Europa pakt versnipperde fondsenmarkt aan

Veel beleggingsfondsen worden in Luxemburg opgericht om van daaruit vlotter in verschillende Europese landen te worden aangeboden. ©Lukas Roth

Vanaf 2 augustus worden nieuwe Europese regels van kracht die de distributie van fondsen in verschillende Europese landen moet vereenvoudigen. Een nieuwe stap richting eengemaakte Europese fondsenmarkt.

Met de Europese richtlijnen UCITS voor de klassieke fondsen, en AIFM voor de alternatieve fondsen, streeft Europa al jaren naar een eengemaakte markt waarin beleggingsfondsen vlot over de grenzen heen kunnen worden verhandeld. Maar ondanks verschillende aanpassingen aan de richtlijnen blijft de Europese markt sterk versnipperd.

‘De regels zullen belangrijke gevolgen hebben voor de fondsenmarkt’
Bart Denys
advocaat Clifford Chance

Een studie van de Europese Commissie uit 2018 toonde aan dat 70 procent van het vermogen in fondsen alleen verkocht wordt in het thuisland van het fonds. Amper 37 procent van de UCITS-fondsen en 3 procent van de alternatieve fondsen wordt aangeboden in meer dan drie Europese landen. Een van de belangrijkste oorzaken zijn de verschillende nationale interpretaties van de Europese richtlijnen, waardoor het wettelijk kader nog sterk verschilt tussen de landen. Voor fondsenhuizen die hun fondsen ook in andere landen willen aanbieden, resulteert dat vaak in hogere kosten.

Verfijnde regels

Om die barrières weg te werken, heeft de Europese Commissie de distributieregels verder verfijnd. Die treden vanaf 2 augustus in werking. De Europese regelgeving is nog niet in Belgische wet omgezet, maar op basis van het wetsontwerp tekenen de contouren zich toch duidelijk af. ‘De regels zullen belangrijke gevolgen hebben voor de fondsenmarkt’, zegt Bart Denys, die als advocaat bij Clifford Chance fondsenhuizen begeleidt.

Een van de regels is dat het makkelijker moet worden de commercialisatie van een fonds in een land stop te zetten als het onvoldoende loopt. ‘Vandaag is dat vrij complex, en dat verklaart de terughoudendheid van fondsenhuizen om buitenlandse markten aan te boren’, zegt Denys.

Het valt te hopen dat dit leidt tot een rijker aanbod aan producten voor beleggers.
Bart Denys
advocaat Clifford Chance

Voorts vereist de commercialisatie van een fonds in een bepaald land niet langer een fysieke aanwezigheid voor de alternatieve fondsen. ‘De nieuwe regelgeving laat toe de ondersteuning elektronisch aan te bieden. Dat verlaagt de kosten en de inspanningen om een nieuwe markt te betreden drastisch’, meent Denys.

Premarketing

Ook de zogenaamde premarketing wordt beter gedefinieerd. ‘Aanbieders van alternatieve fondsen willen vaak nagaan in hoeverre beleggers openstaan voor een beleggingsidee vooraleer ze daar een product rond bouwen. Vandaag verschillen de voorwaarden van die premarketing aanzienlijk tussen de lidstaten. Om dat aan te pakken, wordt een uniform kader ingevoerd.’

Ook van de nationale toezichthouders wordt meer transparantie gevraagd, zodat fondsenhuizen de registratieprocedure in een land beter kunnen inschatten. ‘Ook moeten de nationale toezichthouders op hun websites de toepasselijke vergoedingen en kosten oplijsten, of minstens de berekeningsmethode daarvoor’, zegt Denys.

Nieuwe dynamiek

Volgens de advocaat kunnen de nieuwe regels de fondsenmarkt een nieuwe dynamiek geven. ‘Fondsenhuizen zullen makkelijker een nieuwe markt kunnen aanboren of verlaten. Het valt dus te hopen dat dit leidt tot een grotere bereidheid tot experimenteren, met een rijker aanbod aan producten voor beleggers tot gevolg.’

Anderzijds wordt het toezicht aangescherpt. De publiciteitsregels worden strenger, wat zal leiden tot bijkomende kosten. ‘Voorlopig is het onduidelijk hoe de kosten en de baten tegen elkaar opwegen. Verwacht wordt dat de eventuele meerkosten aan de belegger worden doorgerekend. De vraag is in welke mate het ruimere aanbod en de neerwaartse druk die dat zal zetten op de prijszetting daartegen opweegt’, zegt Denys.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud