Nieuwe off-day voor Tokio

De maand juni is niet goed begonnen in Tokio. De Nikkei verloor 3,7 procent en zet daarmee de correctie verder. Ook elders in Azië was de trend negatief, maar in mindere mate. Beleggers zijn nog steeds bezorgd dat de Federal Reserve haar stimulusprogramma gaat afbouwen nu er meer en meer signalen zijn dat de Amerikaanse economie in betere doen is.

De Nikkei sloot op 13.261,82 punten. Twee weken geleden stond de index nog meer dan 2.000 punten hoger. De brede Topix moest 3,4 procent achteruit.

De beurs van Tokio heeft een fantastische rit achter de rug, die te danken is aan de komst van premier Shinzo Abe en het stimulerend, deflatiebestrijdend beleid van de nieuwe gouverneur van de Japanse centrale bank, Haruhiko Kuroda. Maar dat beleid heeft ook bijwerkingen, zoals een hogere rente en een duurdere yen. Sinds enkele weken slaat bij sommige beleggers de twijfel toe en zijn er winstnemingen bezig. Toch noteert de Nikkei nog steeds 27 procent hoger dan begin dit jaar.

In Tokio verloren onder meer bedrijven die veel exporteren, terrein. Nissan Motor, dat een derde van zijn omzet in Noord-Amerika realiseert, zakte 4 procent. De consumentenelektronicagroep Sony boerde 5,4 procent achteruit.

In China was de indicator van de aankoopdirecteurs of PMI – een soort ondernemersvertrouwen – zoals berekend door HSBC Holdings en Markit Economics een tegenvaller. De index daalde van 50,4 in april tot 49,2 in mei. Dat is het laagste peil sinds oktober 2012. Het probleem zit hem vooral bij de kmo’s, waarvoor de deelindex zakte van 47,6 tot 47,3. De deelindex voor grote bedrijven steeg van 50,6 tot 50,8. China groeit dus met twee snelheden en die tweespalt vormt een bijkomende uitdaging voor premier Li Keqiang.

De beurs van Shanghai bleef vrij stabiel, maar de beurs van Shenzhen, waar kleinere ondernemingen noteren, zakte 0,8 procent weg. Seoul sloot 0,6 procent lager en Sydney 0,8 procent.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud