Advertentie
interview

Econoom Markus Brunnermeier: ‘Telewerk kan productiviteit boosten, of ons geluk’

©Bloomberg

De pandemie toont het belang van een veerkrachtige economie die met risico kan omgaan én daar mogelijk een groeiboost uit puurt via thuiswerk. ‘Nu nog de schuldenbuffer herstellen’, zegt econoom Markus Brunnermeier.

Als expert in financiële crisissen is topeconoom Markus Brunnermeier innig vertrouwd met processen die het leven uit de economie zuigen. ‘Financiële crisissen leiden vaak tot niet-veerkrachtige resultaten door de economie naar een permanent lager groeipad te sturen’, waarschuwt de economieprofessor van Princeton University in zijn nieuwe boek ‘The Resilient Society’.

De pandemie - een heel andere schok dan een financiële crisis - deed hem nadenken over het belang van veerkracht voor een samenleving die met onvermijdelijke schokken te maken krijgt. Hoe gaan we het best om met risico’s die de economie en het bredere sociale bestel op de proef stellen? Hoe vermijden we in groeivernietigende vallen te trappen zoals hardnekkige schulden, oplopende inflatie en de economische littekens van langdurige werkloosheid? Hoe krabbelen we weer recht en, beter nog, kunnen we door de omarming van risico zelfs een hoger en duurzamer groeipad bereiken?

We kunnen maar beter voorbereid zijn, want aan nieuwe mogelijke schokken is er volgens Brunnermeier geen gebrek: cyberaanvallen, klimaatverandering, artificiële intelligentie en ‘hersendopering’, de bio-engineering van supermensen en de ethische vraagstukken die dat oproept. We spraken Brunnermeier via Zoom, een innovatieve erfenis van de pandemieschok met potentieel voor een productiviteitsboost. ‘Of een geluksboost’, dat laat hij nog in het midden.

U stelt dat we niet mordicus alle risico moeten proberen te vermijden, maar een samenleving nodig hebben die met schokken kan omgaan. Wat is het verschil?

Markus Brunnermeier: ‘Als je risico vermijdt, ontloop je ook opportuniteiten. Om vooruitgang te realiseren moet je wat risico nemen, bijvoorbeeld door disruptieve technologieën te omarmen. Dat is minder risicovol dan het status quo te bewaren. Als we niets doen om de klimaatverandering aan te pakken en alle technologische risico’s schuwen, riskeer je een onhoudbare situatie te krijgen. Vergelijk het met het menselijk immuunsysteem: in een steriele omgeving bouwt ons lichaam geen resistentie op en wordt het kwetsbaarder.’

We kregen in korte tijd twee grote schokken te verwerken: de financiële crisis van 2008 en de pandemie. Hebben we die laatste beter aangepakt, met dank aan geleerde lessen?

Brunnermeier: ‘Dankzij de financiële crisis hebben we instrumenten ontwikkeld die snel inzetbaar zijn. Je zag dat vooral bij de centrale banken: bij de financiële crisis duurde het maanden om instrumenten te ontwikkelen en te implementeren, nu konden ze die van het schap halen. Daarnaast reageerden overheden ditmaal veel sneller met budgettaire stimulus. Het hielp daarbij dat er nu geen ‘moral hazard’ was (het belonen van onverantwoorde risico’s door banken te redden, red.). Ditmaal was het niemands fout, wat actie politiek makkelijker maakt. Er is ook een verschil tussen een financiële crisis, waarbij in de jaren voordien onevenwichten in het systeem zijn opgebouwd en typisch een lang herstel nodig is, en een exogene schok als een pandemie.’

Ik zie het risico op een structureel hogere inflatie toenemen.
MARKUS BRUNNERMEIER
Economieprofessor Princeton University

Centrale banken speelden volgens u een cruciale rol bij de ‘ongeziene’ veerkracht van de financiële markten in 2020. Maar een neveneffect was een bonanza van obligatie-uitgiftes door bedrijven, met gevaar voor hun stabiliteit. Hoe weegt u beide af?

Brunnermeier: ‘Het monetair beleid had serieuze neveneffecten. Het is goed dat aanvankelijk iedereen - overheden en bedrijven - kon lenen tegen lage rentes toen de pandemie de economie verlamde. Maar het was niet de bedoeling dat bedrijven ‘slechte’ schulden aangingen - om dividenden uit te keren bijvoorbeeld - in plaats van goede schulden om liquiditeitstekorten te overbruggen. Dat zal ons achtervolgen. Bedrijven met overmatige schulden zullen in de problemen komen als de rente stijgt.’

Ook overheden staken zich stevig in de schulden voor de crisisbestrijding. Is de schuldenbuffer opgebruikt?

Brunnermeier: ‘Het was terecht dat overheden schulden aangingen voor de crisis. Dat is ook het punt van een buffer te hebben. Daarna is het de bedoeling die buffer herop te bouwen als de economie hersteld is, wat niet binnen een jaar zal zijn. In de tussentijd zijn we kwetsbaarder voor een nieuwe schok. Het is daarom belangrijk dat staatsobligaties hun statuut van veilig beleggingsactief behouden (en hun rente zo onder controle blijft, red). Daarvoor is een geloofwaardige langetermijnstrategie nodig die budgettaire verantwoordelijkheidszin weerspiegelt.’

Om de stevige begrotingstekorten af te bouwen is een hogere inflatie volgens u de ‘minst onpopulaire’ oplossing in vergelijking met belastingverhogingen of saneringen. Komt die inflatie er?

Brunnermeier: ‘Bij hoge inflatie leggen mensen de schuld bij de centrale bank en niet bij de overheid, wat mee de aantrekkelijkheid verklaart. Alleen treft een hogere inflatie armere gezinnen typisch harder dan de rijkeren, die meer reële activa hebben zoals vastgoed en aandelen en beter beschermd zijn tegen de inflatie. Armeren spenderen bovendien relatief meer aan voeding en brandstof en zijn kwetsbaarder bij een dalende koopkracht. Het is belangrijk hen te beschermen, dus inflatie is niet zomaar de oplossing.’

‘Ik zie het risico op een structureel hogere inflatie toenemen. In het begin was de consensus dat het een tijdelijk fenomeen was na de economische ontwrichting door de pandemie, maar het is goed dat twijfel gerezen is. De aanbodtekorten houden langer aan dan gedacht. Bovendien kan de inflatie misleidend laag lijken om plots op te springen als gezinnen tijdens de lockdown geld opgespaard hebben om het daarna massaal uit te geven.’

Een positief gevolg van de pandemie is een mogelijke ‘qwerty-sprong’ door de grootschalige omarming van thuiswerk. Kunt u dat uitleggen?

Brunnermeier: ‘Het qwerty-toetsenbord ontstond in de 19de eeuw om het in elkaar haken van de hamers van een typemachine te minimaliseren. Voor een modern computerklavier is het een inefficiënte opstelling, maar de kosten om te switchen zijn intussen veel te groot. Bij een qwerty-sprong - die de economie opschudt en onze gewoontes doorbreekt - kunnen we alsnog naar een nieuw optimum bewegen.’

‘Pendelen naar het kantoor is een vastgeroeste gewoonte, hoewel dat gepaard gaat met allerhande verspilling. Door de pandemie zien we in wat allemaal mogelijk is via Zoom-videogesprekken. Als thuiswerk een langetermijnfenomeen wordt, kan dat een grote verbetering in de levenskwaliteit van veel mensen betekenen. Het kan, samen met de versnelde digitalisering door de pandemie, eindelijk de productiviteitsgroei en de economie boosten. Al is het niet duidelijk of we meer zullen werken: mogelijk krijgen we meer vrije tijd en worden we gelukkiger, wat niet in het bruto binnenlands product vervat is.’

Veerkracht is cruciaal met het oog op de klimaatverandering. Welke aanpak schrijft u voor?

Brunnermeier: ‘Zonder veerkracht is geen duurzaamheid mogelijk. De grootste uitdaging is beslissen of we de klimaatverandering aanpakken via innoverende technologie voor een CO₂-neutrale economie, of via het afbouwen van onze consumptie en de economische activiteit. De pandemie leerde dat ondanks het bijna volledig dichtgooien van de wereldeconomie de CO₂-uitstoot met slechts 6 procent daalde. Dat is dus geen oplossing. De enige uitweg is een beetje risico nemen via nieuwe technologie: dat zal gepaard gaan met occasionele tegenslagen, maar dan zoek je verder naar andere technologische oplossingen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud