Wie geeft nog een cent om de beurs?

©Photo News

De beurs heeft afgedaan als brug tussen spaarder en bedrijf. Een paar maanden geleden nog een gedurfde kop, vandaag de realiteit. Valt de beurs nog te redden?

Met VPK Packaging kondigde het zoveelste Belgische bedrijf afgelopen week zijn uittocht uit de Brusselse beurs aan. De papier- en verpakkingsgroep is de voorlopige laatste van een triest lijstje bedrijven dat de voorbije drie jaar de beurs de rug toekeerde. Ook Transics, een producent van boordcomputers, staat ongeduldig te trappelen om de beurs te verlaten. Het karige uitkoopbod start maandag. Eerder dit jaar slaagde publiekslieveling Omega Pharma al in zijn verdwijntruc.

Sinds 2009 keerden een 15-tal Belgische bedrijven de beurs de rug toe. Wanneer ook VPK en Transics wegvallen, telt de Brusselse beurs nog 147 ondernemingen. En de ‘ontbeurzing’ is nog niet ten einde. Je kan er geld op verwedden dat in talrijke bestuurs- kamers gelijkaardige plannen op tafel liggen.

Voor de familie Macharis, die al ruim 80 procent van de aandelen van VPK bezit, heeft de beursnotering geen nut meer. ‘We kunnen onze groei met eigen middelen financieren’, klinkt het. ‘De kosten en lasten van een notering wegen niet meer op tegen de voordelen.’ En ook: ‘We willen de strategie op lange termijn kunnen vastleggen, zonder voor mindere halfjaarcijfers gepenaliseerd te worden.’

Gratis lunch

De kritiek op de kortetermijnblik van de beleggers viel ook te horen bij de toplui van Omega Pharma en Transics. Na de beursexit verkondigde Marc Coucke (Omega Pharma) dat hij de monsterdeal met GlaxoSmith- Kline (de overname voor 470 miljoen euro van de portefeuille voorschriftvrije geneesmiddelen) nooit op de beurs had kunnen sluiten. Dat durven we te betwijfelen. Bedrijven als D’Ieteren en Colruyt bewijzen dagelijks dat een langetermijnstrategie en een beursnotering perfect kunnen samengaan.

Het is wel juist dat de kosten-batenanalsye voor tal van bedrijven niet meer klopt. Een beursnotering en de rompslomp die daarbij komt kijken, kosten een bedrijf als Transics naar eigen zeggen een half miljoen euro per jaar. Voor een ondernemer die op de kleintjes let, is de rekening snel gemaakt.

Een markt wordt bepaald door vraag en aanbod. Daar vormt de beurs geen uitzondering op. Bedrijven tekenen voor het aanbod, beleggers voor de vraag. Maar ook in het tweede deel van die vergelijking loopt het mank. De beleggers zijn vandaag met geen stokken op de beurs te krijgen. Calamiteiten als de ‘flash crash’ (het pijlsnel in elkaar storten van de koersen) en het debacle van de beursgang van Facebook hebben het vertrouwen van beleggers in de beurs diep geschokt. Door de magere beursjaren is het geloof in aandelen als langetermijnbelegging gesneuveld. Door de zekerheid van de coupon en de terugbetaling van het kapitaal op de vervaldag zijn bedrijfsobligaties vandaag de koning.

Dat maakt dat er een gratis lunch wacht voor bedrijfsleiders die hun bedrijf van de beurs willen halen. Door de desinteresse voor aandelen noteren die laatste spotgoedkoop, terwijl spaarders zich als lemmingen op de zoveelste uitgifte van bedrijfsobligaties blijven storten. Dat resulteert in de absurde situatie waarbij bedrijven schulden aangaan om eigen aandelen op te kopen. Dat kan je hen niet eens kwalijk nemen. Slimme bedrijfsleiders maken optimaal gebruik van de omstandigheden, toch?

Babyboomers

Is de ontbeurzing een tijdelijk fenomeen? Beurscheerleaders zeggen van wel. Ook in het verleden kende de beurs barre tijden - denk aan de donkere jaren 70 toen het magazine BusinessWeek op zijn cover de beurs voor dood verklaarde - maar nadien volgde altijd beterschap. Eens de waarderingen zo laag teruggevallen zijn, keren de beleggers vanzelf terug.

Toch zijn er argumenten dat het deze keer wel eens anders kan zijn. Een onderzoek van de Vlaamse Federatie van Beleggers en van de Vlerick Leuven Gent Management School toont aan dat de gemiddelde belegger een man van 58 jaar is. Babyboomers. Voor die gouden generatie die de voorbije decennia haar vermogen opbouwde, de beurzen hoger stuwde en nu aan het ontsparen gaat, is er geen aflossing van de wacht. De financiële crisis zal de welvaart in Europa nog jaren tekenen. Denk maar aan de alarmerende uitspraak van Unilever-topman Jan Zijderveld. Die verklaarde aan het begin van de afgelopen week dat de armoede in Europa terugkeert.

Maar ook in moeilijke tijden kan en moet de beurs haar rol spelen. Door kapitaal en zuurstof te verschaffen aan ondernemers. Door vermogen op te bouwen voor spaarders. Maar dan moeten de bonzen in het beurspaleis in Brussel wel dringend ophouden hun irrelevantie te bewijzen. Dat betekent de boer opgaan om een echte Belgische beursbiotoop te creëren die lokale bedrijven, overheden en spaarders samenbrengt.

Het ‘Belgian Beer Weekend’ dat gisteren in het Brusselse beursgebouw van start ging, is een mooie gimmick. Maar zoals we nu bezig zijn, herleiden we de Brusselse beurs tot niet meer dan dat: folklore.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud