interview

‘Banken draaien nog altijd op misleidende modellen'

©Â© Guillem López

De lessen van de financiële crisis zijn niet geleerd. Banken en toezichthouders blijven vertrouwen op modellen die onzekerheid willen temmen door er getallen op te kleven, waarschuwt ex-centraal bankier Mervyn King in ‘Radical Uncertainty’.

Toen Barack Obama als Amerikaans president in 2011 moest beslissen of de raid op de vermoedelijke schuilplaats van Osama bin Laden in de Pakistaanse stad Abbottabad zou doorgaan, schotelden analisten hem uiteenlopende probabiliteiten voor. De ene schatte de kans dat Bin Laden aanwezig was op 95 procent, anderen opperden een waarschijnlijkheid van 80 procent of lager. Obama concludeerde dat het neerkwam op het opwerpen van een muntstuk. ‘Het gaat hier om probabiliteiten die onzekerheid maskeren in plaats van nuttige informatie te verstrekken’, wist hij. De president weigerde zich te verschuilen achter een nietszeggend percentage van zijn inlichtingendienst. De beslissing was zijn verantwoordelijkheid.

Mervyn King (72)

Gouverneur van de Bank of England van 2003 tot 2013. Begon er in 1991 als hoofdeconoom, werd in 1998 vicegouverneur. Sinds 2014 economieprofessor aan New York University. Was vroeger economieprofessor aan London School of Economics. Auteur van ‘Radical Uncertainty’ met Oxford-econoom John Kay. Samen schreven ze 40 jaar geleden ‘The British Tax System’. Schreef in 2016 ‘The End of Alchemy’, over de financiële crisis.


Topbankiers en hun toezichthouders hadden veel minder moeite met het afschuiven van verantwoordelijkheid op risicomodellen en de percentages die eruit rollen. In de aanloop naar de financiële crisis kozen ze ervoor radicale onzekerheid - een onkenbare toekomst - terug te brengen tot een reeks mogelijke uitkomsten en hun probabiliteiten. Net als bij roulette, waarbij je perfect het risico kan berekenen dat je inzet verloren gaat.

En dus kon David Viniar, de financieel directeur van beurshuis Goldman Sachs, in 2007 beweren dat de marktturbulentie die hij net had meegemaakt zowat onmogelijk was. De kans erop was een percentage met tientallen nullen achter de komma. En dan was het nog meerdere dagen na elkaar gebeurd, terwijl het universum niet lang genoeg bestond om zoiets mee te maken. De enige verklaring voor zulke extreme observaties in crisistijden is dat hun oorzaak bij gebeurtenissen ligt die buiten het model vallen. Zoals het idee dat banken failliet kunnen gaan.

Mervyn King en coauteur John Kay halen beide voorbeelden aan in hun boek ‘Radical Uncertainty’ om het gevaarlijke geloof in becijferbare modellen op scherp te zetten. Bedrijven, overheden en gezinnen zijn doorgaans niet in staat alles op te lijsten wat kan gebeuren en vervolgens op elk item een kans te kleven. Toch draaien de bank- en de bedrijfswereld op modellen die claimen onmogelijke kennis van de toekomst te hebben, schrijven beide economen.

Het loont niet om, zoals in de Britse gezondheidszorg, elke druppel efficiëntie uit het systeem te persen.


Modellen hebben wel degelijk nut, zolang je beseft dat een model van een complex systeem als de economie geen getrouwe weergave is van de echte wereld, waar onvoorziene schokken het plaatje overhoopgooien. Toegeven dat we ‘iets weten, maar lang niet genoeg’ is een eerste stap.

Dat de financiële crisis prominent figureert in het boek, is geen toeval. King speelde als gouverneur van de Britse centrale bank (2003-2013) een leidende rol in de strijd tegen de bankencrisis. Ook vandaag nog houdt hij de vinger aan de pols, leert een alarmerende toespraak voor het Internationaal Monetair Fonds (IMF) in oktober. King waarschuwde dat de wereld aan het ‘slaapwandelen’ is richting een nieuwe economische en financiële crisis. Onder meer omdat ‘we onszelf wijsmaken dat we het banksysteem veilig gemaakt hebben’, zei King, die bekendstaat voor zijn kritiek op banken. Blijkbaar zijn de lessen van de crisis niet geleerd en is er nood aan een boek over radicale onzekerheid.

Laten we beginnen met een quote uit uw boek. ‘De wereld is inherent onzeker. Doen alsof dat niet zo is, creëert alleen maar risico in plaats van het te verkleinen.’ Wat bedoelt u precies?

Mervyn King: ‘De onzekerheid die gepaard gaat met grote beslissingen in het bedrijfsleven en de financiële wereld is meestal niet te kwantificeren. Je kan die niet reduceren tot een reeks mogelijke uitkomsten waarop je probabiliteiten kan kleven.’

‘Daarbij is het onderscheid tussen risico en onzekerheid belangrijk. Met risico bedoelen we typisch iets slechts, het niet uitkomen van iets dat je voor ogen had. Onzekerheid kan slecht zijn, maar kan ook goed zijn. Zo is onzekerheid de drijvende kracht van innovatie in de markteconomie. Het maakt nieuwe producten als de iPhone mogelijk, producten die we ons niet konden inbeelden. Tegelijk leidt onzekerheid tot booms en ‘busts’ (fiasco’s, red.) in de economie. Dingen gebeuren waarop mensen niet geanticipeerd hadden.’

De financiële crisis van 2008 past in dat rijtje. Ook de financiële wereld bezweek voor de verleiding om alles in beheersbare modellen en cijfers te gieten. In welke mate heeft dat valse geloof bijgedragen tot de crisis?

King: ‘De financiële wereld maakte de fout het onderscheid tussen risico en onzekerheid niet te zien. Het idee heerste dat je onzekerheid kon temmen door er getallen op te kleven. Dat liet toe een prijs te plakken op risico, waarna je het via financiële instrumenten kon kopen en verkopen. Risico zou zo terechtkomen bij de mensen die er het best mee overweg konden. Een overtuiging die niet bleek te kloppen.’

‘Maar het maakte wel commentaren mogelijk zoals die van David Viniar van Goldman Sachs. Zijn bewering is totaal zinloos, maar dat krijg je als je geen rekening houdt met de mogelijkheid dat je model verkeerd kan zijn.’

‘Door het geloof dat je risico kon prijzen, werden banken tot op de limiet bestuurd, dicht tegen de afgrond. Je had zogezegd niet veel kapitaal nodig omdat je risico kon inschatten. Evengoed was het ondenkbaar dat het Amerikaanse banksysteem op de rand van het bankroet kon komen. Maar dat is wel gebeurd.’

Een crisis is geen goed moment voor een debat over het creëren van een Europese begrotingsunie.


‘De financiële sector vergat twee basisregels van ingenieurs. Als je een kritiek systeem bouwt, zoals de banksector, mag het falen van één onderdeel niet het hele systeem doen falen. En je bouwt een veiligheidsmarge in, want er kan altijd iets onvoorziens gebeuren. Die marge was er niet bij banken, die amper liquide middelen hadden op hun balansen. Efficiëntie werd verkozen boven de nood om robuustheid en veerkracht in te bouwen.’

‘Dat laatste zie je terugkeren in de corona-epidemie. Het Britse gezondheidssysteem heeft onvoldoende reservecapaciteit ingebouwd om snel op te schalen als iets onvoorziens gebeurt. Het loont niet om elke druppel efficiëntie uit het systeem te persen, een gevolg van de wereld zien door de bril van risico’s en probabiliteiten.’

Had de Britse koningin een punt toen ze in 2009 economen de mantel uitveegde met de vraag waarom niemand de crisis had zien aankomen? Je zou kunnen zeggen dat radicale onzekerheid het voorspellen van zo’n crisis onmogelijk maakt.

King: ‘Ze had een punt, want de gebruikte modellen veronderstelden dat zo’n crisis niet eens kon plaatsvinden. Ze lieten geen ruimte voor de mogelijkheid dat iets onverwachts kon gebeuren. Het is fout om het model te verwarren met de echte wereld, waar bedrijven en mensen te maken krijgen met een onkenbare toekomst. Voor de crisis was er wel degelijk iets aparts en onhoudbaars gaande in de wereldeconomie. In plaats van dat te willen verklaren
in het model, moet je de simpele vraag stellen wat er precies gaande is in de wereld: ‘What’s going on here?’ Om je dan een weg door het probleem te denken.’

‘Dat betekent niet dat je kan voorspellen waar en wanneer iets abrupt tot zijn einde komt. Als je kon voorspellen dat het beurshuis Lehman Brothers op die specifieke dag zou omvallen, zou het niet gebeuren. Maar uit ervaring wisten we dat bankcrisissen konden gebeuren. Die mogelijkheid hadden we niet mogen negeren.’

‘Vergelijk het met het coronavirus. We weten dat pandemieën mogelijk zijn, wat niet wil zeggen dat we kunnen zeggen waar, wanneer en welk soort virus zal toeslaan. Maar je moet voorbereid zijn om snel te reageren en opties open te houden. In dat opzicht was het beter geweest als we een meer gedetailleerd plan hadden klaarliggen om een pandemie aan te pakken.’

De financiële crisis is ruim tien jaar geleden. Vertrouwen banken en toezichthouders nog altijd op misleidende modellen, of is er verbetering?

King: ‘Het is niet verbeterd. De kapitaalbuffers van banken zijn toegenomen en dat is positief, maar om die buffers te berekenen vertrouwen toezichthouders nog altijd op uiterst complexe modellen met risicogewichten voor diverse activa op de bankbalansen. Die gewichten zijn zinvol zolang er geen crisis is, maar blijken totaal onbetrouwbaar zodra een crisis toeslaat. Crisissen gebeuren niet vaak genoeg om te weten welke gewichten we moeten gebruiken.’

‘Neem de Britse bank Northern Rock, die kapseisde in 2008. In 2007 was ze nog de best gekapitaliseerde bank van het Verenigd Koninkrijk (onder meer omdat veilig geachte hypotheekleningen een erg gunstig risicogewicht kenden, red.). Northern Rock besliste daarop het teveel aan kapitaal uit te keren aan de aandeelhouders. Dat is toch te gek voor woorden?’

Het geloof dat je risico kon prijzen leidde ertoe dat men banken ging besturen tot op de limiet, dicht tegen de afgrond.
Mervyn King
Ex-gouverneur Bank of England


‘De centrale bank is de enige die liquiditeit - geld - kan creëren als spaarders tijdens een crisis hun geld beginnen weg te halen bij de banken. We hebben dus een regeling nodig waarbij banken in geval van nood het recht hebben te lenen van centrale banken, en dat tegen een vooraf toegezegd onderpand dat voldoende groot moet zijn om alle kortetermijnverplichtingen zoals deposito’s te dekken. Zie het als een verzekeringspremie die banken betalen, met het voordeel dat iedereen op voorhand weet dat banken snel toegang tot voldoende liquiditeiten hebben bij een crisis. Met zo’n regeling zou Lehman niet omgevallen zijn.’

In oktober waarschuwde u nog dat de wereld slaapwandelend op een nieuwe financiële en economische crisis afstevent. Kan de coronacrisis een trigger zijn?

King: ‘Dat risico bestaat. Voor de coronapandemie toesloeg maakten we ons al zorgen over de hoeveelheid schulden in de economie. Nu moeten overheden en bedrijven extra schulden aangaan om de
crisis het hoofd te bieden. Dat is zorgwekkend, zeker voor kleinere economieën en groeilanden.’

‘Een bijkomend probleem is dat deze crisis alle landen treft. Bij een typische natuurramp die een, twee landen treft kan de rest van de wereld hulp bieden. De beschikbare hulp zal ditmaal kleiner zijn.’

In de eurozone is de solidariteit ver te zoeken. Nederland voert het verzet aan tegen gemeenschappelijke schulden om de coronacrisis in zuidelijke lidstaten te bestrijden. Betekent dat een nieuwe bom onder de eurozone?

King: ‘Het is een gevaar voor de eurozone, die nog altijd geen budgettaire unie kent als ondersteuning van de monetaire unie. En dat terwijl er nog nooit een succesvolle muntunie is geweest zonder dat die evolueerde naar een begrotingsunie.’

‘Of je een begrotingsunie kan creëren midden in een crisis is een andere vraag. Het is geen goed moment om daar een debat over te houden. Overheden hebben tijd nodig om structurele veranderingen uit te leggen aan de bevolking en na te gaan of er voldoende steun voor bestaat. Nu riskeer je op heel wat populistisch protest te stuiten.’

‘De spanningen in de eurozone groeien. Aan de ene kant lijkt het onwaarschijnlijk dat Duitse en Nederlandse belastingbetalers willen betalen voor steun aan andere eurolanden. Aan de andere kant kan Italië zeggen dat zijn inkomen vandaag niet groter is dan toen het 20 jaar geleden toetrad tot de eurozone. En dat het zonder hulp alleen maar een grote handicap ervaart en dus geen andere keuze heeft dan uit de eurozone te stappen, waarna het zijn munt kan devalueren.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud