interview

‘We moeten het hart van de economie worden'

Van links naar rechts: Hugo Lasat, Marnix Arickx, Charles Symons en Patricia Boydens. ©Tim Dirven

Fondsen moeten een grotere rol spelen in de financiering van onze economie. Dat zeggen vier fondsenexperts in een rondetafelgesprek over de risico’s en de kansen voor hun sector in de komende tien jaar.

De opmars van passieve indexfondsen, de strengere regelgeving, de aanhoudende druk op de beheerskosten, de grillige Belgische fondsenfiscaliteit, de impact van de digitalisering, ... de uitdagingen voor de fondsensector zijn niet min. ‘De gloeilamp zal binnen tien jaar niet meer bestaan, maar wij nog wel’, klinkt het gedecideerd bij Marnix Arickx, de voorzitter van de fondsenvereniging Beama en hoofd van BNP Paribas Asset Management België.

‘De trackers (beursgenoteerde fondsen die de prestatie van een beursindex schaduwen, red.) of gelijkaardige producten bestaan al 30 jaar, al gaat het nu hard’, zegt Hugo Lasat, de vorige Beama-voorzitter en CEO van Degroof Petercam Asset Management. ‘We voeren een onwaarschijnlijk gevecht voor de laagste beheerskosten’, zegt Charles Symons, de directeur van de trackeremittent iShares België (BlackRock). ‘De strenge regelgeving heeft ongewenste effecten. Een speler als Rabobank.be heeft zijn fondsenaanbod stopgezet omdat het opzag tegen de MiFID 2-verplichtingen’, zegt Patricia Boydens, chief commercial officer bij de Gentse fintechstart-up Harmoney en bestuurder bij Fintech Belgium. Met deze experts hielden we een geanimeerd rondetafelgesprek over de uitdagingen van de fondsensector.

Wat is de grote uitdaging voor de toekomst?

Marnix Arickx: ‘Enerzijds moeten wij mensen overtuigen van het nut van een gediversifieerde belegging, wat een fonds is. Anderzijds moeten we een grotere rol spelen in de financiering van de economie. In Europa financieren bedrijven zich voor vier vijfde bij de bank, en voor een vijfde op de markt. In de VS is dat omgekeerd. Het gevolg is dat de Amerikaanse economie veel sneller is kunnen herstellen van de bankencrisis. Wij moeten het hart worden van de economie en een grotere rol spelen in private equity (niet-genoteerde bedrijven, red.), infrastructuurprojecten en leningen aan kmo’s. Met het klassieke fondsenjasje UCITS kan je daar nauwelijks in beleggen. UCITS staat voor Undertakings for the Collective Investment of Transferable Securities, of gezamenlijke beleggingen in verhandelbare effecten. Voor private equity en kmo-leningen heb je een vehikel voor illiquide beleggingen nodig.’

Charles Symons: ‘Illiquide beleggingen hebben zin in een portefeuille, maar fondsen met een lock-upperiode zijn niet voor iedereen weggelegd.’

Arickx: ‘Gezien de illiquiditeit en de langetermijnhorizon is beleggen in infrastructuur niet veel anders dan beleggen in een tweede woning. Wie in een tweede woning belegt, betaalt hoge instapkosten en kan de eerste jaren niet verkopen, of hij scheurt er zijn broek aan.’

Hugo Lasat: ‘Vandaag beleggen family offices (investeringsvehikels van rijke families, red.) en voor een stuk klanten van privaatbankiers in private equity. Voor kleine beleggers is dat een moeilijk verhaal. De regelgever bekijkt het risico van dat product en vindt het voor kleine beleggers te risicovol. Maar hij zou beter het risico van de hele portefeuille van een belegger bekijken. Volgens de portefeuilletheorie stijgt het risico niet als je voor 5 procent in een risicoproduct zoals private equity investeert. Integendeel.’

Beleggen is de jongste jaren een vies woord geworden. Dat heeft politieke gevolgen. Het is dus beter over sparen te spreken.
hugo lasat
degroof petercam am

Heeft de fondsensector de knowhow om in private equity te beleggen?

Lasat: ‘Knowhow is transferable. Je haalt zo een team van experts in huis in een van die materies.’

Patricia Boydens: ‘De knowhow verschilt van speler tot speler. Daarom is het belangrijk dat je gemakkelijk fondsen kan kopen van verschillende beheerders. Wat dat betreft, is in België werk aan de winkel. Ik vind het een gesloten markt.’

Krijgen we in de toekomst meer open architectuur - het aanbieden van fondsen van andere banken?

Arickx: ‘De nieuwe MiFID 2-regeling is een stap weg van open architectuur. Ze schrijft voor dat een bankbediende een fonds aanbiedt dat in overeenstemming is met de kennis, de ervaring en het risicoprofiel van de klant. Maar hoe kan zo’n bediende kennis van 3.500 fondsen hebben? Het resultaat is dat vaak een profielfonds uit de bus valt. Zo’n fonds is gemengd en dus voor de meeste klanten een erg goede oplossing. Gemengde fondsen die al populair zijn, zullen dus nog populairder worden.’

Lasat: ‘En probeer eens van die 3.500 fondsen van verschillende aanbieders de juiste documenten bij te houden waarvan de klant geacht wordt ze eerst te lezen.’

Arickx: ‘Als ik een smartphone ga kopen, dan zal de verkoper mij de keuze geven tussen Apple, Samsung en nog drie andere producenten. Misschien zijn ergens ter wereld telefoons van andere producenten die beter bij mij passen, maar ik zal sowieso met een goede telefoon buitenlopen.’

Symons: ‘Apple kan voor zijn onderdelen bovendien kiezen uit de beste producenten.’

Gezien de illiquiditeit en langetermijnhorizon is beleggen in infrastructuur niet veel anders dan beleggen in een tweede woning.
marnix arickx
beama & bnp paribas am belgië

Er staat ruim 260 miljard euro op spaarboekjes. Waarom vindt dat geld zijn weg niet naar fondsen?

Boydens: ‘Door al dat geld op spaarboekjes wordt geen kapitaal opgebouwd, een groot probleem. De inflatie vreet het spaarvermogen op. Financiële opvoeding is cruciaal om daar verandering in te brengen. Er zijn initiatieven, maar het is te weinig.’

Lasat: ‘Het probleem wordt inderdaad niet structureel aangepakt. Een uurtje financiële basiskennis per week had er al lang moeten zijn in het secundair onderwijs (Vanaf volgend schooljaar is financiële educatie opgenomen in de eindtermen in het eerste en tweede middelbaar, red.).’

Arickx: ‘Op de eerste 960 euro interesten op een spaarrekening betaal je geen roerende voorheffing. Onderschat de impact daarvan niet.’

Lasat: ‘De Belg is helaas vooreerst een fiscale belegger. Hij kijkt eerst naar de fiscaliteit en dan pas naar de verwachte financiële rendementen. Dat is jammer. Mocht de Belg het rendement op zijn spaarboekje via beleggingen nog maar met 1 procentpunt kunnen opkrikken, dan spreek je over een extra jaarlijks beschikbaar inkomen van 2,6 miljard. Oké, dat is theoretisch, maar het geeft een idee van het probleem. Het zou goed zijn, mocht de fiscaliteit op beleggingen verpakkingsneutraal zijn. Het zou fiscaal geen verschil mogen maken of je nu een fonds of een tak23 koopt.’

Symons: ‘Naast spaarboekjes vloeit veel geld naar vastgoed. Op een geldbeurs hoor ik de standhouder achter mij ‘Beleg in vastgoed: 8 procent gegarandeerd rendement roepen’. Ik mag zelfs het woord rendement niet uitspreken. En als ik ‘gegarandeerd’ uitspreek, dan hang ik.’

‘Ik vind voor alle duidelijkheid dat vastgoed een plek verdient in een patrimoniale portefeuille. Maar de spelregels zouden voor bakstenen of papieren beleggingen dezelfde moeten zijn. Advertenties voor beleggingsvastgoed worden beter aangepast.’

Boydens: ‘Er zijn in het verleden fouten gebeurd. Maar nu worden fondsen - uiteindelijk een gediversifieerde belegging - heel streng aangepakt. De regelgeving mist ook soms haar doel. Neem dat verplichte informatiedocument bij een fonds. Als je zo’n document leest, weet je met moeite met welk fonds je te maken hebt.’

Lasat: ‘Beleggen is de jongste jaren een vies woord geworden. Dat is jammer, en heeft op politiek vlak gevolgen. Het is dus beter dat we voortaan over sparen spreken.

Als de klant dit jaar verlies maakt, dan zal de kostenfactuur op zijn gemoed inhakken.
charles symons
iShares

Actieve fondsbeheerders aanzien met lede ogen de massale instromen in goedkope trackers. Welk antwoord heeft de sector daarop?

Arickx: ‘Elk fonds in het aanbod van BNP Paribas Asset Management moet een toegevoegde waarde bieden. Dat wil zeggen dat we iedere keer de vergelijking met een passief indexfonds maken. Fondsen die zich niet onderscheiden, worden grondig bekeken. Verder is het normaal dat passieve fondsen scoren in statistieken over de instroom. Terwijl trackers een volumespel spelen, heb je bij elk actief beheerd fonds een plafond. Een fonds dat te groot wordt, kan niet meer flexibel navigeren in de markten.’

Lasat: ‘Degroof Petercam AM heeft drie jaar geleden een duidelijke keuze gemaakt. We gaan voor researchgedreven, actief beheerde en duurzame fondsen. Wij zullen dus geen nieuwe passieve standaardtrackers lanceren. Dat neemt niet weg dat je een tracker kan lanceren op een actief fonds. In Nederland zijn sommige fondsen beursgenoteerd.’

Symons: ‘Bij de Nederlandse ‘beursgenoteerde’ fondsen is alleen het fondsenhuis de tegenpartij en betaal je een spread (een verschil tussen de koop- en verkoopprijs, red.). Dat noem ik geen exchange traded fund (ETF) waarbij concurrentie bestaat tussen marktmakers om de laagste kosten aan te bieden.’

Eind dit jaar krijgt elke fondsenbelegger door MiFID 2 een ‘factuur’ met de betaalde kosten. Welke impact zal dat hebben?

Lasat: ‘Transparantie is natuurlijk goed. Het is voor elke beheerder cruciaal de cliënt goed te informeren. MiFID 2 gaat wel ver, met ook de onderverdeling in de kosten voor het product, voor de verdeler, enzovoort.’

Symons: ‘Veel zal afhangen van het gerealiseerde rendement over 2018. Als de beheerder verlies maakt, dan zullen de kosten op het gemoed van de belegger inhakken.’

Lasat: ‘Daardoor kan de grotere kostentransparantie weleens leiden tot een verhoogd gebruik van de performance fee (een extra vergoeding voor de beheerder als die een rendementsdoelstelling haalt, red.). Zo zakken de kosten bij een lager rendement en omgekeerd.’

Arickx: ‘Onze ervaring is dat de klant een performance fee niet smaakt. Bij goede rendementen vinden de klanten de kosten te hoog.’

De strengere regelgeving en de concurrentie van passieve fondsen zetten de rendabiliteit van de sector onder druk.

Arickx: ‘Vergeet ook de impact van een lage rente niet. Welke beheerskosten kan je vragen op een fonds dat in kwaliteitsobligaties investeert met een gemiddelde coupon van 0,5 procent?’

Lasat: ‘Over de voorbije acht jaar is de winstmarge van de sector gedaald van 18 naar 15 basispunten. Dat lijkt misschien niet veel, maar dat is een daling met 17 procent. Merk op dat de assetmanagementindustrie met basispunten werkt, niet procenten. (lacht)

De Belgen bouwen geen kapitaal meer op. Dat is een groot probleem.
patricia boydens
harmoney & fintech belgium


Kan de Amerikaanse webreus Amazon jullie morgen van de kaart vegen?

Arickx: ‘Nee, en hier speelt de strenge regelgeving voor een stuk in ons voordeel. Amazon kan pas een fonds verkopen als het zijn klant kent en diens ervaring, kennis en risicoprofiel. Dat model bouw je niet in één dag.’

Boydens: ‘Ik verwacht meer concurrentie van digitale fintechstart-ups. Maar wat zien we vandaag? Europese fintechbedrijven zijn actief in alle ons omringende landen, maar niet in België. Nieuwe spelers blijken heel moeilijk een dialoog te kunnen aangaan met onze toezichthouders. Combineer dat met nog een aantal dingen zoals de complexe Belgische fiscaliteit - denk aan de Reynders-taks (een meerwaardetaks op obligatie- en gemengde fondsen, red.) - en buitenlandse fintech’ers lopen in een wijde boog om ons heen.’

Lasat: ‘De fondsensector heeft diversiteit nodig. Daarom is het jammer als een kleine speler verdwijnt omdat hij de strenge regelgeving niet meer ziet zitten. Ook fintechstart-ups bieden een toegevoegde waarde.’

Tot slot kunnen we niet meer om duurzaam beleggen heen. Hoe zal dat evolueren?

Arickx: ‘We komen tot een situatie waarbij elk fonds duurzaam wordt op twee mogelijke manieren: ofwel via de uitsluiting van niet-duurzame bedrijven ofwel door bedrijven te selecteren die bijdragen tot een duurzamere wereld.’

Symons: ‘Je zou wereldwijd tot een standaard moeten komen, maar alleen al Europa is hopeloos verdeeld. Duitsland is bijvoorbeeld een grote verbruiker van bruine kool. Verschillende landen plaatsen andere accenten afhankelijk van hun grote industrieën.’

Boydens: ‘De sector moet werken met een eenvormig duurzaamheidslabel. En dat label moet verschijnen in het infodocument. Over duurzaamheid vind je daarin tot nu niets terug.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content