Picanol is sterbelegging van voorbije decennium

Luc Tack redde Picanol, en deed de koers in tien jaar bijna 2.900 procent stijgen. ©Lieven Van Assche

De Ieperse weefgetouwengroep Picanol krijgt de gouden medaille als beste belegging van het voorbije decennium op de Brusselse beurs.

Wie tien jaar geleden in Picanol investeerde, realiseerde een rendement van 2.887 procent, inclusief dividenden. De rally is aan één man te danken: Luc Tack. Door wanbeheer, familieruzies en de financieel-economische crisis stond Picanol tien jaar geleden aan de rand van de afgrond. Tack redde het bedrijf via een kapitaalverhoging van 15 miljoen euro, en kreeg een korting van liefst 65 procent op de toenmalige beurskoers om de nieuwe aandelen te kopen. Hij saneerde, investeerde en kocht geleidelijk aandelen bij tot zijn huidige positie van 90 procent. Alleen al zijn belang in Picanol maakt van Tack een miljardair. Het bedrijf kende een rampweek door de cyberaanval die zijn fabrieken platlegde, maar Picanol heeft nog erger meegemaakt.

Galapagos krijgt de zilveren medaille. Het biotechbedrijf ging in 2005 naar de beurs, maar kon toen op weinig belangstelling rekenen. De winst van 2.174 procent is vooral te danken aan het reumamiddel filgotinib, dat uit de Mechelse labo’s kwam. Al is de gevolgde visie ook van tel. In 2014 gooide topman Onno van de Stolpe de strategie om. Hij verkocht de dienstendivisie om alles op de eigen pijplijn te zetten. Dat werkte. Naar alle verwachting geven de autoriteiten binnenkort hun goedkeuring aan de potentiële blockbuster.

Ook Argenx scoorde goed in de biotech. Het verzestienvoudigde sinds zijn beursgang in 2014, maar staat niet in de lijst omdat die alleen namen bevat die minstens tien jaar op de beurs staan. De meeste biotechbedrijven zijn trouwens een flop. Twee op de drie leverden sinds hun beursgang verlies op.

De maker van chips voor de autosector Melexis haalt brons. Om auto’s veiliger, comfortabeler en duurzamer te maken is steeds meer elektronica nodig. Bovendien betaalt Melexis een stevig dividend.

©Mediafin

Traditionele ondernemingen

U moet geen hightechbedrijven in portefeuille hebben om goed te scoren.

U moet echter geen hightechbedrijven in portefeuille hebben om goed te scoren. De topperslijst bevat opvallend veel namen van traditionele ondernemingen die uitblinken in hun sector. De bioscoopuitbater Kinepolis , de koekjesbakker Lotus Bakeries, de textielgroep Sioen , de pet-flessenmaker Resilux en de wasmachinemaker Jensen koppelen innovatie van hun producten aan een slim overnamebeleid, zonder hun balansen met te veel schulden op te zadelen. Vaak gaat het om familiale ondernemingen. Families zijn meestal iets voorzichtiger, want hun eigen centen staan op het spel.

Ook vastgoed scoorde sterk. De verhuurders van logistiek vastgoed WDP , Montea en VGP profiteerden van de doorbraak van e-commerce. De zorgspecialisten Aedifica en Care Property Invest waren ideaal om in te spelen op de vergrijzing. Zij koppelen stevige dividenden aan een hoge groei.

Amper 15 procent van de genoteerde bedrijven leverde verlies op. Al is dat mee te danken aan het startpunt van onze meting: 1 januari 2010. Veel aandelen waren toen spotgoedkoop omdat we net uit de grootste financieel-economische crisis sinds de Grote Depressie kwamen. Hamon , Nyrstar , Crescent (ex-Option) en ABO Group (ex-Thenergo) zadelden u met verliezen van ongeveer 99 procent op. Met Dexia , dat sinds eind vorig jaar niet meer noteert, was u zelfs nog slechter af. Bij de grote bedrijven zit u nog altijd in de rode cijfers met onder meer Bekaert (-1%), Engie (-8,2%), Euronav (-6%) en Orange Belgium (-28%).

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect