Advertentie
analyse

Verbrand u niet aan de biotech-hype

©Biocartis

Met de beursgang van Biocartis en de goednieuwsshow van Galapagos en Thrombogenics beleefden biotechbeleggers deze week topdagen. Maar dreigen we de risico’s van investeren in biotech stilaan niet wat uit het oog te verliezen?

Galapagos dat positieve testresultaten voor een reumamiddel bekendmaakt en de grote sprong naar Wall Street waagt. Biocartis dat zijn beursgang op gang trekt, en Thrombogenics dat zijn kankerdivisie afsplitst. Beleggers werden afgelopen week overspoeld met belangrijk nieuws uit de Belgische biotechbranche. Dat weerspiegelde zich ook in de aandelenkoersen. Dankzij de goednieuwsshow van deze week schoot Galapagos ruim 35 procent de hoogte in. Daardoor is het nu voor het eerst meer dan 1 miljard euro waard op de beurs. Thrombogenics werd 8,4 procent duurder in een week tijd.

Natuurlijk is biotech al veel langer dan deze week ‘hot’ op de Brusselse beurs. Sinds Nieuwjaar zijn de biotechnologieaandelen op Euronext Brussel al 28 procent in waarde gestegen. Dat is trouwens geen typisch Belgisch fenomeen. Ook elders in Europa en in de Verenigde Staten verkennen de biotech’ers ongeziene hoogtes. Op Wall Street is de invloedrijke Nasdaq Biotechnologyindex sinds begin dit jaar al een dikke 17 procent de hoogte ingegaan. Geen wonder dus dat een bedrijf als Galapagos net nu een tweede notering op de New Yorkse Nasdaq-beurs wil aanvragen.

Al kan je vragen hebben bij die enorme populariteit van de biotechaandelen. Verliezen beleggers niet uit het oog dat in biotech investeren ‘een risky business’ blijft? Beleggen in biotech blijft altijd een beetje gokken: je bent nooit helemaal zeker of het medicijn waaraan ‘jouw’ onderneming werkt, uitgroeit tot een succesvol medicijn. Bovendien moet je al over heel wat achtergrondkennis beschikken om als belegger goed je huiswerk te kunnen maken. Met jargon als ‘JAK1 inhibitors’ of ‘nanobody’s’ leest een doorsneepersbericht of jaarverslag van een biotechbedrijf eerder als een medisch bulletin.

Allemaal door de draaideur

Wie ook naar de koerstabellen op langere termijn kijkt, beseft dat beleggen in biotech niet zonder risico’s is. De koersevolutie van de populairste Belgische biotechwaarden - denk aan Ablynx, Thrombogenics en Galapagos - doen denken aan de beter achtbaanrit. Forse koersopstoten bij een wetenschappelijke doorbraak of een partnerschap met een grote farmamultinational, even zware koersverliezen als een cruciale studie niet het gewenste resultaat oplevert. Wie vooral op zoek is naar aandelen die een stabiel rendement opleveren, spendeert dus beter niet al te veel tijd aan biotech. Vergeet ook niet dat de meeste spelers nog steeds verlieslatend zijn. Een dividend zit er dan ook niet meteen in voor de aandeelhouders.

©Mediafin

‘Beleggers met een wat defensiever profiel kunnen beter kijken naar beleggingsfondsen of grotere ondernemingen in de sector waarvan het succes niet afhangt van een enkel medicijn, maar die meerdere eieren in hun mand hebben liggen,’ zegt Paul Vrouwes, die voor NN Investment Partners zelf twee healthcarefondsen met een omvang van 550 tot 600 miljoen euro beheert. Wie zonder al te veel kennis van zaken op one trick pony’s gokt, neemt wel een heel groot risico. ‘Bij goed nieuws kunnen de koersen natuurlijk snel fors hoger gaan. Maar als het fout loopt, proberen beleggers zich massaal door de draaideur naar de uitgang te wurmen. Een handvol investeerders zal tijdig kunnen ontsnappen. De rest dreigt opgescheept te zitten met verliezen van 50 procent of meer.’

Zeepbel of geen zeepbel?

Maar wil de recente ‘run’ op biotech nu ook zeggen dat zich een zeepbel aan het vormen is in de sector? ‘Je hoort die kritiek wel vaker, maar ik ben het daar in de verste verte niet mee eens’, zegt Rudi Van den Eynde van het fondsenhuis Candriam. ‘Ik zeg dat niet omdat ik zelf een biotechnologiefonds beheer. Als de koersen te hoog waren had ik ook allang verkocht. Als je over een zeepbel spreekt, gaat het om koersniveaus die niet te rechtvaardigen zijn.’

Bij die waarderingen moeten we wel een onderscheid maken tussen de grote jongens in de branche en de kleinere spelers die hier op de Brusselse beurs noteren. ‘Denk bij die grote namen aan multinationals zoals Amgen, Gilead, Biogen of Celgene’, legt Van den Eynde uit. ‘Dat zijn ondernemingen met een beurswaarde van meer dan 100 miljard dollar en een miljardenomzet. Zulke bedrijven kan je waarderen met dezelfde criteria die voor ‘klassieke’ ondernemingen gelden. Die reuzen noteren tegen 10 tot 25 keer hun winst. Begin jaren 2000 was dat nog 100 of 200 keer. Trouwens, die grote biotechbedrijven realiseren soms een hogere vrije kasstroom dan hun ‘traditionele’ collega’s. Gemiddeld ligt die vrije kasstroom tussen 3 en 6 procent. Bij een bedrijf al L’Oreal vind je zoiets niet.’

©Mediafin

Vrouwes wijst op een andere, veeleer technische reden waarom we nog niet kunnen zeggen dat de koersen vandaag te hoog staan. Ook bij de biotechwaarderingen blijkt de lage rente een rol te spelen. ‘Voor ondernemingen die nog geen winst boeken, kijken onze analisten naar welke producten er later op de markt kunnen komen en in welk stadium het onderzoek zich bevindt. Zodra dat onderzoek zich in het laatste stadium voor mogelijke commercialisering bevindt, gaan we na wat de opbrengsten over enkele jaren kunnen zijn. Aan de hand van die bedragen proberen we dan te berekenen wat het bedrijf vandaag waard is. Door de lage rentestanden zijn de discontovoeten waartegen die berekening gebeurt eveneens lager. Wat betekent dat je automatisch aan hogere waarderingen zit.’

Cruciaal

Voor wie in kleinere biotechbedrijven zoals Ablynx, Galapagos of Cardio3 Biosciences wil beleggen, is het natuurlijk cruciaal om exact te weten naar welke middelen die precies onderzoek verrichten en hoe ver die studies gevorderd zijn. ‘Dat lijkt eenvoudiger dan het is’, zegt Van den Eynde. ‘Kleine beleggers weten vaak niet precies welke data ze in het oog moeten houden bij die medische onderzoeken.’

ING-klant kan niet intekenen op Biocartis

Klanten van ING die willen intekenen op de beursgang van Biocartis kregen de voorbije dagen het deksel op de neus. Ze kregen van hun kantoorhouders te horen dat dat niet mogelijk was. Omdat de groep niet betrokken was bij het syndicaat dat Biocartis naar de markt wil brengen, heeft ING besloten het aandeel niet aan te bieden aan zijn klanten. Bij de banken die deel uitmaken van het syndicaat - KBC, Petercam en Kempen - kan intekenen uiteraard wel. Maar ook bij BNP Paribas Fortis en Belfius (enkel via zijn onlinebank) kan worden ingetekend. 

Van den Eynde neemt als voorbeeld ALX-0061, het reumamiddel waar Ablynx aan werkt. ‘Daar kunnen de potentiële bijwerkingen het verschil maken. Enkele jaren geleden trok de Amerikaanse farmareus Pfizer nog de stekker uit de samenwerking rond een ander reumamiddel van Ablynx, omdat het weinig extra voordelen bood ten opzichte wat er toen op de markt was. Met Ablynx’ nieuwe middel lukt het misschien wel. Het Zwitserse Roche heeft nu ook wel al een reumamedicijn dat op dezelfde medische basis is ontwikkeld. Maar de bijwerkingen daarvan zijn zo talrijk dat het niet zo moeilijk kan zijn om Roche te kloppen.’

Toch mogen we ons ook niet blindstaren op de wetenschappelijke studies. ‘Je moet ook nog andere criteria in het oog houden,’ vult Vrouwes aan. ‘Wat is het trackrecord van het management? Wie zijn de aandeelhouders, waar is het bedrijf gevestigd? En vooral, kan het bedrijf in kwestie zijn middel ook gemakkelijk verkocht krijgen?’ Beleggers in Thrombogenics zullen maar al te goed beseffen hoe belangrijk zo’n netwerk is. Een kleine twee jaar geleden ging het aandeel als een komeet de hoogte in omdat iedereen ervan uitging dat Thrombogenics’ oogmedicijn Jetrea als zoete broodjes ging verkopen. ‘Maar iedereen bleek zich zwaar aan te hebben mispakt. Ik hanteer de vuistregel: als je niet het volste vertrouwen hebt in een bedrijf, moet je er niet in investeren. Dat kan betekenen dat je soms koerswinsten misloopt. Maar nog niemand is armer geworden van een gemiste kans.’

U kunt maar beter op uw woorden letten

Een lolletje is het niet, een doorsneecommuniqué van een biotechbedrijf doornemen. Doorgaans zijn die documenten doorspekt met medisch jargon waar voor een gewone belegger geen touw aan vast te knopen is. Welke vaktermen moet u zeker kennen?

Blockbuster: de ultieme droom van elke biotechbelegger is dat het bedrijf waarin hij of zij investeert aan de wieg staat van een ‘blockbuster’. Meestal doelt men daarmee op een vlot verkopend een medicijn dat wijdverspreide aandoeningen aanpakt. Om echt van een ‘blockbuster’ te spreken moet het medicijn in kwestie een piekomzet van meer dan 1 miljard dollar halen.

Cash burn: nog een belangrijke financiële term. De talloze onderzoeken die biotechbedrijven verrichten, kosten handenvol geld. Als daar nog geen concreet geneesmiddel tegenover staat dat stabiele inkomsten oplevert, moet u goed in het oog houden in welk tempo een bedrijf geld ‘verbrandt’ door onderzoek en aanverwante kosten. Dat kan bepalen of een bedrijf op termijn een extra partner moet zoeken of eventueel een kapitaalverhoging moet doorvoeren.

Fase 1, 2 en 3: die termen verwijzen naar de stadia waarin onderzoek naar een nieuw geneesmiddel zich kunnen bevinden. In een preklinische fase gaan onderzoekers via dierproeven of tests in een petrischaal na of er bijwerkingen zijn. Daarna komt fase 1, waarin gescreend wordt op veiligheid, eerste signalen van efficiëntie en potentiële bijwerkingen bij verschillende dosissen. Die efficiëntie wordt nog verder onderzocht in fase 2. Daarna volgt fase 3, doorgaans op een veel groter testpubliek (1.000 tot 5.000 patiënten). Daarin gaat men op zoek naar verdere statistische bewijzen of een middel of methode beter is dan dat van de concurrentie. Blijkt dat het geval, dan kan het licht op groen voor de commercialisering van het middel.

Filgontinib: nog geen echt medicijn (daarom wordt het zonder hoofdletter geschreven), maar het middel waarop Galapagos zijn nieuwe reumamedicijn ontwikkelt. Het werkt op basis van een enzyme die de ziekte tegenhoudt. De meeste andere middelen pakken de eiwitten aan die de ontsteking als gevolg van reuma versnellen.

Licentie: veel grote farmabedrijven volgen met argusogen de onderzoeken van de kleinere spelers in de sector. Vaak financieren ze die ook - ze beloven bijvoorbeeld ‘mijlpaalbetalingen’ als er vooruitgang wordt geboekt. Dikwijls nemen ze ook een licentie op de toekomstige medicijnen die uit dat onderzoek kunnen voortkomen. Daardoor kunnen ze die middelen dus op de markt brengen, maar ze betalen vaak wel nog ‘royalty’s’ aan de bedrijven die ze oorspronkelijk hebben bedacht.

Nanobody: een type antilichaam waarop Ablynx zijn onderzoek baseert. Die nanobody’s zijn trouwens afgeleid uit de eiwitten van lama’s.

Ocriplasmine: de molecule die het actieve bestanddeel is in Jetrea, het geneesmiddel van Thrombogenics om oogziekten te behandelen. 

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud