Advertentie
Advertentie

Hoe beleggen in trackers, de wieltjeszuigers van de beurs?

©Mediafin

Met een recordinstroom van 630 miljard dollar hebben trackers of schaduwfondsen zich vorig jaar in de spotlights gewerkt. Dat ze ‘slaafs’ bepaalde activa of een index volgen, betekent evenwel niet dat u uw huiswerk niet moet doen. Met deze tips kiest u de tracker die het best bij u past. Of om het in wielertermen te zeggen: de juiste wieltjeszuiger.

Een ETF of Exchange Traded Fund. Zo heet een tracker in het vakjargon. Het gaat om een beursgenoteerd beleggingsinstrument, dat bepaalde activa (zoals grondstoffen) of een index volgt of schaduwt, zonder dat er een actieve beheerder aan te pas komt. Vandaar dat ze ook passieve beleggingen worden genoemd. ‘ETF’s verschillen van de traditionele indexfondsen doordat ze beursgenoteerd zijn en dus dagelijks verhandelbaar. Een fonds noteert niet’, legt Charles Symons van BlackRock uit. De Amerikaanse vermogensbeheerder is met iShares marktleider op het vlak van trackers.

effectentaks
effectentaks

Als u trackers koopt, komen ze op uw effectenrekening te staan. Ze tellen met andere woorden mee voor de berekening van de effectentaks. Ter herinnering: wie meer dan 500.000 euro op een effectenrekening heeft staan, betaalt sinds dit jaar een taks van 0,15 procent.

Volgens Damien Cadillon van Lyxor - bij ons bekend als de enige aanbieder van een tracker op de Bel20 - slaat u met de aankoop van een tracker twee vliegen in één klap. ‘Trackers hebben een dubbel voordeel: omdat je een volledige index volgt, beleg je heel gediversifieerd. Ook is het een liquide instrument, omdat het net als een aandeel beursgenoteerd is.’

Vorig jaar stroomde wereldwijd een recordbedrag van 630 miljard dollar naar ETF’s, blijkt uit cijfers van BlackRock. Momenteel zit voor bijna 5.000 miljard dollar in trackers geïnvesteerd. ‘In 2016 stroomde in Europa voor het eerst meer geld naar passieve beleggingen dan naar actieve fondsen’, aldus Cadillon. ‘Die toestroom bereikte een nieuw record in 2017.’ Door de huidige koersschommelingen op de beurs is het beeld dit jaar gemengder.

schraler aanbod
schraler aanbod

Sinds 1 januari 2018 is het niet meer mogelijk om hier Amerikaanse trackers te kopen. Dat komt omdat in Europa verkochte ETF’s sinds die datum over een KID moeten beschikken, een document met essentiële informatie voor beleggers. Amerikaanse trackers hebben zo geen document en mogen hier in principe dan ook niet meer worden verkocht.

Vooral in de VS zijn trackers populair - een op de drie Amerikaanse beleggers heeft ETF’s in portefeuille - maar ook in Europa winnen ze terrein. Dat is onder meer te danken aan de lage kosten voor trackers. En in een lagerenteomgeving, waar vastrentende beleggingen weinig opbrengen, telt elke cent. Onderzoek heeft ook aangetoond dat weinig actief beheerde fondsen erin slagen om op lange termijn hun benchmark te verslaan. Waarom dus geld betalen aan een beheerder als hij niet beter doet dan de index?

Vijfsterrenhotel

‘Er zal altijd vraag zijn naar actieve beheerders’, benadrukt Symons. ‘Wij merken dat klanten steeds vaker de kern van hun portefeuille invullen met passieve beleggingsinstrumenten, met daarrond een aantal actief beheerde satellieten. Daarbij geven ze een beheerder de tijd en de middelen om te outperformen. Ze moeten dan bereid zijn enige volatiliteit te tolereren.’

‘Waar actief beheer een toegevoegde waarde heeft, schuiven we fondsen naar voren’, treedt fondsenspecialist Knut Huys (Deutsche Bank) Symons bij. ‘Dat is het geval in minder efficiënte markten. Waar actief beheer minder kans op succes heeft, bevelen we trackers aan. Op ons online platform hebben beleggers de keuze uit zo’n 480 ETF’s, waarvan we er zeven effectief aanbevelen. Wij gaan dus voor het ene én het andere. Ik vergelijk het graag met toeristen die op vakantie gaan naar een vijfsterrenhotel, maar met een vlucht van Ryanair.’

Tip 1: Kies de juiste benchmark

Ook als u passief belegt, moet u uw huiswerk doen. Kies dus niet eender welke index. ‘Wie een tracker op de MSCI Europe kocht, haalde een heel ander rendement dan wie voor een ETF op de EuroStoxx 50 ging’, weet Huys. ‘Weet ook dat in de MSCI-index voor opkomende markten Zuid-Korea wel is opgenomen, terwijl dat in de gelijkaardige FTSE-index niet het geval is’, zegt Symons. Bij Japanse aandelen is er dan weer een groot verschil tussen kleine en grote aandelen. ‘Bij een tracker op de smallcaps speel je vooral op de thuismarkt. Terwijl de largecaps een groot deel van hun inkomsten in het buitenland halen en je hier dus met de sterkte van de yen moet rekening houden.’

Tip 2: Check of u een 100 procent replica koopt

Er bestaan twee soorten trackers: fysieke en synthetische. Een fysiek schaduwfonds heeft de onderliggende index (grotendeels) in portefeuille. Dat is niet het geval bij synthetische trackers, die met afgeleide producten werken. ‘Dat maakt dat je bij die laatste een tegenpartijrisico loopt’, legt Cadillon uit. Bij synthetische trackers wordt het rendement van een onderliggende index geleverd door een andere partij, doorgaans een zakenbank. Die kan in slechte papieren terechtkomen, wat gevolgen heeft voor uw belegging.

‘Door met meerdere partijen te werken, en dus te diversifiëren, kunnen emittenten dat risico beperken’, zegt Symons. ‘Het is ook verkeerd te denken dat er bij fysieke trackers geen tegenpartijrisico is. Als de ETF zijn aandelen uitleent, is dat er ook’, benadrukt Cadillon. Kleine kanttekening: ‘Bij nattigheid kan de ETF het uitlenen stopzetten, wat je met een swap bij een synthetische tracker niet zomaar kan’, aldus Symons.

Tip 3: Weet hoeveel de staat en uw broker afromen

Trackers kunt u via uw bank of broker kopen, net zoals aandelen en fondsen. Hoe weet u nu of u een tracker koopt? Het antwoord is simpel: het letterwoord ETF staat in de naam van het product. De tracker van Lyxor op de Bel20 heet bijvoorbeeld Lyxor Bel 20 TR UCITS ETF.

In de naam van de tracker vindt u ook terug of het om een distributie- of kapitalisatievariant gaat. Met andere woorden: of de coupons of de dividenden van de onderliggende waarden uitgekeerd of geherinvesteerd worden. Waarom is dat van belang? Dat heeft gevolgen voor de beurstaks (zie tabel) die u moet betalen als u trackers (ver)koopt.

Het is een vergissing te denken dat er bij fysieke trackers geen tegenpartijrisico kan zijn.
damien cadillon
beheerder Lyxor

Wat nog van belang is voor de hoogte van de beurstaks, is of een tracker geregistreerd is bij de financiële waakhond FSMA of in de EER (Europese Economische Ruimte). Trackers die geregistreerd zijn bij de FSMA, mogen actief worden gepromoot. ‘Dat betekent evenwel niet dat u geen niet-geregistreerde trackers kunt kopen. De emittent mag er alleen geen reclame voor maken’, stelt Frank De Mol, analist van De Belegger en co-auteur van De Fondsenbijbel. BlackRock biedt zo’n 330 trackers in Europa aan. Daarvan zijn er ongeveer 110 in België geregistreerd. Lyxor geeft zo’n 200 trackers uit, waarvan er een 50-tal bij de FSMA zijn aangemeld. Ter herinnering: sinds begin dit jaar is de beurstaks voor heel wat trackers gedaald.

©Mediafin

‘Hou ook rekening met de belasting op dividenden’, aldus De Mol. Bij Ierse en Luxemburgse trackers - te herkennen aan de eerste letters van de ISIN-code van uw tracker - wordt u niet dubbel belast, en bent u dus enkel de Belgische roerende voorheffing van 30 procent verschuldigd. Vergeet ook de Reynders-taks (30%) niet. Die moet u betalen op trackers die voor minstens 10 procent beleggen in vastrentende effecten zoals obligaties. Behalve de beurstaks betaalt u voor trackers ook transactiekosten aan uw broker of bank. Die zijn doorgaans afhankelijk van de beurs waarop uw tracker noteert en het bedrag waarvoor u (ver)koopt.

Om u een idee te geven van het kostenplaatje: ‘Voor een ETF op bedrijfsobligaties kost het 6 à 7 basispunten om in en uit te stappen, terwijl dat voor een gewoon fonds 50 basispunten is’, aldus Symons. ‘Maar een tracker toont pas echt zijn waarde op momenten van marktstress. Omdat hij beursgenoteerd is, kan je hem veel sneller verkopen. Bij een fonds wordt je order pas uitgevoerd bij de berekening van de volgende inventariswaarde.’

Tip 4: Verwacht geen wonderen

Net zoals bij fondsen kunt u met trackers voor weinig geld toch gespreid beleggen. ‘De meeste trackers kosten tussen 5 en 200 dollar of euro’, weet Symons. U moet bij een belegging in trackers wel geen wonderen verwachten. ‘Een tracker bootst een index na. Het rendement zal dus in lijn van die index liggen’, aldus Cadillon.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud