Belgiëfonds wint 8 procent in 2017

©Christophe Ketels / BELGA

De 12 actief beheerde Belgische aandelenfondsen leverden gemiddeld 8,2 procent op in 2017. Dat is minder dan de Bel20. Op lange termijn kloppen ze de sterindex wel met gemak.

In 2017 was het voor fondsbeheerders vrijwel onmogelijk om de Bel20 te kloppen. De sterindex steeg met 10,3 procent, inclusief nettodividenden is dat 12,9 procent. Slechts één fonds kon een gelijkaardig rendement neerzetten (12,4%): KBC Multi Track Belgium . Het gaat dan ook om een passief fonds met als enige doelstelling de Bel20 te schaduwen. Een andere mogelijkheid om een Bel20-mandje te kopen, is de op Euronext Parijs genoteerde tracker Lyxor ETF Bel20.

Fondsbeheerders moeten zich houden aan verschillende regels en alleen al die regels maakten een ‘outperformance’ zo goed als onmogelijk. Zo mag een aandeel maximaal 10 procent uitmaken van een fonds. In de Bel20 krijgen de grootste aandelen bij de jaarlijkse herziening een maximumgewicht van 12 procent. Maar in de loop van het jaar kan dat gewicht nog oplopen als die aandelen sterk presteren. Vandaag tekenen ING (+22,7% inclusief nettodividenden in 2017), KBC (+23%) en Engie (+22%) samen voor liefst 39 procent van de Bel20. De beheerders kunnen in theorie slechts 30 procent van het fonds aan dat trio wijden.

Er is nog een andere regel die maakt dat de prestaties van de fondsbeheerders fors kunnen afwijken van de Bel20. ‘Alle posities boven 5 procent mogen samen niet meer dan 40 procent van een fonds uitmaken. Maar in de Bel20 zijn alle posities boven 5 procent momenteel goed voor een gewicht van 87,6 procent’, legt Pierre Nicolas uit, beheerder van NN (B) Invest Belgium . Nicolas haalde vorig jaar 11,2 procent rendement, het hoogste van alle actief beheerde fondsen. ‘We vonden kleine aandelen begin vorig jaar te duur en hebben onze positie daarin laag gehouden. Daardoor zijn we gespaard gebleven van de forse correctie die enkele smallcaps in 2017 hebben ondergaan. Voorts pikten we het herstel van de cyclische aandelen mee’, zegt Nicolas.

Beleggingsfilosofie

De zogeheten 5/10/40%-regel dwingt de beheerders om sowieso ook aandelen buiten de Bel20 te kopen. Maar dat is doorgaans in lijn met hun beleggingsfilosofie. ‘Los van de beleggingsbeperking zien wij op lange termijn meer toegevoegde waarde in mid- en smallcaps’, zegt Bart Daenekindt, beheerder van de fondsen KBC Equity Belgium en KBC Equity Flanders .

©Mediafin

Met een rendement van 9,5 à 9,7 procent in 2017 staan die fondsen bovenaan in het jaarklassement (zie tabel hierboven). ‘We hebben op tijd ingezet op aandelen zoals Greenyard, Recticel, Melexis en Kinepolis. Ook onze omvangrijke positie in Umicore heeft geholpen. Voorts hebben we tijdig de neergang van IBA ontweken’, licht Daenekindt toe. In vergelijking met andere fondsen belegt Daenekindt ook meer in financiële aandelen.

Patrick Millecam van de jongste leerling Value Square Fund Equity Belgium heeft nul interesse in de samenstelling van de Bel20. ‘De overlap tussen ons fonds en de Bel20 bedraagt amper 20,8 procent.’ Millecam realiseerde in 2017 een rendement van 4,9 procent, wat minder is dan het gemiddelde van de Belgiëfondsen (8,2%). ‘Sinds de opstart van ons fonds op 1 juli 2016 hebben we een rendement van 16,4 procent. Om maar te zeggen hoe relatief een periode van een jaar is.’

We vonden kleine aandelen te duur en hebben onze positie daarin laag gehouden. Dat heeft ons geholpen.
pierre nicolas
beheerder nn (b) Invest belgium

De Belgische aandelenfondsen bewijzen op de lange termijn wel degelijk hun toevoegde waarde. De Bel20 Net Return-index ging de voorbije vijf jaar jaarlijks met gemiddeld 11,4 procent de hoogte in. De Belgische aandelenfondsen realiseerden een gemiddeld jaarrendement op vijf jaar van 13,6 procent, na aftrek van de jaarlijkse lopende kosten.

Was C+F Belgian Growth van Capfi Delen Asset Management in 2016 een van de koplopers, dan was het in 2017 de hekkensluiter (+4,3%). Dat blijkt niet helemaal toeval. ‘We kregen begin 2017 veel bijstortingen. Als je die verse middelen slechts mondjesmaat opnieuw investeert, hink je in een stijgende beurs achterop’, legt beheerder Luc van der Elst uit. ‘Daarnaast lieten enkele aandelen het vorig jaar afweten, zoals de scheepvaartgroepen Exmar en Euronav, maar ook een traditionele sterkhouder zoals Lotus Bakeries. En Etex en Aliaxis konden op de Expert Market goede financiële resultaten niet vertalen in hogere koersen.’ Van der Elst wijst er ook op dat het fonds streeft naar een lager dan gemiddeld risico. ‘Geen enkele van onze posities heeft een gewicht boven 5 procent.’

Strategie in 2018

Voor 2018 zet Luc Van der Elst in op bedrijven met een sterk management, ‘liefst gecombineerd met een potentieel voor groei in de komende jaren, of een grote onderwaardering’.

Ook Argenta Fund Belgische aandelen  bleef vorig jaar met een rendement van 4,8 procent achter op het sectorgemiddelde. ‘We leden in 2017 onder onze beperkte positie in financiële aandelen en in Umicore. We hechten veel belang aan waardering en focussen voorts op kwaliteit, winstgevendheid en groei. Dat zal in 2018 niet anders zijn.’

We kregen veel bijstortingen na onze puike plaats in 2016. Als je dat mondjesmaat belegt, hink je in een stijgende beurs achterop. beheerder c+F Belgian growth luc van der elst
Luc van der elst
beheerder c+f belgian growth

Pierre Nicolas (NN Invest Belgium) zet dit jaar in op financiële en energieaandelen. ‘Dat past in onze huidige voorkeur voor cyclische sectoren.’

Patrick Millecam (Value Square Fund Equity Belgium) heeft een uitgesproken voorkeur voor familiebedrijven met een goede langetermijnstrategie. ‘We kopen als er een voldoende grote korting is tegenover de intrinsieke waarde. De bedrijven die we in portefeuille hebben, noteren momenteel zo’n 35 procent onder de door onze analisten berekende intrinsieke waarde.’ Volgens de recentst beschikbare infofiche zijn Recticel, Sofina, Barco, GBL en Tessenderlo de vijf belangrijkste aandelen in het fonds.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content