Beleg in impactfonds en stoot minder CO2 uit

©Filip Ysenbaert

Binnen de steeds populairdere duurzame fondsen ontpopt zich een nieuwe categorie die focust op impact. Voor die fondsen volstaat het niet meer dat de bedrijven duurzaam zijn, ze moeten ook een tastbare positieve invloed hebben op mens en milieu.

Het aantal duurzame fondsen zit in de lift, niet alleen in aantal, maar ook in belegd vermogen. Vorig jaar steeg het aantal duurzame fondsen met 50 procent, de instroom in de eerste helft van 2019 overtrof al ruim de instroom in heel 2018.

Duurzame fondsen zijn een grote vlag die vele ladingen dekt. Elke beheerder vult het begrip op zijn eigen manier in. Eurosif, de Europese vereniging voor duurzame beleggingen, probeerde de markt in kaart te brengen. Het onderscheidt zeven strategieën waarmee fondsenhuizen duurzaamheid in hun beleid integreren. Een daarvan is uitsluiting, waarbij bijvoorbeeld wapenproducenten worden uitgesloten. Of er kan ingezet worden op actief aandeelhouderschap, waarbij de fondsen deelnemen aan aandeelhoudersvergaderingen om bedrijven te dwingen duurzamer te ondernemen. De populairste strategie is die van ESG-integratie. ESG verwijst naar leefmilieu (environmental), sociale gelijkheid (social) en deugdelijk bestuur (governance). Bij die strategie bepalen de drie criteria mee de selectie van de aandelen.

Nog een andere strategie is in opmars: impactbeleggen. Karianne Lancee, verantwoordelijk voor de duurzame en impactbeleggingen bij UBS Asset Management, legt uit waarin impactbeleggen verschilt van ESG. ‘Bij ESG ligt de focus op het bedrijf en is de vraag hoe bedrijven omgaan met het klimaat en met hun mensen. Bij impact ligt de focus op hun producten en diensten en de manier waarop die een impact hebben op mens en milieu’, zegt ze.

Auto’s

Bij duurzame fondsen ligt de focus op het bedrijf zelf, bij impactfondsen op hun producten en diensten.
Karianne Lancee
UBS Asset Management

KBC Asset Management, ook aanbieder van een impactfonds, omschrijft de verschillen op een andere manier. ‘Bij gewone duurzame fondsen kijken we hoe iets geproduceerd wordt. We kijken in de sector naar de bedrijven die dat op de duurzaamste wijze doen. Bij impact kijken we naar wat geproduceerd wordt. Een goed voorbeeld zijn de autoproducenten. Een klassieke autoconstructeur kan perfect in aanmerking komen voor een duurzaam fonds als hij tot de beste van zijn sector hoort op het vlak van maatschappelijk verantwoord handelen. Bij impactbeleggen is dat niet langer het geval. Klassieke autoconstructeurs produceren vooral wagens met verbrandingsmotoren die schadelijk zijn voor het milieu. Dus kunnen we ze niet toelaten tot het universum van impactbeleggen. Een producent van elektrische wagens kan wel in aanmerking komen omdat hij duurzame mobiliteit stimuleert’, zegt Kenneth De Bruycker van KBC Asset Management. Door te beleggen in een impactfonds is uw impact als belegger veel duidelijker.

Maar hoe herkent u zo’n impactfonds? Dat is niet altijd eenvoudig. Niet alle fondsen met ‘Impact’ in de naam worden volgens die strategie beheerd. BlackRock Impact World Equity bijvoorbeeld is geen puur impactfonds, maar hanteert de strategie van de ESG-integratie. ‘Het fonds vertrekt vanuit een gespreide samenstelling van de wereldwijde aandelenindex MSCI World en legt er een duurzame filter bovenop. Aandelen die op basis van ons onderzoek duurzaam zijn, krijgen een hoger gewicht, bedrijven die minder duurzaam zijn een kleiner gewicht’, luidt het bij BlackRock.

Verenigde Naties

De tabel op de volgende pagina geeft een overzicht van fondsen die puur op impact selecteren. Het fonds van UBS meet de impact op vier thema’s die ook in de doelstellingen van de Verenigde Naties staan: klimaatverandering, waterschaarste, voedselveiligheid en vervuiling. Het meten van armoedebestrijding zit als vijfde categorie nog in de pijplijn. De vermogensbeheerder pionierde met drie universiteiten (Harvard, City University of New York en Wageningen University) om samen een methode te ontwikkelen om de impact te meten.

©Filip Ysenbaert

Lancee geeft een voorbeeld uit de farmasector. ‘Aan de hand van een lijst van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) onderzochten we welke 20 ziekten het grootste risico op sterfte en invaliditeit vormen en hoe de risico’s kunnen worden verkleind. We bekijken alle farmaceutische bedrijven die geneesmiddelen ontwikkelden voor een of meerdere van die ziekten. Op basis van de effectiviteit van hun behandeling berekenen we hoeveel mensenlevens ze in een jaar redden, hoeveel mensen door die medicatie niet in een ziekenhuis zijn beland, en hoeveel mensen niet moesten thuisblijven van hun werk. Zo kan je voor elk bedrijf precies inschatten wat zijn impact is op de gezondheid van mensen’, zegt Lancee. ‘Het model wordt nog verfijnd. We proberen steeds meer informatie te verzamelen en met diverse groeperingen druk te zetten op bedrijven om extra informatie te geven’, zegt Lancee, die enkele jaren geleden nog bij Unilever, het Nederlandse concern van consumptiegoederen, een duurzaam fonds opzette waarin de pensioenfondsen van Unilever belegden.

Ook NN Investment Partners biedt impactfondsen aan. ‘De eerste vraag die we stellen is hoe het bedrijfsmodel bijdraagt aan een duurzame samenleving. Een goed voorbeeld is Umicore. De nadruk bij dat bedrijf ligt op recycleren. Een ander voorbeeld is de farmagroep Novo Nordisk, die zich vooral richt op het bestrijden van diabetes. We zijn streng in die selectie. Het is niet omdat een beursgenoteerde luchthaven groene obligaties uitgeeft, we ze in ons fonds opnemen’, zegt Adrie Heinsbroek, hoofd duurzaam beleggen bij NN Investment Partners.

M&G meet de impact op vier niveaus. ‘In de eerste fase zoeken we de belangrijkste impact van het bedrijf en bekijken we hoe die te linken valt met de doelstellingen van de Verenigde Naties. In een tweede fase gaan we die impact reduceren tot een netto-impact door de negatieve impact in de berekening op nemen. In een derde fase zetten we die netto-impact af tegen de inkomsten uit impactvolle producten of diensten. In een laatste fase vragen we ons af hoe uniek de onderneming is met haar impact en hoe makkelijk ze nagebootst kan worden. Elk bedrijf krijgt een impactscore van 0 tot 10’, zegt John William Olsen, de beheerder van M&G Positive Impact Fund.

Einstein

De beheerder kijkt ook naar impactbedrijven die niet rechtstreeks de consument bereiken. ‘Het zijn bedrijven die eindbedrijven faciliteren om impact te hebben. Voorbeelden zijn bedrijven die het mogelijk maken de CO2-uitstoot te meten of bedrijven die software ontwikkelen om de energie-efficiëntie bij het maken van nieuwe producten te maximaliseren. Daar is de meting veel moeilijker. Om het met een quote van Albert Einstein te zeggen: ‘Niet alles wat telt, kan geteld worden.’’

De bedrijven in ons fonds stootten vorig jaar 61 procent minder CO2 uit dan de bedrijven in een brede aandelenindex.
Pieter-Jan Hüsken
Triodos

Het fonds BNP Paribas Climate Impact zoomt in op bedrijven in het snelgroeiende segment van milieu- en grondstoffenefficiëntie. ‘Dat zijn bedrijven die winsten boeken door te focussen op goederen en diensten die de impact op grondstoffenschaarste, vervuiling en klimaatverandering tot een minimum beperken. We zoeken ondergewaardeerde bedrijven die van die langetermijnthema’s profiteren. Het gaat om de sectoren alternatieve energie, water en technologie, vervuiling, afvalverwerking, duurzame voeding...’, luidt het bij BNP Paribas Asset Management.

Bij Cadelam (Capfi Delen Asset Management) is de basisparameter van zijn impactfonds het percentage van de omzet uit impactactiviteiten. ‘We gebruiken daarvoor data van onze partner Sustainalytics. Impact is voor ons de laatste stap in een breder verantwoord investeringskader, dat we voor al onze beleggingsfondsen hanteren’, luidt het bij de beheerder.

Vanzelfsprekend kan de Nederlandse duurzamefondsenbeheerder Triodos niet ontbreken. ‘We investeren uitsluitend in bedrijven die een positieve bijdrage leveren aan zeven vastgestelde transitiethema’s, zoals duurzame voeding en landbouw, circulaire economie, gezonde mensen, hernieuwbare energie en een inclusieve samenleving. Een bedrijf moet een bewezen positieve impact op één van die thema’s hebben om in aanmerking te komen voor een investering. We houden continu de vinger aan de pols of een bedrijf nog altijd past binnen onze beleggingscriteria’, zegt Pieter-Jan Hüsken, een fondsbeheerder van Triodos.

Een gevolg van de impactfondsen is dat een aantal sectoren amper vertegenwoordigd zijn. De energie- en de nutssector zijn de grote afwezigen. ‘Veelal zullen bedrijven in die sectoren activiteiten hebben in de fossiele of de nucleaire energie’, luidt het bij Triodos. ‘Daarnaast passen we bij ons screeningsbeleid de standaarden van GABV (Global Alliance for Banking on Values) toe. Dat heeft tot gevolg dat momenteel nagenoeg geen enkele bank in aanmerking komt’, voegt Triodos toe.

Farma en industrie zijn de meest voorkomende sectoren. Het fonds van M&G belegt vooral in de gezondheidszorg en in industriële bedrijven. ‘Het fonds heeft wel geen posities in de grote farmabedrijven. Het belegt in bedrijven die specialist zijn in hun gebied, zoals immuuntherapie. Het overgewicht in industriële bedrijven komt van bedrijven die sterk staan in innovatie bij elektronische uitrusting’, luidt het bij M&G.

Bij het Robeco-fonds heeft de technologiesector het grootste gewicht. Het fonds is een atypisch impactfonds omdat het enkel focust op gendergelijkheid. ‘Het selectieproces combineert onderzoek op het vlak van de gendergelijkheid met fundamentele analyse. Het gaat om duurzame bedrijven die gendergelijkheid hoog in het vaandel dragen: genderdiverse werkplekken, vrouwelijk talent, gelijke remuneratie... In het Robeco-universum is 39 procent van de arbeidskrachten vrouw, het marktgemiddelde is 35 procent’, luidt het bij de beheerder.

©MEDIAFIN

Mannensector

Dat uitgerekend de technologiesector, een mannensector bij uitstek, als belangrijkste naar boven komt, is verrassend, maar volgens Robeco perfect te verklaren. ‘We kijken naar de relatieve aandacht van bedrijven voor gendergelijkheid in hun sector. Bovendien gaat het verder dan het percentage vrouwen dat aanwezig is in het bedrijf. Het gaat ook over gelijke lonen en flexibele werkomstandigheden’, luidt het.

Het voorgaande illustreert dat door het actieve en geconcentreerde beleggingsbeleid van impactfondsen de samenstelling ervan fors kan afwijken van een brede aandelenindex. ‘We zien het impactfonds als complementair voor een nichepubliek, voor investeerders die naast risico en rendement ook kijken naar de bijdrage van bedrijven om mens- of maatschappijgerelateerde vraagstukken op te lossen. Het gaat om een veel kleiner investeringsuniversum, met ook kleinere ondernemingen en een hoger risicoprofiel’, luidt het bij Cadelam.

Rapportering

Wie een impactfonds kiest, is ook benieuwd naar zijn effectieve impact. Fondsen proberen daarover te rapporteren. ‘We publiceren jaarlijks een rapport over de positieve impact van fondsen die beleggen in beursgenoteerde bedrijven of obligaties’, luidt het bij Triodos.

Voorts bevat het impactrapport cijfers die een beeld geven van de voetafdruk van het fonds in vergelijking met de MSCI World-index, een brede aandelenindex. De bedrijven waarin Triodos Global Equities Impact Fund belegt, hebben in 2018 onder andere 61 procent minder CO2 uitgestoten vergeleken met de index, 45 procent minder water verbruikt en 37 procent minder afval geproduceerd. ‘Die cijfers zijn van toepassing op de volledige portefeuille van het fonds. Er wordt niet gerapporteerd op het niveau van individuele bedrijven’, luidt het bij de beheerder.

M&G komt eind november met zijn eerste rapport. ‘Dan bereikt ons impactfonds zijn eerste verjaardag. We publiceren dan een eerste rapport waarin we voor elk bedrijf in het fonds de impact geven.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect