Advertentie
interview

‘Greenwashing verdwijnt pas als bedrijven uniform rapporteren'

©Gert Jochems

‘Het risico op greenwashing - het als milieuvriendelijk presenteren van handelingen of zaken die dat in feite niet zijn - blijft bestaan zolang bedrijven wereldwijd niet uniform rapporteren over hun duurzame voetafdruk.’ Dat zegt Sandy Boss, die bij BlackRock verantwoordelijk is voor het creëren van duurzaam engagement bij duizenden bedrijven.

Met meer dan 9.000 miljard dollar onder beheer is BlackRock ’s werelds grootste vermogensbeheerder. In een wereld waarin duurzaam beleggen altijd maar belangrijker wordt en waarin gewaarschuwd wordt voor greenwashing draagt de groep dan ook een verpletterende verantwoordelijkheid.

Fonds. Uw afspraak met uw portefeuille

Het magazine Fonds brengt u elke maand een overzicht van relevant fondsennieuws, analyses van beleggingsfondsen, interviews met internationale fondsenbeheerders en inzicht in de steeds complexere regelgeving. Een handig instrument voor de belegger én de investment professional.

  • Een interview met Sandy Boss, Global Head of Stewardship bij BlackRock: ‘'We hebben de oliegiganten nodig om de energietransitie te doen slagen’
  • De steile opmars van de DBI-fondsen
  • Drie trackers om in Chinese aandelen te beleggen

Woensdag 20 oktober gratis bij De Tijd.

Bij BlackRock zelf, maar ook daarbuiten, zijn de ogen gericht op Sandy Boss, hoofd van de afdeling investment stewardship. Met haar team van 70 analisten staat ze in constante dialoog met bedrijven over hun duurzame aanpak. Jaarlijks stemt de afdeling op de aandeelhoudersvergaderingen van meer dan 13.000 bedrijven.

Dat bedrijven met een gebrek aan duurzaamheid een beleggingsrisico zijn geworden, weet Boss perfect te vatten. Na onder meer een twintigjarige loopbaan bij consultancygroep McKinsey, was ze zes jaar extern raadgever voor de Bank of England, over onder meer risicobeheer. Vanuit die rol ziet ze ook het belang van de overheden in de energietransitie die we moeten afleggen. ‘Publieke financiering en overheden zijn er om problemen op te lossen die de markt zelf niet kan oplossen’, zegt ze. ‘Wij, als vermogensbeheerder, moeten onze eigen rol spelen. We kunnen niet zeggen wat bedrijven moeten doen, maar we kunnen ze wel aanmoedigen om duurzamer te worden.’ Met de stemming op aandeelhoudersvergaderingen hebben ze daarvoor een wapen in handen.

Stemmen jullie altijd zelf op aandeelhoudersvergaderingen, of besteden jullie het stemgedrag uit aan de grote stemadviseurs zoals ISS?

Sandy Boss: ‘Als onze cliënten ons het mandaat geven om te stemmen, nemen we onze verantwoordelijkheid. Voor onze aandelenbeleggingen in indexfondsen gebeurt dat in 90 procent van de gevallen, in de overige 10 procent willen onze cliënten zelf stemmen. We raadplegen zeker stemadviseurs zoals ISS of lokale spelers, maar finaal nemen we de beslissing over ons stemgedrag zelf op basis van onze eigen analyse en politiek.’

Hoe was jullie stemgedrag vorig jaar?

Boss: ‘Tussen 1 juli 2020 en 1 juli 2021 stemden we over 165.000 voorstellen van het management of de aandeelhouders van meer dan 13.000 bedrijven in 71 landen. In 42 procent van de aandeelhoudersvergaderingen stemden we tegen een of meerdere voorstellen. Dat percentage ligt iets hoger dan vorig jaar (39 procent).’

Bij welke voorstellen stemmen jullie het meest tegen?

Boss: ‘De meeste tegenstemmen tegen bestuurders hebben betrekking op deugdelijk bestuur, zoals een gebrek aan onafhankelijkheid en diversiteit in de raad van bestuur. Een goede raad van bestuur is cruciaal voor het succes van een onderneming en voor de bescherming van de belangen van de aandeelhouders. Ons standpunt is dat de raad van bestuur ook verantwoordelijk is als een bedrijf niet in staat blijkt zich te beschermen tegen bepaalde risico’s. We stemden vorig jaar tegen een of meer (her-)verkiezingen van bestuurders bij meer dan 3.400 bedrijven. We gaven een tegenstem in 10 procent van de gevallen.’

Publieke financiering is er om problemen op te lossen die de markt zelf niet kan oplossen.

Er zijn ook grote regionale verschillen in jullie stemgedrag. Hoe komt dat?

Boss: ‘Die regionale verschillen zagen we vorig jaar vooral in het stemgedrag bij remuneratievoorstellen voor het management. Bij Europese bedrijven hebben we vorig jaar veel meer tegengestemd dan bij Amerikaanse bedrijven. Dat heeft te maken met de transparantie en de consistentie van het remuneratiebeleid en de rapportering ervan. Bij sommige Europese bedrijven is die vaak minder duidelijk dan in de VS.’

Het is niet aan ons om te zeggen wat bedrijven moeten doen. Het is de raad van bestuur die ons vertegenwoordigt.

‘Bovendien heeft ook de coronacrisis hier meegespeeld. Veel bedrijven hebben een stevige klap geïncasseerd, waardoor de financiële langetermijndoelstellingen niet gehaald worden. Sommige bedrijfsleiders leggen er zich bij neer dat dat ook gevolgen heeft voor de vergoeding van het management, anderen veranderen de spelregels om toch een bonus te kunnen uitkeren aan het topmanagement. Als we dat zien, dan treden we op, zeker omdat de bedrijven vaak ook gebruikmaakten van de overheidssteun of werknemers op werkloosheid hebben gestuurd.’

‘In de VS is die problematiek minder groot omdat de structuur van de verloning op meerdere factoren berust en een aanzienlijk deel van de verloning bestaat uit voorwaardelijk toegekende aandelen op lange termijn. In Europa kan de vergoeding voor het management alles of niets zijn. Let op, we hebben er niets op tegen dat bedrijfsleiders goed betaald worden. Maar dan moeten alle stakeholders meeprofiteren.’

Merkt u ook grote verschillen in Azië?

Boss: ‘In Azië stemde BlackRock vorig jaar in 10 procent van de gevallen tegen bij remuneratievoorstellen en in 7,9 procent van de gevallen tegen bij verkiezingen van bestuurders. De tegenstemmen zijn er vooral bij een gebrek aan onafhankelijkheid van de raad van bestuur. Bij Aziatische bedrijven is vaak sprake van een grote (familiale) aandeelhouder of een overheid die de controle heeft. De agendapunten op de algemene vergadering zijn dikwijls ook beperkt en een herverkiezing van bestuurders staat daar vaak maar één keer om de drie jaar op de agenda.’

We hebben de grote oliegroepen nodig om de energietransitie te doen slagen.

Probeert u als grootste vermogensbeheerder ook voorstellen te doen en druk te zetten op bedrijven?

Boss: ‘Vermogensbeheerders zijn actieve aandeelhouders die de belangen van hun klanten verdedigen. Want die klanten zijn de uiteindelijke eigenaars van de fondsen. Dat verschilt van activistische beleggers, die andere doelstellingen voor ogen hebben.’

‘We verenigen als stewardship-afdeling de belangen van onze klanten en hebben zo een platform om een constructieve dialoog met de raad van bestuur en het management van een bedrijf op te nemen. Je mag ook niet vergeten dat we als minderheidsaandeelhouder het bedrijf niet leiden. Het is niet aan ons om te zeggen wat bedrijven moeten doen. Het is de raad van bestuur die ons vertegenwoordigt en die toeziet op het management van het bedrijf.’

Hoe kijkt u naar greenwashing, waarvan fondsenhuizen nog vaak beschuldigd worden?

Boss: ‘Om greenwashing te voorkomen moeten er duidelijke standaarden zijn over de duurzaamheidsrapportering van bedrijven. Daar pleiten we al lang voor. In Europa zijn er bijvoorbeeld de non-financial disclosures, die bedrijven verplichten te rapporteren over niet-financiële parameters, maar er is nood aan een globale standaard die wereldwijd wordt toegepast. Zodra die gestandaardiseerde informatie er is, kunnen we als belegger ook betere beleggingsbeslissingen nemen die ESG-gerelateerd (Environment, Social en Governance) zijn.’

‘Op het niveau van BlackRock werken we ook aan een betere rapportering van ons bedrijf. We hebben uitgebreide duurzaamheids- en milieurapporteringen op onze website. Maar zonder uniforme globale standaarden om daarover te rapporteren blijft het risico bestaan dat beleggers onvolledige beoordelingen maken en blijft het risico op greenwashing reëel.’

Anderzijds bestaat het risico dat duurzaamheidsrapporten te veel een zaak wordt van lijstjes afvinken, of van kwantificeren van iets wat moeilijk in cijfers te vatten is.

Boss: ‘Dat klopt. Maar die rapporteringen helpen ook om een hele bewustwording op gang te brengen. Het doel is niet enkele leuke cijfers op te lijsten om te tonen wat je hebt gedaan. Achter die cijfers zitten ook strategische plannen. De plannen van grote energiespelers, die hun bedrijf naar de volgende decennia moeten loodsen, tonen aan dat het het veel meer is dan wat leuke cijfers op te lijsten. Het is geen liefdadigheid wat ze doen, het is ernstige business.’

Tariq Fancy, een ex-BlackRock-medewerker, hekelde onlangs dat uitsluiting van bedrijven niet de juiste manier is om te verduurzamen. Gaat u daarmee akkoord?

Boss: ‘BlackRock heeft een zeer uitgesproken mening over uitsluiting versus engagement. Wij bieden veel indexproducten aan waarbij we sterk investeren in de transitie. We zien engagement bij bedrijven als het belangrijkste, omdat we ze willen aanmoedigen om de overgang te maken naar meer duurzaamheid.’

‘We bieden ook uitsluitingsproducten voor klanten die bepaalde sectoren en bedrijven willen uitsluiten. Maar we zijn vandaag wereldwijd nog altijd een van de grootste beleggers in olie- en energiebedrijven. En we hebben die grote oliegroepen nodig om de transitie te bewerkstelligen. We praten daar ook veel over met die bedrijven. De energietransitie zal duizenden miljarden kosten. Het is onmogelijk dat te financieren zonder de investeringen van de grote bedrijven. We mogen niet denken dat het alleen moet komen van de prachtige kleine nichespelers die gespecialiseerd zijn in hernieuwbare energie. Net daarom willen we zelf blijven beleggen in de oliereuzen en geëngageerd blijven.’

‘Trouwens, we moeten dat ook doen. De meerderheid van de beursgenoteerde aandelenbeleggingen zit bij ons in fondsen die een index van externe indexleveranciers volgen. Het zijn de klanten die beslissen in zo’n indexfonds te stappen. In die fondsen kunnen we niet de ene onderneming door een andere vervangen. Net daarom nemen we de rol van stewardship op, waarbij we bedrijven aanmoedigen te focussen op duurzaamheid.’

BIO

Sandy Boss

Global head of investment stewardship bij BlackRock en lid van het globale directiecomité.
Voorheen onder meer senior partner bij McKinsey met een focus op risicobeheer. Later was ze ook extern lid van het regelgevend comité bij de Bank of England.
Haalde een MBA aan Harvard Business School (1994) en een BA aan Stanford University (1989).

Wat is volgens u nodig om de energietransitie tot een goed einde te brengen?

Boss: ‘Het volstaat niet dat alleen bedrijven werken aan de energietransitie. Publieke financiering en overheden zijn er om problemen op te lossen die niet door de markt alleen kunnen worden opgelost. De overheid kan een sleutelrol spelen door de vraag naar alternatieve energie meer te sturen.’

‘In het Verenigd Koninkrijk is bijvoorbeeld beslist dat er binnen negen jaar geen wagens meer mogen rijden met verbrandingsmotoren. Enkel elektrische wagens zijn dan nog toegestaan. Wel, zo’n maatregel sorteert meteen effect. We zien batterijfabrieken verschijnen en producenten van elektrische wagens. Zulke vraaggestuurde maatregelen zijn zeer belangrijk. Dat zal ook zo zijn voor duurzame woningen of bijvoorbeeld de gasboilers die in het VK zeer belangrijk zijn. Een CO₂-taks is ook een manier om de vraag te sturen. Allemaal maatregelen die enkel door de overheid kunnen genomen worden.’

‘Een tweede belangrijke oplossing is dat we verder moeten kijken dan beursgenoteerde bedrijven als het gaat over duurzaamheidsrapportering. Op dit moment worden alleen beursgenoteerde bedrijven geviseerd, maar de niet-genoteerde bedrijven vormen een veel groter deel van de economie. De regulatoren moeten ook naar die groep kijken.’

‘Een derde cruciaal element in de energietransitie is de hulp die we moeten bieden in de groeimarkten. Die kunnen de transitie niet zelf organiseren. De ‘stranded population’, de mensen die werken in sectoren die opgedoekt zullen worden, moet op andere plaatsen aan werk geraken. Dat zal niet zomaar met magie van de ene op de andere dag gebeuren. De overheid moet ook daar helpen, met publiek-private initiatieven, om die verandering teweeg te brengen.’

Ondertussen kreunt de bevolking onder de torenhoge gasprijzen.

Boss: ‘We hebben verschillende mogelijkheden om de transitie te bewerkstelligen. Maar we moeten ook realistisch zijn dat dat neveneffecten heeft. De stijging van de gasprijzen, waar heel wat oorzaken voor zijn, toont aan hoe uitdagend de transitie is voor de hele maatschappij.’

‘We kunnen wel proberen met micromanagement de gevolgen voor de bevolking op te vangen, maar werken aan een structurele oplossing is minstens even belangrijk. De rol van de overheid is erop toe te zien dat de energiekosten op lange termijn betaalbaar zijn. Onze rol is vooral fiduciair. We willen bedrijven confronteren met hun verantwoordelijkheden. En we hopen dat andere actoren hetzelfde doen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud