De geniale broer van de minister

Hij is de broer - of beter: de ‘briljante broer’ - van onze minister van Justitie. Zij maakt carrière in de Wetstraat, hij in de City in Londen. Bart Turtelboom is een hedgie van 3 miljard bij GLG Partners, het hefboomfonds dat Pierre Lagrange oprichtte. In die wereld met ‘veel lawaai’, miljoenenbonussen en personencultus probeert hij ‘een nuchtere Vlaming te blijven’.

Hij woont en werkt in Londen, maar eigenlijk leeft hij in een vliegtuig. De ene dag praat hij met een sjeik uit Abu Dhabi, de andere dag luncht hij met bankiers in Kazachstan of heeft hij rendez-vous met Braziliaanse politici of Egyptische ondernemers. En tussendoor zit Bart Turtelboom (45) met zijn neus in de betalingsbalans van Indonesië of bekijkt hij de inflatievooruitzichten van Qatar. Dat alles om de vinger aan de pols te houden van wat beweegt in de emerging markets, de op­komende landen. Want die zijn al twintig jaar zijn dada. Bij Deutsche Bank, Morgan Stanley en sinds 2008 bij GLG Partners, het hefboomfonds dat werd op­gericht door de steenrijke Belg Pierre Lagrange.

‘Het exotische van die landen. En het economisch potentieel’, probeert Turtelboom zijn aantrekking tot die business te verklaren. ‘Ik geloofde dat die landen door de integratie van de wereldhandel in de jaren negentig een mooie toekomst te wachten stond. Dat is uitgekomen. De Braziliaanse economie heeft net de Britse ingehaald. Tien jaar geleden stond dat land nog op de afgrond. Werkelijk op de afgrond.’

De machtsverhoudingen in de wereld veranderen. ‘Een frappant voorbeeld. Heel recent. Op de terugvlucht van Abu Dhabi naar Londen. De man naast me ging shoppen in Londen. ‘Harrods?’, vroeg ik hem. Hij opende zijn tas, toonde een map van Londen en wees naar een straat. ‘Ik ga daar alle appartementen kopen’, vertelde hij. Er is zoveel geld buiten de G7 dat een weg zoekt naar het Westen.’

Terughoudend

Turtelboom is een drukbezet man. Maar kerst is kerst. En dat betekent ook voor Turtelboom feesten in familiekring. ‘Met wat te veel van dit’, zegt hij,- wijzend naar zijn glas champagne. Vijf dagen was hij met zijn gezin in België, op logement bij zijn ouders.

Net voor hij weer in de trein richting Londen stapt, maakt hij nog even tijd voor een lunchgesprek. Casual gekleed en met Armani-jas. Een brede glimlach bij het handjesschudden. Nu en dan een heel luide lach tijdens het gesprek. Maar hij is ook wat zenuwachtig, en terughoudend als ‘de Belgische politiek’ of ‘Annemie’ ter sprake komen. ‘Aan de familietafel hebben we één regel: we praten niet over ons werk. Annemie niet over de politiek, ik niet over financiën. We hebben het bij wijze van spreken enkel over een dagje aan zee met de kinderen.’

Annemie Turtelboom bekende onlangs in een interview in DS Weekblad dat ze lang onzeker is geweest. ‘Een briljante broer van één jaar ouder hielp daar niet echt bij’, zei ze. Hij heeft er duidelijk al iets over opgevangen en lacht als ik erover begin. Hij reageert met een retorische vraag, gevolg door een stilte. ‘Wat moet ik daarop zeggen?’ Zijn CV zegt genoeg. Columbia University in New York. Hij had een academische carrière op het oog maar kreeg een jobaanbod bij het Internationaal Monetair Fonds (IMF) in Washington. Enkele jaren later zette hij de stap naar de Londense City, de wereld van het grote geld.

Bij GLG Partners (in 2010 overgenomen door het Britse MAN) beheert hij 2,8 miljard dollar (2,2 miljard euro). Zijn zus beschikt bij Justitie over een jaarlijks budget van 1,8 miljard euro. Zijn andere zus is financieel directeur bij het zonne-energiebedrijf Ikaros Solar. Een mooi trio. ‘Ik zou u graag vertellen wat onze magic sauce is. Maar ik denk dat er geen is’, zegt de oudste van de drie Turtelbooms, wiens vader ambtenaar was en moeder thuis werkte. ‘We hebben altijd hard gewerkt en onze studies vrij serieus genomen. En zijn altijd bereid geweest wat risico te nemen.’

Risico. Het woord is gevallen. Een woord dat zijn wereld kenmerkt, de wereld van de hefboomfondsen. De druk op zijn schouders om te presteren bij GLG moet groot zijn. De man die hij in 2008 verving, was niet zomaar iemand, maar Greg Coffey. Destijds door de Britse financiële pers omschreven als de ‘superstar’ van GLG. Bij zijn vertrek vertrokken ook enkele grote klanten en stroomde veel geld weg. Een hele eer om als opvolger gezien te worden van die man. Een grote carrièresprong? ‘Daar heb ik zo niet over nagedacht’, zegt Bart Turtelboom nuchter. ‘Ik doe niet aan carrièreplanning.’

Zijn eerste werkdag bij GLG herinnert hij zich nog levendig. ‘15 september 2008. Inderdaad, de dag dat Lehman Brothers failliet ging. Ik kwam binnen in de tradingzaal en op de televisieschermen zag ik de headline.’ Een meer chaotische start kan je je niet inbeelden. ‘Wat er toen door mijn hoofd ging? We’re closer to the bottom.’ (luide lach) Op zo’n moment kan je niet veel doen. De schade beperken. De wereld was net ingestort. Maar op zo’n moment weet je wel dat er grote investeringskansen komen.’

In 2009 haalden zijn vier fondsen een gemiddeld rendement van 30 procent. In 2010 was dat 8 procent. Maar 2011 was moeilijk. ‘Het was een jaar van enorme volatiliteit. Dat is moeilijk werken.’ Vooral de zomermaanden bleken een hel. In de periode juli tot september stroomden meerdere miljarden weg uit de fondsen van MAN. Een aanzienlijk deel kwam op conto van GLG en van de fondsen van Turtelboom. Uit officiële statements blijkt dat hij in drie maanden tijd plots 800 miljoen dollar minder onder zijn hoede had. Deels door klanten die hun geld terugtrokken, deels door tegenvallende beleggingen. Dat bereikte in september ook de Belgische pers.

Hij praat er duidelijk niet graag over en relativeert. ‘Nee. Nee. Nee. Het is allemaal niet zo dramatisch. Eerst en vooral hebben we eerder op het jaar bij nieuwe klanten vele honderden miljoenen vers geld aangetrokken. Dat compenseert. En de prestaties van mijn fondsen? Een van de vier is dit jaar hard gezakt. Dat klopt. Min 18 procent. Maar de gemiddelde prestatie? Net geen min 4 procent. 2011 is voor de hele hefboomfondsenindustrie een moeilijk jaar geweest.’

Of dat geen extra druk legt, hem extra nerveus maakt? Hij denkt na. ’We beheren geld voor institutionele en private klanten. Als er een fonds is dat het wat minder doet, heb je focus nodig om het geld terug te verdienen. Dit is niet de eerste keer in mijn carrière en het zal ook niet de laatste keer zijn. In opkomende landen gebeuren zo’n dingen om de vier, vijf jaar: pesocrisis, Aziëcrisis, Russisch schuldmoratorium, wat later Argentijns schuldmoratorium. Noem maar op. Crisissen zijn een constante in mijn leven.’

De eurocrisis is de zoveelste in de rij. Maar Turtelboom ziet een groot verschil. ‘De eurozone beeft op haar grondvesten maar op hoeveel staat de euro? Nog altijd op 1,30 dollar. Veel volatiliteit, ja. Maar ook veel violent nothing zoals een collega het noemt. Als zoiets gebeurt in opkomende markten gaat het onmiddellijk van 100 naar 20.’

Polarisatie

‘Wat me verbaast, is die enorme polarisatie in meningen. Er wordt te veel gefocust op de tail events, de staartrisico’s. Gebeurtenissen met een heel kleine kans zoals het barsten van de eurozone. Zodra die vrees gaat liggen, kan iedereen weer beleggen op basis van inflatie, economische groei, betalingsbalansen, enzovoort. Dat zijn markten die gemakkelijker te behandelen zijn.’ Een wereld waarin hefboomfondsen beter gedijen. Zoeken naar patronen en daarop inspelen, wanneer weinig anderen dat durven. Zoals in het boek ‘The Big Short’ duidelijk wordt beschreven hoe fortuinen zijn verdiend met het correct inschatten van gegevens die wezen op de nakende instorting van de Amerikaanse huizenmarkt.

Ook Turtelboom heeft zo zijn moments of fame gehad. Bij de schuldherschikking in Rusland in het kader van de Club van Parijs - een ingewikkelde zaak - verdiende hij veel geld. ‘En de investering in Turkse schulden met een intrestvoet van 30 procent was een fantastische belegging.’ Aan de personencultus die de sector van de hefboomfondsen - met namen als George Soros, Louis Bacon, Pierre Lagrange - typeert, doet hij liever niet mee. Gelukkig poseert hij - in tegenstelling tot die laatste - wel met veel plezier voor de camera. ‘Ik probeer een nuchtere Vlaming te blijven, with a good dose of common sense. In de wereld van de hefboomfondsen is er enorm veel... (wikt zijn woorden) ...noise, lawaai. Rustig blijven is de beste strategie.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud