Advertentie
netto

Wie wint en verliest bij oliecrash?

©EPA

De olieprijs zet zijn neergang vandaag verder tot onder 84 dollar per vat, het peil van 2010. Sinds juli verloor het vloeibare goud al meer dan 20 procent. Wat is er aan de hand, wie wint, en wie verliest?

De prijs voor Brentolie blijft maar dalen. Op het eerste gezicht lijkt de oliedip een goede zaak. Maar er zijn ook verliezers en machtsevenwichten die op de helling komen te staan door een langdurig lage olieprijs.

Wat is er aan de hand?

Het grootste probleem ligt aan de aanbodzijde. In Libië wordt er weer voluit olie opgepompt en dankzij de schalieolierevolutie is de VS vandaag terug een olieproducent om mee rekening te houden. En zoals je in ieder handboek economie kan lezen, resulteert een overaanbod in een dalende evenwichtsprijs. Voorlopig lijkt de OPEC, de machtige organisatie van olieproducerende landen die een derde van het wereldwijde aanbod controleert, niet geneigd om zijn rol van 'prijsstabilisator' te spelen en de productie te verlagen.

Waarom schiet de OPEC niet in actie?

Over de reden waarom is het gissen. Kwatongen zeggen dat de OPEC - en dan vooral het invloedrijke Saudi-Arabië - zo de Amerikaanse schaliegasboom spaken in de wielen wil steken. Verschillende schalieolieprojecten zijn maar rendabel vanaf een bepaald niveau van de olieprijs. Het lijkt er dus op dat er een machtsstrijd gaande is tussen de OPEC en de VS, al valt het nog af te wachten of de OPEC lang het been stijf kan houden. Verschillende kartellanden hebben een hoge olieprijs nodig om hun begrotingen op te smukken.

Is het enkel een aanbodprobleem?

Nee, ook aan de vraag schort er iets. De IEA, het Internationaal Energieagentschap, verlaagde gisteren de verwachte vraag naar die grondstof voor dit en volgend jaar. Het IEA denkt nu dat de vraag dit jaar 250.000 vaten per dag lager zal liggen dan eerst gedacht en 90.000 volgend jaar. Dat groeitempo is het laagste in vijf jaar en een signaal dat de wereldeconomie nog steeds op een laag pitje draait.

Lagere olieprijzen. Uitstekend nieuws toch?

Voor landen die olie importeren zeker. De Britse krant Financial Times schat dat een olieprijs van 80 dollar per vat een gigantisch stimulusprogramma van 660 miljard dollar voor de wereldeconomie kan betekenen. Voor een Amerikaans gezin betekent dat een jaarlijks voordeel van 600 dollar.

Ook in België is de prijs van diesel en huisbrandolie al fors gezakt, maar de prijs voor ruwe aardolie en de prijs aan de pomp zijn niet één-op-één met elkaar verbonden. Ook voor bedrijven die olie of derivaten ervan als grondstof gebruiken is de oliedip uitstekend nieuws. 

Wie verliest er?

Voor de olie-exporteurs is het een andere zaak. Enkel de oliestaatjes Oman en Koeweit kunnen hun begroting in evenwicht houden bij een olieprijs onder 90 dollar per vat. De Russische economie, die er al belabberd aan toe is, is nagenoeg volledig gestoeld op hoge energieprijzen. Olie-inkomsten zijn goed voor ongeveer 45 procent van de Russische begroting. In zijn meerjarenplannen gaat de regering uit van een olieprijs rond 100 dollar per vat.

Oliemajors als Shell en Total krijgen er vandaag ook van langs op de beurs. Zij zien hun marges dalen bij een aanhoudende daling van de olieprijs. Ook olierederij Euronav deelt in de klappen. Het bedrijf van Marc Saverys verliest ruim 5 procent op de Brusselse beurs. Nochtans is niet zozeer de olieprijs van belang voor Euronav, dan wel de vrachttarieven op de internationale zeevaartroutes.

 

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud