Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Wonen op gewijde grond

Veel historische en religieuze gebouwen komen in aanmerking voor een functiewijziging, ook tot woning. Maar dat gaat niet van een leien dakje. En niet elke kerk is geschikt.
©Hollandse Hoogte / Klaas Fopma

Lijkt het u wel wat om in een kerk te wonen? Dat is niet langer onmogelijk. Enkele jaren geleden is de herbestemming van parochiekerken op gang gekomen. In een conceptnota van 2011 spoorde toenmalig minister van Onroerend Erfgoed Geert Bourgeois (N-VA) bisdommen en gemeenten aan tot zelfreflectie: welke kerken wilden ze handhaven voor de eredienst? En welke wilden ze her- of nevenbestemmen? Vlaanderen telde toen 1.786 rooms-katholieke parochiekerken.

Maar tot nu zijn niet veel van die kerken te koop aangeboden. ‘Dat is ergens te begrijpen’, zegt Niek De Roo, coördinator van het Projectbureau Herbestemming Kerken. ‘De oproep tot de eerste voorzichtige beleidsverkenningen ligt nog geen decennium achter ons. In de eerste fase gaan gemeentelijke en kerkelijke overheden na of een kerkgebouw volledig behouden blijft voor de eredienst of een andere functie kan krijgen. Pas daarna kan de concrete haalbaarheid onderzocht worden. Voor de echte uitvoering moeten we iets meer geduld hebben, omdat die trajecten lang en complex zijn.’

De Roo begeleidt, samen met gespecialiseerde ontwerpteams, Vlaamse gemeenten en kerkbesturen bij het uitvoeren van haalbaarheidsstudies. ‘Wanneer gemeenten en kerkbesturen bij ons aankloppen, hebben ze al een uitgebreide denkoefening gemaakt. Ze komen naar ons om te onderzoeken of een herbestemming zinvol en haalbaar is, op ruimtelijk én op financieel vlak. De mogelijkheid bestaat dat een bepaald gebouw toch niet geschikt is voor de nieuwe functie of dat er financiële struikelblokken zijn.

Kerken zijn nooit gebouwd om er in te wonen. Het zijn eerder ontmoetingsplaatsen.
Barbara Ostyn
Vennoot-architect 3architecten

‘Voor de echte restauratie- en aanpassingswerken kunnen beginnen, dient nog een bijkomend parcours afgelegd te worden. Zo dienen de cultuurgoederen geïnventariseerd te worden, met extra aandacht voor waardevolle zaken in het interieur. Eventueel krijgen de interieurelementen een tweede leven elders. Soms is er een archeologisch onderzoek of zijn stabiliteitsstudies nodig. In een aantal gevallen moet ook de eigendomsoverdracht geregeld worden en dient men (erfgoed)subsidies aan te vragen.’

Weinig daglicht

Onder de weinige kerken in Vlaanderen die al een nieuwe bestemming kregen, vinden we nauwelijks ‘woonkerken’. Dat is niet onlogisch. ‘Kerken zijn nooit bedoeld om in te wonen’, zegt Barbara Ostyn, vennoot-architect bij 3architecten in Roeselare. ‘Ze werden ontworpen als ontmoetingsplaatsen, bij voorkeur in het centrum van het dorp, op een verbindingspunt waar alle wegen samenkomen.’

Ostyns kantoor is gevestigd in de ontwijde Sint-Jozefskerk. ‘Maar ik zie mezelf hier niet meteen wonen. Ik denk dat niemand in dit type kerk een privéwoning ziet. Het gebouw is heel gesloten: er valt weinig daglicht naar binnen.’

Een kleinere kerk of kapel is makkelijker aan te passen aan de noden van een gezin.

‘Ook om andere redenen vind ik een kerk niet geschikt als privéwoning. Geen enkele kerk voldoet aan de energienormen van de 21ste eeuw. Je kan eventueel een soort woonbox in de kerk bouwen die wel aan de energienormen beantwoordt, maar dan mis je de uitstraling van het geheel.’

Nederland

‘In Nederland verloopt het vinden van een nieuwe toekomst voor kerken veel vlotter. Protestantse kerken zijn niet gewijd. Alleen de bijeenkomst van de kerkgemeenschap wordt als gewijd beschouwd. Daardoor moeten die gebouwen niet ontwijd worden, als ze een compleet andere functie krijgen’, zegt De Roo.

In 2011 telde Vlaanderen 1.786 rooms-katholieke parochiekerken. Voorlopig zijn weinig concrete herbestemmingen gebeurd.
Niek De Roo
Coördinator Projectbureau Herbestemming Kerken

‘Er zijn nog andere factoren die het bij onze noorderburen makkelijker maken om in een kerk te gaan wonen. In Nederlandse dorpen zien we vaak drie of vier kerken op wandelafstand van elkaar. Het gaat meestal om kleine kerkjes die de omvang van een gezinswoning hebben. Door het kleinere volume zijn ze geschikter voor de woningmarkt.’

Een kleinere kerk of kapel is makkelijker aan te passen aan de noden van een gezin, zegt architect Gregory Nijs. Hij runt z’n kantoor Klaarchitectuur in een ontwijde kapel in Sint-Truiden. ‘We hadden geluk dat we een gebouw van dit formaat vonden: niet te groot, niet te klein en met een mooie hoogte van 12 meter. Het ging bovendien om een cascogebouw. We kochten een bouwschil. Het monument was beschermd, maar het interieur was leeg. We konden de binnenruimte dus vrij invullen.’

In de open kerkruimte bevindt zich een stijlvol keukeneiland en een vergaderruimte, maar alle andere functies zijn ondergebracht in een nieuwe constructie die Nijs op maat van de kapel ontwierp. De nieuwe structuur bestaat uit vier kubussen die geschrankt op elkaar werden geplaatst. De trappen lopen rond de ‘dozen’ naar boven. Lukraak zou je denken, tot je naar boven loopt. Op elke verdieping zijn tussenstops voorzien om van het grandioze uitzicht te genieten. De bovenste kubus steekt zelfs uit het dak van de kapel uit, wat een feeëriek panorama oplevert.

‘Onze kerk heeft op dit moment alleen een kantoor- en vergaderfunctie, maar wonen is hier ook mogelijk. Al van bij mijn eerste schetsen hield ik rekening met een woonfunctie. Zo hebben we in de onderste kubus een ruime badkamer voorzien.’

Een kerk kopen in de praktijk

> Kerken die op de vastgoedmarkt komen, zijn al ontwijd. Bij als monument beschermde kerken kunt u het beschermingsbesluit nakijken, zodat u weet wat waardevol is.
> Voor veranderingswerken aan kerken hebt u een stedenbouwkundige vergunning nodig. Voor de beschermde kerken vraagt de vergunningverlenende overheid daarbij advies aan het Agentschap Onroerend Erfgoed.
> Voor beschermde kerken is het moeilijk te voorspellen welke ingrepen het Agentschap Onroerend Erfgoed zal toelaten en welke niet. Veranderingen moeten goed gemotiveerd worden en de erfgoedkwaliteiten van het gebouw moeten behouden blijven. Bij niet-beschermde kerkgebouwen is er meer vrijheid.
> Een makkelijk beginpunt is een casco kerkgebouw. In dat geval is het aangewezen een kleinere en perfect geïsoleerde woonmodule in de grote open ruimte te plaatsen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud