10 tips als u belegt in gemengde fondsen

©Bloomberg

Met meer dan 90 miljard euro op de teller zijn de gemengde fondsen de jongste jaren uitgegroeid tot de grootste beleggingscategorie in het Belgische fondsenlandschap. Met onderstaande tips kunt ook u de stap naar een belegging in een mixfonds wagen.

Met een gemengd fonds investeert u doorgaans in een mix van aandelen en obligaties, aangevuld met alternatieve beleggingen en cash. Zo combineert u als het ware het beste van twee werelden: het rendement van aandelen en het veiligere karakter van obligaties.

©Mediafin

De ultralage rente heeft gemengde fondsen geen windeieren gelegd. In hun zoektocht naar extra rendement - zonder daarbij al te sterk te zijn blootgesteld aan risicovollere aandelen - hebben spaarders de weg naar mixfondsen gevonden. Eind maart hadden Belgen voor 92,81 miljard euro in gemengde fondsen steken, terwijl dat eind 2013 nog ‘maar’ 43 miljard euro was, blijkt uit cijfers van de sectorfederatie Beama. In vier jaar tijd is het bedrag dat in gemengde fondsen steekt in ons land dus ruim verdubbeld. Een kleine kanttekening: de pensioenspaarfondsen worden ook tot de gemengde fondsen gerekend.

Een groot deel van de groei bij de gemengde fondsen is dus toe te schrijven aan de instroom van vers geld. Daarnaast hebben de onderliggende activa het natuurlijk ook goed gedaan. De aandelenmarkten gaan al zo’n tien jaar in stijgende lijn en ook de obligatiemarkten hebben mooie jaren achter de rug, want als de rente zakt - en dat hebben we sinds de financiële crisis in 2008 duidelijk gevoeld - wordt uw obligatie meer waard.

Wat moet u weten als u in gemengde fondsen wilt stappen?

1. Zet de stap naar beleggen...

Dit lijkt op het eerste gezicht een voor de hand liggende tip, maar veel spaarders laten hun centen op een spaarrekening staan en zetten nooit de stap naar beleggen. ‘Uit een recente studie van de vermogensbeheerder JP Morgan Asset Management bij 1.000 Belgen blijkt dat 84 procent wel spaart, maar ook dat liefst 71 procent van hen geen beleggingsproduct(en) aanhoudt’, weet Knut Huys, fondsenspecialist van Deutsche Bank. Dat wijst erop dat er nog heel wat potentieel is in ons land, zeker ook als u weet dat er nog altijd zo’n 265 miljard euro op de spaarboekjes staat. Vandaar: durf te beleggen.

71%
geen beleggers
Uit een onderzoek van JP Morgan Asset Management bij 1.000 Belgen blijkt dat 71 procent geen beleggingsproduct(en) aanhoudt.

2 ... maar wees u bewust van de risico’s

Misschien voelt u zich wel comfortabel bij dat spaarboekje omdat u voorzichtig van aard bent wanneer het uw centen betreft. Als u toch wilt beleggen, weet dan dat u iets meer risico neemt, en dat fondsen niet onder het depositogarantiesysteem van spaarboekjes vallen. Maar fondsen komen voor in alle maten en gewichten (zie tip 5), en er zijn ook voor defensievere beleggers oplossingen op de markt. Om u een idee te geven van het risico dat u loopt: de meeste gemengde fondsen krijgen een risicoscore mee van 3 tot 5, op een schaal die van 1 tot 7 loopt. Daarbij staat 1 voor zeer defensief en 7 voor zeer dynamisch.

Bovendien komt u met een fonds alvast tegemoet aan een van de basisprincipes van beleggen. ‘Een fonds brengt vele beleggers samen door hun geïnvesteerd kapitaal gespreid te beleggen. Op die manier legt u niet al uw eieren in één mand’, legt Ken Van Weyenberg van Candriam uit. ‘Een fonds belegt in tientallen, dikwijls honderden bedrijven en levert zo een veel betere diversificatie van de beleggingsportefeuille dan een retailklant ooit zelf kan bereiken’, vult Ellen Jult van KBC Asset Management aan.

3. Mix en match

‘In het geval van een gemengd fonds belegt u via één fonds ook in verschillende activaklassen in functie van uw risicoprofiel’, zegt Van Weyenberg. ‘Afhankelijk van het fonds gaat het soms wel om meer dan duizend verschillende posities in aandelen, obligaties en eventueel andere activa’, merkt Jult op.

‘Niemand heeft een glazen bol en zelfs specialisten die bedrijven van nabij volgen zullen toegeven dat ze de bal ook al eens misslaan. U zult maar de pech hebben dat net het aandeel dat u hebt gekocht het slecht doet. Het spreiden over meerdere aandelen van bedrijven uit verschillenden landen en regio’s is dus zeker verstandig’, aldus Jult. ‘Die spreiding geldt ook voor obligaties. Die kennen doorgaans een minder grillig koersverloop, maar het risico dat een bedrijf of een overheid in problemen komt, is niet onbestaande. Dus ook daar is spreiding van belang.’

‘In het aandelengedeelte is een gemengd fonds overigens niet gebonden aan een bepaalde regio, sector of beleggingsstijl. Als belegger krijgt u dus niet enkel een brede waaier aan activaklassen, maar ook een verregaande diversificatie over regio’s, sectoren en beleggingsstijlen. Daarbovenop kunnen de risico’s die aan die markten verbonden zijn al dan niet deels worden afgedekt met afgeleide instrumenten’, legt Van Weyenberg uit. ‘Ook in het obligatiegedeelte wordt vaak niet enkel belegd in traditionele overheids- en bedrijfsobligaties. Fondsbeheerders kunnen ook hoogrentend papier (high yield), converteerbare obligaties en groeilandobligaties in de portefeuille opnemen. Daarbovenop is het vaak ook mogelijk om aan de hand van afgeleide instrumenten bepaalde munt- of renterisico’s af te dekken en zo grote koersschommelingen van het fonds tegen te gaan.’

‘De koersen van aandelen en obligaties durven wel eens in tegenovergestelde richting te bewegen. De combinatie van een goed gespreide aandelenportefeuille met een goed gespreide obligatieportefeuille, eventueel aangevuld met cash of andere beleggingsinstrumenten, zal het risico van een beleggingsportefeuille verder verminderen’, merkt Jult op.

‘Wij raden klanten aan om een gemengde portefeuille als basis te nemen, aangevuld met een aantal satellietposities, zoals een biotech- of een roboticafonds’, zegt Van Weyenberg.

4. Een klein bedrag volstaat

‘Veel Belgen denken dat beleggen enkel weggelegd is voor rijke mensen. Nochtans kunt u al vanaf één deelbewijs investeren in fondsen’, weet Knut Huys van Deutsche Bank. Heel wat banken bieden bovendien ook fondsenspaarplannen aan, waarbij het mogelijk is om vanaf 25 à 100 euro per maand in te stappen.

Veel Belgen denken dat beleggen enkel is weggelegd voor rijke mensen.
Knut huys
fondsenspecialist deutsche bank belgië

5. Profiteer van de kennis van anderen...

‘Fondsen worden beheerd door specialisten. Zij hebben toegang tot informatie die voor de kleine belegger niet altijd snel toegankelijk is. Ze volgen bovendien dagelijks de economische ontwikkelingen en de financiële markten op en kunnen dus snel en met kennis van zaken investeren in het fonds. Dat zou een individuele belegger veel tijd, kennisvergaring en energie kosten’, meent Jult. ‘Bovendien hebben fondsen ook toegang tot markten die vaak moeilijk of niet toegankelijk zijn voor de kleine belegger.’

‘De beheerders van een gemengd fonds proberen aan de hand van al die informatie de juiste allocatie door de verschillende marktcycli heen samen te stellen. Marktrendementen, of het nu gaat over aandelen of obligaties, fluctueren nu eenmaal over tijd’, zegt Van Weyenberg. Door telkens het juiste gewicht aan elke activaklasse te hangen - zoveel in aandelen, zoveel in obligaties, zoveel in cash en zoveel in alternatieve beleggingen - diversifieert u uw portefeuille en kunt u het globale beleggingsrisico beheren.

6 ... maar kijk zelf ook onder de motorkap

‘Niet alle gemengde fondsen zijn gelijk’, benadrukt Huys. Welk fonds geschikt is voor u, hangt af van wat u wilt bereiken met uw investering. ‘Wat is met andere woorden uw doelstelling? Wilt u een extra inkomen genereren, wilt u wat meer opbrengst dan op uw spaarboekje, maar het neerwaartse risico zo veel mogelijk beperken, of wilt u gewoon meegaan met de markt?’ Voor elk van die doelstellingen bestaan strategieën, die zowel onder de noemers defensief (weinig risico), neutraal (een beetje meer risico) of dynamisch (veel risico) kunnen vallen. ‘Wilt u bijvoorbeeld extra inkomsten, dan kiest u het best voor fondsen die hoofdzakelijk in hoogrentende activaklassen investeren, zoals dividendaandelen of hoogrentende obligaties (high yield). Voor wie het neerwaartse risico wil beperken, zijn er flexibele gemengde fondsen. En als u vooral mee wilt gaan met de markt, komt u eerder bij de traditionel gemengde fondsen terecht, die weinig afwijken van hun referentie-index’, zegt Huys.

‘Uit onderzoek blijkt dat veel klanten in hun zoektocht naar opwaarts potentieel relatief meer belang hechten aan het vermijden van neerwaarts risico. Ze willen beleggingsoplossingen die gewapend zijn tegen verschillende marktomstandigheden’, weet Jult.

‘Dankzij hun actief beheer en doorgedreven diversificatie zijn gemengde fondsen doorgaans minder volatiel’, weet Van Weyenberg. ‘Door extra bescherming in te bouwen kunnen grote dalingen vermeden worden. Dergelijke mechanismen maken dat tijdens de financiële crisis van 2008 bijvoorbeeld bepaalde fondsen slechts beperkt in waarde daalden. Beleggers moeten er wel rekening mee houden dat die bescherming vaak een kostprijs met zich meebrengt in opgaande markten.’

Lees alvast altijd het document met de essentiële beleggersinformatie. Zo kunt u zien hoe u bent blootgesteld aan bijvoorbeeld de dollar of opkomende markten.

7. Kijk verder dan de fondsen van uw huisbankier

De meeste grootbanken bieden hun retailklanten enkel huisfondsen aan of fondsen van een of meerdere bevoorrechte partners. In principe kunt u eender welk fonds bij uw bank kopen, zolang het maar geregistreerd is in België en over de wettelijke documenten beschikt. Sommige banken hanteren het principe van ‘open architectuur’. Bij hen kunt u terecht voor honderden fondsen van andere spelers.

8. Staar u niet blind op het rendement

‘Fondsen kunnen op drie of op vijf jaar een mooi rendement voorschotelen, maar staar u daar niet blind op. Prestaties uit het verleden kunnen een leidraad zijn, maar kijk ook zeker naar wat het fonds deed in moeilijkere tijden, bijvoorbeeld in de crisisjaren 2008, 2011 of begin 2016. Zo kunt u zien hoe het bestand is tegen neerwaarts risico’, aldus Huys.

9. Laat de kosten uw rendement niet opeten

Zie erop toe dat u niet te veel kosten betaalt voor uw fonds, want dat vreet aan uw rendement. En in tijden van lage rente telt elke euro. Sommige banken rekenen geen instapkosten aan, maar andere doen dat wel. ‘Onderhandel dan om die instapkosten naar beneden te halen, of zelfs te laten vallen. Uw bankier wordt immers al vergoed met een deel van de beheersvergoeding’, weet Huys.

10. Betaal niet te veel aan de fiscus

Wie in fondsen belegt, ontsnapt niet aan belastingen. Zo vallen fondsen onder de taks op effectenrekeningen. Als u meer dan 500.000 euro op een effectenrekening hebt staan, betaalt u 0,15 procent belasting op dat bedrag. Daarnaast betalen fondsenbeleggers 30 procent meerwaardetaks op het vastrentende deel van hun gemengd fonds, als dat voor meer dan 10 procent in obligaties belegt - de zogenaamde Reynders-taks. Let wel: die drempel van 10 procent geldt pas vanaf dit jaar. Kocht u uw fonds nog vorig jaar, dan is de drempel 25 procent. In sommige gevallen betaalt u ook beurstaks.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content