You had one job

©Bloomberg

Beleggers nemen vandaag afscheid van hun grote Italiaanse vriend.

Vandaag is het zover: Mario Draghi mag deze middag na acht jaar op de persconferentie nog een laatste keer zijn boeiende pingpongmatch met het legertje Europese Centrale Bank-watchers voeren voor hij eind deze maand plaats ruimt voor ex-IMF-topvrouw Christine Lagarde. 

Elders kunt al voldoende lezen hoe de voorzitter van de ECB met één toespraak over de hommel op 26 juli 2012 de euro redde. Mooi. Wij gaan hier even de zuurpruim zijn en Mario Draghi afrekenen op zijn one job: prijsstabiliteit. En die enige doelstelling definieert de centrale bank zelf als een 'inflatie van minder dan, maar dichtbij 2 procent.' 1,8 à 1,9 zowat. 

Welnu, we kunnen kort zijn: in die job is Draghi royaal gebuisd. Eerst stegen de prijzen te snel, daarna zo goed als onafgebroken te traag.

Of we dat laatste erg moeten vinden - gaan we echt ons geld oppotten als het leven niet meer duurder wordt? - is een debat voor een andere keer, maar aan Christine Lagarde om beter te doen. 

Of om eens het begrip inflatie ruimer te definiëren. Want onder acht jaar Draghi was er wel degelijk hyperinflatie: op de beurzen en op de vastgoedmarkten, met dank aan het volgehouden lagerentebeleid (Draghi heeft op acht jaar nooit de rente verhoogd).

Er gaan steeds meer stemmen op om ook de prijs van financiële activa mee te nemen op de boordtabel van centraal bankiers. Leg maar eens aan een Amsterdammer uit dat er zogezegd geen inflatie is als woningen er op vijf jaar tijd 64 procent duurder zijn geworden, terwijl de reële lonen over dezelfde periode 4 procent stegen. 

Feit is dat beleggers met de man die een slordige 2.700 miljard in de financiële markten pompte in de poging de inflatie op te krikken hun grote beleggersvriend verliezen

Draghi zwaait trouwens af op een ogenblik dat de Europese economie op randje recessie balanceert. De aankoopdirecteurs slaan met een blik op hun orderboek al een tijdje alarm. Sinds de piek in de zomer van 2018 is de belangrijkste vinger aan de pols van de Europese industrie - de aankoopdirecteursindex van onderzoeksbureau Markit - bijna onafgebroken teruggleden. Met 45,7 punten belandde die in september op krimp- maar nog niet op recessieniveau.

Economen rekenen voor oktober op een klein herstel, tot 46 punten. Dat zou tenminste aangeven dat de economie na de rotzomer niet meer verder verslechtert. Zakt de industriebarometer toch verder weg, dan mag Lagarde haar carrière beginnen met nog wat meer op de bodem van de gereedschapskist van de ECB te graaien. 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud