Nederlandse pensioenfondsen verkennen Belgiëroute

©REUTERS

De pensioenproblematiek in Nederland doet pensioenfondsen over de grens kijken. Maar een overstap naar het Belgisch systeem is geen makkelijke oefening.

Nergens in Europa woedt er zoveel discussie over het pensioen als in Nederland. Het land, dat via een verplicht aanvullend pensioen via de werkgever een zeer sterke tweede pensioenpijler heeft uitgebouwd, kwam de voorbije jaren in een storm terecht. De aanleiding waren eerst de financiële crisis en vervolgens de almaar lagere marktrentes. Die hadden een impact op de berekening van de dekkingsgraad, de mate waarin de pensioenfondsen in staat zijn hun toekomstige verplichtingen na te komen.

'Fonds'. Uw afspraak met uw portefeuille

Het magazine 'Fonds' brengt u elke maand een overzicht van relevant fondsennieuws, analyses van beleggingsfondsen, interviews met internationale fondsenbeheerders en inzicht in de steeds complexere regelgeving. Een handig instrument voor de belegger én investment professional.

  • Interview met Saker Nusseibeh (Federated Hermes): ‘Fondsenhuizen dragen een verpletterende verantwoordelijkheid’
  • Copycat: 3 trackers die beleggen in de groeimarkten
  • De lange weg naar duurzaam beleggen

Woensdag 19 mei gratis bij De Tijd.

In Nederland schrijft de wet voor dat de balanswaarde van de verplichtingen van een pensioenfonds moet worden berekend met de risicovrije rente, de rente op risicovrije producten zoals overheidsobligaties. Hoe lager die marktrente, hoe hoger de balanswaarde van de uitkeringen worden, en dus hoe lager de dekkingsgraad.

Verscheidene pensioenfondsen zagen de dekkingsgraad onder 90 procent uitkomen, waardoor ze moesten korten op de opgebouwde rechten en de maandelijkse uitkeringen. In tegenstelling tot in België, waar het aanvullend pensioen vaak in één keer wordt uitbetaald op pensioenleeftijd, gaat het in Nederland om een maandelijkse uitkering. Fondsen die niet moesten korten, konden vaak geen indexatie meer toepassen omdat hun dekkingsgraad onder 110 procent bleef. Voor Nederlandse burgers is de situatie onbegrijpelijk omdat de activa van de pensioenfondsen blijven stijgen. Ze bedragen bijna 2.000 miljard euro, dat is meer dan twee keer het bruto binnenlands product (bbp) van Nederland.

Nederlandse ouderen klagen dat hun pensioen al 13 jaar niet werd geïndexeerd, terwijl pensioenfondsen op een berg van 2.000 miljard euro zitten.
WILMA SCHROVERS
DIRECTEUR KBO-BRABANT

Na jaren onderhandelen is er eindelijk een akkoord om het pensioensysteem te hervormen. Nederland wil overstappen van een collectieve uitkeringsregeling naar een individueel premiesysteem. Op die manier krijgt elke gepensioneerde op pensioenleeftijd wat hij er zelf heeft ingestopt aan premie en het rendement daarop. Toch heeft dat akkoord de gemoederen niet bedaard.

Generatiekloof

De grote vraag is hoe de omzetting van de huidige reserves naar het nieuwe systeem zal gebeuren. Ouderen vrezen dat zij de dupe worden en dat vooral jongeren gebaat zijn bij het nieuwe systeem. Almaar meer ouderen laten hun stem horen. Bij KBO-Brabant, een Nederlandse ouderenvereniging vergelijkbaar met Okra in België, loopt het storm. ‘Ouderen klagen erover dat hun pensioen al 13 jaar niet werd geïndexeerd, terwijl pensioenfondsen op een berg van 2.000 miljard euro zitten en de bestuurders van de pensioenfondsen rijkelijk worden vergoed’, zegt Wilma Schrover, de directeur van de vereniging die 125.000 leden vertegenwoordigt.

De essentie

Meerdere Nederlandse pensioenfondsen zitten in nood door de lage rente.
De Nederlandse wet vereist dat pensioenfondsen hun dekkingsgraad berekenen op basis van de risicovrije rente.
De Belgiëroute kan interessant zijn omdat de berekening van de dekkingsgraad in ons land anders verloopt.
In de praktijk is het erg moeilijk Nederlandse pensioenfondsen over te hevelen naar België.

De lage rente is niet de enige reden waarom pensioenfondsen het moeilijk hebben. Ze kampen ook met oplopende kosten door strengere nationale en Europese regels en door hogere kosten voor vermogensbeheer. ‘De voorbije jaren zagen we al verschillende liquidaties en fusies van pensioenfondsen’, zegt Rob de Brouwer, die bij het Nederlandse Hoogovens mee verantwoordelijk is voor het pensioenfonds en de Nederlandse problematiek van nabij volgt. ‘De kans op nog meer liquidaties en fusies is zeer reëel.’

Belgiëroute

Meerdere pensioenfondsen overwegen de Belgiëroute, waarbij ze het fonds naar ons land overhevelen. ‘De Belgiëroute kan voor veel Nederlandse pensioenfondsen een oplossing zijn. In tegenstelling tot in Nederland, wordt in België niet gewerkt met een risicovrije rekenrente’, zegt Hans van Meerten, hoogleraar Europees pensioenrecht aan de Universiteit van Utrecht en advocaat. ‘Als een Nederlands fonds zijn regeling onderbrengt in een Belgisch pensioenfonds, valt het op het vlak van sociaal en arbeidsrecht nog altijd onder Nederlands recht, maar het prudentieel recht wordt Belgisch. Dat betekent dat de rekenrente een Belgische zaak wordt, waardoor mogelijk een andere en misschien wel betere bescherming van de deelnemers mogelijk is’, zegt van Meerten.

Philip Neyt, de voorzitter van de Belgische pensioenfondsenfederatie, bevestigt de andere aanpak in België. ‘De rekenrente, de rente waarmee toekomstige verplichtingen moeten worden verrekend naar vandaag, is in ons land variabel en hangt af van de onderliggende beleggingen. Bovendien is de werknemer in België beschermd. Korten is hier onmogelijk, omdat de werkgever de eindverantwoordelijke is voor de uitbetaling en rekening moet houden met een gegarandeerde rente van 1,75 procent per jaar. Haalt het pensioenfonds dat niet, dan moet de werkgever bijpassen’, zegt hij.

Hogere dekkingsgraad

Alleen al het verschil in rekenrente is volgens De Brouwer een cruciaal gegeven omdat het betekent dat pensioenfondsen met dezelfde pensioenverplichtingen in België toch een aanzienlijk hogere dekkingsgraad krijgen. ‘Dat kan belangrijke gevolgen hebben. Voor het pensioenfonds van Hoogovens zou het betekenen dat de dekkingsgraad stijgt van 120 procent nu naar meer dan 150 procent. Die hogere dekkingsgraad laat de pensioenfondsen toe verloren indexaties uit het verleden in te halen’, zegt De Brouwer. Als de dekkingsgraad onder 110 procent ligt, mag geen indexatie gebeuren. Ligt hij tussen 110 en 120, dan mag een partiële indexatie gebeuren en boven 120 een volledige indexatie. Pas boven 130 kunnen achterstallige indexaties ingehaald worden.

Een overstap naar een pensioenfonds in België lijkt dan snel gemaakt. Zeker omdat Europa de voorbije jaren met de IORP-richtlijn werk heeft gemaakt van een pan-Europese pensioenfondsenmarkt. ‘Maar zo eenvoudig is het niet’, zegt Van Meerten. ‘De Nederlandse overheid heeft bij de toepassing van de richtlijn meerdere obstakels ingebouwd die een omzetting naar een Belgisch fonds bemoeilijken. Zo heb je bij de omzetting de toestemming van twee derde van de deelnemers, slapers (een verzekerde die geen premie meer betaalt, red.) en pensioengerechtigden nodig. Bij Nederlandse waardeoverdrachten geldt dat niet. Dat is een heel bureaucratisch gegeven, want het vereist dat je zowel de actieve deelnemers als de gepensioneerden en de slapende deelnemers moet bereiken. Dat is een onbegonnen zaak, vooral bij bedrijfstakpensioenfondsen waar vaak duizenden bedrijven bij zijn aangesloten’, zegt Van Meerten. Wat de bedrijven ook kan tegenhouden, is dat België een bijstortverplichting voor de werkgever kent.

De Nederlandse toezichthouder zet de hakken in het zand. Een zeer arrogante houding, alsof ons systeem het beste is.
Rob De Brouwer
Verantwoordelijke pensioenfonds Hoogovens

Het aantal Nederlandse fondsen dat de overstap naar België maakt, is relatief beperkt. ‘ExxonMobil is een recent voorbeeld, maar dat is een multinational die in meerdere landen actief is. Een overstap zal in eerste instantie vooral voor die internationale bedrijven weggelegd zijn’, zegt Neyt.

Hinderpaal

Volgens De Brouwer vormt de protectionistische houding van Nederland een stevige hinderpaal en remt ze een Europese pensioenmarkt af. ‘De Nederlandse toezichthouder zet de hakken in het zand. Een zeer arrogante houding, alsof ons systeem het beste is. Nederland gaat de andere kant op dan de rest van Europa. We hebben een zeer duur pensioensysteem. Als je de premies die we nu betalen 40 jaar volhoudt, dan heb je de uitkeringen van 20 jaar bijeen, exclusief de rendementen die gehaald worden’, zegt De Brouwer. ‘Van de 2.000 miljard euro in de pensioenfondsen wordt jaarlijks 32 miljard uitgekeerd. Dat betekent dat we met de huidige spaarpot 60 jaar door kunnen gaan, zonder rekening te houden met bijkomende premies en met de rendementen, die al tientallen jaren gemiddeld meer dan 6 procent per jaar bedragen.’

Intussen varen verschillende pensioengerechtigden op ramkoers met de Nederlandse instanties. KBO-Brabant en de Stichting PensioenBehoud voeren een rechtszaak tegen de Nederlandse staat over de omzetting van de Europese richtlijn IORP II in de Nederlandse Pensioenwet. Meer specifiek gaat het om de vereiste buffers, die zijn gebaseerd op de fictie dat Nederland een gegarandeerd pensioen heeft terwijl feitelijk sprake is van een collectieve premieregeling. ‘We kregen ongelijk van de rechter, maar we gaan in beroep omdat we ervan overtuigd zijn dat deze praktijken in strijd zijn met het Europees recht’, zegt Van Meerten, die als advocaat in deze zaak optreedt.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud