbrak. ‘Plots zaten we om de tafel met de Belgische regering. Dat weekend zal ik nooit vergeten.’

Het magazine 'Fonds', woensdag 22/1 gratis bij De Tijd

Dossier: Zonder emoties sparen via fondsen

Interview met Johan Lema, CEO van KBC Asset Management: 'We willen een Apple op de fondsenmarkt zijn'

De 3 favoriete fondsen van Aynard de Monts (MeDirect)

 

Een volgende stap in zijn loopbaan was de uitvoering van de digitale transformatie in de retailmarkt. ‘Door de disruptie moeten we snel gaan. Jack Welch, voormalig topman van General Electric, zei dat je ten dode bent opgeschreven als de snelheid van de markt hoger ligt dan de interne dynamiek van je bedrijf. Ik vind dat een cruciaal onderdeel van management, maar ik heb ook moeten leren dat je niet té snel mag gaan. Dat je tijd moet laten voor een goede communicatie en implementatie.’ Die ervaring nam Lema mee toen hij in 2017 terugkeerde als topman van KBC Asset Management, naar eigen zeggen zijn oude liefde.

Ziet u in de fondsensector een groeiverhaal de komende jaren?
Johan Lema: ‘Ik ben ervan overtuigd dat er nog veel potentieel is voor vermogensbeheer, zowel in België als in de andere landen waar we aanwezig zijn. Vandaag beleggen te weinig mensen omdat de drempel te hoog is. In België heeft maar 40 procent van onze actieve klanten een belegging, in Tsjechië is dat 10 à 15 procent en in Bulgarije amper 2 procent. In al die landen zit nog veel groeipotentieel.’

Hoe wilt u dat realiseren? Ondanks de goede prestatie van de beurzen dikte ook vorig jaar het bedrag op de spaarboekjes aan, terwijl die nauwelijks 0,11 procent opleveren.
Lema: ‘Ik geloof dat we ons discours over beleggen moeten aanpassen. En die verantwoordelijkheid ligt bij iedereen. We creëren te veel het beeld dat beleggen iets is voor de rijken, of voor hoogopgeleiden die graag een gokje wagen, of voor mensen die enkel beleggen met geld dat ze eventueel mogen verliezen. Van dat beeld moeten we af. Beleggen zou de normaalste zaak van de wereld moeten worden. Iedereen vindt het normaal een spaarboekje te hebben, velen doen aan pensioensparen, maar beleggen is blijkbaar een andere wereld. We denken dat technologie ons kan helpen om die drempel te verlagen.’

In welke zin?
Lema: ‘Een goed voorbeeld is ons aanbod ‘beleggen met je wisselgeld’. De klant kan beslissen bij elke betaling het bedrag te laten afronden op de euro. Telkens als de klant 10 euro wisselgeld heeft opgebouwd, wordt het belegd in een fonds naar keuze. Om dat te realiseren heb je uiteraard een digitaal platform nodig. We zien dat het werkt.’

Er liggen geen concrete overnamedossiers op tafel, maar we kijken uiteraard wel rond.

‘Elke klant kan die dienst eenvoudig aan- of uitzetten op zijn smartphone. Het is zo simpel dat 40 procent van de klanten die dat aanzetten nooit eerder belegd heeft. We zien zelfs dat ze in de volgende maanden bijstorten. Zodra je aan het beleggen bent, vallen veel vooroordelen weg. Het corrigeert het beeld dat je op het goede moment moet instappen in de beurs, dat je enkel kan beleggen met geld dat je kunt missen, of dat je de juiste individuele aandelen moet kiezen. Het beste beleggingsadvies dat je iemand kan geven, is belegd te zijn. Zodra mensen geproefd hebben van beleggen, is onze ervaring dat ze blijven.’

U hoopt via digitale kanalen meer klanten warm te maken voor beleggen. Maar is die drempel niet hoger dan bij persoonlijk contact in het kantoor?
Lema: ‘Het hangt sterk af van het type klant. Als je kijkt naar beginnende beleggers, dan is het digitaal kanaal heel goed. De voorwaarde is dat je het eenvoudig kunt houden en dat je de klant persoonlijk benadert. Als je kijkt naar het pensioensparen, zitten we aan 60 à 70 procent van de spaarders die dat via de digitale weg doen. Van de nieuwe beleggingsplannen gebeurt dat in 25 à 30 procent van de gevallen digitaal.’

Bio Johan Lema

> Geboren in Roeselare op 11 september 1971.

 Studeerde rechten aan de Universiteit Gent.

 Werkt sinds 1996 bij KBC.

>  1996-1999: product development advisor bij KBC Asset Management.

1999-2004: senior advisor bij KBC Private Equity.

> 2004-2008: head of corporate development bij KBC Groep.

2008-2010: general manager Strategy & Corporate Development bij KBC Groep.

2010-2011: CEO KBC Asset Management.

2011-2017: senior general manager retail bij KBC Bank & Verzekeringen.

2017-heden: CEO KBC Asset Management.

 

‘Erg belangrijk is het vertrouwen dat klanten in je merk hebben. Dat wordt meegedragen in een digitale omgeving. Ook opvolging is cruciaal. Klanten moeten weten dat je altijd met hun beleggingen bezig bent en dat je hen niet aan hun lot overlaat, vooral niet in turbulente tijden. Maar het klopt dat de digitale omgeving niet in alle gevallen beter werkt. Voor een bestaande klant die een gespreide portefeuille bezit, is het contact in een fysieke omgeving dominant.’

Welke kansen ziet u nog in de digitalisering?
Lema: ‘We denken dat we op drie manieren voordeel kunnen halen uit de technologische evolutie. Ten eerste kunnen we onze klanten laagdrempelig met beleggen in aanraking brengen. Een tweede opportuniteit ligt in een verbetering van de dienstverlening. Je kan een veel betere integratie krijgen tussen het product, het advies en de distributie. Bovendien kan je aan de hand van data veel beter afstemmen op de behoeften van de klant. Onlangs hebben we een dienst gelanceerd waarbij we klanten een suggestie doen van een bedrag dat ze zouden kunnen investeren. Het kan gaan om klanten die zeer veel geld op hun spaarboekje hebben, of om klanten bij wie een beleggingsproduct afloopt. Dat vergemakkelijkt het beslissingsproces voor de klant.’

‘Een derde opportuniteit is dat technologie de kwaliteit van het beheer van onze fondsen kan verbeteren. Onze sector leeft van data en maakt sinds jaar en dag gebruik van modellen. De sterkte van modellen is dat je ze kan volproppen met lange tijdreeksen. Ze hebben dus een geheugen. Maar het nadeel is dat ze niet creatief zijn. Als een situatie zich nog nooit heeft voorgedaan, dan zal dat model die ook niet herkennen. De tegenpool van een model is de mens. Die heeft een korter geheugen, maar hij is wel creatiever en kan nieuwe patronen herkennen. Met artificiële intelligentie proberen we nu creativiteit in de modellen binnen te brengen. We zien dat die combinatie begint te werken. Het verbetert de kwaliteit van het beheer, maar ook bijvoorbeeld van de aandelenselecties.’

In een digitale omgeving worden de kosten belangrijker. Robot-adviseurs spelen lage kosten uit als een troef. Hoe gaat u daarmee om?
Lema: ‘Het internet is begonnen als een platform waar alles gratis was. En dus gaan mensen er nog steeds van uit dat iets dat digitaal is, ook goedkoper moet zijn. Nochtans is onze dienstverlening niet gewijzigd, ook al is ze digitaal. Het is aan ons om uit te leggen waar onze toegevoegde waarde zit. Ik zie die op drie niveaus: toegang tot de markt, spreiding en bewaking van het risico van de portefeuille, en specialisatie. Waar robotadviseurs die eerste stap ook bieden, is het al wat minder op het tweede en het derde niveau. Wij schenken veel belang aan de creatie van een gebalanceerde portefeuille die aan de verwachtingen van de klant voldoet, met aandacht voor bescherming. Ook in de specialisatie willen we ons onderscheiden. We hebben bijvoorbeeld een diepgaande kennis over Belgische bedrijven en groeimarktobligaties. Daar kan je als vermogensbeheerder toegevoegde waarde creëren.’

Het blijft wel zo dat het internet de kosten extra in de verf zet, en dat beleggers, net als bij Booking.com, makkelijk prijzen kunnen vergelijken. Ook de verplichte kostenrapportering van MiFID II maakt de kosten veel transparanter.
Lema: ‘De kostenrapportering die door MiFID II sinds 2019 verplicht is, heeft geen heftige reacties uitgelokt bij de klanten, wel wat vragen. De druk op absoluut rendement neemt toe. Klanten zien hun rendement in euro, en hun kosten. In stijgende beurzen stelt het probleem zich minder, maar in dalende beurzen ligt dat moeilijker.’

Wat we vandaag doen, zal worden bekeken met een bril van binnen vijf à tien jaar.

‘Daarom is het belangrijk hen goed uit te leggen dat je over een langere periode belegt, en dat ze het zo moeten beoordelen. Als we onze toegevoegde waarde kunnen aantonen en erin slagen de verwachtingen in te lossen, denk ik niet dat er een probleem is. Mensen zijn zeker bereid te betalen voor advies en professioneel beheer.’

Een ander kenmerk van online fondsensupermarkten is dat ze open architectuur toepassen, wat betekent dat klanten toegang hebben tot fondsen van verschillende fondsenhuizen. Dat doet u niet. Is dat geen nadeel in een wereld die steeds transparanter wordt?
Lema: ‘Ik heb moeite met het concept van open architectuur. Het uitgebreide aanbod waaruit je kan kiezen heeft misschien een zekere aantrekkingskracht, maar met open architectuur maak je een breuk tussen distributie, advies en product. De distributie en de beheerders van het product zijn verschillende partijen.’

‘Onze ervaring is dat klanten eerder op zoek zijn naar het tegenovergestelde. Wij zien dat ze eerder een systeem zoeken waarbij alles op elkaar is afgestemd en met elkaar praat. Dat maakt het eenvoudig. Ten eerste hebben we het product en weten we perfect wat erin zit en hoe het risicobeheer gebeurt. Ten tweede weten we hoe het advies gegeven wordt, omdat het alleen via onze eigen kanalen verloopt. Ten slotte kennen we ook de systemen waarmee de transacties gebeuren, want ook dat is ons eigen platform. Ik denk dat veel spelers in België dezelfde redenering volgen.’

‘Eigenlijk kan je het vergelijken met de smartphonemarkt. Veel mensen verkiezen een Apple omdat ze een geïntegreerd systeem willen. Anderen verkiezen open systemen als Android. Beide modellen kunnen werken, maar wij verkiezen toch om eerder een Apple op de fondsenmarkt te zijn.’

Het principe van open architectuur berust wel op de vaststelling dat niet elk fondsenhuis kan uitblinken in elke beleggingscategorie.
Lema: ‘Daar ben ik het mee eens. Je moet je als vermogensbeheerder specialiseren. Actief beheer gaat bij ons in eerste instantie over de opbouw van een gespreide portefeuille. Dat betekent ook actief omgaan met beschermingscomponenten in de portefeuille. Daarnaast zoeken we enkele specialisaties voor beleggers die een extra in de portefeuille willen. Daar moet je inderdaad keuzes maken.’

Maakt u die keuzes vandaag al voldoende, rekening houdend met de 1.000 fondsen in uw aanbod?
Lema: ‘We zijn heel kritisch over ons aanbod. Onze focus ligt op het maken van de juiste portefeuille voor de klant. Daar heb je een aantal bouwstenen voor nodig. In discretionair beheer kan dat beperkt zijn. Dan spreek je over enkele tientallen fondsen, niet honderdtallen.’

‘Maar er zijn ook klanten die het zelf willen doen en samen met een adviseur accenten willen leggen in hun portefeuille. Of ze willen fondsen met kapitaalbescherming. Die zullen we blijven lanceren, maar niet meer zoals vroeger, waarbij er soms meer dan tien lanceringen per maand waren. We zijn nu veel selectiever geworden, en de trend van het aantal fondsen is toch eerder dalend.’

Over die kapitaalbeschermingsfondsen was de kritiek jaren geleden dat hun rendement gemiddeld amper de rente op een spaarboekje oversteeg.
Lema: ‘Ik denk dat er tal van fondsen waren die het veel beter deden. Maar onze aanpak is wel veranderd. Historisch gezien was het een productstrategie. Klanten die een kasbon hadden, wou men naar langetermijnbeleggingen brengen en die kwamen terecht in een kapitaalbeschermingsfonds.’

‘Zo doen we het al jaren niet meer. Voor ons zijn die fondsen een onderdeel van de portefeuille om een deel bescherming binnen te brengen. We bekijken het vanuit het totale rendement van de portefeuille. Het is dus niet langer een statisch product, we gaan er veel dynamischer mee om. Je wil als belegger bescherming, maar zoals met verzekeringen wil je ook niet dubbel verzekerd zijn. Vroeger had de klant misschien te veel bescherming in portefeuille.’

Fondsenhuizen klagen wel eens over de steeds strengere regelgeving die ook de kostenbasis fors verzwaart. Deelt u die kritiek?
Lema: ‘Niet meteen. Ik vind dat we als sector een voorloper moeten zijn in verantwoord gedrag en niet moeten wachten op de regelgever. Dat is in het belang van de klant, maar ook in dat van de sector.’

‘We moeten ons ervan bewust zijn dat de zaken die we vandaag doen geïnterpreteerd zullen worden met een bril van binnen vijf à tien jaar. Zaken die in het verleden de normaalste zaak waren, zouden we nu nooit meer doen. Een klant die vandaag een belegging kiest, heeft die binnen vijf jaar nog. Die zal dan naar de risico’s van de belegging kijken of de manier waarop ze geadviseerd werd. We moeten dus als sector anticiperen.’

‘Dat neemt niet weg dat wetgevers soms ver gaan in het uitwerken van gedetailleerde regels. De principes van nieuwe regelgeving zijn gewoonlijk relevant, de toepassing ervan is altijd het moeilijkst. En het brengt kosten met zich mee.’

Zal dat zich ook vertalen in hogere kosten voor de fondsen?
Lema: ‘Neen, er zijn compenserende factoren zoals de technologische ontwikkelingen die het mogelijk maken kostenefficiënter te worden. We hebben ook voldoende schaal om daarmee om te gaan en we zijn gediversifieerd in verschillende landen. Maar voor de kleinere spelers is de toegenomen regelgeving en nood aan investeringen minder evident. We zien dat aan de consolidatie die aan de gang is.’

Kijkt u naar dossiers?
Lema: ‘We hebben geen concrete dossiers op tafel, maar we kijken uiteraard rond. We vertrekken vanuit onze gesloten architectuur en zijn dus niet meteen op zoek naar producten, wel naar cliënteel dat complementair is aan het onze.’

KBC maakte onlangs een herstructureringsplan. Wat is de impact op KBC Asset Management?
Lema: ‘De grote pijler van dat plan is dat we actiever op digitalisering inzetten om kostenefficiënter te worden. De impact is dat we het op termijn met minder mensen zullen doen, maar via natuurlijk verloop, zonder gedwongen ontslagen.’

U beleefde tijdens de financiële crisis van 2008 een kritiek moment, toen KBC dreigde te kapseizen. Wat hebt u daaruit geleerd?
Lema: ‘Het is in de eerste plaats een les in bescheidenheid. Je vraagt je constant af of we als financiële instelling iets hadden kunnen doen om dat te voorkomen. Ik heb in het beruchte reddingsweekend vooral veel respect gekregen voor politici. Die moesten in heel korte tijd ingrijpende beslissingen nemen over een sector waarmee de meesten weinig vertrouwd waren.’

‘Al bij al kijk ik er niet negatief op terug. KBC heeft zijn schuld letterlijk en figuurlijk kunnen terugbetalen. En we hebben daar, persoonlijk en als bedrijf, heel waardevolle lessen uit geleerd.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud