Advertentie
Advertentie
interview netto

‘Ik ben het beu dat gepensioneerden alleen als een kost worden gezien’

Minister van Pensioenen Karine Lalieux (PS): ‘Het minimumpensioen niet meegerekend is mijn hervorming budgetneutraal in 2040.’

‘Na de botte hervormingen van de vorige regering is het tijd om het vertrouwen, de transparantie en de rechtvaardigheid terug te brengen in de pensioenen.’ Met Karine Lalieux aan het stuur maakt het federale pensioenbeleid opnieuw een ruk naar links. ‘Met belonen bereik je meer dan met bestraffen.’

Elf maanden lang hebben de federale minister van Pensioenen Karine Lalieux (PS) en haar medewerkers zich in een relatief stilzwijgen gehuld over de pensioenhervorming die ze tegen 1 september op de regeringstafel moesten leggen. Alleen over het fiscale voordeel op het aanvullend pensioen stak het Brusselse PS-zwaargewicht een paar keer de neus aan het venster. Door dat als een onrechtvaardige en omgekeerd herverdelende uitgave te bestempelen en dus te hinten op een inperking, joeg ze de liberalen herhaaldelijk op de kast.

De essentie

Minister van Pensioenen Karine Lalieux (PS) legt vandaag haar langverwachte hervormingsplannen op de regeringstafel.
Haar voorstel is nog niet besproken met de coalitiepartners. Onder andere haar soepele instapregeling voor het minimumpensioen en de betaalbaarheid van de pensioenen worden voer voor zware discussies met de liberalen en CD&V.

Achteraf gezien zou dat als een tactisch manoeuvre bestempeld kunnen worden. Lalieux laat het voordeel namelijk ongemoeid - ‘De sociale partners hebben een standstill gevraagd en dat respecteer ik’ - maar voor de Vivaldi-partijen die deel uitmaakten van de regering-Michel - MR, Open VLD en CD&V - zitten er harde noten om te kraken in haar pensioenplan. Niet het minst omdat ze de hervormingen van de Zweedse coalitie - met het optrekken van de pensioenleeftijd naar 67 jaar - als een mislukking neerzet. De onderhandelingen beloven zeer pittig te worden.

Het ambte- narenpen- sioen is het meest waardige. In plaats van ambtenaren aan te vallen, moeten we ons de vraag stellen of niet alle werknemers een waardig pensioen verdienen.

‘Mijn belangrijkste doelstelling is het vertrouwen van de bevolking in de pensioenen herstellen’, zegt Lalieux. ‘Dat doen we met meer sociale rechtvaardigheid, een betere ondersteuning van de werkgelegenheid en meer transparantie, met een bijzondere aandacht voor de vrouwen, die het fragielst zijn op de arbeidsmarkt. De hervormingen van de vorige regering waren allemaal lineair, alsof werknemers een homogene massa vormen. Er was ook onvoldoende overlegd met de sociale partners en ze waren onvoldoende voorbereid.’

Het resultaat is dat het aantal bruggepensioneerden is gedaald, maar tegelijk is er een explosie van langdurig zieken en mensen met een handicap in de plaats gekomen. ‘Men heeft dus wel een aantal deuren gesloten, maar de kostprijs is bij een andere branche van de sociale zekerheid beland’, zegt Lalieux. ‘Zo wil ik niet meer werken.’

De PS-minister beklemtoont dat haar hervorming niet als doel heeft een besparing door te voeren. ‘Zo is het ook niet bedoeld in het regeerakkoord’, zegt Lalieux, ‘iets wat de premier onlangs nog heeft erkend. Sterker: de 1,2 miljard euro die is uitgetrokken voor de verhoging van het minimumpensioen tot 1.500 euro netto en het budget voor de verbetering van het zelfstandigenpensioen vormen een bijkomende investering van de Vivaldi-coalitie. Dat geld moet met andere woorden niet gecompenseerd worden via besparingen.’

De blikvanger van uw hervorming is dat u 42 loopbaanjaren als enige criterium overhoudt voor vervroegd pensioen. Een slinkse truc van de PS om de pensioenleeftijd van 67 te omzeilen?

Karine Lalieux: ‘Neen. 67 blijft de wettelijke pensioenleeftijd. En voor een volledig pensioen blijven 45 loopbaanjaren nodig. Met mijn voorstel neem ik de onduidelijkheid en onrechtvaardigheid over de toegang tot het vervroegd pensioen weg. Nu is er al een loopbaanvoorwaarde van 42 jaar, maar voor wie op 60 wil stoppen, zijn 44 werkjaren vereist. Dat is onrechtvaardig voor mensen die al op hun 18de zijn begonnen met werken en vaak fysiek zware jobs hebben. Om vervroegd pensioen te krijgen, moeten ze twee jaar langer werken dan iemand die tot zijn 22ste gestudeerd heeft.’

Is dat uw oplossing voor de eindeloze discussie over de zware beroepen?

Lalieux: ‘Gedeeltelijk, maar niet helemaal. Je moet mijn hervorming eigenlijk als een geheel zien met de initiatieven die minister van Werk Pierre-Yves Dermagne (PS) voorbereidt over eindeloopbaan en de geplande investeringen in bijkomende productiviteit uit het relanceplan. De discussie over de zware beroepen komt zeker terug op de werkgelegenheidsconferentie volgende week.’

‘Om mensen langer aan de slag te houden en dus de sociale zekerheid betaalbaar te houden, moet je niet alleen aan de pensioenen sleutelen. Dat is de laatste stap. Je moet erop toezien dat mensen kunnen en willen blijven werken via kwalitatieve jobs die voldoende bijdragen aan de sociale zekerheid, een loopbaan die aangepast is aan je leeftijd, interne mobiliteit, vorming, enzovoort.’

‘En je moet positieve stimulansen inbouwen in de pensioenen. Dat doen we met de invoering van het deeltijds pensioen vanaf 42 loopbaanjaren en de herintrede van de pensioenbonus. Per gewerkte dag boven op die 42 jaar, krijg je 2 euro bruto extra pensioen op jaarbasis. De bonus is forfaitair, dus onafhankelijk van hoeveel je verdient. En ook niet progressief, zodat hij stijgt naarmate je langer aan de slag blijft. We willen namelijk een direct effect.’

De vorige regering schafte de pensioenbonus af omdat de impact gering was in vergelijking tot het optrekken van de leeftijd voor vervroegd pensioen.

Lalieux: ‘Ik ben ervan overtuigd dat het - zeker in combinatie met het deeltijds pensioen - een stimulans zal zijn voor mensen met lagere lonen om aan de slag te blijven. Zo blijven ze ook sociale bijdragen betalen en worden de pensioenen niet duurder. Met belonen bereik je meer dan met bestraffen.’

Open VLD wil het minimumpensioen pas openstellen na 20 effectief gewerkte jaren. U komt nu met een voorstel voor 10 jaar. U houdt de situatie in stand waarmee een langdurig werkloze een groter pensioen kan hebben dan een zelfstandige.

Lalieux: ‘Dat is anekdotiek en niet langer de realiteit. Het zelfstandigenpensioen is aanzienlijk verbeterd. Kijk, het minimumpensioen gaat over 685.000 mensen. Het voorstel van Lachaert zou als gevolg hebben dat 67 procent van de gerechtigden uit de boot zou vallen, van wie driekwart vrouwen. Dat kunnen wij dus niet aanvaarden.’

‘Ik heb soms de indruk dat sommige partijen echt denken dat mensen niet graag werken. Dat geldt misschien voor een kleine fractie, maar meestal is het een noodzaak dat vrouwen deeltijds gaan werken of thuisblijven voor de kinderen. Daarom wil ik in de berekening van de effectief gewerkte jaren voor het minimumpensioen ook tweederdearbeid als een voltijdse job beschouwen.’

Hoe gaat u dat allemaal betalen? Een hoger pensioen voor weinig werken is een illusie. En de vergrijzingskosten nemen al toe door het optrekken van het minimumpensioen.

Lalieux: ‘Het minimumpensioen niet meegerekend is mijn hervorming budgetneutraal in 2040. Met een globale aanpak van de pensioenen, de arbeidsmarkt en de productiviteit is het mogelijk de werkzaamheidsgraad naar 80 procent te verhogen. Meer werkenden en meer kwalitatieve jobs betekenen meer inkomsten voor de overheid.’

Maar als u niet aan 80 procent komt, ontspoort de factuur.

Lalieux: ‘Het is de ambitie en de taak van de hele regering om die 80 procent te bereiken. Daarbij is het cruciaal dat we de mensen weer vertrouwen geven in een waardig pensioen.’

U spreekt vaak over rechtvaardigheid. Maar u zwijgt zedig over de zeer gunstige pensioenberekening van sommige vastbenoemde ambtenaren. Hoe legt u dat uit?

Lalieux: ‘Er staat niks in het regeerakkoord over ambtenaren. De vorige regering heeft daar al op gewerkt. En trouwens: als men me wijst op de gunstige vervangingsgraad van ambtenaren, dan is mijn antwoord dat het ambtenarenpensioen het meest waardige is. In plaats van de ambtenaren aan te vallen moeten we ons de vraag stellen of niet alle werknemers zo’n waardig pensioen verdienen. Daarom wil ik de sociale partners ook laten onderhandelen over het optrekken van de vervangingsgraad voor werknemers.’

Mooi, maar het is niet betaalbaar.

Lalieux: ‘Geloof me, de maatregelen die we nemen zijn gebaseerd op zeer voorzichtige hypotheses, dezelfde als die van mijn voorganger Daniël Bacquelaine (MR). Ik heb niet met de cijfertjes zitten spelen om tot een budgetneutrale hervorming te komen. En eerlijk gezegd heb ik er genoeg van dat men gepensioneerden alleen maar als een kost bestempelt. Het gaat om 2,2 miljoen mensen die hebben gewerkt en bijgedragen en die geld uitgeven.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud