nieuwsanalyse

Alternatieve data rukken op in analistenrapporten

Een kobaltmijn in Congo. Op basis van satellietbeelden van twee private mijnsites in Congo onderbouwde UBS recent een rapport over kobalt. ©REUTERS

Bedrijfsresultaten zijn niet langer het enige houvast voor analisten. Ze stofferen hun rapporten steeds meer met ‘alternatieve data’, zoals satellietbeelden en enquêtes. Hoe ver gaat de race om zich te onderscheiden met unieke beleggingsinzichten?

Alsof James Bond nu voor het Zwitserse UBS werkt. Met als codenaam ‘UBS Evidence Lab’, dat als een rode stempel bovenaan de eerste pagina van onderzoeksrapporten van het beurshuis staat.

Met dat label maakt UBS duidelijk dat de analyses over aandelen en grondstoffen die zijn klanten te lezen krijgen, verrijkt zijn met de inzichten van de knappe koppen in het labo. Dat leger van Q’s - om in de Bond-wereld te blijven - bedient zich van een arsenaal instrumenten en data om de analisten en fondsbeheerders van UBS te ondersteunen in hun missie: het inschatten van het beleggingspotentieel.

‘Eigenlijk is het niet één labo, maar 45 labo’s’, onthult Barry Hurewitz, die het UBS Evidence Lab leidt. Elk van die labo’s bestaat uit een team met een eigen specialisatie: de analyse van zoekresultaten op het internet of van het merkimago op sociale media, marktonderzoek via enquêtes, het analyseren van vrachtdata, satellietbeelden of neerslagpatronen.

Realtime

‘Kortom, alles wat onze analisten helpt om betere beslissingen te nemen’, zegt Hurewitz, die al 15 jaar meedraait in de verscholen wereld van alternatieve data. Voor hij zes jaar geleden bij UBS aan de slag ging, stampte hij voor het beurshuis Morgan Stanley een gelijkaardige onderzoeksafdeling - AlphaWise - uit de grond.

De term ‘alternatieve data’ verwijst naar alles wat niet valt onder de klassieke financiële data waarmee analisten en beleggers een beeld van een bedrijf proberen te vormen. Traditioneel zijn dat de gepubliceerde resultatenrekeningen, eventueel aangevuld met gesprekken met het management.

Marktonderzoek is het meest onderschatte instrument voor beleggers.
Barry Hurewitz
Hoofd UBS Evidence Lab

Alternatieve data beloven een vollediger plaatje, liefst zo veel mogelijk in realtime. Als Nike een nieuwe reclamecampagne met een sporticoon lanceert, kan uit kredietkaarttransacties afgeleid worden of klanten al dan niet stormlopen. Dat moet professionele beleggers een ‘edge’ bezorgen, een informatievoordeel om sneller in te spelen op koersevoluties.

Intussen zoeken niet langer enkel gesofistikeerde hedgefondsen een edge met alternatieve data. Dankzij de opmars van technologieën als de cloud en artificiële intelligentie worden alternatieve data stilaan mainstream. Ook vermogensbeheerders, banken en beurshuizen omarmen de revolutie, die mee gevoed wordt door een explosie van gespecialiseerde dataleveranciers en onderzoeksbureaus.

Grote databedrijven zoals de beursuitbater Nasdaq en de informatieleverancier Bloomberg zien brood in de markt. Nasdaq nam vorig jaar Quandl over, dat onder meer het vliegverkeer van privéjets in kaart brengt om te achterhalen welke bedrijven met elkaar praten over een fusie. Of in autoverzekeringsdata duikt om een scherper beeld te krijgen van het aantal verkochte Tesla-wagens.

Het beurshuis JPMorgan schat dat vermogensbeheerders al tot 3 miljard dollar per jaar spenderen aan alternatieve data. Ze hopen zo dat tikkeltje extra beleggingsrendement te vinden om zich te onderscheiden van het snelgroeiende universum van spotgoedkope indexfondsen die passief een index schaduwen.

Prijskaartje

Opmerkelijk is dat ook banken en hun analistenteams de eigen inzichten uit alternatieve data steeds meer uitspelen in hun rapporten. Het is een manier om hun research onder de aandacht te brengen op een moment dat die activiteit stevig onder druk staat. De recente MiFID II-regelgeving verbiedt de praktijk waarbij banken en beurshuizen hun analyses gratis uitdelen aan klanten in ruil voor de verhoopte commissies als die transacties doen op basis van de research. Voortaan hangt een verplicht prijskaartje aan research. Dan is het meer dan ooit zaak zich te onderscheiden.

De financiële reus UBS pakt fors uit met zijn alternatieve data. Het label ‘Powered by UBS Evidence Lab’ zal dit jaar al zo’n 5.000 onderzoeksrapporten sieren. Vorig jaar leverde het labo input voor 3.000 rapporten, zegt Hurewitz. Dat zijn stevige cijfers, die verraden dat er een grote machine van honderden datawetenschappers en andere specialisten schuilgaat achter het labo. ‘Dat is enkel mogelijk als je op een grote, wereldwijde schaal kan werken’, weet Hurewitz.

Die luxe kent Bank Degroof Petercam niet. Toch grijpt ook het Belgische beurshuis terug naar alternatieve data om een ‘meer gefundeerd oordeel’ over de gevolgde aandelen te kunnen vellen, zegt Stefaan Genoe, het hoofd van het analistenteam. Al gebeurt dat niet met een expliciete vermelding naar klanten, zoals UBS dat doet.

Rapporten

5.000
rapporten
De financiële reus UBS pakt fors uit met zijn alternatieve data. Het label ‘Powered by UBS Evidence Lab’ zal dit jaar al zo’n 5.000 onderzoeksrapporten sieren.

‘Een eerste extra informatiebron zijn de ingekochte rapporten van gespecialiseerde studiebureaus zoals Gartner, Nielsen, of GlobalData voor biofarma’, zegt Genoe. ‘Daarnaast doen we voor bepaalde bedrijven eigen checks van de aanvoerketens. We kijken dan hoe hun toeleveranciers het doen, wat vroege signalen van een vertraging kan opleveren.’

‘Een ander kanaal, typisch voor de gezondheidszorg, zijn gesprekken met KOL’s of ‘Key Opinion Leaders’. Het gaat om professoren en specialisten die tot de top in hun vak behoren en de jongste ontwikkelingen opvolgen. Ze kunnen helpen bij de inschatting van het commerciële potentieel van nieuwe geneesmiddelen.’

Genoe geeft het voorbeeld van Thrombogenics, dat met Jetrea een nieuwe oogbehandeling op de markt had gebracht. ‘Iedereen liep met het hoofd in de wolken, maar we zijn toen met meerdere specialistenpraktijken in Europa gaan praten over hun ervaring met het product. De reactie was vrij unaniem: slechts een kleine minderheid van hun patiënten kon ermee behandeld worden. Als we dat extrapoleerden was het marktpotentieel veel kleiner dan wat het bedrijf zelf naar voren schoof. We zijn op een bepaald moment dan ook negatief geworden over het aandeel, en het is uiteindelijk slecht afgelopen met dat product.’ Oxurion, de opvolger van Thrombogenics, zette de waarde van Jetrea intussen op nul.

Motivatie

Enquêtes zijn een volgende stap, een waarin Hurewitz enorm gelooft. ‘Marktonderzoek is het meest onderschatte instrument voor beleggers. Wat we in het Lab doen is zo veel mogelijk datapunten verzamelen, die gebruikt kunnen worden om het denk- en beslissingsproces van analisten te ondersteunen. Enquêtes geven je inzicht in het profiel van verschillende klantensegmenten, in hun motivatie en reactie op producten. Soms kennen we de klanten beter dan de bedrijven die hen bedienen, zodat die laatste soms onze informatie opvragen’, vertelt Hurewitz.

Dat UBS zijn enquêtenet breed uitwerpt, blijkt uit enkele recente aandelenrapporten. Zo bracht een wereldwijde rondvraag over sportartikelen aan het licht dat Nike dankzij zijn klantenloyaliteit en prijszettingsmacht relatief weinig hinder zou ondervinden van de importtarieven door de Amerikaans-Chinese handelsoorlog. Een bevraging van 500 audiologen gaf inzichten in de markt van hoorapparaten.

Satellietbeelden zijn misschien interessant voor kortetermijntraders, maar wij beleggen op lange termijn.
Stefaan Genoe
Hoofd aandelenanalyse Degroof Petercam

Ook Belgische consumenten kregen te maken met UBS-enquêteurs. Een analistenrapport over Orange Belgium verwees naar een UBS Evidence Lab-enquête bij 1.000 Belgen waaruit bleek dat Orange-klanten meer tevreden zijn over de prijzen en diensten. Dat leidde er mee toe dat de analisten het advies voor het telecomaandeel optrokken naar ‘kopen’.

Wat meteen de vraag oproept naar het prijskaartje van dat alles. De Belgische telecommarkt en Orange Belgium zijn bescheiden stippen op de internationale beleggingsradar. En enquêtes zijn duur, erkent Hurewitz. Kan een UBS-analist eender wat bestellen bij het labo, of wordt een zekere commerciële afweging gemaakt?

‘We bekijken hoe belangrijk het verzoek is voor de vrager’, legt Hurewitz uit. ‘Het helpt als de vraag echt relevant is en er weinig of geen andere bronnen beschikbaar zijn. We kijken ook naar de beurswaarde van het betrokken aandeel, al kan een enquête soms een hele sector bestrijken en inzichten opleveren voor het bredere ecosysteem en dus andere sectoren. Denk aan telecomspelers en streamingdiensten. Zo verdeel je de kosten over meerdere aandelen. Tot slot is de info niet enkel nuttig voor onze eigen analisten, maar ook onze fondsbeheerders, de zakenbank en onze klanten. Wat weer het belang van schaaleffecten illustreert.’

Genoe waarschuwt dat enquêtes kunnen misleiden. ‘Als je consumenten vraagt of ze geïnteresseerd zijn in een specifiek telecomaanbod, betekent dat nog niet dat ze er ook effectief op zullen ingaan. De beslommeringen van een overstap werken soms remmend. Ik denk dat we voor zulke vragen een voldoende marktgevoel voor België hebben.’

Koekjes

Het gebruik van geavanceerde data-analyses, het hart van de alternatieve datarevolutie, is minder evident voor Degroof Petercam. ‘Voor de Belgische bedrijven die wij opvolgen heeft dat minder zin. Voor de analyse van Facebook is zoiets nuttig, voor de verkoop van koekjes veel minder. Misschien wel voor een biergroep als AB InBev, maar dat doen de grote onderzoeksbureaus al, waarvan iedereen de rapporten inkoopt.’

De tot de verbeelding sprekende satellietbeelden laat Genoe aan zich passeren. Een typisch voorbeeld is het monitoren van supermarktparkings om een idee te krijgen van hoeveel er geshopt wordt om zo het kwartaalresultaat te voorspellen. ‘Voor kortetermijntraders is dat misschien interessant, maar voor wie een langetermijnfocus heeft zoals wij, is het nut beperkt. Factoren als prijszettingsmacht en blijvende concurrentievoordelen zijn dan belangrijker. ’

De initiële focus van alternatieve data lag trouwens op die korte termijn, legt Hurewitz uit. Omdat het makkelijker is. ‘Het gaat hier telkens om een zogenaamd ‘vriendelijke’ omgeving met een duidelijke katalysator (kwartaalresultaten), een specifieke eventdatum en voldoende voorspellende data zoals kredietkaarttransacties. Het probleem is dat die vijver overbevist raakte.’ Met andere woorden: zoveel beleggers gebruiken nu dezelfde instrumenten - kredietkaarttransacties bijvoorbeeld - dat de signalen ervan al in de koers verrekend zitten. Weg edge.

1.000
Na een enquête van UBS Evidence Lab bij 1.000 Belgen verhoogden de UBS-analisten hun advies voor Orange Belgium.

Naast instrumenten voor de korte termijn heeft UBS nu ook steeds meer aandacht voor ‘geleidelijke’ katalysatoren, met events die zich afspelen over 3 tot 18 maanden of zelfs meer, met talloze factoren die een impact kunnen hebben. Hurewitz geeft het voorbeeld van een bedrijfsherstructurering. ‘Om te weten hoe die verloopt, moet je de vraag opdelen in specifiekere vragen en voor elk van die vragen data verzamelen. Hoe groot is het personeelsverloop? Hoe ontvangen beleggers en werknemers de nieuwe CEO? Hoe reageren leveranciers? Daarvoor is een team met meerdere specialisten nodig.’

Verdwijnen

De vraag is of ook voor zulke complexere inschattingen de edge uiteindelijk niet zal verdwijnen naarmate meer spelers erop springen en meer data beschikbaar zijn. Aandelenkoersen zouden dan gewoon sneller en accurater de onderliggende realiteit weerspiegelen.

‘Integendeel. Hoe meer data er zijn, hoe moeilijker het wordt om alles te verwerken, zeker voor analisten die geen datawetenschapper zijn’, reageert Hurewitz. ‘Onderschat de benodigde creativiteit niet om databronnen slim te gebruiken. En dan zijn er nog de databronnen op zich: ik heb een team dat alleen maar naar bronnen speurt. Slechts een paar grote wereldspelers kunnen zich dat veroorloven.’

Waarna Hurewitz als uitsmijter de satellietbeelden citeert waarmee UBS een recent rapport over kobalt onderbouwde. Uit de beelden van twee belangrijke private mijnsites in Congo moet blijken dat de ontwikkeling ervan vorderingen maakt, ondanks de gedaalde kobaltprijs. Het lijkt slechts een klein puzzelstukje op te leveren voor de conclusie van de analist dat de kobaltprijs klaar is voor een remonte. De spionagebeelden maken het rapport alvast een stuk spannender.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud