weekboek

Ach, die tamelijke uitbundigheid!

Zeg niet: 'er is een zeepbel'. Zeg wel: 'er is een staat van tamelijke uitbundigheid'.

In Amsterdam wisselde recentelijk een zolderkamer van 23 m² - in De Pijp, boven een gordijnenwinkel - van eigenaar voor 200.000 euro. Elk weldenkend mens denkt dan: zeepbel! Of in dit geval: tulpenbollen!

We kunnen u geruststellen. Er is geen huizenzeepbel in Amsterdam, zoals er in 2003 geen Amerikanen in Bagdad waren. Zeg dat Jan Smets het gezegd heeft.

Moedige collega’s legden vorig weekend in De Tijd de Nationale Bank-gouverneur de vraag voor of het jarenlange nulrentebeleid niet tot zeepbellen leidt. Het antwoord: ‘In de eurozone als geheel stelt zich geen algemeen probleem van financiële stabiliteit. We zien wel een staat van tamelijke uitbundigheid op sommige vastgoedmarkten.’ Oef. Ik hoor het de koper van de zolderkamer zo zeggen: ‘Nou. Ben ik effe tamelijk uitbundig geweest!’

Centraal bankiers zijn kampioenen in omfloerst taalgebruik. Die zien zelfs in een jacuzzi geen bellen.

Centraal bankiers zijn kampioenen in omfloerst taalgebruik. Die zien zelfs in een jacuzzi geen bellen. De quote van Smets deed ons terugdenken aan 26 september 2005.

Alan Greenspan, de toenmalige voorzitter van de Federal Reserve, bezwoer voor een ongetwijfeld niet bijster kritisch publiek van hypotheekbankiers dat het ‘te vroeg’ was om te oordelen of er in de VS sprake was van een huizenzeepbel. ‘Hoogstens wat lokale schuimkopjes’, klonk de geruststellende boodschap, terwijl de tsunami van de subprimezeepbel zijn piek naderde.

©Mediafin

Maar zelfs het meest omfloerste taalgebruik kan niet verhullen dat sommige centraal bankiers zich wel degelijk beginnen af te vragen of het neveneffect (weggalopperende inflatie in de financiële wereld) van het jarenlang toegediende medicijn (onbeperkte marktsponsoring via geldcreatie) niet stilaan groter is dan de kwaal (hardnekkig lage inflatie in de reële wereld).

Wat lazen we gisteren in de notulen van de jongste bijeenkomst van de pioniers van de ongebreidelde geldcreatie, de Japanse centraal bankiers? ‘De beleidseffecten en de mogelijke neveneffecten van de aankopen via risicovolle activa, beursgenoteerde beleggingsfondsen (ETF’s) incluis, moeten vanuit elke invalshoek onderzocht worden.’

©BoJ

Veel explicieter dan dat ga je een centraal bankier niet horen zeggen dat hij zich zorgen maakt over tamelijk uitbundige beleggers. Want dat beleggers tamelijk uitbundig zijn, staat wat ons betreft buiten kijf.

De wereldwijde beurskapitalisatie is in een jaar tijd met 30.000 miljard dollar gestegen, een klassieke ‘melt-up’ als een jarenlange beurshausse in de overdrijvingsfase terechtkomt. Dat de hausse steeds meer gedragen wordt door een klein kransje aandelen is dat evenzeer.

©Mediafin

O, en terzijde: mogen we langs deze weg een warme oproep doen om in te schrijven op onze beleggingswedstrijd De Beursrally? De vorige was een groot succes en was al weer een tijdje geleden. Ze liep in juni 2007 af.

Terug ter zake, en naar omfloerst taalgebruik. Ook bedrijfsleiders bezondigen er zich aan. Of wat dacht u van Balta dat in zijn kwartaalupdate terloops vermeldt ‘de operationele voetafdruk van de Residential divisie te optimaliseren’ ... ‘wat op basis van huidige verwachtingen zou leiden tot een run-rate EBITDA-stijging van 8,3 miljoen in FY19’.

Wablief? Bovendien waarschuwt de textielgroep in haar persbericht dat de resultaten zich aan de ‘onderkant van de eerder uitgesproken range zullen bevinden’. Wat die range - een kluwen van pro forma’s adjusted ebitda’s - dan wel is, vindt u niet terug in het Nederlandstalige persbericht. Wel op slide 26 van de Engelstalige powerpointpresentatie.

©Balta

Onthoud van deze gobbledygook dat ebitda niet toevallig te boek staat als ‘earnings before I tricked the analyst’. In de kwartaalupdate zoek je vruchteloos een nettoresultaat. Maar we stipten in deze kolommen al aan dat de nettowinst over de eerste jaarhelft met 3,4 miljoen een fractie van de gerapporteerde adjusted ebitda van 46,5 miljoen was.

Voeg daar de 12 miljoen herstructureringslasten voor de voetafdrukingreep aan toe en de kans is reëel dat Balta het eerste boekjaar als genoteerd bedrijf netto met verlies afsluit. Geen wonder dat de Balta-belegger sinds de IPO van juni niet in staat van tamelijke uitbundigheid verkeert.

HANNOVERBOORD

We moeten het onder ogen zien: we schrijven te weinig over Hannover Re. Nochtans een boeiend bedrijf. Ooit ontstaan als Aktiengesellschaft für Transport- und Rückversicherung vom Feuerschadenverband Rheinisch-Westfälischer Zechen, of korter samengevat de herverzekeraar van de Rijnlandse steenkoolbekkens.

Maar woensdag viel dankzij het persagentschap Bloomberg toch ons oog op het kwartaalbericht van de herverzekeraar: die heeft aan het eind van het derde kwartaal de volledige resterende aandelenportefeuille van net geen miljard euro verkocht.

Kwestie van wat geld vrij te maken voor de claims die uit de orkanen Harvey en Irma voortvloeien (steenkoolmijnen zijn geen booming business meer, dus heeft Hannover Re de voorbije halve eeuw wat gediversifieerd). En omdat de aandelenmarkten er natuurlijk een alleraardigste rit hebben opzitten.

Doet ons een beetje denken aan het pensioenfonds van de Britse drogisterijketen Boots, dat eind 2001 zijn volledige aandelenportefeuille liquideerde.

Sindsdien zijn verzekeraars en pensioenfondsen - decennialang als traditionele langetermijnbeleggers 'rustpunten' op de beurzen - grotendeels uit aandelen verdwenen. Bij Ageas zijn aandelen luidens het jongste kwartaalrapport nog goed voor een kleine 6 procent van de 80 miljard euro aan beleggingen.

Hannover meldde trouwens trots dat zijn jaarlijks inkomen (coupons, dividenden...) gestegen is naar 3,1 procent van de 40 miljard grote beleggingsportefeuille - ook al is die nu grotendeels gestoffeerd met laagrentende obligaties. En dat vooral omdat de verzekeraar een steeds groter deel in relatief goed renderende 'illiquide activa' zoals private equity en vastgoed belegt.

Deze week kon je in The Wall Street Journal lezen dat zakenbanken grof geld verdienen aan wat 'nonlinear finance' heet: complexe, niet verhandelbare herverpakte bedrijfskredieten die buiten het zicht van de toezichthouders blijven en perfect inspelen op de rendementshonger in tijden van eeuwige nulrentes. Zoals de bekende filosoof Jeremy Clarkson pleegt te zeggen: 'What could possibly go wrong?'

Lees verder

Gesponsorde inhoud