netto

Optimisme over herstel duwt tienjaarsrente boven nul

©REUTERS

De Belgische langetermijnrente is voor het eerst sinds juni vorig jaar boven nul gestegen. Wat is er aan de hand? Zal de rente blijven stijgen? En wat zijn de gevolgen?

Het tijdperk van almaar lagere rentes is voorbij. Het rendement van Belgische staatsobligaties met een looptijd van tien jaar is maandag gestegen naar 0,02 procent. Het is de eerste keer in negen maanden dat die obligaties een positief brutorendement opleveren, blijkt uit cijfers van het persbureau Bloomberg. In december bereikte de tienjaarsrente een dieptepunt van -0,43 procent.

Waarom stijgt de langetermijnrente?

De klim van de langetermijnrente in België en in de rest van de wereld is vooral het gevolg van de stijgende groei- en inflatieverwachtingen. Beleggers anticiperen op een economische opleving, omdat de vaccinering tegen het coronavirus ruimte biedt om de lockdowns geleidelijk te versoepelen.

Bovendien ondersteunen het begrotingsbeleid en het monetair beleid de economie fors. Het Amerikaans Congres keurt wellicht in de komende dagen een stimulusplan van 1.900 miljard dollar goed.

De centrale banken pompen duizenden miljarden in de economie om de te lage inflatie op te krikken. Ook de prijsstijging van de ruwe olie en andere grondstoffen en de schaarste aan halfgeleiders en sommige andere onderdelen hebben de inflatievrees doen opveren.

Bovendien speelt ook een technisch element een rol. Als referentie voor de Belgische tienjaarsrente is Bloomberg overgeschakeld van de staatsobligatie met vervaldag 22 juni 2030 naar de obligatie die vervalt op 22 oktober 2031. Omdat de nieuwe benchmark een langere looptijd heeft, heeft hij een rendement dat zowat 0,1 procentpunt hoger is dan dat van de oude referentieobligatie.

Blijft de langetermijnrente stijgen?

De meeste analisten voorspellen van wel, maar ze verwachten dat het tempo van de rentestijging vertraagt. Als de langetermijnrente te snel opveert, zal de Europese Centrale Bank (ECB) wellicht meer obligaties aankopen om de renteklim af te remmen. Een forse rentestijging zou het pril economisch herstel vertragen.

Belfius ziet de Belgische tienjaarsrente tegen eind december stijgen naar 0,06 procent, terwijl BNP Paribas Fortis een rente tussen 0 en 0,1 procent verwacht. KBC verwacht een iets grotere rentestijging naar 0,15 procent eind dit jaar. ING mikt op 0,2 procent.

BNP Paribas Fortis, KBC en Belfius laten weten dat ze niet van plan zijn de rente op termijnrekeningen en/of kasbons te verhogen.

Worden woonkredieten duurder?

De banken baseren zich voor de (vaste) tarieven van hun hypothecaire leningen op de tienjaarsrente. Nu die stijgt, rijst de vraag of woonkredieten duurder worden. Voorlopig sijpelt de stijgende marktrente nog niet ten volle door in de (geafficheerde) tarieven. Marktleider BNP Paribas Fortis laat weten dat er nog geen impact is. KBC monitort en stuurt de tarieven continu bij, klinkt het. ‘Het starttarief dat we sinds begin februari hanteren, zit op niveau van april/mei vorig jaar.'

Het advieskantoor Immotheker Finotheker, dat leningen van verschillende banken vergelijkt, spreekt over een paar basispunten verschil sinds deze week. De langetermijnrente is niet de enige factor die de hypothecaire rente bepaalt. Ook de concurrentie tussen de banken speelt mee, net als de kortingen die u kunt krijgen als u bij het afsluiten van een woonkrediet een schuldsaldo- en/of brandverzekering neemt bij uw bank-verzekeraar.

U mag ook niet vergeten dat wie vandaag leent, dat tegen historisch lage tarieven doet. Wie een heel goed dossier kan voorleggen, kan voor minder dan 1 procent een lening op 20 jaar afsluiten. Dat een woonkrediet op termijn - als de marktrente nog verder stijgt - enkele tientallen basispunten duurder wordt, betekent niet dat lenen plots zeer duur wordt.

De rente op de meeste spaarboekjes zal naar alle waarschijnlijkheid nog minstens twee jaar gebetonneerd blijven op het wettelijk minimum van 0,11 procent.

Mogen we een hogere spaarrente verwachten?

BNP Paribas Fortis, KBC en Belfius laten weten dat ze niet van plan zijn de rente op termijnrekeningen en/of kasbons te verhogen. 'Ondanks de recente stijging van de langetermijnrente blijft ze nog altijd negatief voor looptijden tot tien jaar', zegt Belfius. 'De marktrente moet verder stijgen voordat we een verhoging van de rentevergoeding kunnen overwegen.'

Een renteverhoging op spaarboekjes, die vooral wordt bepaald door de rente op de korte en de halflange termijn, staat ook niet op de agenda van de grootbanken. De ECB zal zeker niet voor 2023 haar basisrente optrekken. Dat betekent dat de rente op de meeste spaarboekjes naar alle waarschijnlijkheid nog minstens twee jaar gebetonneerd blijft op het wettelijk minimum van 0,11 procent.

Wat zijn de gevolgen voor de overheid?

Een stijging van de langetermijnrente is slecht nieuws voor de overheden, omdat die veel schulden hebben. De federale overheid moet om de een tot twee maanden miljarden euro's op lange termijn ontlenen om het tekort op de begroting te financieren of vervallende obligaties te herfinancieren.

Toch dreigt niet meteen een ontsporing van de rentelasten. Het Federaal Agentschap van de Schuld heeft de gemiddelde looptijd van de schuld verlengd tot tien jaar om de begroting minder kwetsbaar te maken voor een rentestijging. Bovendien kan de federale overheid voor looptijden tot en met negen jaar nog altijd gratis of goedkoper dan gratis geld lenen.

De langetermijnrente blijft veel lager dan de coupon van de vervallende obligaties. In september vervalt een staatsobligatie met een coupon van 4,25 procent en in 2022 vervallen obligaties met coupons van 4 en 4,25 procent. Niemand verwacht dat de tienjaarsrente snel naar 4 procent opveert.

De federale overheid kan de vervallende obligaties goedkoper herfinancieren. Daarom zullen de rentelasten dit en volgend jaar wellicht blijven dalen. Het Federaal Planbureau voorspelt dat de rentelasten pas vanaf 2026 zullen stijgen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud